Ga naar hoofdinhoud
Oude Testament~620-540 v.Chr.

Daniël in de Bijbel

Daniyyel (Hebreeuws) - “God is mijn rechter

Wie was Daniël?

Daniël was een Judese balling die aan het hof van Babel diende onder drie wereldrijken. Zijn naam betekent "God is mijn rechter". Hij legde de dromen van Nebukadnezar uit, bleef bidden toen dat verboden werd en werd bewaard in de leeuwenkuil.

Daniël is de balling die nooit thuiskwam en toch zijn leven lang op Jeruzalem gericht bleef. Rond 605 voor Christus werd hij als jongeman uit Juda weggevoerd naar Babel, en daar bleef hij tot in het eerste jaar van koning Kores (Daniël 1:21) — ruim zeventig jaar, onder drie opeenvolgende heersers en twee wereldrijken. Zijn naam vat zijn geschiedenis samen. Het Hebreeuwse Daniyyel is opgebouwd uit een werkwoord dat "richten" of "rechtspreken" betekent en uit El, de korte vorm van de naam voor God. De betekenis is daarom "God is mijn rechter" of "God richt". In het Nederlands zijn twee schrijfwijzen gangbaar: Daniël met trema en Daniel zonder. De Statenvertaling schrijft Daniel; in modern Nederlands wordt de trema gebruikt omdat de laatste twee klinkers apart worden uitgesproken. In het Engels is de vorm Daniel, in het Hebreeuws klinkt hij als Daniejel. Aan het hof kreeg hij daarnaast een Babylonische naam: "de overste der kamerlingen gaf hun andere namen, en Daniel noemde hij Beltsazar" (Daniël 1:7). Die naam wordt vaak verward met Belsazar, de koning uit Daniël 5 die het schrift aan de wand las; het zijn twee verschillende personen. In het Oude Testament dragen bovendien nog twee andere mannen de naam Daniël: een zoon van David, geboren in Hebron (1 Kronieken 3:1), en een priester die met Ezra terugkeerde uit de ballingschap (Ezra 8:2). Dat de profeet Daniël al bij zijn tijdgenoten als toonbeeld van gerechtigheid gold, blijkt uit Ezechiël 14:14, waar hij tussen Noach en Job wordt genoemd. Eeuwen later spreekt Jezus over "Daniel, de profeet" (Mattheüs 24:15).

Historische context

Daniël werd weggevoerd bij de eerste van drie Babylonische deportaties, rond 605 voor Christus, nadat Nebukadnezar het leger van Egypte bij Karchemis had verslagen en Juda onder zijn gezag kwam. Jeremia had die ballingschap voorzegd en de duur ervan op zeventig jaar gesteld (Jeremia 25:11-12) — juist die profetie leest Daniël later in de boeken, waarna hij het gebed van hoofdstuk 9 bidt. Babel was in die jaren het machtigste centrum ter wereld: een stad van muren, tempeltorens en kanalen, met een sterk ontwikkelde sterrenkunde en een hofcultuur die de begaafdste jongens uit de veroverde volken opnam. Daniël en zijn drie vrienden Hananja, Misaël en Azarja kregen een driejarige opleiding in de taal en de boeken der Chaldeeën, en nieuwe namen: Sadrach, Mesach en Abed-nego (Daniël 1:6-7). Naamgeving was in die cultuur een vorm van eigendom; wie een naam gaf, bepaalde de identiteit. De weigering van de koninklijke spijs was daarom geen dieetkwestie maar een grens. Daniël stelde een proef van tien dagen voor met "van het gezaaide te eten, en water te drinken" (Daniël 1:12). Later, in Daniël 10:2-3, treurt hij drie weken lang en gebruikt hij geen begeerlijke spijze, vlees of wijn. Op die twee gedeelten gaat het hedendaagse "Daniël-vasten" terug; de kern daarvan is in de Bijbel niet het menu maar de toewijding. Politiek maakte Daniël een regimewisseling van wereldformaat mee. Babel viel in 539 voor Christus aan de Meden en de Perzen, in dezelfde nacht waarin het schrift aan de wand werd uitgelegd (Daniël 5:25-30). Onder Darius bleef Daniël in functie, en juist die positie leverde hem de afgunst op die tot het gebedsverbod en de leeuwenkuil leidde. Het bijbelboek dat zijn naam draagt telt twaalf hoofdstukken. De hoofdstukken 1 tot en met 6 vertellen geschiedenissen aan het hof, de hoofdstukken 7 tot en met 12 bevatten visioenen. Bijzonder is dat het gedeelte van Daniël 2:4 tot 7:28 niet in het Hebreeuws maar in het Aramees is geschreven, de omgangstaal van het rijk. In de Hebreeuwse Bijbel staat Daniël bij de Geschriften, in de christelijke Bijbel bij de profeten, tussen Ezechiël en Hosea.

