Ga naar hoofdinhoud

Pasen — De opstanding van Jezus Christus

Pasen is het belangrijkste feest in het christelijk geloof. Op deze pagina vindt u bijbelteksten, de betekenis van de Stille Week, en achtergrond bij het paasfeest.

Wat is Pasen?

Pasen is het hoogtepunt van het kerkelijk jaar. Christenen vieren op Pasen de opstanding van Jezus Christus uit de doden, drie dagen na Zijn kruisiging op Goede Vrijdag. De opstanding vormt het fundament van het christelijk geloof: door Christus' overwinning op de dood is er verzoening met God en hoop op het eeuwige leven.

Het woord "Pasen" is verwant aan het Hebreeuwse "Pesach" (Pascha), het Joodse feest dat herinnert aan de uittocht uit Egypte. Jezus werd gekruisigd tijdens het Pesachfeest, waarmee het Oude Testament en het Nieuwe Testament op bijzondere wijze met elkaar verbonden zijn. Zoals het paaslam in Egypte de Israëlieten beschermde, zo is Christus het "Lam van God, dat de zonde van de wereld wegneemt" (Johannes 1:29).

De apostel Paulus schrijft in 1 Korinthe 15:17: "En als Christus niet is opgewekt, is uw geloof zinloos." De opstanding is geen bijzaak, maar de kern van het evangelie. Zonder Pasen is er geen christendom.

Bijbelteksten voor Pasen

De opstanding van Jezus Christus wordt beschreven in alle vier de evangeliën en bevestigd door de apostelen in hun brieven. Hieronder de belangrijkste bijbelteksten:

Maar de engel antwoordde en zei tegen de vrouwen: U hoeft niet bevreesd te zijn, want ik weet dat u Jezus zoekt, Die gekruisigd was. Hij is hier niet, want Hij is opgewekt, zoals Hij gezegd heeft. Kom, zie de plaats waar de Heere gelegen heeft.

Mattheüs 28:5-6

Maar hij zei tegen hen: Wees niet ontdaan. U zoekt Jezus de Nazarener, Die gekruisigd was. Hij is opgewekt! Hij is hier niet; zie de plaats waar ze Hem gelegd hadden.

Marcus 16:6

En toen zij zeer bevreesd werden en het gezicht naar de grond bogen, zeiden zij tegen hen: Waarom zoekt u de Levende bij de doden? Hij is hier niet, maar Hij is opgewekt.

Lucas 24:5-6

Jezus zei tegen haar: Maria! Zij keerde zich om en zei tegen Hem: Rabboeni! — dat betekent: Meester. Jezus zei tegen haar: Houd Mij niet vast, want Ik ben nog niet opgevaren naar Mijn Vader.

Johannes 20:16-17

Want ik heb u ten eerste overgeleverd wat ik ook ontvangen heb, dat Christus gestorven is voor onze zonden, overeenkomstig de Schriften, en dat Hij begraven is, en dat Hij opgewekt is op de derde dag, overeenkomstig de Schriften.

1 Korinthe 15:3-4

Wij weten toch dat Christus, nu Hij uit de doden is opgewekt, niet meer sterft. De dood heerst niet meer over Hem.

Romeinen 6:9

Opdat ik Hem mag kennen, en de kracht van Zijn opstanding en de gemeenschap met Zijn lijden, doordat ik aan Zijn dood gelijkvormig word, om hoe dan ook te komen tot de opstanding uit de doden.

Filippenzen 3:10-11

De Stille Week — Dag voor dag

De Stille Week (ook wel Goede Week of lijdensweek genoemd) is de week voor Pasen. In deze week gedenken christenen het lijden, sterven en de opstanding van Jezus Christus. Elke dag heeft zijn eigen bijzondere betekenis.

1

Palmzondag

Jezus rijdt Jeruzalem binnen op een ezel. Het volk ontvangt Hem als koning met palmtakken en roept "Hosanna!" De intocht markeert het begin van de lijdensweek.

Lees: Mattheüs 21:1-11

2

Stille Maandag

Jezus reinigt de tempel en verdrijft de handelaren. Hij geneest blinden en kreupelen in de tempel. De hogepriester en schriftgeleerden worden verontwaardigd.

Lees: Mattheüs 21:12-17

3

Stille Dinsdag

Een dag van onderwijs en gelijkenissen. Jezus spreekt over het einde der tijden op de Olijfberg en vertelt de gelijkenis van de tien maagden en de talenten.

Lees: Mattheüs 24-25

4

Stille Woensdag

Judas Iskariot gaat naar de overpriesters om Jezus te verraden voor dertig zilverlingen. Maria zalft Jezus in Bethanië — een daad die Hij duidt als voorbereiding op Zijn begrafenis.

Lees: Mattheüs 26:6-16

5

Witte Donderdag

Jezus viert het Laatste Avondmaal met Zijn discipelen en stelt het Heilig Avondmaal in. Hij wast de voeten van de discipelen en bidt in de hof van Gethsémané.

Lees: Mattheüs 26:17-46

6

Goede Vrijdag

Jezus wordt gearresteerd, verhoord, veroordeeld en gekruisigd op Golgotha. Hij sterft rond het negende uur. Het voorhangsel van de tempel scheurt van boven naar beneden.

Lees: Mattheüs 27:32-56

7

Stille Zaterdag

Jezus ligt in het graf van Jozef van Arimathea. De discipelen zijn in rouw en onzekerheid. De overpriesters verzegelen het graf en plaatsen een wacht.

Lees: Mattheüs 27:57-66

8

Eerste Paasdag

Het graf is leeg! Jezus is opgestaan uit de doden. De engelen verkondigen de opstanding aan de vrouwen. Jezus verschijnt aan Maria Magdalena en aan de discipelen.

Lees: Mattheüs 28:1-10

9

Tweede Paasdag

De Emmaüsgangers ontmoeten de opgestane Heer op weg naar hun dorp. Jezus opent de Schriften voor hen en zij herkennen Hem bij het breken van het brood.

Lees: Lucas 24:13-35

Pasen in de Heidelbergse Catechismus

De Heidelbergse Catechismus behandelt de opstanding van Christus in Zondag 17 (vraag en antwoord 45). Daar wordt gevraagd: "Wat nuttigheid verkrijgen wij door de opstanding van Christus?" Het antwoord luidt dat door Zijn opstanding de dood overwonnen is, en wij door Zijn kracht tot een nieuw leven opgewekt worden.

Ook Zondag 16 (vraag 40-44) over het sterven en de begrafenis van Christus, en Zondag 18 (vraag 46-49) over de hemelvaart zijn nauw verbonden met het paasevangelie.

Vragen over Pasen en de opstanding?

Stel uw vragen aan de BijbelAssistent en krijg direct antwoord met bijbelverwijzingen.

Stel een vraag

Meer over Pasen