Vrijstad voor Gad
Ramoth in Gilead wordt aangewezen als een van de drie vrijsteden ten oosten van de Jordaan, in het gebied van Gad.
Ramoth (Hebreeuws רָמֹת) betekent hoogten, het meervoud van het woord rama, hoogte. De toevoeging in Gilead onderscheidt de stad van Ramoth tegen het zuiden (1 Samuël 30:27). In 2 Koningen 8:29 heet zij kortweg Rama.
Ramoth in Gilead was een vrijstad van de stam Gad ten oosten van de Jordaan en een vesting aan de grens met Syrië. Koning Achab sneuvelde in de strijd om de stad (1 Koningen 22:29-35), en daar werd later Jehu tot koning over Israël gezalfd.
Ook bekend als: Ramoth-Gilead, Ramoth, Tell Ramith
Ramoth in Gilead lag ten oosten van de Jordaan, in Gilead, in het erfdeel van de stam Gad (Jozua 20:8). Als de gangbare identificatie klopt, lag de stad in het noorden van dat gebied, niet ver van de grens met Aram, aan de weg van Damascus naar het zuiden. Onder Salomo bestuurde de zoon van Geber van daaruit de dorpen van Jair en de streek Argob in Basan (1 Koningen 4:13).
De ligging is onzeker. Een gangbaar voorstel is Tell Ramith, in het noorden van Jordanië bij de stad Ramtha, dicht bij de grens met Syrië. Andere onderzoekers hebben de stad elders in Gilead gezocht, verder naar het zuiden. Geen van de voorstellen wordt door een inscriptie met de naam bevestigd.
De precieze ligging is onzeker: er zijn meerdere kandidaten.
Ramoth in Gilead wordt aangewezen als een van de drie vrijsteden ten oosten van de Jordaan, in het gebied van Gad.
Onder Salomo bestuurt de zoon van Geber vanuit Ramoth de dorpen van Jair in Gilead en de streek Argob in Basan.
Tegen het woord van Micha in trekken de koningen van Israël en Juda samen op om Ramoth in Gilead op Syrië te heroveren.
Een pijl treft de vermomde Achab tussen de gespen en het pantser. Hij blijft in zijn wagen staan tegenover de Syriërs en sterft des avonds.
Een profetenzoon, door Elisa gezonden, zalft Jehu te Ramoth in Gilead tot koning over Israël en geeft hem de opdracht het huis van Achab te slaan.
De volgende bijbelgedeelten helpen u om de rol van Ramoth in Gilead in de Schrift beter te begrijpen.
Ramoth in Gilead lag ten oosten van de Jordaan, in Gilead, in het gebied van de stam Gad, waarschijnlijk in het noorden, dicht bij de grens met Syrië. De precieze plaats is onzeker. Een gangbaar voorstel is Tell Ramith in het noorden van Jordanië, bij de stad Ramtha. Andere onderzoekers zoeken de stad verder naar het zuiden in Gilead.
Ramoth is Hebreeuws en betekent hoogten; het is het meervoud van rama, hoogte. De naam past bij een stad op een verheven plek. Omdat er meer plaatsen met zo’n naam waren, voegt de Bijbel er bijna altijd in Gilead aan toe. In 2 Koningen 8:29 en 2 Kronieken 22:6 heet dezelfde stad kortweg Rama.
Ramoth in Gilead was eerst een vrijstad voor wie onwetend iemand gedood had (Jozua 20:8). Later streden Israël en Syrië om de stad. Koning Achab sneuvelde bij een poging haar te heroveren (1 Koningen 22:34-35). Zijn zoon Joram raakte er gewond (2 Koningen 8:28). In de stad zelf zalfde een profetenzoon, door Elisa gezonden, de legeroverste Jehu tot koning over Israël (2 Koningen 9:1-6).
Ramoth in Gilead was een grensvesting ten oosten van de Jordaan, tegenover het rijk van Aram. Volgens de meeste voorstellen lag zij aan de weg van Damascus naar het zuiden, en wie haar bezat, had greep op Gilead. Achab vond dat de stad Israël toekwam: "Weet gij, dat Ramoth in Gilead onze is" (1 Koningen 22:3). Later hielden Joram en Israël de stad tegen Hazaël, de koning van Syrië (2 Koningen 8:28, 9:14).
De wet gaf zes vrijsteden, waar iemand die onwetend een ander gedood had, kon vluchten voor de bloedwreker tot hij voor het gericht had gestaan (Numeri 35:11-12). Ten oosten van de Jordaan waren dat Bezer, Ramoth in Gilead en Golan. Ramoth diende de stam Gad (Deuteronomium 4:43, Jozua 20:8). Zo lag er ook ten oosten van de Jordaan voor Gad een toevlucht binnen bereik.
Niet als het om Rama in Benjamin gaat (Jozua 18:25) of om Rama, de stad van Samuël (1 Samuël 1:19); dat zijn andere plaatsen, ten westen van de Jordaan. Wel noemen 2 Koningen 8:29 en 2 Kronieken 22:6 Ramoth in Gilead kortweg Rama. Ook Ramoth tegen het zuiden (1 Samuël 30:27) en Ramoth in Issaschar (1 Kronieken 6:73) zijn andere plaatsen. Sommigen houden Ramath-Mizpa in Jozua 13:26 voor dezelfde stad als Ramoth in Gilead, maar dat is onzeker.
De stad wordt genoemd als vrijstad in Deuteronomium 4:43 en Jozua 20:8, als Levietenstad in Jozua 21:38 en 1 Kronieken 6:80, en als zetel van een stadhouder in 1 Koningen 4:13. De strijd waarin Achab sneuvelt staat in 1 Koningen 22 en 2 Kronieken 18. De verwonding van Joram en de zalving van Jehu staan in 2 Koningen 8:28-29 en 2 Koningen 9:1-14.
Gilead
Het bijbelse Gilead ligt in het noordwesten van Jordanië, rond de Wadi Zarqa, de oude Jabbok
Syrië (Aram)
Het bijbelse Aram valt grotendeels samen met het huidige Syrië, met delen van Libanon, het zuiden van Turkije rond Haran en mogelijk randgebieden in het noorden van Irak
Jizreël
Jizreël is met zekerheid gelijkgesteld met Tel Jizreël (Arabisch Zer’in) in het noorden van Israël, bij de kibboets Jizreël
Basan
Basan is nu de Golanhoogte, de Hauran in het zuiden van Syrië en het uiterste noorden van Jordanië; de ligging als streek is zeker
Rama
Rama in Benjamin wordt algemeen gelijkgesteld met het dorp er-Ram, ongeveer 8 kilometer ten noorden van Jeruzalem op de Westelijke Jordaanoever
Wilt u dieper ingaan op de geschiedenis, de bijbelteksten of de theologische betekenis van Ramoth in Gilead? Onze AI-assistent helpt u verder.
Terug naar het overzicht van bijbelse plaatsen.
Ontdek wie er leefden in Ramoth in Gilead.
Plaats Ramoth in Gilead in de bijbelse geschiedenis.
Lees de bijbelgedeelten over Ramoth in Gilead.
Uitleg bij bijbelgedeelten over Ramoth in Gilead.
Verken thema's die verbonden zijn met Ramoth in Gilead.