Mozes op de berg Sinaï
God spreekt tot Zijn volk uit vuur en wolk
Samenvatting
Mozes op de berg Sinaï gaat over de dagen waarin God bij de Sinaï tot Israël sprak, in Exodus 19 en 20, 24:12-18 en 31:18. In de derde maand na de uittocht legert Israël zich daar. De HEERE komt neer in vuur en rook en spreekt Zelf tot het hele volk. Daarna roept Hij Mozes veertig dagen bij Zich en geeft hem de stenen tafelen.
Bijbelgedeelte
“Nu dan, indien gij naarstiglijk Mijner stem zult gehoorzamen, en Mijn verbond houden, zo zult gij Mijn eigendom zijn uit alle volken, want de ganse aarde is Mijn;”
“En de ganse berg Sinai rookte, omdat de HEERE op denzelven nederkwam in vuur; en zijn rook ging op, als de rook van een oven; en de ganse berg beefde zeer.”
“Ik ben de HEERE uw God, Die u uit Egypteland, uit het diensthuis, uitgeleid heb.”
“Gij zult geen andere goden voor Mijn aangezicht hebben.”
“En Hij gaf aan Mozes, als Hij met hem op den berg Sinai te spreken geeindigd had, de twee tafelen der getuigenis, tafelen van steen, beschreven met den vinger Gods.”
Het verhaal
Exodus 19 en 20 vertellen hoe God bij de berg Sinaï tot Zijn volk sprak, kort na de uittocht uit Egypte. Bij deze berg had God Mozes eerder geroepen, bij de brandende braambos, met de belofte dat het volk Hem hier zou dienen (Exodus 3:12).
Waarom bracht God Israël naar de berg Sinaï?
In de derde maand na het vertrek uit Egypte kwam Israël in de woestijn Sinaï en legerde zich tegenover de berg (Exodus 19:1-2). Mozes klom op tot God, en de HEERE sprak tot hem. Zij hadden gezien wat Hij de Egyptenaren gedaan had, "hoe Ik u op vleugelen der arenden gedragen en u tot Mij gebracht hebt" (Exodus 19:4). Als zij Zijn stem gehoorzaamden en Zijn verbond hielden, zouden zij Zijn eigendom zijn uit alle volken, een priesterlijk koninkrijk en een heilig volk. Mozes legde het de oudsten voor, en het volk antwoordde: "Al wat de HEERE gesproken heeft, zullen wij doen" (Exodus 19:8).
Wat gebeurde er op de berg Sinaï?
De HEERE zei dat Hij in een dikke wolk zou komen, zodat het volk zou horen dat Hij met Mozes sprak. Het volk moest zich heiligen en de kleren wassen, want op de derde dag zou de HEERE voor aller ogen op de berg neerkomen. Rondom de berg kwam een grens. Wie de berg aanraakte, mens of dier, moest sterven.
Op de morgen van de derde dag waren er donderslagen en bliksems, een zware wolk en het geluid van een zeer sterke bazuin. Het volk schrok. Mozes leidde hen uit het leger, God tegemoet, tot onder aan de berg. De hele berg rookte, omdat de HEERE erop neerkwam in vuur, en hij beefde zeer (Exodus 19:18). De HEERE riep Mozes op de top en stuurde hem meteen terug om het volk opnieuw te waarschuwen: niemand mocht doorbreken om de HEERE te zien, anders zouden velen van hen omkomen.
Welke woorden sprak God op de Sinaï?
Toen sprak God Zelf al deze woorden. Hij begon niet met een gebod, maar met Zichzelf: "Ik ben de HEERE uw God, Die u uit Egypteland, uit het diensthuis, uitgeleid heb" (Exodus 20:2). Daarna volgden de woorden die wij kennen als de tien geboden: geen andere goden voor Zijn aangezicht, geen gesneden beeld, Zijn Naam niet ijdel gebruiken, de sabbat heiligen, vader en moeder eren, niet doodslaan, niet echtbreken, niet stelen, geen valse getuigenis spreken en niet begeren wat van de naaste is (Exodus 20:3-17).
Waarom was het volk bang voor Gods stem?