Karaktereigenschappen

+Positieve eigenschappen

  • Standvastig zonder provocatie: hij trekt grenzen, maar dient de koning loyaal
  • Onberispelijk in zijn ambt, zodat zijn tegenstanders geen aanklacht vonden
  • Trouw in gebed, drie keer per dag, ook toen dat levensgevaarlijk werd
  • Bereid zichzelf in te sluiten bij de schuld van zijn volk ("wij hebben gezondigd")
  • Nuchter over zijn gaven: hij schrijft alle wijsheid aan God toe

Zwakke kanten

  • De Schrift tekent hem opvallend onbekritiseerd; wel toont Daniël 10 hem uitgeput en angstig
  • Zijn visioenen lieten hem verward achter: hij begreep niet alles wat hij zag (Daniël 12:8)

Theologische betekenis

Daniël is in het Oude Testament de getuige van Gods zeggenschap over de wereldgeschiedenis. Dat wordt in zijn eigen dankgebed samengevat: "Hij verandert de tijden en stonden; Hij zet de koningen af, en Hij bevestigt de koningen" (Daniël 2:21). Het boek laat wereldrijken opkomen en verdwijnen, en telkens blijkt niet de sterkste heerser maar God het laatste woord te hebben. Voor ballingen die alles kwijt waren, was dat geen theorie maar de enige grond om te blijven staan. De centrale figuur uit zijn visioenen heeft de kerk altijd met Christus verbonden. In Daniël 7:13-14 komt Een als eens mensen zoon met de wolken des hemels, en Hem wordt een eeuwige heerschappij gegeven. Jezus gebruikt juist die aanduiding, Zoon des mensen, als Zijn meest voorkomende zelfbenaming, en Hij verwijst bij het verhoor rechtstreeks naar dit visioen. Ook Zijn woord over de gruwel der verwoesting knoopt uitdrukkelijk aan bij Daniël (Mattheüs 24:15). Over de uitleg van de profetieën, in het bijzonder over de zeventig weken van Daniël 9:24-27, wordt binnen de kerken verschillend gedacht. De gereformeerde uitleg betrekt die weken op de komst en het werk van Christus; andere tradities lezen er een toekomstig tijdvak in. Waar men het over eens is, is de richting: de profetie loopt uit op verzoening van de ongerechtigheid en het brengen van eeuwige gerechtigheid. Ten slotte laat Daniël zien hoe geloof zich verhoudt tot een samenleving die het niet deelt. Hij leerde de taal, studeerde de boeken en diende het bestuur, en trok tegelijk een heldere grens bij de spijs en bij het gebed. Hij vroeg geen uitzonderingspositie en zocht geen conflict; hij ging gewoon naar huis en bad zoals hij altijd deed. Dat is in de kerkgeschiedenis, van de vroege vervolgingen tot vandaag, telkens opnieuw gelezen als het model van trouw zonder heldhaftigheid.

Naamsbetekenis

Oorspronkelijke naam

Daniyyel (Hebreeuws)

Betekenis

God is mijn rechter

Sleutelmomenten

1

Weggevoerd naar Babel en herdoopt tot Beltsazar

Daniël wordt met Hananja, Misaël en Azarja uitgekozen voor de opleiding aan het hof. Zij krijgen Babylonische namen: Daniël wordt Beltsazar, zijn vrienden Sadrach, Mesach en Abed-nego.

Daniël 1:6-7

2

De weigering van de koninklijke spijs

Daniël neemt zich in zijn hart voor zich niet te ontreinigen met de spijs van de koning en stelt een proef van tien dagen voor met groenten en water. Na afloop zien de vier er beter uit dan de anderen.

Daniël 1:8-16

3

De droom van het beeld

God openbaart Daniël zowel de droom van Nebukadnezar als de uitleg: een beeld van goud, zilver, koper en ijzer, verbrijzeld door een steen die zonder handen werd afgehouwen. Daniëls dankgebed staat in Daniël 2:20-23.

