Ga naar hoofdinhoud
Nieuwe Testament~30 n.Chr.

Andreas in de Bijbel

Andreas (Ἀνδρέας, Grieks) - “Mannelijk, manmoedig”

Wie was Andreas?

Andreas was een van de twaalf apostelen van Jezus, een visser uit Bethsaïda en de broer van Simon Petrus. Hij was eerst leerling van Johannes de Doper, volgde Jezus als een van de eerste twee discipelen en bracht direct daarna zijn broer bij Hem (Johannes 1:41-42).

Andreas komt in twaalf verzen van het Nieuwe Testament voor: in de vier evangeliën en één keer in Handelingen. Ook de Statenvertaling schrijft Andreas. Hij was visser, kwam uit Bethsaïda aan het meer van Galilea (Johannes 1:45) en was de broer van Simon, die van Jezus de naam Petrus kreeg. In de lijsten van de twaalf apostelen staat hij steeds bij de eerste vier (Mattheüs 10:2, Markus 3:18, Lukas 6:14, Handelingen 1:13). Het evangelie naar Johannes vertelt hoe het begon. Andreas was een leerling van Johannes de Doper. Toen die op Jezus wees met de woorden "Ziet, het Lam Gods!", gingen Andreas en een andere discipel achter Jezus aan en bleven die dag bij Hem (Johannes 1:36-40). Het eerste wat Andreas daarna deed, was zijn broer zoeken: "Wij hebben gevonden den Messias" (Johannes 1:42). Later riep Jezus de twee broers bij hun netten aan de zee van Galilea om vissers der mensen te worden (Mattheüs 4:18-20). Lange toespraken van Andreas zijn er niet. Wel valt op dat hij drie keer de weg naar Jezus wijst: hij brengt zijn broer Simon, wijst op een jongen met vijf gerstebroden (Johannes 6:8-9) en brengt met Filippus de vraag over van Grieken die Jezus wilden zien (Johannes 12:20-22). Samen met Petrus, Jakobus en Johannes vroeg hij Jezus op de Olijfberg naar het einde der tijden (Markus 13:3-4). Na de hemelvaart wordt hij voor het laatst genoemd, biddend in de opperzaal (Handelingen 1:13-14). Wat later over hem verteld wordt, zoals zijn prediking in Scythië en Griekenland, een dood aan een X-vormig kruis en zijn band met Schotland, komt uit de kerkelijke overlevering en niet uit de Bijbel. Een tweede Andreas kent de Bijbel niet: wie de naam leest, heeft altijd deze apostel voor zich.

Historische context

Andreas leefde in de eerste eeuw; de evangeliën noemen hem in de jaren van het openbare optreden van Jezus, rond 30 n.Chr. Hij kwam uit Bethsaïda, een vissersplaats aan de noordkant van het meer van Galilea (Johannes 1:45). De Joodse geschiedschrijver Josephus vermeldt dat de viervorst Filippus het dorp uitbouwde tot een stad en het de naam Julias gaf. In de tijd van Jezus woonden Simon en Andreas volgens Markus in één huis in Kapernaüm, waar Jezus na de synagogedienst binnenging (Markus 1:21, Markus 1:29). Het meer, dat de Statenvertaling de zee van Galilea, de Galilese zee of het meer Gennesareth noemt, was voor veel gezinnen de bron van bestaan. Vissers werkten met boten en netten, vaak in familieverband of samen met medegenoten, zoals Lukas 5:7-10 laat zien. Mattheüs en Markus beschrijven Simon en Andreas terwijl zij het net in de zee wierpen (Mattheüs 4:18, Markus 1:16). Zij hoorden bij de gewone, werkende bevolking van Galilea en waren geen schriftgeleerden. Andreas is een Griekse naam. Dat was in Galilea niet ongewoon: de streek stond al eeuwen onder Griekse invloed, en ook Filippus, die uit dezelfde plaats kwam, droeg een Griekse naam. Een Hebreeuwse of Aramese naam van Andreas noemt de Bijbel niet. Mogelijk sprak hij ook Grieks, wat zou passen bij het moment waarop de vraag van Griekse bezoekers via Filippus en Andreas bij Jezus kwam (Johannes 12:20-22), maar de tekst zegt dat niet. Voordat hij Jezus volgde, was Andreas leerling van Johannes de Doper, die in Bethabara aan de overkant van de Jordaan doopte (Johannes 1:28). Johannes riep op tot bekering en wees vooruit naar Iemand die na hem zou komen. Dat getuigenis had Andreas voorbereid; dat hij werkelijk tot Jezus kwam, schrijft de Schrift ten diepste toe aan het trekken van de Vader (Johannes 6:44). Samen genomen geven de evangeliën een opeenvolging: een eerste ontmoeting bij de Jordaan (Johannes 1:35-43) en daarna, in Galilea, de roeping om de netten te verlaten (Mattheüs 4:18-20). Johannes noemt het uur van die eerste ontmoeting: "omtrent de tiende ure" (Johannes 1:40). Volgens de gebruikelijke Joodse dagindeling is dat omstreeks vier uur in de middag; sommige uitleggers rekenen anders.