Het volk zag de bliksems en de rokende berg en week terug. Zij zeiden tegen Mozes: "Spreek gij met ons, en wij zullen horen; en dat God met ons niet spreke, opdat wij niet sterven" (Exodus 20:19). Mozes antwoordde dat zij niet moesten vrezen. God was gekomen om hen te beproeven, en opdat de vreze voor Hem hen zou bewaren voor zonde. Het volk bleef van verre staan, "maar Mozes naderde tot de donkerheid, alwaar God was" (Exodus 20:21). Daar gaf de HEERE nog meer geboden en rechten (Exodus 20:22-26), en de hoofdstukken daarna geven er nog veel meer. Daarna werd het verbond gesloten met het bloed van offerdieren (Exodus 24:8).
Hoe kreeg Mozes de stenen tafelen?
De HEERE riep Mozes opnieuw op de berg, om hem stenen tafelen te geven met de wet en de geboden (Exodus 24:12). Mozes ging met zijn dienaar Jozua naar boven. Een wolk bedekte de berg, en de heerlijkheid van de HEERE woonde op de Sinaï. Zes dagen bleef de wolk; op de zevende dag riep de HEERE Mozes uit het midden ervan. Voor de Israëlieten beneden was Gods heerlijkheid als een verterend vuur op de top. Mozes ging de wolk in en bleef veertig dagen en veertig nachten op de berg (Exodus 24:18).
In die tijd kreeg Mozes de aanwijzingen voor de tabernakel, de tent waarin God in het midden van Zijn volk wilde wonen (Exodus 25:8-9). Toen God uitgesproken was, gaf Hij Mozes "de twee tafelen der getuigenis, tafelen van steen, beschreven met den vinger Gods" (Exodus 31:18). Wat Mozes onder aan de berg aantrof, staat bij het gouden kalf.
Achtergrond
Exodus noemt de berg van de wetgeving meestal Sinaï, Deuteronomium meestal Horeb: "De HEERE, onze God, heeft een verbond met ons gemaakt aan Horeb" (Deuteronomium 5:2). Waar de berg ligt en hoe de namen zich verhouden, staat bij de berg Horeb.
Israël bleef bijna een jaar bij de Sinaï. Pas in de tweede maand van het tweede jaar trok het volk verder (Numeri 10:11-12). In die tijd werd de tabernakel gebouwd. In de latere joodse traditie werd het Wekenfeest verbonden met de wetgeving op de Sinaï, omdat Israël in de derde maand bij de berg aankwam. De Bijbel legt dat verband zelf niet.
De tafelen heten tafelen der getuigenis: ze getuigden van het verbond en werden later in de ark gelegd (Exodus 25:16; Deuteronomium 10:5). Ze waren aan beide zijden beschreven (Exodus 32:15). Hoe de woorden over de twee tafelen verdeeld waren, zegt de Bijbel niet. De bekende afbeelding van twee tafelen met een ronde bovenkant komt uit de kunst, niet uit de tekst.
Betekenis
De Sinaï laat eerst zien wie God is. Hij komt Zelf, in vuur, rook en donder, met een stem die het hele volk hoort. Dezelfde God Die zo heilig is dat niemand de berg mag aanraken, zegt dat Hij Israël als op arendsvleugels tot Zich gebracht heeft. Zijn heiligheid en Zijn liefde staan hier naast elkaar, en geen van beide wordt kleiner gemaakt.
De volgorde is belangrijk. God verloste Israël eerst uit Egypte en gaf daarna Zijn wet. De geboden zijn dus geen weg om Gods volk te worden, maar de levensregel voor een volk dat Hij al verlost had. Daarom begint de wet met "Ik ben de HEERE uw God". De Heidelbergse Catechismus behandelt de wet dan ook in het deel over de dankbaarheid (zondag 34 tot en met 44). Paulus noemt het gebod "heilig, en rechtvaardig, en goed" (Romeinen 7:12).
