Og verslagen bij Edrei
Og, de koning van Basan, trekt Israël tegemoet bij Edrei. De HEERE geeft hem en zijn volk in de hand van Israël.
Basan (Hebreeuws בָּשָׁן), vaak met lidwoord: de Basan. De betekenis van de naam is onzeker; vaak wordt gedacht aan vlakke, vruchtbare grond. De Statenvertaling schrijft afwisselend Basan en Bazan.
Basan is de vruchtbare hoogvlakte ten oosten en noordoosten van het Meer van Galilea, tussen Gilead en de Hermon. Het was het koninkrijk van Og, dat Israël onder Mozes innam en aan de halve stam van Manasse gaf (Deuteronomium 3:13). Het land stond bekend om zijn vee en zijn eiken.
Ook bekend als: Bazan, Batanea
Basan lag ten oosten van de Jordaan en het Meer van Galilea. In het zuiden grensde het aan Gilead, in het noorden reikte het tot de Hermon (Jozua 12:5), in het oosten tot Salcha aan de rand van de woestijn. Het is een hoogvlakte van vulkanische grond, geschikt voor graan en weidevee. Bekende steden waren Astaroth en Edrei, de residenties van Og, en Golan.
Basan is nu de Golanhoogte, de Hauran in het zuiden van Syrië en het uiterste noorden van Jordanië; de ligging als streek is zeker. Edrei wordt meestal gelijkgesteld met Dera, Astaroth met Tell Ashtarah. Waar de stad Golan lag, is onzeker; de moderne naam Golan gaat via de latere streeknaam Gaulanitis op die oude stad terug.
Og, de koning van Basan, trekt Israël tegemoet bij Edrei. De HEERE geeft hem en zijn volk in de hand van Israël.
Mozes geeft de halve stam van Manasse het hele Basan, het koninkrijk van Og, met de vlekken van Jaïr: zestig steden.
Golan in Basan wordt aangewezen als vrijstad, waar wie onopzettelijk een doodslag heeft begaan, kan schuilen.
De streek van Argob in Basan, met zestig grote steden, valt onder een van de twaalf stadhouders van Salomo.
In de dagen van Jehu begint de HEERE Israël af te korten: Hazaël van Syrië slaat Gilead en Basan.
De volgende bijbelgedeelten helpen u om de rol van Basan in de Schrift beter te begrijpen.
Basan lag ten oosten van de Jordaan en het Meer van Galilea, ten noorden van Gilead. Het gebied reikte in het noorden tot de berg Hermon en in het oosten tot Salcha aan de rand van de woestijn. Het was een vruchtbare hoogvlakte met vulkanische grond. Nu valt het gebied samen met de Golanhoogte, het zuiden van Syrië en het uiterste noorden van Jordanië.
De betekenis van de naam Basan is onzeker. Vaak wordt gedacht aan vlakke, vruchtbare of steenvrije grond, wat goed past bij de hoogvlakte, maar zeker is dat niet. In het Hebreeuws staat de naam vaak met lidwoord, de Basan, zoals bij een landschap. De Statenvertaling volgt dat soms: "verhef uw stem op den Basan" (Jeremia 22:20).
De Statenvertaling gebruikt twee spellingen voor dezelfde streek. In de boeken van Mozes en Jozua staat meestal Bazan, bijvoorbeeld bij Og, de koning van Bazan (Deuteronomium 3:1). In de latere boeken, zoals Koningen, Kronieken, de Psalmen en de profeten, staat Basan. Het gaat om één en hetzelfde gebied ten oosten van het Meer van Galilea.
Og was de koning van Basan, die woonde te Astaroth en te Edrei (Deuteronomium 1:4). Hij was de laatste van de reuzen. Zijn bedstede van ijzer stond in Rabba der kinderen Ammons; de Schrift noemt negen ellen lengte en vier ellen breedte (Deuteronomium 3:11). Israël versloeg hem bij Edrei en nam zijn zestig steden in (Deuteronomium 3:3-4).
In Psalm 22 klaagt de lijdende: "Vele varren hebben mij omsingeld, sterke stieren van Basan hebben mij omringd" (Psalm 22:13). Basan stond bekend om zijn weiden en zijn goed gevoede vee. De stieren van Basan zijn daarom een beeld van sterke, dreigende vijanden. Het Nieuwe Testament leest Psalm 22 als profetie van het lijden van Christus, Die aan het kruis de woorden van Psalm 22:2 uitriep (Mattheüs 27:46).
Amos spreekt de machtigen van Samaria aan als koeien van Basan: "gij, die op den berg van Samaria zijt, die de armen verdrukt" (Amos 4:1). De tekst noemt geen namen. De Kanttekeningen denken aan de goddeloze regeerders en richters die zich door de rijken lieten omkopen; veel latere uitleggers denken aan de rijke vrouwen van de stad. Het beeld sluit aan bij het welgevoede vee van Basan. Amos verwijt hun dat zij in weelde leefden ten koste van de armen. De profeet kondigt het oordeel van de HEERE aan over hun onrecht.
De naam Basan wordt niet meer gebruikt, maar het gebied is goed aan te wijzen. Het omvat de huidige Golanhoogte, de Hauran in het zuiden van Syrië en het noorden van Jordanië. Edrei wordt meestal gelijkgesteld met Dera en Astaroth met Tell Ashtarah.
Niet helemaal. De Golanhoogte is het westelijke deel van het bijbelse Basan, boven het Meer van Galilea. Basan reikte verder naar het oosten, over de Hauran in het zuiden van Syrië tot Salcha aan de rand van de woestijn (Deuteronomium 3:10), en in het zuiden tot in het noorden van het huidige Jordanië. De naam Golan gaat terug op de bijbelse vrijstad Golan in Basan (Jozua 20:8), via de latere streeknaam Gaulanitis.
Gilead
Het bijbelse Gilead ligt in het noordwesten van Jordanië, rond de Wadi Zarqa, de oude Jabbok
Berg Hermon
Dat dit de bijbelse Hermon is, staat vast
Ramoth in Gilead
De ligging is onzeker
Meer van Galilea
Het meer bestaat nog en ligt in het noorden van Israël, waar het in het Hebreeuws Yam Kinneret heet
Dan
Dan wordt algemeen gelijkgesteld met Tel Dan, in het Arabisch Tell el-Qadi (heuvel van de rechter), in het noorden van Israël, nu een natuurreservaat
Wilt u dieper ingaan op de geschiedenis, de bijbelteksten of de theologische betekenis van Basan? Onze AI-assistent helpt u verder.
Terug naar het overzicht van bijbelse plaatsen.
Ontdek wie er leefden in Basan.
Plaats Basan in de bijbelse geschiedenis.
Lees de bijbelgedeelten over Basan.
Uitleg bij bijbelgedeelten over Basan.
Verken thema's die verbonden zijn met Basan.