Ga naar hoofdinhoud
Oude Testament~458 v.Chr.

Ezra in de Bijbel

Ezra (עֶזְרָא, Hebreeuws/Aramees) - “Hulp (mogelijk: de HEERE helpt)”

Wie was Ezra?

Ezra was een priester en schriftgeleerde uit het geslacht van Aäron, die rond 458 voor Christus uit Babel naar Jeruzalem trok. Hij had zijn hart gericht om de wet van de HEERE te zoeken, te doen en te leren (Ezra 7:10), leidde het volk tot schuldbelijdenis en las later bij de Waterpoort de wet voor.

In het boek dat zijn naam draagt, komt Ezra pas in het zevende hoofdstuk op het toneel. De eerste zes hoofdstukken vertellen over de terugkeer onder Zerubbabel en de herbouw van de tempel; dan volgt de zin "Na deze geschiedenissen nu, in het koninkrijk van Arthahsasta, koning van Perzie" (Ezra 7:1) en wordt Ezra voorgesteld. Zijn verhaal staat in Ezra 7 tot en met 10 en in Nehemia 8, met een korte vermelding in Nehemia 12. In Ezra 7:27 tot 9:15 vertelt hij zelf, in de ik-vorm. De tekst geeft hem twee titels: priester en schriftgeleerde. Zijn geslachtslijst loopt terug tot "Aaron, den hoofdpriester" (Ezra 7:5), en hij heet "een vaardig schriftgeleerde in de wet van Mozes" (Ezra 7:6). De sleutel tot zijn leven geeft Ezra 7:10: "Want Ezra had zijn hart gericht, om de wet des HEEREN te zoeken en te doen, en om in Israel te leren de inzettingen en de rechten." De lijn van zijn verhaal is overzichtelijk. Met een brief van de Perzische koning trekt hij met een groep ballingen naar Jeruzalem, na een vasten aan de rivier Ahava. Daar ontdekt hij dat velen getrouwd zijn met vrouwen uit de omringende volken, en hij reageert met rouw en een gebed van schuldbelijdenis (Ezra 9). Het volk sluit een verbond om zich af te scheiden. Jaren later, wanneer Nehemia landvoogd is, leest Ezra de wet voor op de straat bij de Waterpoort, en het volk viert het Loofhuttenfeest. Ezra is niet te verwarren met de priester Ezra die met Zerubbabel uit Babel optrok (Nehemia 12:1), ongeveer tachtig jaar eerder, en ook niet met de Ezra uit het geslachtsregister van Juda (1 Kronieken 4:17).

Historische context

Ezra leefde onder de Perzische koningen, die sinds de val van Babel in 539 voor Christus over het Midden-Oosten heersten. Kores (Cyrus) had in zijn eerste jaar de Joden toegestaan terug te keren en de tempel te herbouwen (Ezra 1:1-4). Na veel tegenstand werd die tempel voltooid in het zesde jaar van Darius, door de profetie van Haggaï en Zacharia (Ezra 6:14-15), gewoonlijk gedateerd in 516 of 515 voor Christus. Tussen Ezra 6 en Ezra 7 ligt bijna zestig jaar. Als Ahasveros dezelfde is als de Perzische koning Xerxes I, zoals veel uitleggers aannemen, valt in die tussentijd de geschiedenis van Esther aan het Perzische hof. Ezra kwam in de vijfde maand van het zevende jaar van koning Arthahsasta in Jeruzalem aan (Ezra 7:8). Als dit Artaxerxes I is, zoals de meeste uitleggers aannemen, gaat het om 458 voor Christus. Een minderheid denkt aan Artaxerxes II en dus aan 398; de tekst van Nehemia 8 en Nehemia 12:26, waar Ezra en Nehemia samen optreden, past het best bij de eerste datering. Nehemia kwam in het twintigste jaar van dezelfde koning (Nehemia 2:1), rond 445. Ezra woonde in Babel, waar na de ballingschap een grote Joodse gemeenschap was gebleven. Zijn geslachtslijst noemt hem "de zoon van Seraja" (Ezra 7:1). Seraja was de hogepriester die in 586 bij de verwoesting van Jeruzalem werd gedood (2 Koningen 25:18-21); "zoon" betekent hier dus nakomeling, zoals vaker in bijbelse geslachtslijsten. De lijst is verkort en loopt via Zadok en Pinehas tot Aäron. De brief van de koning (Ezra 7:12-26) is in het Aramees geschreven, de bestuurstaal van het Perzische rijk. Ezra kreeg zilver en goud mee, vrijstelling van belasting voor de tempeldienaren en de opdracht om regeerders en richters aan te stellen voor allen "die de wetten Gods weten" (Ezra 7:25). De titel schriftgeleerde (in het Hebreeuws sofer) betekende oorspronkelijk schrijver of secretaris; bij Ezra is het iemand die de wet van Mozes kent, overschrijft en uitlegt. De reis van ongeveer 1.500 kilometer duurde vier maanden: vertrek op de eerste van de eerste maand, aankomst op de eerste van de vijfde maand (Ezra 7:9). Hij trof een kleine provincie aan met een herbouwde tempel maar zonder muur, en een volk dat verarmd was en vermengd met de omringende volken. Ook de profeet Maleachi, die vermoedelijk in dezelfde periode optrad, klaagt dat Juda "de dochters eens vreemden gods getrouwd" heeft (Maleachi 2:11).