Karaktereigenschappen

+Positieve eigenschappen

  • Hij luisterde naar het getuigenis van Johannes en volgde Jezus (Johannes 1:37)
  • Hij deelde wat hij gevonden had meteen met zijn broer (Johannes 1:42)
  • Hij gehoorzaamde direct en liet zijn netten achter (Mattheüs 4:20)
  • Hij had oog voor iets kleins, zoals de broden van een jongen (Johannes 6:9)
  • Hij bracht de vraag van vreemdelingen bij Jezus (Johannes 12:22)

−Zwakke kanten

  • Hij twijfelde of vijf broden onder zo velen iets konden betekenen (Johannes 6:9)
  • Met de andere discipelen verliet hij Jezus bij de gevangenneming (Markus 14:50)

Theologische betekenis

Het woord Messias komt in de Statenvertaling van het Nieuwe Testament maar twee keer voor, en de eerste keer klinkt het uit de mond van Andreas: "Wij hebben gevonden den Messias, hetwelk is, overgezet zijnde, de Christus" (Johannes 1:42). Die belijdenis volgt direct op het getuigenis van Johannes de Doper: "Zie het Lam Gods, Dat de zonde der wereld wegneemt!" (Johannes 1:29). Andreas verbindt zo de verwachting van het Oude Testament, de lang beloofde Gezalfde, met de Persoon van Jezus. Het woord gevonden laat horen dat er gezocht en verwacht werd. Opvallend is wat er daarna gebeurt. Andreas zegt het niet alleen, hij leidt zijn broer tot Jezus, en dan neemt Jezus het over: Hij ziet Simon aan en geeft hem een nieuwe naam (Johannes 1:43). Het getuigenis van een mens brengt iemand bij Christus, maar Christus zelf roept en vernieuwt. Hetzelfde patroon zet zich direct voort wanneer Filippus Nathanaël vindt (Johannes 1:46). In Johannes 12 staat Andreas op een drempel. Griekse bezoekers vragen Jezus te zien, en via Filippus en Andreas komt die vraag bij Hem. Jezus antwoordt: "De ure is gekomen, dat de Zoon des mensen zal verheerlijkt worden" (Johannes 12:23). Hij spreekt over het tarwegraan dat moet sterven om veel vrucht voort te brengen (Johannes 12:24), en zegt: "En Ik, zo wanneer Ik van de aarde zal verhoogd zijn, zal hen allen tot Mij trekken" (Johannes 12:32). Veel uitleggers zien in de komst van de Grieken een voorbode van het evangelie voor de volken. De twaalf werden eerst alleen naar Israël gezonden (Mattheüs 10:5-6); na de opstanding geldt het bevel om alle volken te onderwijzen (Mattheüs 28:19). Ook de vijf broden hebben betekenis. Andreas ziet wat er is en vraagt tegelijk: "maar wat zijn deze onder zo velen?" (Johannes 6:9). Christus voedt met dat kleine de hele schare, en de mensen herkennen in Hem de Profeet die komen zou (Johannes 6:14). Zo staat Andreas aan het begin en op de drempel van het evangelie: uit zijn mond klinkt als eerste het woord Messias, en via hem komt de vraag van de volken bij Jezus. Hij bouwt geen eigen werk op, maar wijst van zichzelf af naar Christus, zoals Johannes de Doper deed (Johannes 3:30). Zijn naam staat met die van de andere apostelen op de fundamenten van het nieuwe Jeruzalem (Openbaring 21:14).

Naamsbetekenis

Oorspronkelijke naam

Andreas (Ἀνδρέας, Grieks)

Betekenis

Mannelijk, manmoedig

Betekenis van de naam Andreas: grondwoord, uitspraak en wie de naam droegen

Sleutelmomenten

1

Van Johannes naar Jezus

Johannes de Doper wijst op Jezus als het Lam Gods. Andreas en een andere discipel volgen Jezus en blijven die dag bij Hem.

