Joël in de Bijbel
Joël (יוֹאֵל, Hebreeuws) - “De HEERE is God”
Wie was Joël?
Joël was een profeet in Juda, de zoon van Pethuël. Na een verwoestende sprinkhanenplaag riep hij het volk op tot vasten en bekering, kondigde hij de dag des HEEREN aan en beloofde hij de uitstorting van Gods Geest over alle vlees (Joël 2:28). Petrus haalde die belofte aan op Pinksteren.
Joël is de tweede van de twaalf kleine profeten, tussen Hosea en Amos. Zijn boek opent met één regel over hemzelf: "Het woord des HEEREN, dat geschied is tot Joel, den zoon van Pethuel" (Joël 1:1). Meer weten wij niet. Er staat geen woonplaats bij, geen beroep, geen roepingsverhaal en geen koning in wiens dagen hij optrad. De Statenvertaling schrijft zijn naam zonder trema als Joel; op deze site schrijven wij Joël. Wat wel duidelijk is, is tot wie hij sprak: de oudsten, de priesters en alle inwoners van Juda en Jeruzalem. Hij spreekt over Sion, over het huis des HEEREN en over priesters die "tussen het voorhuis en het altaar" moeten wenen (Joël 2:17). Hij moet dus in Juda gewerkt hebben, in een tijd dat de tempeldienst gaande was. De lijn van het boek is helder. Een sprinkhanenplaag heeft het land kaalgevreten (Joël 1). Joël roept op tot een vasten en ziet in de ramp de nadering van de dag des HEEREN, die als een onweerstaanbaar leger over het land komt (Joël 2:1-11). Dan klinkt de oproep: "scheurt uw hart en niet uw klederen" (Joël 2:13). God antwoordt met herstel, met de belofte van Zijn Geest over alle vlees (Joël 2:28-32) en met het oordeel over de volken in het dal van Josafat (Joël 3). In de Statenvertaling telt het boek drie hoofdstukken. De Hebreeuwse Bijbel deelt het in vier hoofdstukken in; daar is Joël 2:28-32 een apart hoofdstuk. Wie in een andere uitgave zoekt, vindt de pinksterbelofte dus soms onder een ander nummer. De profeet Joël is niet te verwarren met Joël, de oudste zoon van Samuël (in de Statenvertaling Joel, 1 Samuël 8:2), die als richter in Berseba het recht boog (1 Samuël 8:3). Kronieken, Ezra en Nehemia noemen nog meer mannen met die naam; de naam was gewoon in Israël.
Historische context
Wanneer Joël leefde, is niet met zekerheid te zeggen. Het opschrift noemt geen koning, en dat maakt hem een uitzondering onder de profeten. Uitleggers hebben daarom uit de inhoud geprobeerd een tijd af te leiden, en zij komen op heel verschillende uitkomsten. Twee posities komen het meest voor. Een vroege datering plaatst Joël rond 835 voor Christus, in de jonge jaren van koning Joas van Juda, toen de hogepriester Jojada feitelijk de leiding had (2 Koningen 12:2; 2 Kronieken 24:1-3). Dat zou verklaren waarom het boek wel oudsten en priesters noemt, maar geen koning. De vijanden die Joël noemt, Tyrus, Sidon, de Filistijnen, Egypte en Edom (Joël 3:4, Joël 3:19), passen bij die vroege tijd, en er wordt nog niet over Assur of Babel gesproken. Ook de plaats in de canon, tussen Hosea en Amos, wijst volgens deze uitleggers op een vroege profeet. Dat geldt wel alleen voor de Hebreeuwse volgorde; de Griekse vertaling plaatst Joël na Micha. Amos opent met woorden die op Joël lijken: "De HEERE zal brullen uit Sion" (Amos 1:2; vergelijk Joël 3:16). Een late datering plaatst het boek na de ballingschap, rond 400 voor Christus. Argumenten daarvoor zijn de vermelding van "de kinderen der Grieken" (Joël 3:6), de uitdrukking dat God "de gevangenis van Juda en Jeruzalem zal wenden" (Joël 3:1), en het ontbreken van een koning, wat in de Perzische tijd normaal was. In die lezing staat de tweede tempel er al. Anderen kiezen een tijd daartussen. De boodschap van het boek hangt niet aan die keuze, en daarom laten wij de datering open. De plaag zelf was een bekend gevaar in het oude Nabije Oosten. Zwermen sprinkhanen konden in korte tijd een hele oogst vernietigen. Joël noemt vier namen: "Wat de rups heeft overgelaten, heeft de sprinkhaan afgegeten, en wat de sprinkhaan heeft overgelaten, heeft de kever afgegeten" (Joël 1:4). Of dat vier soorten zijn of vier stadia van hetzelfde dier, is onder uitleggers niet beslist. Voor een akkerbouwvolk betekende zo'n plaag honger, en voor de tempel dat er geen koren, most en olie meer was, zodat spijsoffer en drankoffer van het huis des HEEREN afgesneden waren (Joël 1:9-10). Daarom riep Joël een "verbodsdag" uit (Joël 1:14): een dag waarop het werk stillag en het hele volk, van de oudsten tot de zuigelingen, samenkwam in het huis des HEEREN om te vasten en te bidden. Ook de bruidegom en de bruid moesten hun kamer uit (Joël 2:16). Het is een collectieve verootmoediging, geen persoonlijke vroomheid alleen.