Karaktereigenschappen

+Positieve eigenschappen

  • Toegewijd aan Gods Woord: hij richtte zijn hart om de wet te zoeken, te doen en te leren (Ezra 7:10)
  • Vertrouwen op God boven menselijke bescherming: geen soldaten, maar vasten en gebed (Ezra 8:22-23)
  • Nauwgezet en betrouwbaar met wat hem werd toevertrouwd (Ezra 8:24-34)
  • Diep bedroefd over de zonde van het volk: hij bleef verbaasd zitten tot aan het avondoffer (Ezra 9:3-5)
  • Nederig in zijn gebed: hij belijdt de schuld van het volk als zijn eigen schuld (Ezra 9:6)
  • Een leraar die met de Levieten zorgde dat het volk de wet verstond, niet alleen hoorde (Nehemia 8:6-10)

Theologische betekenis

In Ezra wordt zichtbaar dat God Zijn volk na de ballingschap niet alleen een tempel teruggaf, maar ook Zijn Woord. De terugkeer onder Kores en de herbouw onder Zerubbabel waren vervuld; nu moest het volk weer leren leven naar de wet. Ezra 7:10 vat de roeping samen in drie werkwoorden: zoeken, doen en leren. De volgorde is veelzeggend: wie anderen onderwijst, moet zelf eerst onder het Woord buigen. Een terugkerende uitdrukking is "de goede hand zijns Gods over hem" en varianten daarvan (Ezra 7:6, Ezra 7:9, Ezra 7:28, Ezra 8:18, Ezra 8:22 en Ezra 8:31). Dat een heidense koning zijn medewerking geeft, schrijft Ezra niet toe aan zijn eigen diplomatie maar aan God, "Die alzulks in het hart des konings gegeven heeft" (Ezra 7:27). Zijn gebed in Ezra 9 behoort, met Nehemia 9 en Daniël 9, tot de grote boetegebeden uit deze periode. Ezra spreekt niet over "zij" maar over "wij", hoewel hij zelf niet schuldig was aan de gemengde huwelijken. Hij erkent dat God rechtvaardig is (Ezra 9:15) en dat de terugkeer uit Babel genade was: "doch in onze dienstbaarheid heeft ons onze God niet verlaten" (Ezra 9:9). Het motief achter de scheiding was niet afkomst als zodanig, maar trouw aan de HEERE: de wet verbood zulke huwelijken omdat zij het volk tot afgoderij zouden brengen (Deuteronomium 7:3-4). Het boek zelf laat dat zien: de vorsten klaagden dat het volk zich niet had afgezonderd van de volken "naar hun gruwelen" (Ezra 9:1), en wie zich van de onreinigheid van de heidenen afzonderde om de HEERE te zoeken, at het Pascha mee (Ezra 6:21). Dat vreemdelingen die de God van Israël zochten werden opgenomen, laten ook Rachab en Ruth zien (Jozua 6:25; Ruth 1:16). Dat met de vrouwen ook hun kinderen werden weggezonden (Ezra 10:3, Ezra 10:44), maakt dit hoofdstuk voor veel lezers zwaar. De voorlezing bij de Waterpoort (Nehemia 8) is een vroeg voorbeeld van wat later in de synagoge gewoonte werd: de wet lezen en haar uitleggen, "zo maakten zij, dat men het verstond in het lezen" (Nehemia 8:9). Het Nieuwe Testament noemt Ezra niet bij name, maar kent die praktijk: Mozes wordt "op elken sabbat in de synagogen gelezen" (Handelingen 15:21), en Christus Zelf legde Mozes en de profeten uit (Lukas 24:27). Jezus spreekt van een schriftgeleerde "in het Koninkrijk der hemelen onderwezen" (Mattheüs 13:52). De joodse traditie ziet in Ezra een tweede Mozes; de Schrift zelf houdt het bij een dienaar van het Woord.

