Eli in de Bijbel
Eli (עֵלִי, Hebreeuws) - “Waarschijnlijk: verheven, hoog”
Wie was Eli?
Eli was priester bij het heiligdom te Silo en richtte Israël veertig jaar aan het eind van de richterentijd. Hij voedde de jonge Samuël op, maar weerhield zijn zonen Hofni en Pinehas niet. Toen de Filistijnen de ark namen, viel hij dood neer (1 Samuël 4:18).
Eli komt in de Bijbel voor in de eerste vier hoofdstukken van 1 Samuël. Wanneer het boek opent, lezen wij te Silo: "Eli, de priester, zat op een stoel bij een post van den tempel des HEEREN" (1 Samuël 1:9). Hij is dan al op leeftijd; even later heet hij "zeer oud" (1 Samuël 2:22), en wanneer hij sterft, is hij achtennegentig (1 Samuël 4:15). Na zijn dood wordt hij nog genoemd in 1 Samuël 14:3 en 1 Koningen 2:27. Het verhaal rond Eli loopt langs drie lijnen die door elkaar heen gevlochten zijn. De eerste is die van Hanna en Samuël: Eli ziet haar bidden, zegent haar, en neemt later haar zoon op in de dienst van het heiligdom. De tweede is die van zijn eigen zonen, Hofni en Pinehas, die als priesters de offers misbruiken en "den HEERE niet" kenden (1 Samuël 2:12). De derde is die van het oordeel: eerst een man Gods, daarna de jonge Samuël, kondigen aan dat het huis van Eli zal vallen. In 1 Samuël 4 komt alles samen, wanneer de ark in de strijd verloren gaat, Hofni en Pinehas sneuvelen en Eli bij het bericht van zijn stoel valt. Eli is daarmee geen schurk en geen held. De tekst laat hem zien als een man met ontzag voor God (1 Samuël 3:18 en 1 Samuël 4:13), die Hanna recht deed nadat hij haar verkeerd had beoordeeld, en die Samuël leerde antwoorden: "Spreek, HEERE, want Uw knecht hoort" (1 Samuël 3:9). Maar hij liet zijn zonen hun gang gaan. De HEERE zegt het zonder omwegen: "zo heeft hij hen niet eens zuur aangezien" (1 Samuël 3:13). Eli is niet te verwarren met de woorden "ELI, ELI" die Jezus aan het kruis uitriep (Mattheüs 27:46). Daar gaat het om een ander woord, dat Mattheüs zelf uitlegt: "dat is: Mijn God!" Ook Heli, de naam in het geslachtsregister van Jezus in Lukas 3:23, is een andere persoon.
Historische context
Eli leefde aan het einde van de richterentijd, waarschijnlijk rond 1100 voor Christus; nauwkeuriger dateren is niet mogelijk. Het boek Richteren eindigt met de zin: "In die dagen was er geen koning in Israel; een iegelijk deed, wat recht was in zijn ogen" (Richteren 21:25). De stammen hadden geen centraal gezag, en de Filistijnen aan de kust waren de grootste dreiging. Het geestelijk centrum van Israël was Silo, in het gebergte van Efraïm. Daar was na de verovering van het land de tent der samenkomst opgericht (Jozua 18:1). In de dagen van Eli spreekt 1 Samuël van "den tempel des HEEREN" (1 Samuël 1:9 en 1 Samuël 3:3), met deuren (1 Samuël 3:15), wat erop kan wijzen dat er rond de tabernakel vaste gebouwen stonden. Eli wordt in de tekst steeds "de priester" genoemd. Omdat hij de leiding had bij het heiligdom waar de ark stond, wordt hij doorgaans als hogepriester gezien, al gebruikt de Bijbel dat woord voor hem niet. Van welke zoon van Aäron hij afstamde, zegt de tekst evenmin. Via Eli’s kleinzoon Ahitub (1 Samuël 14:3) loopt de lijn