Karaktereigenschappen
+Positieve eigenschappen
- Leest de tijd: hij hoort in een natuurramp de stem van God (Joël 1:15)
- Pastoraal: hij roept tot innerlijke bekering in plaats van uiterlijk vertoon (Joël 2:13)
- Bewogen met het land en zelfs met het vee, en brengt dat in gebed bij God (Joël 1:19-20)
- Kijkt verder dan de ramp en spreekt over herstel en de Geest (Joël 2:28)
Theologische betekenis
Het kernwoord van Joël is "de dag des HEEREN". Het komt vijf keer voor (Joël 1:15, Joël 2:1, Joël 2:11, Joël 2:31, Joël 3:14). Die dag is bij Joël eerst een bedreiging voor Israël zelf: de plaag is een voorproef, en het leger van Joël 2 trekt op tegen Sion. Pas na de bekering keert de dag zich tegen de volken die Gods volk hebben verdrukt. Daarmee leert Joël dat het oordeel begint bij het huis van God (vergelijk 1 Petrus 4:17). Tussen dreiging en herstel staat de oproep tot bekering, en die rust op Gods karakter: "want Hij is genadig en barmhartig, lankmoedig en groot van goedertierenheid, en berouw hebbende over het kwade" (Joël 2:13). Dat is een echo van de openbaring aan Mozes (Exodus 34:6), en dezelfde woorden keren terug bij Jona (Jona 4:2). Joël zegt er voorzichtig bij: "Wie weet, Hij mocht Zich wenden" (Joël 2:14). Genade wordt niet afgedwongen, maar wel verwacht. De bekendste belofte is die van de Geest: "Ik Mijn Geest zal uitgieten over alle vlees" (Joël 2:28). In het Oude Testament kwam de Geest op enkelingen: richters, koningen, profeten. Joël belooft Hem aan zonen en dochters, ouden en jongelingen, dienstknechten en dienstmaagden. Op de Pinksterdag zegt Petrus: "Maar dit is het, wat gesproken is door den profeet Joel" (Handelingen 2:16). Hij leest "daarna" als "in de laatste dagen" en laat de laatste dagen met Pinksteren beginnen. Aan wie vragen wat zij moeten doen, belooft hij: "u komt de belofte toe, en uw kinderen, en allen, die daar verre zijn, zo velen als er de Heere, onze God, toe roepen zal" (Handelingen 2:39). Paulus neemt de belofte uit Joël 2:32 over in Romeinen 10:13: "Want een iegelijk, die den Naam des Heeren zal aanroepen, zal zalig worden." Hij past de Naam des HEEREN toe op de Heere Jezus, en vlak daarvoor zegt hij dat er geen onderscheid is tussen Jood en Griek (Romeinen 10:12). Jesaja 13:6 zegt net als Joël 1:15: "de dag des HEEREN is nabij". Micha 4:3 en Jesaja 2:4 beloven dat de volken "hun zwaarden slaan tot spaden"; Joël keert dat beeld om (Joël 3:10). Zon, maan en sterren die verduisterd worden (Joël 3:15), keren terug in de rede van Jezus over de toekomst (Mattheüs 24:29), en Openbaring 9 spreekt over sprinkhanen als oordeel. In Joël 2:23 leest de Statenvertaling "dien Leraar ter gerechtigheid"; de hoofdletter laat zien dat de vertalers aan de Messias dachten. Het Hebreeuwse woord kan ook vroege regen betekenen, waarover het vervolg van het vers spreekt.