Naamsbetekenis

Oorspronkelijke naam

Ezra (עֶזְרָא, Hebreeuws/Aramees)

Betekenis

Hulp (mogelijk: de HEERE helpt)

Betekenis van de naam Ezra: grondwoord, uitspraak en wie de naam droegen

Sleutelmomenten

1

Priester en schriftgeleerde in Babel

Ezra wordt voorgesteld met een geslachtslijst die teruggaat tot Aäron. Hij is een vaardig schriftgeleerde in de wet van Mozes, en de koning geeft hem al zijn verzoek.

Ezra 7:1-6

2

De brief van de koning

Artaxerxes geeft Ezra een brief met volmacht om met vrijwilligers naar Jeruzalem te gaan, gaven voor de tempel mee te nemen en richters aan te stellen. Ezra looft God, Die dit in het hart van de koning gegeven heeft.

Ezra 7:11-28

3

Vasten aan de rivier Ahava

Ezra schaamt zich de koning om soldaten en ruiters te vragen, omdat hij gezegd had dat Gods hand over allen is die Hem zoeken. Hij roept een vasten uit, en God laat Zich verbidden.

Ezra 8:21-23

4

Aankomst in Jeruzalem

De groep komt behouden aan. Op de vierde dag worden het zilver, het goud en de vaten in het huis Gods nagewogen, en de teruggekeerden brengen brandoffers.

Ezra 8:31-36

5

Het gebed van schuldbelijdenis

Als Ezra hoort van de gemengde huwelijken, ook onder priesters en leiders, scheurt hij zijn kleed en zit verbijsterd neer. Bij het avondoffer knielt hij en belijdt de schuld van het volk in de wij-vorm.

Ezra 9:5-15

6

Verbond en vergadering in de regen

Een grote menigte sluit zich bij Ezra aan. Op voorstel van Sechanja laat Ezra de leiders een verbond zweren. Daarna, in de negende maand, komt het volk in de plasregen bijeen op de straat van Gods huis en stemt in om zich af te scheiden van de vreemde vrouwen.

Ezra 10:1-12

7

De wet voorgelezen bij de Waterpoort

Op de eerste dag van de zevende maand leest Ezra vanaf een houten verhoging de wet voor, van de morgen tot de middag. De Levieten verklaren de zin; het volk weent, wordt opgeroepen tot blijdschap en gaat met grote blijdschap heen, want het had de woorden verstaan.

Nehemia 8:1-13

8

Het Loofhuttenfeest

Een dag later ontdekken de leiders bij Ezra in de wet het gebod om in loofhutten te wonen. Het volk viert het feest zeven dagen, zoals sinds de dagen van Jozua niet meer gebeurd was, en elke dag wordt uit de wet gelezen.

Nehemia 8:14-19

Belangrijke bijbelteksten

De volgende bijbelgedeelten zijn van belang om het leven en de rol van Ezra beter te begrijpen.

Ezra 7:6

“Deze Ezra toog op uit Babel; en hij was een vaardig schriftgeleerde in de wet van Mozes, die de HEERE, de God Israels, gegeven heeft; en de koning gaf hem, naar de hand des HEEREN, zijns Gods, over hem, al zijn verzoek.”

De eerste typering van Ezra: een schriftgeleerde in de wet van Mozes. Dat de koning hem alles gaf, schrijft de tekst toe aan de hand van God.

Ezra 7:10

“Want Ezra had zijn hart gericht, om de wet des HEEREN te zoeken en te doen, en om in Israel te leren de inzettingen en de rechten.”