waarschijnlijk naar Achimelech, de priester van Nob (1 Samuël 22:9), en diens zoon Abjathar (1 Samuël 22:20). Abjathars zoon, die ook Achimelech heette, wordt in Kronieken bij de kinderen van Ithamar gerekend (1 Kronieken 24:3 en 1 Kronieken 24:6; in vers 3 schrijft de Statenvertaling Abimelech). Daarom denken veel uitleggers aan de lijn van Ithamar; ook Josephus vermeldt dat. Eli was daarnaast richter: "hij richtte Israel veertig jaren" (1 Samuël 4:18). Het misbruik van zijn zonen is alleen te begrijpen tegen de achtergrond van de offerwetten. Bij een dankoffer kreeg de priester de borst en de rechterschouder (Leviticus 7:31-34), maar het vet moest eerst voor de HEERE op het altaar worden aangestoken (Leviticus 3:16). De knecht van Hofni en Pinehas stak echter een vork in de pot en nam wat er bovenkwam, en eiste zelfs rauw vlees vóór het vet verbrand was, desnoods met geweld (1 Samuël 2:13-16). Daarbij kwam de zonde met de vrouwen die bij de deur van de tent der samenkomst samenkwamen (1 Samuël 2:22). De ramp kwam in de oorlog met de Filistijnen. Na een eerste nederlaag haalden de oudsten de ark uit Silo, alsof die hen vanzelf zou verlossen (1 Samuël 4:3). De slag bij Afek eindigde met dertigduizend doden, de ark werd naar Asdod gebracht en Hofni en Pinehas sneuvelden. Psalm 78:60 en Jeremia 7:12 laten zien dat God daarna "den tabernakel te Silo" verliet. Bij Deense en later Israëlische opgravingen op de heuvel van Silo (Khirbet Seilun) werden sporen gevonden van een verwoesting in de elfde eeuw voor Christus; of die met deze gebeurtenissen samenhangt, is niet zeker.
Karaktereigenschappen
+Positieve eigenschappen
- Ruimhartig: hij herstelt zijn verkeerde oordeel over Hanna en zegent haar (1 Samuël 1:17)
- Geestelijk onderscheidend: hij herkent de roepstem van God en wijst Samuël de weg (1 Samuël 3:8-9)
- Wil de waarheid horen, ook als die over hemzelf gaat (1 Samuël 3:17)
- Onderworpen aan God: hij aanvaardt het oordeel zonder verweer (1 Samuël 3:18)
- Bezorgd om de ark van God: zijn hart sidderde toen die in de strijd was (1 Samuël 4:13)
−Zwakke kanten
- Te toegeeflijk: hij vermaant zijn zonen, maar weert hen niet van het altaar (1 Samuël 3:13)
- Eert zijn zonen meer dan God, zegt de man Gods (1 Samuël 2:29)
- Oordeelt overhaast: hij houdt de biddende Hanna voor dronken (1 Samuël 1:14)
Theologische betekenis
De kern van Eli’s geschiedenis staat in de woorden van de man Gods: "die Mij eren, zal Ik eren, maar die Mij versmaden, zullen licht geacht worden" (1 Samuël 2:30). God had het huis van Eli’s vader het priesterschap gegeven, met de belofte dat het voor Zijn aangezicht zou wandelen. Maar die belofte was geen vrijbrief. Waar het priesterhuis zich mestte met het beste van de offers (1 Samuël 2:29), trok God de belofte in. Dat Hij dat deed bij het priesterhuis zelf, laat zien hoe ernstig Hij Zijn eigen dienst neemt. Eli’s zonde was niet dat hij het kwaad goedkeurde. Hij noemde het bij zijn naam en waarschuwde dat er voor wie tegen de HEERE zondigt niemand is die kan bidden (1 Samuël 2:25). Zijn zonde was dat hij als vader, priester en richter niet deed wat in zijn macht lag. De