Johannes 1:35-40

2

Hij vindt zijn broer

Andreas zoekt eerst zijn broer Simon op met de boodschap dat zij de Messias gevonden hebben, en brengt hem bij Jezus. Jezus geeft Simon de naam Cefas.

Johannes 1:41-43

3

Vissers der mensen

Aan de zee van Galilea roept Jezus Simon en Andreas, die hun net uitwerpen. Zij verlaten terstond hun netten en volgen Hem.

Mattheüs 4:18-20

4

Jezus in zijn huis

Na de synagogedienst in Kapernaüm gaat Jezus het huis van Simon en Andreas binnen en geneest de schoonmoeder van Simon.

Markus 1:29-31

5

Een van de twaalf

In de lijst van de twaalf apostelen staat Andreas direct na zijn broer Petrus.

Mattheüs 10:2-4

6

Vijf broden en twee visjes

Als Filippus rekent dat geld niet genoeg is, wijst Andreas op een jongen met vijf gerstebroden en twee visjes, al vraagt hij zich af wat dat onder zo velen is.

Johannes 6:8-9

7

Grieken willen Jezus zien

Griekse bezoekers van het feest vragen Filippus om Jezus te zien. Filippus gaat naar Andreas, en samen brengen zij het bij Jezus.

Johannes 12:20-22

8

Vraag op de Olijfberg

Tegenover de tempel vraagt Andreas met Petrus, Jakobus en Johannes wanneer de verwoesting komt en wat het teken van het einde is.

Markus 13:3-4

9

In de opperzaal

Na de hemelvaart is Andreas met de andere apostelen, de vrouwen en Maria eendrachtig in gebed bijeen. Daarna noemt de Bijbel hem niet meer.

Handelingen 1:13-14

Belangrijke bijbelteksten

De volgende bijbelgedeelten zijn van belang om het leven en de rol van Andreas beter te begrijpen.

Johannes 1:41

“Andreas, de broeder van Simon Petrus, was een van de twee, die het van Johannes gehoord hadden, en Hem gevolgd waren.”

Johannes noemt de naam van een van de eerste twee volgelingen. De tweede blijft ongenoemd; veel uitleggers denken aan de evangelist Johannes zelf.

Johannes 1:42

“Deze vond eerst zijn broeder Simon, en zeide tot hem: Wij hebben gevonden den Messias, hetwelk is, overgezet zijnde, de Christus.”

De eerste keer dat het woord Messias in het Nieuwe Testament valt. Andreas zoekt eerst zijn eigen broer op.

Mattheüs 4:19

“En Hij zeide tot hen: Volgt Mij na, en Ik zal u vissers der mensen maken.”

De roeping van Simon en Andreas bij het meer. Het werk dat zij kenden, wordt het beeld voor hun nieuwe taak.

Markus 1:29

“En van stonde aan uit de synagoge gegaan zijnde, kwamen zij in het huis van Simon en Andreas, met Jakobus en Johannes.”

De broers deelden een huis in Kapernaüm. Daar genas Jezus de schoonmoeder van Simon.

Mattheüs 10:2

“De namen nu der twaalf apostelen zijn deze: de eerste, Simon, gezegd Petrus, en Andreas, zijn broeder; Jakobus, de zoon van Zebedeus, en Johannes, zijn broeder;”

In de lijsten van de twaalf staat Andreas steeds bij de eerste vier, hier direct naast zijn broer.

Johannes 6:8-9

“Een van Zijn discipelen, namelijk Andreas, de broeder van Simon Petrus, zeide tot Hem: Hier is een jongsken, dat vijf gerstebroden heeft, en twee visjes; maar wat zijn deze onder zo velen?”

Andreas ziet het kleine dat er is en twijfelt tegelijk. Jezus voedt er de vijfduizend mee.

Johannes 12:22

“Filippus kwam en zeide het Andreas; en Andreas en Filippus wederom zeiden het Jezus.”

Griekse bezoekers willen Jezus zien. Filippus overlegt eerst met Andreas, en samen brengen zij de vraag bij Jezus.

Markus 13:3

“En als Hij gezeten was op den Olijfberg, tegen de tempel over, vraagden Hem Petrus, en Jakobus, en Johannes, en Andreas, alleen:”

Hier hoort Andreas bij de kleine kring die Jezus ondervraagt over de verwoesting van de tempel en het einde.

Handelingen 1:13

“En als zij ingekomen waren, gingen zij op in de opperzaal, waar zij bleven, namelijk Petrus en Jakobus, en Johannes en Andreas, Filippus en Thomas, Bartholomeus en Mattheus, Jakobus, de zoon van Alfeus, en Simon Zelotes, en Judas, de broeder van Jakobus.”