De sleuteltekst over Ezra: hij onderwees anderen pas nadat hij zelf naar de wet leefde.

Ezra 7:27

“Geloofd zij de HEERE, de God onzer vaderen, Die alzulks in het hart des konings gegeven heeft, om te versieren het huis des HEEREN, dat te Jeruzalem is.”

Ezra reageert op de brief van Artaxerxes met lofprijzing. Hier begint zijn eigen verslag in de ik-vorm.

Ezra 8:23

“Alzo vastten wij; en verzochten zulks van onzen God; en Hij liet zich van ons verbidden.”

Aan de rivier Ahava, vóór de lange reis. Ezra wilde geen leger vragen en zocht bescherming bij God.

Ezra 9:6

“En ik zeide: Mijn God, ik ben beschaamd en schaamrood, om mijn aangezicht tot U op te heffen, mijn God; want onze ongerechtigheden zijn vermenigvuldigd tot boven ons hoofd, en onze schuld is groot geworden tot aan den hemel.”

Het begin van zijn boetegebed. Ezra spreekt over onze ongerechtigheden en sluit zichzelf niet buiten de schuld van het volk.

Ezra 9:15

“O HEERE, God van Israel! Gij zijt rechtvaardig; want wij zijn overgelaten ter ontkoming, als het is te dezen dage. Zie, wij zijn voor Uw aangezicht in onze schuld; want er is niemand, die voor Uw aangezicht zou kunnen bestaan, om zulks.”

Het slot van het gebed: geen verontschuldiging, alleen de erkenning dat God rechtvaardig is en dat het overblijfsel van genade leeft.

Nehemia 8:6

“En Ezra opende het boek voor de ogen des gansen volks, want hij was boven al het volk; en als hij het opende, stond al het volk.”

Ezra staat op een houten verhoging bij de Waterpoort. Het volk staat op uit eerbied voor het boek van de wet.

Nehemia 8:9

“En zij lazen in het boek, in de wet Gods, duidelijk; en den zin verklarende, zo maakten zij, dat men het verstond in het lezen.”

Lezen en uitleggen gaan samen: de Levieten verklaarden de zin, zodat het volk begreep wat er gelezen werd.

Nehemia 8:11

“Voorts zeide hij tot hen: Gaat, eet het vette, en drinkt het zoete, en zendt delen dengenen, voor welken niets bereid is, want deze dag is onzen Heere heilig; zo bedroeft u niet, want de blijdschap des HEEREN, die is uw sterkte.”

Het volk weende bij het horen van de wet. Nehemia, Ezra en de Levieten roepen op tot blijdschap, want de dag is heilig.

Tijdperiode

~458 v.Chr.

Ezra leefde in de tijd van het Oude Testament.

Gerelateerde personen

Bijbelboeken over Ezra

Lessen voor vandaag

Ezra leert ons dat geestelijke vernieuwing begint bij het Woord van God. In Jeruzalem stond de tempel al, maar het volk kende de wet nauwelijks. Ook vandaag kan alles er uiterlijk goed uitzien, terwijl de Bijbel weinig gelezen en nog minder verstaan wordt. Ezra wijst ons terug naar het open boek. De volgorde van Ezra 7:10 is voor ons een toetssteen: eerst zoeken, dan doen, en pas dan leren. Wie in gezin, gemeente of school anderen onderwijst, mag zich afvragen of hij zelf onder het Woord leeft. Kennis die niet in gehoorzaamheid uitloopt, maakt geen geloofwaardige leraar. Zijn vasten aan de rivier Ahava laat zien hoe belijden en leven bij elkaar horen. Ezra had de koning verteld dat Gods hand over hen is die Hem zoeken; dan kon hij niet om soldaten vragen. Wij worden uitgedaagd om in onze keuzes te laten zien dat wij werkelijk op God vertrouwen, ook als een menselijke zekerheid binnen handbereik ligt. In zijn gebed in Ezra 9 wees Ezra niet met de vinger naar anderen, maar zei hij "wij" en "onze schuld". Wij leven niet los van de gemeenschap waartoe wij behoren, en mogen de zonden van kerk en volk eerlijk voor God belijden. Toch heeft Nehemia 8 het laatste woord: het Woord brengt tot tranen, maar ook tot blijdschap, want de blijdschap des HEEREN is onze sterkte.