Schrift rekent hem het laten bestaan van het kwaad aan als eigen ongerechtigheid, "die hij geweten heeft" (1 Samuël 3:13): wie verantwoordelijk is, gaat niet vrijuit door alleen af te keuren. Dezelfde lijn komt in het Nieuwe Testament terug, waar van een opziener gevraagd wordt dat hij zijn eigen huis wel regeert (1 Timotheüs 3:4-5). Er is ook de moeilijke zin dat de zonen niet naar hun vader luisterden, "want de HEERE wilde hen doden" (1 Samuël 2:25). De tekst legt dat niet verder uit. Veel uitleggers lezen het als een oordeel van verharding: wie lang tegen God ingaat, wordt aan zijn eigen weg overgegeven. De verantwoordelijkheid van Hofni en Pinehas wordt daardoor niet kleiner; hun zonde wordt eerst uitvoerig beschreven. Opvallend is dat God juist in dit verval een nieuw begin maakt. In het huis van de falende priester groeit de profeet op, en het woord dat "dierbaar" was in die dagen (1 Samuël 3:1), klinkt weer. God belooft Zich "een getrouwen priester" te verwekken (1 Samuël 2:35). Veel uitleggers zien de eerste vervulling in Zadok, die Salomo in de plaats van Abjathar aanstelde (1 Koningen 2:35); daarnaast lezen zij er een vooruitwijzing in naar Christus, die de brief aan de Hebreeën "een barmhartig en een getrouw Hogepriester" noemt (Hebreeën 2:17). Waar Eli tekortschoot, faalt Hij niet. Ten slotte laat Eli’s geschiedenis zien dat Gods woord niet op de aarde valt. Wat de man Gods zei, kwam uit: Hofni en Pinehas stierven op één dag, en generaties later werd Abjathar verdreven, "om te vervullen het woord des HEEREN, hetwelk Hij over het huis van Eli te Silo gesproken had" (1 Koningen 2:27).
Naamsbetekenis
Oorspronkelijke naam
Eli (עֵלִי, Hebreeuws)
Betekenis
Waarschijnlijk: verheven, hoog
Betekenis van de naam Eli: grondwoord, uitspraak en wie de naam droegen
Sleutelmomenten
Eli en de biddende Hanna
Eli ziet Hanna bidden zonder geluid en houdt haar voor dronken. Als zij uitlegt dat zij haar ziel uitgiet voor de HEERE, zegent hij haar en zendt haar heen in vrede.
1 Samuël 1:9-18
Samuël bij Eli gebracht
Zodra Samuël gespeend is, brengt Hanna hem naar Silo en herinnert Eli aan haar gebed. Zij geeft hem de HEERE over voor "al de dagen, die hij wezen zal".
1 Samuël 1:24-28
De zonde van Hofni en Pinehas
Eli’s zonen laten hun knecht met een vork vlees uit de offerpotten halen en eisen rauw vlees nog voor het vet op het altaar is verbrand. Het volk gaat daardoor het offer van de HEERE verachten.
1 Samuël 2:12-17
Een vermaning zonder gevolg
Eli hoort wat zijn zonen doen, ook met de vrouwen bij de tent der samenkomst, en spreekt hen aan. Zij horen de stem van hun vader niet, en verder dan woorden gaat hij niet.
1 Samuël 2:22-25
De man Gods kondigt het oordeel aan
Een man Gods verwijt Eli dat hij zijn zonen meer eert dan God. Er zal geen oud man meer in zijn huis zijn, Hofni en Pinehas zullen op één dag sterven en God zal Zich een getrouwe priester verwekken.
1 Samuël 2:27-36
De roeping van Samuël en Eli’s berusting
Bij de derde keer begrijpt Eli dat de HEERE de jongen roept en leert hem wat hij moet zeggen. De volgende ochtend dringt hij aan op de volle waarheid en buigt zich onder het oordeel.