De laatste keer dat de Bijbel Andreas noemt: na de hemelvaart, in afwachting van de Heilige Geest.

Tijdperiode

~30 n.Chr.

Andreas leefde in de tijd van het Nieuwe Testament.

Gerelateerde personen

Lessen voor vandaag

Andreas leert ons dat getuigen dichtbij begint. Het eerste wat hij deed nadat hij Jezus had leren kennen, was zijn eigen broer zoeken (Johannes 1:42). Wij denken bij getuigen soms aan grote woorden voor onbekenden, maar vaak begint het in het eigen huis, bij familie en vrienden die wij al kennen. Hij laat ook zien dat het genoeg is om iemand bij Jezus te brengen. Andreas hield geen betoog voor zijn broer. Hij bracht hem bij Jezus, en ook de vraag van de Grieken bracht hij bij Hem; de rest liet hij aan Hem over. Dat haalt een last weg: het is niet aan ons om iemand tot geloof te brengen. Wij mogen wijzen, Christus roept. Bij de vijf broden lijkt Andreas op ons. Hij zag wat er was en vroeg zich af wat het onder zo velen kon betekenen (Johannes 6:9). Wat wij in ons werk, onze gemeente of ons gezin te geven hebben, lijkt vaak te weinig. Toch nam Jezus juist dat kleine aan en voedde er de hele schare mee. Ten slotte stond Andreas naast een bekendere broer. Hij wordt meer dan eens "de broeder van Simon Petrus" genoemd (Johannes 1:41, Johannes 6:8), en hij was er niet bij op de berg van de verheerlijking (Mattheüs 17:1). De Bijbel meldt van hem geen afgunst. Na de hemelvaart vinden wij hem terug bij de andere apostelen, eendrachtig in gebed (Handelingen 1:13-14). In de gemeente zijn niet allen zichtbaar, maar ieder die mensen bij Christus brengt, doet het werk waartoe Hij roept.