Daniël 2:19-45

4

De vurige oven

Zijn drie vrienden weigeren het gouden beeld te aanbidden: onze God kan ons verlossen, maar zo niet, uw goden zullen wij niet eren. In de oven wandelt een vierde bij hen. Daniël zelf wordt in dit hoofdstuk niet genoemd.

Daniël 3:16-18

5

Het schrift aan de wand

Tijdens het feest van Belsazar verschijnt een schrift op de muur: MENE, MENE, TEKEL, UPHARSIN. Daniël legt het uit als het einde van het rijk. Diezelfde nacht valt Babel aan de Meden en de Perzen.

Daniël 5:25-30

6

De leeuwenkuil

Als bidden tot een andere god verboden wordt, gaat Daniël naar huis, waar de vensters van zijn opperzaal openstonden tegen Jeruzalem, en knielt driemaal per dag zoals hij altijd deed. In de kuil sluit God de muil van de leeuwen.

Daniël 6:11-24

7

Het visioen van de Mensenzoon

Daniël ziet Een als eens mensen zoon komen met de wolken des hemels tot de Oude van dagen, en Hem wordt een eeuwige heerschappij gegeven. Jezus neemt deze aanduiding later over als Zijn eigen naam.

Daniël 7:13-14

8

Het gebed en de zeventig weken

Daniël leest bij Jeremia over de zeventig jaren en bidt een gebed van schuldbelijdenis voor zijn volk. Het antwoord is de profetie van de zeventig weken, die uitloopt op verzoening en eeuwige gerechtigheid.

Daniël 9:1-27

Belangrijke bijbelteksten

De volgende bijbelgedeelten zijn van belang om het leven en de rol van Daniël beter te begrijpen.

Daniël 1:8

Daniel nu nam voor in zijn hart, dat hij zich niet zou ontreinigen met de stukken van de spijs des konings, noch met den wijn zijns dranks.

Het besluit valt in het hart, lang voordat het zichtbaar wordt. Daar begint zijn hele geschiedenis.

Daniël 1:17

Aan deze vier jongelingen nu gaf God wetenschap en verstand in alle boeken, en wijsheid; maar Daniel gaf Hij verstand in allerlei gezichten en dromen.

Zijn inzicht wordt uitdrukkelijk niet aan de Babylonische opleiding toegeschreven maar aan God.

Daniël 2:21-22

Want Hij verandert de tijden en stonden; Hij zet de koningen af, en Hij bevestigt de koningen; Hij geeft den wijzen wijsheid, en wetenschap dengenen, die verstand hebben; Hij openbaart diepe en verborgen dingen; Hij weet, wat in het duister is, want het licht woont bij Hem.

De kern van het hele boek, uitgesproken door een balling over de koning die hem had weggevoerd.

Daniël 3:17-18

Zal het zo zijn, onze God, Dien wij eren, is machtig ons te verlossen uit den oven des brandenden vuurs, en Hij zal ons uit uw hand, o koning! verlossen. Maar zo niet, u zij bekend, o koning! dat wij uw goden niet zullen eren.

Het antwoord van zijn drie vrienden: gehoorzaamheid die niet afhangt van de afloop.

Daniël 5:27

TEKEL; gij zijt in weegschalen gewogen; en gij zijt te licht gevonden.

Daniëls uitleg van het schrift aan de wand. Diezelfde nacht viel Babel.

Daniël 6:11

Toen nu Daniel verstond, dat dit schrift getekend was, ging hij in zijn huis (hij nu had in zijn opperzaal open vensters tegen Jeruzalem aan), en hij knielde drie tijden 's daags op zijn knieen, en hij bad, en deed belijdenis voor zijn God, ganselijk gelijk hij voor dezen gedaan had.

Geen demonstratie en geen aanpassing: hij bad zoals hij altijd bad, met het venster naar Jeruzalem open.

Daniël 7:13-14

Verder zag ik in de nachtgezichten, en ziet, er kwam Een met de wolken des hemels, als eens mensen zoon, en Hij kwam tot den Oude van dagen. En Hem werd gegeven heerschappij, en eer, en het Koninkrijk, dat Hem alle volken, natien en tongen eren zouden.