Tegelijk laat de Sinaï zien hoe groot de afstand is tussen de heilige God en zondige mensen. Het volk vroeg zelf om een middelaar: Mozes moest voor hen spreken. Zo wijst deze geschiedenis vooruit naar Christus. Paulus zegt dat "de wet is onze tuchtmeester geweest tot Christus" (Galaten 3:24). Hebreeën 12:18-24 zet de Sinaï, met vuur, donkerheid en een stem waarvan de hoorders vroegen dat die niet meer tot hen zou spreken, tegenover de berg Sion, waar de gemeente gekomen is "tot den Middelaar des nieuwen testaments, Jezus". Wat Israël op afstand hield, is in Hem geopend.
De stenen tafelen waren met Gods vinger geschreven. Al in het Oude Testament belooft God dat Hij Zijn wet eens in het hart van Zijn volk zal schrijven (Jeremia 31:33). Paulus spreekt van een brief "niet in stenen tafelen, maar in vlezen tafelen des harten" (2 Korinthe 3:3). Meer over het hoofdstuk van de wetgeving staat in de uitleg bij Exodus 20.
Lessen voor vandaag
God spreekt eerst. Israël hoefde de HEERE niet te zoeken op de berg; Hij kwam Zelf neer en maakte Zijn wil bekend. Ook wij hoeven niet te raden wat God van ons vraagt. Hij heeft het in Zijn Woord gezegd, en Hij wil dat ouders het hun kinderen leren (Deuteronomium 4:10).
Gods geboden volgen op Zijn verlossing. Wie de geboden leest als een ladder naar God, wordt moedeloos of hoogmoedig. Wie ze leest na "Ik ben de HEERE uw God", hoort de wil van een God Die al voor Zijn volk gezorgd heeft. Gehoorzaamheid is dan dank. De Heere Jezus vat de wet samen in de liefde tot God en tot de naaste (Mattheüs 22:37-40).
God is heilig, en Hij geeft Zelf de weg om tot Hem te naderen. Het volk beloofde snel: "Al wat de HEERE gesproken heeft, zullen wij doen". Het gouden kalf liet kort daarna zien hoe weinig die belofte vermocht. Wie zich eerlijk aan Gods wet meet, heeft een Middelaar nodig, en God heeft Hem gegeven. Door het bloed van Jezus is er "een versen en levenden weg" tot God (Hebreeën 10:20). Daarom mogen wij met eerbied en tegelijk met vrijmoedigheid tot Hem gaan.
Vertellen aan kinderen
Voorlezen duurt ongeveer 5 minuten · geschikt vanaf 6 jaar
Het volk Israël was uit Egypte weggetrokken. De HEERE had hen door de Rode Zee geleid. Nu trokken ze door de woestijn. In de derde maand na de uittocht kwamen ze bij de berg Sinaï. Daar sloegen ze hun kamp op.
Mozes klom de berg op, naar God. De HEERE sprak tot hem. Hij zei dat het volk gezien had wat Hij met de Egyptenaren gedaan had. Hij had hen gedragen als op de vleugels van een arend. Een arend is een grote, sterke vogel. God wilde dat Israël Zijn eigen volk zou zijn, als ze naar Zijn stem luisterden. Mozes vertelde het aan het volk. Toen riepen ze allemaal: "Al wat de HEERE gesproken heeft, zullen wij doen".
De HEERE zei dat Hij op de derde dag op de berg zou komen. Het volk moest zich klaarmaken. Ze moesten hun kleren wassen. Om de berg heen kwam een grens. Niemand mocht de berg aanraken, geen mens en geen dier. Want de berg was heilig, omdat God erop zou komen. Wie over de grens ging, zou sterven.
Op de morgen van de derde dag begon het te donderen en te bliksemen. Er hing een zware wolk op de berg. Een bazuin klonk, heel hard. Een bazuin is een grote hoorn om op te blazen. Het hele volk schrok. Mozes bracht het volk naar de voet van de berg, God tegemoet. De hele berg rookte, want de HEERE kwam erop neer in vuur. De rook ging omhoog als de rook van een oven. De berg beefde. En het geluid van de bazuin werd steeds sterker.