Naamsbetekenis
Oorspronkelijke naam
Joël (יוֹאֵל, Hebreeuws)
Betekenis
De HEERE is God
Betekenis van de naam Joël: grondwoord, uitspraak en wie de naam droegen
Sleutelmomenten
Het woord tot Joël en de plaag
Het woord des HEEREN komt tot Joël, de zoon van Pethuël. Het land is kaalgevreten door rupsen, sprinkhanen, kevers en kruidwormen, en de ouderen moeten het aan hun kinderen doorvertellen.
Joël 1:1-4
Oproep tot vasten en een verbodsdag
De priesters moeten zich in zakken hullen, want spijsoffer en drankoffer zijn uit het huis van God geweerd. Joël roept een vasten uit, want de dag des HEEREN is nabij.
Joël 1:13-15
Het leger van de dag des HEEREN
Joël beschrijft een groot en machtig volk dat als vuur over het land trekt, de muren beklimt en door de vensters binnenkomt. De HEERE zelf verheft Zijn stem voor dat leger uit.
Joël 2:1-11
Scheurt uw hart en niet uw klederen
De HEERE roept het volk op zich met het hele hart tot Hem te bekeren. De priesters moeten wenen tussen het voorhuis en het altaar en bidden: Spaar Uw volk.
Joël 2:12-17
Belofte van herstel
De HEERE ijvert over Zijn land, zendt koren, most en olie, geeft vroege en spade regen en belooft de jaren te vergelden die de sprinkhaan heeft afgegeten.
Joël 2:18-27
De uitstorting van de Geest
God belooft Zijn Geest uit te gieten over alle vlees, zonen en dochters, ouden en jongelingen, dienstknechten en dienstmaagden. Wie de Naam des HEEREN aanroept, zal behouden worden.
Joël 2:28-32
Het dal van Josafat en een fontein uit Sion
De HEERE vergadert de heidenen in het dal van Josafat om hen te richten om wat zij Zijn volk hebben aangedaan; Hij brult uit Sion, maar is de Toevlucht van Zijn volk. Het boek eindigt met een fontein uit het huis des HEEREN en de belofte dat de HEERE op Sion zal wonen.
Joël 3:1-21
De vervulling op de Pinksterdag
Als de discipelen met de Heilige Geest vervuld zijn, verklaart Petrus dat hier gebeurt wat door de profeet Joël gesproken is. Hij citeert Joël 2:28-32 tot en met de belofte dat wie de Naam des Heeren aanroept, behouden wordt.
Handelingen 2:14-21
Belangrijke bijbelteksten
De volgende bijbelgedeelten zijn van belang om het leven en de rol van Joël beter te begrijpen.
Joël 1:1
“Het woord des HEEREN, dat geschied is tot Joel, den zoon van Pethuel:”
Het enige wat de Bijbel over de persoon van Joël zegt: zijn naam en die van zijn vader.
Joël 1:4
“Wat de rups heeft overgelaten, heeft de sprinkhaan afgegeten, en wat de sprinkhaan heeft overgelaten, heeft de kever afgegeten, en wat de kever heeft overgelaten, heeft de kruidworm afgegeten.”
De plaag die de aanleiding werd voor de prediking van Joël, beschreven in vier golven.
Joël 2:13
“En scheurt uw hart en niet uw klederen, en bekeert u tot den HEERE, uw God; want Hij is genadig en barmhartig, lankmoedig en groot van goedertierenheid, en berouw hebbende over het kwade.”
De bekendste oproep uit het boek. De grond van de bekering is niet de angst voor de ramp, maar wie God is.
Joël 2:25
“Alzo zal Ik ulieden de jaren vergelden, die de sprinkhaan, de kever, en de kruidworm, en de rups heeft afgegeten; Mijn groot heir, dat Ik onder u gezonden heb.”
De belofte van herstel noemt dezelfde vier plagen als Joël 1:4. God geeft terug wat verloren ging.
Joël 2:28
“En daarna zal het geschieden, dat Ik Mijn Geest zal uitgieten over alle vlees, en uw zonen en uw dochteren zullen profeteren; uw ouden zullen dromen dromen, uw jongelingen zullen gezichten zien;”
De pinksterbelofte. In de Hebreeuwse indeling staat dit vers in hoofdstuk 3.
Joël 2:32
“En het zal geschieden, al wie den Naam des HEEREN zal aanroepen, zal behouden worden; want op den berg Sions en te Jeruzalem zal ontkoming zijn, gelijk als de HEERE gezegd heeft; en dat, bij de overgeblevenen, die de HEERE zal roepen.”