Bijbelse plaatsen

Veelgestelde vragen over Andreas

Wie was Andreas in de Bijbel?
Andreas was een van de twaalf apostelen van Jezus. Hij was visser uit Bethsaïda aan het meer van Galilea en de broer van Simon Petrus. Eerst was hij leerling van Johannes de Doper. Toen die op Jezus wees als het Lam Gods, volgde Andreas Jezus als een van de eerste twee discipelen en bracht direct daarna zijn broer bij Hem (Johannes 1:41-42). Later riep Jezus beide broers om vissers der mensen te worden (Mattheüs 4:18-20).
Wat betekent de naam Andreas?
Andreas is een Griekse naam, afgeleid van het Griekse woord voor man. De betekenis is mannelijk of manmoedig. Dat een Joodse visser uit Galilea een Griekse naam droeg, was niet vreemd: de streek stond al lang onder Griekse invloed, en ook Filippus uit dezelfde plaats had een Griekse naam. De Bijbel noemt geen Hebreeuwse of Aramese naam voor Andreas.
Waar staat Andreas in de Bijbel?
Andreas wordt in twaalf verzen genoemd, allemaal in de evangeliën en Handelingen. De belangrijkste plaatsen zijn Johannes 1:35-45 (zijn eerste ontmoeting met Jezus), Mattheüs 4:18-20 en Markus 1:16-18 (zijn roeping aan het meer), Markus 1:29 (het huis in Kapernaüm), Johannes 6:8-9 (de vijf broden), Johannes 12:20-22 (de Grieken) en Markus 13:3 (de vraag op de Olijfberg). Verder staat hij in de lijsten van de twaalf apostelen en in Handelingen 1:13.
Was Andreas de broer van Petrus?
Ja. De evangeliën noemen Andreas meermaals "de broeder van Simon Petrus" (Johannes 1:41, Johannes 6:8). Beiden waren vissers, kwamen uit Bethsaïda en woonden later samen in een huis in Kapernaüm (Markus 1:29). Andreas was het die Simon bij Jezus bracht. Wie de oudste van de twee was, zegt de Bijbel niet. Hun vader heet in de Statenvertaling Jonas (Johannes 1:43).
Was Andreas een leerling van Johannes de Doper?
Ja. Johannes 1:35-41 vertelt dat Andreas een van de twee discipelen van Johannes de Doper was die hoorden hoe Johannes over Jezus zei: "Ziet, het Lam Gods!" Daarop volgden zij Jezus en bleven die dag bij Hem. Het getuigenis van Johannes, die opriep tot bekering en wees op Iemand die na hem kwam, had Andreas voorbereid. Dat hij werkelijk tot Jezus kwam, schrijft de Schrift ten diepste toe aan het trekken van de Vader (Johannes 6:44).
Waarom heet Andreas de eerstgeroepene?
In de oosterse kerken heet Andreas de eerstgeroepene, omdat hij volgens Johannes 1:35-41 een van de eerste twee discipelen was die Jezus volgden, nog vóór zijn broer Petrus. Die bijnaam is een kerkelijke traditie en staat niet in de Bijbel. In Mattheüs en Markus worden Simon en Andreas samen geroepen aan het meer (Mattheüs 4:18-20), en in de lijsten van de apostelen staat Petrus voorop.
Wat deed Andreas bij de spijziging van de vijfduizend?
Toen Filippus uitrekende dat voor tweehonderd penningen brood te weinig was, kwam Andreas met een jongen die vijf gerstebroden en twee visjes had. Hij zei erbij: "maar wat zijn deze onder zo velen?" (Johannes 6:9). Jezus liet de mensen gaan zitten, dankte en deelde uit, en de mannen, omtrent vijfduizend in getal, werden allen verzadigd. Er bleven twaalf korven met brokken over (Johannes 6:10-13).
Wat deed Andreas toen de Grieken Jezus wilden zien?
Hij bracht samen met Filippus hun vraag bij Jezus. Grieken die op het feest in Jeruzalem kwamen aanbidden, vroegen eerst Filippus om Jezus te zien. Filippus ging daarmee naar Andreas: "Filippus kwam en zeide het Andreas; en Andreas en Filippus wederom zeiden het Jezus" (Johannes 12:22). Waarschijnlijk waren het niet-Joden die de God van Israël vereerden. Of zij Jezus daarna zelf gesproken hebben, vertelt Johannes niet. Jezus antwoordde dat de ure gekomen was dat de Zoon des mensen verheerlijkt zou worden (Johannes 12:23).
Hoorde Andreas bij de kring van Petrus, Jakobus en Johannes?
Niet vast. Andreas hoorde niet bij de drie die Jezus soms apart meenam. Bij de opwekking van het dochtertje van Jaïrus, op de berg van de verheerlijking en in Gethsemane nam Jezus alleen Petrus, Jakobus en Johannes mee (Markus 5:37, Mattheüs 17:1, Markus 14:33). Bij de rede over het einde staat Andreas wel naast die drie: op de Olijfberg vroegen Petrus, Jakobus, Johannes en Andreas Jezus naar het einde der tijden (Markus 13:3-4).
Hoe is Andreas gestorven?
De Bijbel vertelt niets over de dood van Andreas; Handelingen 1:13 is de laatste vermelding. Volgens de kerkhistoricus Eusebius, die Origenes aanhaalt, kreeg Andreas Scythië als werkgebied. Het apocriefe geschrift Handelingen van Andreas laat hem in Patras in Griekenland gekruisigd worden. De voorstelling van een X-vormig kruis is nog later en raakte pas in de middeleeuwen algemeen. Dit alles is overlevering, geen Schrift.
Waarom is Andreas de beschermheilige van Schotland?
Dat Andreas als beschermheilige van Schotland geldt, komt uit de latere kerkelijke traditie, niet uit de Bijbel. Volgens een middeleeuwse legende kwamen relieken van Andreas naar het Schotse St Andrews, dat naar hem is genoemd. Het witte X-kruis op een blauw veld, het Andreaskruis, staat op de Schotse vlag. Ook de oosterse kerk van Constantinopel ziet hem als haar stichter. Dit zijn latere tradities; de Bijbel verbindt Andreas met Galilea en Jeruzalem.
Wat kunnen wij leren van Andreas?
Andreas leert ons dat getuigen dichtbij begint: hij zocht eerst zijn eigen broer (Johannes 1:42). Hij laat zien dat het genoeg is om mensen bij Jezus te brengen; Christus doet de rest. Bij de vijf broden herkennen wij zijn twijfel over wat te weinig lijkt, en zien wij dat Jezus juist dat kleine gebruikt. En hij bleef, ook naast een bekendere broer, bij de kring van de apostelen (Handelingen 1:13).

Stel een vraag over Andreas

Wilt u meer weten over Andreas? Onze AI-gestuurde assistent helpt u met achtergrond, context en diepere inzichten uit de Bijbel.

Stel een vraag over Andreas

Bijbelverhalen rond Andreas

Verdiep u verder