1 Samuël 3:8-18
De ark genomen, Eli sterft
Eli zit bij de weg te wachten, bezorgd om de ark. Bij het bericht dat zijn zonen dood zijn en de ark genomen is, valt hij achterover van zijn stoel en breekt zijn nek.
1 Samuël 4:12-18
Het woord over Eli’s huis vervuld
Generaties later verdrijft Salomo de priester Abjathar, een nakomeling van Eli, uit het priesterambt. De schrijver noemt dat uitdrukkelijk de vervulling van het woord over het huis van Eli te Silo.
1 Koningen 2:26-27
Belangrijke bijbelteksten
De volgende bijbelgedeelten zijn van belang om het leven en de rol van Eli beter te begrijpen.
1 Samuël 1:17
“Toen antwoordde Eli en zeide: Ga heen in vrede, en de God Israels zal uw bede geven, die gij van Hem gebeden hebt.”
Na zijn verkeerde oordeel zegent Eli de biddende Hanna. Het begin van de geschiedenis van Samuël.
1 Samuël 2:25
“Wanneer een mens tegen een mens zondigt, zo zullen de goden hem oordelen; maar wanneer een mens tegen den HEERE zondigt, wie zal voor hem bidden? Doch zij hoorden de stem huns vaders niet, want de HEERE wilde hen doden.”
Eli’s vermaning aan Hofni en Pinehas. Met "de goden" zijn hier volgens de gangbare uitleg de rechters bedoeld; tegen God zelf is er geen hogere rechter.
1 Samuël 2:30
“Daarom spreekt de HEERE, de God Israels: Ik had wel klaarlijk gezegd: Uw huis en uws vaders huis zouden voor Mijn aangezicht wandelen tot in eeuwigheid; maar nu spreekt de HEERE: Dat zij verre van Mij; want die Mij eren, zal Ik eren, maar die Mij versmaden, zullen licht geacht worden.”
Het hart van de boodschap van de man Gods: Gods belofte aan het priesterhuis is geen vrijbrief.
1 Samuël 2:35
“En Ik zal Mij een getrouwen priester verwekken; die zal doen, gelijk als in Mijn hart en in Mijn ziel zijn zal; dien zal Ik een bestendig huis bouwen, en hij zal altijd voor het aangezicht Mijns Gezalfden wandelen.”
De belofte van een trouwe priester; veel uitleggers zien de eerste vervulling in Zadok en lezen er ook een vooruitwijzing naar Christus in.
1 Samuël 3:9
“Daarom zeide Eli tot Samuel: Ga heen, leg u neder, en het zal geschieden, zo Hij u roept, zo zult gij zeggen: Spreek, HEERE, want Uw knecht hoort. Toen ging Samuel heen en legde zich aan zijn plaats.”
Eli begrijpt dat God roept en leert de jongen antwoorden, al weet hij niet wat er komen zal.
1 Samuël 3:13
“Want Ik heb hem te kennen gegeven, dat Ik zijn huis rechten zal tot in eeuwigheid, om der ongerechtigheids wil, die hij geweten heeft; want als zijn zonen zich hebben vervloekt gemaakt, zo heeft hij hen niet eens zuur aangezien.”
De reden van het oordeel in Gods eigen woorden: Eli wist het, en hij greep niet in.
1 Samuël 3:18
“Toen gaf hem Samuel te kennen al die woorden, en verborg ze voor hem niet. En hij zeide: Hij is de HEERE; Hij doe, wat goed is in Zijn ogen!”
Eli’s antwoord op het oordeel: geen verweer, maar overgave aan God.
1 Samuël 4:18
“En het geschiedde, als hij van de ark Gods vermeldde, zo viel hij achterwaarts van den stoel af, aan de zijde der poort, en brak den nek, en stierf; want de man was oud en zwaar; en hij richtte Israel veertig jaren.”
Eli sterft niet bij het bericht over zijn zonen, maar bij het bericht over de ark. Het vers noemt hem ook richter.