Redding voor ieder die de Naam des HEEREN aanroept, later aangehaald door Petrus en Paulus.
Joël 3:16
“En de HEERE zal uit Sion brullen, en uit Jeruzalem Zijn stem geven, dat hemel en aarde beven zullen; maar de HEERE zal de Toevlucht Zijns volks, en de Sterkte der kinderen Israels zijn.”
Dezelfde stem die de volken doet beven, is voor Zijn volk een toevlucht. Amos 1:2 opent met bijna dezelfde woorden.
Handelingen 2:16
“Maar dit is het, wat gesproken is door den profeet Joel:”
Met deze woorden opent Petrus zijn uitleg van wat er op de Pinksterdag gebeurde.
Romeinen 10:13
“Want een iegelijk, die den Naam des Heeren zal aanroepen, zal zalig worden.”
Paulus neemt Joël 2:32 over en past het toe op het aanroepen van de Heere Jezus, voor Jood en Griek.
Tijdperiode
Onzeker (tussen ~835 en ~400 v.Chr.)
Joël leefde in de tijd van het Oude Testament.
Gerelateerde personen
Bijbelboeken over Joël
Lessen voor vandaag
Joël leert ons allereerst dat een ramp een vraag kan zijn. Hij zegt niet dat elke plaag een straf voor een bepaalde zonde is, en dat mogen wij ook niet zeggen. Maar hij weigert de plaag als toeval af te doen. Hij laat de oudsten nadenken, de priesters wenen en het volk samenkomen. Wanneer ons leven of onze samenleving geraakt wordt, mogen wij de vraag stellen wat God ons daarin te zeggen heeft. Ook leert Joël wat echte bekering is. "Scheurt uw hart en niet uw klederen" (Joël 2:13). Het scheuren van klederen was een bekend teken van rouw, en Joël verbiedt het niet. Hij wil alleen niet dat het bij het teken blijft. God vraagt niet om indrukwekkende vormen, maar om een hart dat werkelijk naar Hem terugkeert. Dat geldt voor biddagen en boetediensten, en evengoed voor ons persoonlijk gebed. De belofte "Alzo zal Ik ulieden de jaren vergelden, die de sprinkhaan, de kever, en de kruidworm, en de rups heeft afgegeten" (Joël 2:25) heeft veel gelovigen getroost. Zij betekent niet dat alle verlies ongedaan wordt gemaakt. Wel dat God de verloren jaren niet vergeet en dat Hij kan herstellen wat wij als voorgoed kwijt beschouwden. Ten slotte spreekt Joël over de Geest voor iedereen: jong en oud, man en vrouw, knecht en maagd. Sinds Pinksteren is de gave van de Geest niet voorbehouden aan een paar uitverkoren leiders. Dat geeft een gemeente waarin ieder lid geroepen is, en het geeft hoop voor onze kinderen: "u komt de belofte toe, en uw kinderen" (Handelingen 2:39).
Bijbelse plaatsen
Veelgestelde vragen over Joël
Wie was Joël in de Bijbel?
Wat betekent de naam Joël?
Waar staat Joël in de Bijbel?
Hoe schrijft de Statenvertaling Joël, en waarom verschilt de hoofdstukindeling?
Wanneer leefde de profeet Joël?
Wat betekent de sprinkhanenplaag in Joël?
Wat is de dag des HEEREN bij Joël?
Wat betekent "scheurt uw hart en niet uw klederen"?
Wat heeft Joël met Pinksteren te maken?
Wat is het dal van Josafat?
Is de profeet Joël dezelfde als de zoon van Samuël?
Wat kunnen wij leren van Joël?
Stel een vraag over Joël
Wilt u meer weten over Joël? Onze AI-gestuurde assistent helpt u met achtergrond, context en diepere inzichten uit de Bijbel.
Stel een vraag over JoëlBijbelverhalen rond Joël
Verdiep u verder
Bijbelse tijdlijn
Bekijk Joël in de context van de bijbelse geschiedenis.
Bijbelse onderwerpen
Ontdek thema's die verbonden zijn met het leven van Joël.
Lees de Bijbel
Lees het verhaal van Joël in de Bijbel.
Bijbeluitleg
Lees commentaar en uitleg bij de bijbelgedeelten over Joël.
AI BijbelAssistent
Stel uw vragen over Joël aan onze AI-assistent.
Woordstudie
Bestudeer de oorspronkelijke betekenis van bijbelse namen en begrippen.
Heidelbergse Catechismus
Ontdek de gereformeerde leer over bijbelse personen en thema's.