Het visioen waaraan Jezus Zijn meest gebruikte zelfaanduiding ontleende: de Zoon des mensen.

Daniël 9:5

Wij hebben gezondigd, en hebben onrecht gedaan, en goddelooslijk gehandeld, en gerebelleerd, met af te wijken van Uw geboden, en van Uw rechten.

Daniël bidt in de wij-vorm en sluit zichzelf in bij de schuld van zijn volk.

Daniël 12:13

Maar gij, ga henen tot het einde, want gij zult rusten, en zult opstaan in uw lot, in het einde der dagen.

Het laatste woord van het boek aan Daniël zelf: hij hoefde het niet allemaal te begrijpen.

Ezechiël 14:14

Ofschoon deze drie mannen, Noach, Daniel en Job, in het midden deszelven waren, zij zouden door hun gerechtigheid alleen hun ziel bevrijden, spreekt de Heere HEERE.

Een tijdgenoot noemt Daniël in één adem met Noach en Job als toonbeeld van gerechtigheid.

Tijdperiode

~620-540 v.Chr.

Daniël leefde in de tijd van het Oude Testament.

Gerelateerde personen

Bijbelboeken over Daniël

Lessen voor vandaag

Wat bij Daniël het meest opvalt, is hoe gewoon zijn trouw was. Het beslissende moment in hoofdstuk 6 is niet dat hij ging bidden, maar dat hij bad "ganselijk gelijk hij voor dezen gedaan had". Wat hij deed toen het gevaarlijk werd, was precies wat hij altijd deed. Gewoonten die in rustige tijden zijn opgebouwd, blijken te dragen wanneer de druk komt. Ten tweede laat hij zien dat je een samenleving kunt dienen zonder erin op te gaan. Daniël leerde de taal, deed de opleiding, aanvaardde het ambt en werkte loyaal voor heidense koningen. Tegelijk trok hij twee grenzen: bij de spijs en bij het gebed. Wie vandaag zoekt hoe geloof en werk zich verhouden, vindt hier geen terugtrekking en geen aanpassing, maar dienstbaarheid met een grens. Ten derde valt op hoe hij bidt. In hoofdstuk 9 zegt hij niet "zij hebben gezondigd" maar "wij hebben gezondigd", terwijl hij zelf nergens beschuldigd wordt. Voorbede die zichzelf buiten schot houdt, is in de Bijbel zeldzaam. Ten slotte geeft het slot van het boek rust aan wie niet alles begrijpt. Daniël zag visioenen die hij zelf niet kon plaatsen en vroeg om uitleg die hij niet kreeg. Het antwoord was geen verklaring maar een belofte: ga heen tot het einde, want gij zult rusten. Niet alles hoeft begrepen te worden om vertrouwd te kunnen worden.