Toen sprak God Zelf. Het hele volk hoorde Zijn stem. Eerst zei Hij wie Hij is: "Ik ben de HEERE uw God, Die u uit Egypteland, uit het diensthuis, uitgeleid heb". Het diensthuis was Egypte, waar ze slaven waren geweest. Daarna sprak God Zijn geboden. Hij zei: "Gij zult geen andere goden voor Mijn aangezicht hebben". Ze mochten geen beeld maken om ervoor te buigen. Ze moesten Gods Naam niet zomaar gebruiken. Op de sabbat, de rustdag, moesten ze rusten, want ook God had na zes dagen gerust. Ze moesten hun vader en moeder eren. Ze mochten niet doden. Man en vrouw moesten elkaar trouw blijven. Ze mochten niet stelen en niet liegen over een ander. En ze mochten niet begeren, dat is: niet verlangen naar wat van een ander is.
Het volk zag de bliksems en de rokende berg en hoorde de bazuin. Ze werden bang en gingen ver weg staan. Ze zeiden tegen Mozes: "Spreek gij met ons, en wij zullen horen". Ze dachten dat ze zouden sterven als God Zelf tegen hen sprak. Mozes zei dat ze niet bang hoefden te zijn. God was gekomen zodat ze Hem zouden vrezen en niet zouden zondigen. God vrezen betekent: diep ontzag voor Hem hebben. Het volk bleef ver weg staan. Maar Mozes ging naar het donker, waar God was.
Later riep de HEERE Mozes opnieuw: "Kom tot Mij op den berg, en wees aldaar". God wilde Mozes stenen tafelen geven. Tafelen zijn platte stenen om op te schrijven. Mozes ging met zijn helper Jozua. Aäron en Hur bleven bij het volk. Een wolk bedekte de berg. Zes dagen lag de wolk op de berg. Op de zevende dag riep God Mozes uit de wolk. Voor het volk beneden leek het of er een vuur brandde op de top van de berg. Zo groot was de heerlijkheid van de HEERE.
Mozes ging de wolk in. Veertig dagen en veertig nachten bleef hij bij God op de berg. Toen God klaar was met spreken, gaf Hij Mozes twee tafelen van steen. Ze waren beschreven met de vinger van God. God Zelf had Zijn woorden erop geschreven.
Zo had de HEERE Zijn volk eerst uit Egypte verlost, en daarna gaf Hij hun Zijn geboden. Hij wilde hun God zijn, en zij mochten Zijn volk zijn.
“Ik ben de HEERE uw God, Die u uit Egypteland, uit het diensthuis, uitgeleid heb.” (Exodus 20:2)
Tips voor de verteller
- Voor kinderen van zes en zeven kunt u de geboden kort houden en de nadruk leggen op het begin: God zei eerst dat Hij Zijn volk uit Egypte verlost had. Leg uit dat diensthuis slavenhuis betekent en dat tafelen platte stenen zijn. Het gebod tegen echtbreken kunt u voor jonge kinderen vertellen als: man en vrouw blijven elkaar trouw.
- Kinderen vragen soms waarom niemand de berg mocht aanraken, en of God boos was. Antwoord eerlijk: God is heilig, en zondige mensen kunnen niet zomaar bij Hem komen. Hij zette de grens juist om het volk te bewaren (Exodus 19:21). Vragen ze of het volk nu wel of niet bang moest zijn? Mozes zei dat ze niet hoefden te vrezen, en dat het ontzag voor God hen juist voor zonde zou bewaren (Exodus 20:20). Bang zijn voor straf is iets anders dan eerbied voor de heilige God. Oudere kinderen kunt u vertellen dat wij nu door de Heere Jezus tot God mogen komen (Hebreeën 12:22-24).
- Lees Exodus 20:1-17 zelf voor uit de Bijbel, liefst nadat u de geschiedenis verteld hebt. Laat de kinderen horen dat God begint met wat Hij gedaan heeft, en pas daarna zegt wat Zijn volk moet doen. De geschiedenis van het gouden kalf laat daarna zien hoe snel het volk zijn belofte vergat.
Gespreksvragen voor kinderwerk en club
Kleuters en onderbouw (4-7 jaar)
- NavertellenWat zag en hoorde het volk bij de berg?
- NavertellenWat gaf God aan Mozes boven op de berg?
- VerwonderenWaarom werd het volk zo bang van Gods stem?
Zondagsschool en club (8-12 jaar)
- KijkenWat moest het volk doen in de dagen voordat God op de berg kwam?