1 Koningen 2:27
“Salomo dan verdreef Abjathar, dat hij des HEEREN priester niet ware, om te vervullen het woord des HEEREN, hetwelk Hij over het huis van Eli te Silo gesproken had.”
De vervulling van het oordeel, generaties na Eli, in de dagen van koning Salomo.
Tijdperiode
~1100 v.Chr.
Eli leefde in de tijd van het Oude Testament.
Gerelateerde personen
Lessen voor vandaag
Eli leert ons dat het kwaad afkeuren iets anders is dan het tegengaan. Hij wist wat zijn zonen deden en zei er iets van, maar liet hen aan het altaar staan. Wie verantwoordelijkheid draagt, als ouder, ambtsdrager of leidinggevende, kan zich niet verschuilen achter een vermaning die zonder gevolg blijft. Liefde voor onze kinderen en naasten is goed, maar zij mag Gods eer niet verdringen. Iemand die zelf tekortschiet, kan een ander toch de weg naar God wijzen. De oude priester met zijn mislukte opvoeding leerde de jonge Samuël antwoorden: "Spreek, HEERE, want Uw knecht hoort." Wij hoeven niet foutloos te zijn om een jongere te helpen Gods stem te verstaan. Het omgekeerde geldt ook: God kan Zijn werk voortzetten via mensen die wij niet hadden verwacht. Dan is er zijn antwoord op het oordeel. Eli vroeg Samuël niets te verzwijgen, en toen hij alles gehoord had, zei hij: "Hij is de HEERE; Hij doe, wat goed is in Zijn ogen!" Sommigen horen daarin berusting zonder bekering. Maar het blijft een les voor ons dat wij Gods woord willen horen, ook als het ons zelf treft, en ons eronder buigen in plaats van ons te verdedigen. De geschiedenis van de ark waarschuwt tegen een geloof dat God wil gebruiken. De oudsten haalden de ark naar het slagveld alsof die hen vanzelf zou redden. Godsdienstige vormen zonder gehoorzaamheid beschermen niemand. Eli’s hart sidderde om de ark (1 Samuël 4:13); zijn dood bij het noemen van de ark laat zien wat hem het zwaarst woog.
Bijbelse plaatsen
Veelgestelde vragen over Eli
Wie was Eli in de Bijbel?
Wat betekent de naam Eli?
Waar staat Eli in de Bijbel?
Was Eli een hogepriester of een richter?
Wie waren Hofni en Pinehas?
Waarom werd het huis van Eli gestraft?
Hoe ging het oordeel over het huis van Eli in vervulling?
Wat zei Eli tegen Samuël toen God hem riep?
Hoe is Eli gestorven en hoe oud werd hij?
Is de priester Eli dezelfde als de Eli in Eli, Eli, lama sabachthani?
Is Pinehas, de zoon van Eli, dezelfde als Pinehas, de zoon van Eleazar?
Wat kunnen wij leren van Eli?
Stel een vraag over Eli
Wilt u meer weten over Eli? Onze AI-gestuurde assistent helpt u met achtergrond, context en diepere inzichten uit de Bijbel.
Stel een vraag over EliBijbelverhalen rond Eli
Verdiep u verder
Bijbelse tijdlijn
Bekijk Eli in de context van de bijbelse geschiedenis.
Bijbelse onderwerpen
Ontdek thema's die verbonden zijn met het leven van Eli.
Lees de Bijbel
Lees het verhaal van Eli in de Bijbel.
Bijbeluitleg
Lees commentaar en uitleg bij de bijbelgedeelten over Eli.
AI BijbelAssistent
Stel uw vragen over Eli aan onze AI-assistent.
Woordstudie
Bestudeer de oorspronkelijke betekenis van bijbelse namen en begrippen.
Heidelbergse Catechismus
Ontdek de gereformeerde leer over bijbelse personen en thema's.