Bijbelse plaatsen

Veelgestelde vragen over Daniël

Wie was Daniël in de Bijbel?
Daniël was een jongeman uit Juda die rond 605 voor Christus als balling naar Babel werd gevoerd en daar opklom tot een hoge post aan het hof. Hij legde de dromen van Nebukadnezar uit, las het schrift aan de wand en werd bewaard in de leeuwenkuil. Zijn geschiedenis en visioenen staan in het bijbelboek Daniël.
Wat betekent de naam Daniël?
Daniël komt van het Hebreeuwse Daniyyel en betekent "God is mijn rechter" of "God richt". De naam is opgebouwd uit een werkwoord voor rechtspreken en El, de korte vorm van de naam voor God. In het boek zelf wordt die betekenis telkens waar: niet de koning, maar God spreekt uiteindelijk het vonnis over mensen en rijken.
Schrijf je Daniel of Daniël?
Beide komen voor en betekenen hetzelfde. De Statenvertaling schrijft Daniel zonder trema; in modern Nederlands wordt meestal Daniël geschreven, omdat de laatste twee klinkers apart worden uitgesproken. In het Engels is de vorm Daniel. Het Hebreeuwse Daniyyel wordt ook wel weergegeven als Daniejel.
Hoe heette Daniël in Babel?
Hij kreeg de hofnaam Beltsazar: "de overste der kamerlingen gaf hun andere namen, en Daniel noemde hij Beltsazar" (Daniël 1:7). Zijn drie vrienden Hananja, Misaël en Azarja werden Sadrach, Mesach en Abed-nego. Let op het verschil met Belsazar, de koning uit Daniël 5; dat is een andere persoon met een gelijkende naam.
Wat gebeurde er in de leeuwenkuil?
Onder Darius werd bidden tot een andere god dan de koning dertig dagen verboden. Daniël ging naar huis, waar de vensters van zijn opperzaal openstonden naar Jeruzalem, en knielde drie keer per dag zoals altijd (Daniël 6:11). Hij werd in de leeuwenkuil geworpen, maar God sloot de muil van de leeuwen en hij kwam ongedeerd naar buiten.
Waarom weigerde Daniël het voedsel van de koning?
Omdat het hem zou ontreinigen (Daniël 1:8). De spijs van de koninklijke tafel was waarschijnlijk aan Babylonische goden gewijd en voldeed niet aan de Joodse wetten. Daniël dwong niets af maar stelde een proef van tien dagen voor met groenten en water; daarna zagen de vier jongens er beter uit dan de anderen.
Wat is het Daniël-vasten?
Een hedendaagse vastenvorm waarbij mensen een periode alleen groenten, fruit en water gebruiken. Zij verwijst naar Daniël 1:12, waar hij tien dagen om het gezaaide en water vraagt, en naar Daniël 10:2-3, waar hij drie weken lang geen begeerlijke spijze, vlees of wijn gebruikt. De Bijbel schrijft geen menu voor; het gaat om de toewijding.
Was Daniël een profeet?
Jezus noemt hem uitdrukkelijk zo: "waarvan gesproken is door Daniel, de profeet" (Mattheüs 24:15). In de Hebreeuwse Bijbel staat zijn boek echter niet bij de profeten maar bij de Geschriften, omdat Daniël een staatsman was en geen prediker onder het volk. In de christelijke Bijbel staat het boek wel bij de profeten, tussen Ezechiël en Hosea.
Hoeveel hoofdstukken heeft het bijbelboek Daniël?
Twaalf. De hoofdstukken 1 tot en met 6 vertellen geschiedenissen aan het hof: de koninklijke spijs, de droom van het beeld, de vurige oven, het schrift aan de wand en de leeuwenkuil. De hoofdstukken 7 tot en met 12 bevatten visioenen. Het gedeelte van 2:4 tot 7:28 is niet in het Hebreeuws maar in het Aramees geschreven.
Komen er meer personen met de naam Daniël voor in de Bijbel?
Ja, twee andere. Een zoon van David, geboren in Hebron uit Abigail (1 Kronieken 3:1), en een priester uit de nakomelingen van Ithamar die met Ezra terugkeerde uit de ballingschap (Ezra 8:2). De bekendste blijft de profeet uit Babel, die Ezechiël 14:14 al tijdens diens leven noemt naast Noach en Job.
Wat betekent MENE, MENE, TEKEL, UPHARSIN?
Het zijn Aramese woorden voor gewichten en tellen, die Daniël uitlegt in Daniël 5:26-28: MENE, God heeft uw koninkrijk geteld en voleind; TEKEL, gij zijt in weegschalen gewogen en te licht gevonden; PERES, uw koninkrijk is verdeeld en aan de Meden en de Perzen gegeven. Nog diezelfde nacht viel Babel.
Hoe lang leefde Daniël in Babel?
Van de eerste wegvoering rond 605 voor Christus tot minstens het eerste jaar van koning Kores, zegt Daniël 1:21 — dat is 539 voor Christus, ruim zestig jaar later. Het laatste gedateerde visioen valt in het derde jaar van Kores (Daniël 10:1). Hij diende dus onder het Babylonische en het Medisch-Perzische rijk, en keerde nooit naar Juda terug.
Wat kunnen wij leren van Daniël?
Vooral hoe gewoon zijn trouw was. Toen bidden verboden werd, deed hij precies wat hij altijd deed. Gewoonten die in rustige tijden zijn opgebouwd, dragen wanneer de druk komt. Daarnaast laat hij zien dat je een samenleving loyaal kunt dienen en tegelijk een grens kunt trekken, zonder conflict te zoeken en zonder je aan te passen.

Stel een vraag over Daniël

Wilt u meer weten over Daniël? Onze AI-gestuurde assistent helpt u met achtergrond, context en diepere inzichten uit de Bijbel.

Stel een vraag over Daniël

Bijbelverhalen rond Daniël

Verdiep u verder