- BetekenisGod zei eerst dat Hij het volk uit Egypte had uitgeleid, en gaf daarna Zijn geboden. Waarom is die volgorde belangrijk?
- VerbindingHet volk durfde niet dicht bij God te komen. Hoe mogen wij volgens Hebreeën 12:22-24 toch tot God komen?
- ToepassingWaar hoor jij Gods geboden, en wat mag je de HEERE vragen als je merkt dat je ze niet houdt?
Tieners en catechisatie (12-16 jaar)
- BijbeltekstLees Hebreeën 12:18-24. Welke verschillen noemt de schrijver tussen de berg Sinaï en de berg Sion, en wat betekent dat voor de manier waarop wij tot God naderen?
- Wie is God?God komt op de Sinaï in vuur, rook en donder, en Hij zegt ook dat Hij Israël als op arendsvleugels gedragen heeft. Wat leer je hieruit over wie God is?
- Moeilijke vraagHet volk beloofde alles te doen wat de HEERE gezegd had, en kort daarna maakten zij het gouden kalf. Waarom gaf God een wet die het volk niet kon houden?
- PersoonlijkHet volk bleef van verre staan, maar Mozes naderde tot de donkerheid waar God was. Wat helpt jou of houdt jou tegen om dicht bij God te komen?
Gebedspunt: Dank de HEERE dat Hij Zijn volk eerst verloste en daarna Zijn geboden gaf. Bid dat Hij Zijn wet in ons hart schrijft en ons leert Hem en onze naaste lief te hebben.
Personen in dit verhaal
Plaatsen in dit verhaal
Lees het in een leesplan
Thema's in dit verhaal
Gerelateerde bijbelverhalen
Veelgestelde vragen over Mozes op de berg Sinaï
Waar staat het verhaal van Mozes op de berg Sinaï in de Bijbel?
Het verhaal van Mozes op de berg Sinaï staat in Exodus 19 en 20. Israël komt in de derde maand na de uittocht bij de berg aan, God komt neer in vuur en rook en spreekt Zijn woorden tot het hele volk. De geschiedenis gaat verder in Exodus 24:12-18, waar Mozes veertig dagen en nachten op de berg is, en in Exodus 31:18, waar Mozes de stenen tafelen van God krijgt. Mozes vertelt het later nog eens in Deuteronomium 4 en 5.
Wat zijn de stenen tafelen?
Twee platen van steen waarop God Zelf Zijn woorden schreef. Exodus 31:18 noemt ze "de twee tafelen der getuigenis, tafelen van steen, beschreven met den vinger Gods". Er stonden de tien woorden op, de woorden van het verbond (Deuteronomium 4:13). Ze waren aan beide zijden beschreven (Exodus 32:15). Mozes brak de eerste tafelen toen hij het gouden kalf zag. God liet hem nieuwe houwen en schreef er dezelfde woorden op. Die tafelen werden in de ark gelegd (Deuteronomium 10:5).
Hoe lang was Mozes op de berg Sinaï?
Veertig dagen en veertig nachten. Exodus 24:18 zegt: "Mozes was op dien berg veertig dagen en veertig nachten". Daarvoor bedekte de wolk de berg zes dagen, en op de zevende dag riep de HEERE Mozes (Exodus 24:16). Na het gouden kalf was Mozes nog eens veertig dagen en nachten op de berg. Beide keren at hij geen brood en dronk hij geen water (Deuteronomium 9:9; Exodus 34:28). Eerder was hij in Exodus 19 al een paar keer de berg op en af gegaan.
Kreeg Mozes de geboden alleen, boven op de berg?
Nee. Vaak wordt gedacht dat Mozes de geboden boven op de berg ontving en ze daarna aan het volk doorgaf. Maar volgens de Bijbel sprak God de tien woorden met Zijn eigen stem tot het hele volk, nadat Mozes naar het volk was afgedaald (Exodus 19:25; 20:1). Mozes stond toen tussen de HEERE en het volk, omdat zij voor het vuur vreesden (Deuteronomium 5:5). Deuteronomium 5:22 zegt: "Deze woorden sprak de HEERE tot uw ganse gemeente, op den berg, uit het midden des vuurs". Pas daarna, toen het volk bang was geworden, ging Mozes alleen naar God. De stenen tafelen kreeg hij later.