Bijbelse plaatsen

Veelgestelde vragen over Ezra

Wie was Ezra in de Bijbel?
Ezra was een priester uit het geslacht van Aäron en een schriftgeleerde in de wet van Mozes. Hij woonde in Babel en trok rond 458 voor Christus, in het zevende jaar van de Perzische koning Artaxerxes, met een groep ballingen naar Jeruzalem. Daar leidde hij het volk tot schuldbelijdenis over de gemengde huwelijken (Ezra 9 en 10). Later las hij bij de Waterpoort de wet voor aan heel het volk (Nehemia 8). Zijn levensdoel staat in Ezra 7:10: de wet van de HEERE zoeken, doen en leren.
Wat betekent de naam Ezra?
De naam Ezra betekent hulp. Het is een Aramese vorm van het Hebreeuwse woord voor hulp. Veel uitleggers zien er een verkorte vorm in van een naam als Azarja, dat betekent: de HEERE helpt, of: de HEERE heeft geholpen. Die afleiding is waarschijnlijk, maar niet zeker. Opvallend is dat die langere naam ook in de geslachtslijst van Ezra zelf voorkomt: Azarja staat tweemaal onder zijn voorvaderen (Ezra 7:1-3). De naam past bij zijn leven, waarin Ezra telkens de goede hand van God over zich erkent.
Waar staat Ezra in de Bijbel?
Ezra komt voor in het boek Ezra, hoofdstuk 7 tot en met 10, en in het boek Nehemia, vooral in hoofdstuk 8. Ezra 7 en 8 vertellen over zijn afkomst, de brief van de koning en de reis naar Jeruzalem. Ezra 9 en 10 gaan over zijn gebed en de kwestie van de gemengde huwelijken. Nehemia 8 beschrijft de voorlezing van de wet en het Loofhuttenfeest. In Nehemia 12:26 en 12:36 wordt hij nog genoemd bij de priesters en bij de inwijding van de muur.
Wanneer leefde Ezra?
Ezra kwam in Jeruzalem in het zevende jaar van koning Arthahsasta, zoals de Statenvertaling Artaxerxes noemt (Ezra 7:8). Als het om Artaxerxes I gaat, wat de meeste uitleggers aannemen, is dat 458 voor Christus. Een minderheid denkt aan Artaxerxes II en dus aan 398. Omdat Ezra en Nehemia in Nehemia 8 en Nehemia 12:26 samen optreden, en Nehemia rond 445 kwam, past de vroege datering het best. Ezra kwam dus ongeveer tachtig jaar na de eerste terugkeer onder Kores.
Wat is een schriftgeleerde en waarom heet Ezra zo?
Een schriftgeleerde was oorspronkelijk een schrijver of secretaris. Bij Ezra krijgt het woord een nieuwe inhoud: hij was "een vaardig schriftgeleerde in de wet van Mozes" (Ezra 7:6), iemand die de wet kende, overschreef en uitlegde. De koning noemt hem zelfs schriftgeleerde "der wet van den God des hemels" (Ezra 7:12). In de tijd van het Nieuwe Testament waren de schriftgeleerden een vaste groep wetskenners. Ezra geldt als het voorbeeld van wat een schriftgeleerde ten diepste moest zijn: iemand die het Woord zoekt, doet en leert.
Waarom trok Ezra naar Jeruzalem?
Ezra trok naar Jeruzalem om het volk de wet van God te leren en de tempeldienst te ondersteunen. De brief van Artaxerxes gaf hem opdracht om onderzoek te doen naar de wet in Judea, gaven voor het huis van God mee te nemen en richters aan te stellen (Ezra 7:14-25). Ezra zag daarin Gods leiding: God had het in het hart van de koning gegeven (Ezra 7:27). De tempel stond toen al bijna zestig jaar, maar het volk had onderwijs in de wet nodig.
Waarom liet Ezra de gemengde huwelijken ontbinden?