Wat beloofde het volk bij de Sinaï, en hield het zich daaraan?
Het volk beloofde het meer dan eens. Na Gods eerste woorden aan Mozes antwoordden zij: "Al wat de HEERE gesproken heeft, zullen wij doen" (Exodus 19:8). Bij het sluiten van het verbond zeiden zij opnieuw: "Al wat de HEERE gesproken heeft, zullen wij doen en gehoorzamen" (Exodus 24:7). Maar terwijl Mozes op de berg was, vroeg het volk Aäron om goden te maken, en hij maakte het gouden kalf (Exodus 32:1-4). Toen Mozes dat zag, verbrak hij de tafelen onder aan de berg (Exodus 32:19). Daarna moest Mozes van de HEERE nieuwe tafelen houwen (Exodus 34:1).
Waarom mocht het volk de berg niet aanraken?
Omdat de HEERE heilig is en op de berg neerkwam. God liet een grens rond de berg maken, en wie de berg aanraakte, mens of dier, moest sterven (Exodus 19:12-13). Mozes moest het volk nog eens waarschuwen, "dat zij niet doorbreken tot den HEERE, om te zien, en velen van hen vallen" (Exodus 19:21). De grens was dus ook een bescherming. Hebreeën 12:18-24 zet deze berg tegenover de berg Sion: door Jezus, de Middelaar, mogen gelovigen nu tot God naderen.
Wat betekent op vleugelen der arenden gedragen?
Het is een beeld voor Gods zorg bij de uittocht. Bij de Sinaï zei de HEERE: "hoe Ik u op vleugelen der arenden gedragen en u tot Mij gebracht hebt" (Exodus 19:4). God had Israël uit Egypte gehaald, door de zee geleid en in de woestijn gevoed. Deuteronomium 32:11 werkt het beeld uit met een arend die over zijn jongen zweeft en ze op zijn vlerken draagt. Het doel staat er meteen bij: God bracht Zijn volk tot Zichzelf.
Wat heeft de Sinaï met de Heere Jezus te maken?
Het Nieuwe Testament legt zelf dat verband. Johannes schrijft: "de wet is door Mozes gegeven, de genade en de waarheid is door Jezus Christus geworden" (Johannes 1:17). Paulus noemt de wet een tuchtmeester tot Christus (Galaten 3:24). Hebreeën 12 zet de vreeswekkende Sinaï tegenover de berg Sion, waar de gemeente komt tot Jezus, de Middelaar van het nieuwe verbond. Bij de Sinaï vroeg het volk zelf om een middelaar; in Christus heeft God de Middelaar gegeven.
Hoe vertelt u Mozes op de berg Sinaï aan kinderen?
Op deze pagina staat een vertelling voor kinderen vanaf ongeveer 6 jaar, met een tekst om te onthouden en tips voor de verteller. Begin bij wat God gedaan had: Hij had Zijn volk uit Egypte verlost en als op arendsvleugels gedragen. Vertel daarna hoe Hij Zelf op de berg neerkwam en Zijn woorden sprak, en laat horen dat de geboden beginnen met "Ik ben de HEERE uw God". Lees Exodus 20:1-17 zelf voor en gebruik de gespreksvragen per leeftijd.
Stel een vraag over Mozes op de berg Sinaï
Wilt u meer weten over dit bijbelverhaal? Onze AI-gestuurde assistent helpt u met achtergrond, context en diepere inzichten uit de Bijbel.
Verdiep u verder
Alle bijbelverhalen
Bekijk alle 191 bijbelverhalen met uitleg, in bijbelse volgorde.
Bijbelse Personen
Leer meer over de personen in dit verhaal.
Bijbelse Tijdlijn
Plaats dit verhaal in de bijbelse geschiedenis.
Bijbeluitleg
Lees uitleg bij de bijbelhoofdstukken van dit verhaal.
Bijbel Onderwerpen
Verken de thema's die in dit verhaal aan bod komen.
AI BijbelAssistent
Stel uw vragen over bijbelverhalen aan onze AI-assistent.