De leiders meldden Ezra dat veel Israëlieten, ook priesters en Levieten, vrouwen uit de omringende volken hadden genomen (Ezra 9:1-2). De wet verbood zulke huwelijken, omdat zij het volk zouden doen afwijken om andere goden te dienen (Deuteronomium 7:3-4). Ezra rouwde en bad, en op voorstel van Sechanja sloot het volk een verbond om de vreemde vrouwen weg te zenden (Ezra 10:3). Het ging om trouw aan de HEERE, niet om afkomst als zodanig. Toch is het een zwaar hoofdstuk, omdat ook kinderen erbij betrokken waren (Ezra 10:44).
Wat gebeurde er toen Ezra de wet voorlas?
Op de eerste dag van de zevende maand las Ezra de wet van Mozes voor op de straat bij de Waterpoort, van de morgen tot de middag (Nehemia 8:3-4). Hij stond op een houten verhoging en toen hij het boek opende, stond al het volk op. De Levieten legden de wet uit, zodat men het verstond in het lezen (Nehemia 8:9). Het volk weende, maar werd opgeroepen tot blijdschap: "de blijdschap des HEEREN, die is uw sterkte" (Nehemia 8:11). Daarna vierden zij het Loofhuttenfeest.
Werkten Ezra en Nehemia samen?
Ja, al waren hun taken verschillend. Ezra was priester en schriftgeleerde en kwam rond 458 voor Christus; Nehemia was landvoogd en kwam rond 445 om de muur van Jeruzalem te herbouwen. Nehemia 8:10 noemt hen samen: "Nehemia (dezelve is Hattirsatha) en Ezra, de priester, de schriftgeleerde". Bij de inwijding van de muur ging Ezra voor een van de dankkoren uit (Nehemia 12:36). Nehemia zorgde voor de stad en het bestuur, Ezra voor het onderwijs in de wet. Samen staan zij voor het herstel na de ballingschap.
Schreef Ezra zelf het boek dat zijn naam draagt?
De Bijbel zegt niet wie de boeken Ezra en Nehemia samenstelde. Wel is een deel in de ik-vorm geschreven, vanuit Ezra zelf (Ezra 7:27 tot 9:15), zodat hij in elk geval een bron van het boek is. De joodse traditie (Talmoed) schrijft het boek aan Ezra toe, en ook de Kronieken worden daar met hem in verband gebracht. Daarnaast bestaan apocriefe geschriften op zijn naam, zoals het zogeheten vierde boek Ezra; die horen niet tot de canon. Voor de inhoud van het boek zelf verwijzen wij naar de uitleg van het boek Ezra.
Is Ezra dezelfde als de Ezra in Nehemia 12:1?
Nee, waarschijnlijk niet. Nehemia 12:1 noemt een priester Ezra onder hen die met Zerubbabel en Jesua uit Babel optrokken, bij de eerste terugkeer rond 538 voor Christus. Dat is ongeveer tachtig jaar vóór de reis van de schriftgeleerde Ezra. Het gaat dus om een naamgenoot; Nehemia 12:13 noemt later een priesterlijk geslacht dat naar hem heet. Ook de Ezra in de stoet van Nehemia 12:33 is waarschijnlijk een ander dan de schriftgeleerde, die in 12:36 vooropgaat. Ook de Ezra in 1 Kronieken 4:17, uit het geslacht van Juda, is een andere persoon. De bekende Ezra herkent men aan zijn titel: priester en schriftgeleerde, in de dagen van koning Arthahsasta.
Wat kunnen wij leren van Ezra?
Van Ezra leren wij dat vernieuwing begint bij het Woord van God. Hij richtte zijn hart om de wet te zoeken, te doen en te leren (Ezra 7:10), in die volgorde: wie anderen onderwijst, moet zelf eerst gehoorzamen. Zijn vasten aan de rivier Ahava laat zien dat vertrouwen op God ook in concrete keuzes zichtbaar wordt. Zijn gebed in Ezra 9 leert ons om schuld eerlijk te belijden, ook die van de gemeenschap. En Nehemia 8 laat zien dat het Woord niet alleen tot tranen, maar ook tot blijdschap brengt.

Stel een vraag over Ezra

Wilt u meer weten over Ezra? Onze AI-gestuurde assistent helpt u met achtergrond, context en diepere inzichten uit de Bijbel.

Stel een vraag over Ezra

Bijbelverhalen rond Ezra

Verdiep u verder