Jozef maakt zich bekend aan zijn broers
Van schuld en beproeving naar tranen en verzoening
Samenvatting
Jozef maakt zich bekend aan zijn broers (Genesis 42-45) gaat over het weerzien van Jozef met de broers die hem verkochten. In een hongersnood buigen zij voor de onderkoning van Egypte, zonder hem te herkennen. Jozef beproeft hen: Simeon blijft gevangen, Benjamin moet mee en de zilveren beker ligt in Benjamins zak. Als Juda zich als slaaf aanbiedt, maakt Jozef zich bekend: God had hem vooruit gezonden.
Bijbelgedeelte
“Jozef dan kende zijn broederen; maar zij kenden hem niet.”
“Toen zeiden zij de een tot den ander: Voorwaar, wij zijn schuldig aan onzen broeder, wiens benauwdheid der ziele wij zagen, toen hij ons om genade bad; maar wij hoorden niet! daarom komt deze benauwdheid over ons.”
“Nu dan, laat toch uw knecht voor dezen jongeling slaaf van mijn heer blijven, en laat den jongeling met zijn broederen optrekken!”
“En Jozef zeide tot zijn broederen: Ik ben Jozef! leeft mijn vader nog? En zijn broeders konden hem niet antwoorden; want zij waren verschrikt voor zijn aangezicht.”
“Maar nu, weest niet bekommerd, en de toorn ontsteke niet in uw ogen, omdat gij mij hierheen verkocht hebt; want God heeft mij voor uw aangezicht gezonden, tot behoudenis des levens.”
Het verhaal
Genesis 42 tot en met 45 vertelt hoe Jozef zijn broers terugzag, ruim twintig jaar nadat zij hem hadden verkocht (Jozef wordt verkocht door zijn broers). Zijn hele levensweg staat bij Jozef in Egypte. Nu was Jozef regent over Egypte, en de hongersnood die God aan Farao had aangekondigd, trof ook Kanaän.
Waarom herkenden de broers Jozef niet?
Jakob stuurde tien zonen naar Egypte om koren te kopen. Benjamin, de andere zoon van Rachel, hield hij thuis. In Egypte bogen de broers zich voor Jozef neer met het gezicht ter aarde. Hij herkende hen, maar zij herkenden hem niet. De tekst zegt niet waarom. Wel waren er jaren verstreken, droeg hij Egyptische kleren en een Egyptische naam (Genesis 41:42 en 45), en sprak hij met hen via een taalman (Genesis 42:23).
Jozef dacht aan zijn dromen. Hij hield zich als een vreemde, sprak hard en noemde hen verspieders. Zij verdedigden zich: zij waren twaalf broers, de jongste was thuis en één was er niet meer. Jozef zei dat zij daarin beproefd zouden worden (Genesis 42:15) en zette hen drie dagen gevangen.
Waarom voelden de broers zich schuldig?
Op de derde dag mochten zij met koren naar huis, op voorwaarde dat zij hun jongste broer zouden meebrengen. Toen zeiden de broers tegen elkaar: "Voorwaar, wij zijn schuldig aan onzen broeder, wiens benauwdheid der ziele wij zagen, toen hij ons om genade bad; maar wij hoorden niet" (Genesis 42:21). Zij wisten niet dat Jozef alles verstond. Hij wendde zich af en weende. Daarna bond hij Simeon voor hun ogen.
Onderweg vond een van hen zijn geld terug in zijn zak, en verschrikt vroegen zij wat God hun had gedaan (Genesis 42:28). Thuis klaagde Jakob dat alles tegen hem was. Benjamin mocht niet mee.
Hoe kwam Benjamin mee naar Egypte?
Toen het koren op was, zei Juda dat de man in Egypte hen zonder Benjamin niet zou ontvangen. Hij bood zich aan: "Ik zal borg voor hem zijn; van mijn hand zult gij hem eisen" (Genesis 43:9). Jakob liet Benjamin gaan en bad dat God, de Almachtige, hun barmhartigheid zou geven (Genesis 43:14).
In Egypte kwam Simeon vrij. Toen Jozef Benjamin zag, wenste hij hem Gods genade toe en haastte zich naar een kamer om te wenen. Aan de maaltijd zaten de broers tot hun verwondering naar leeftijd, en Benjamin kreeg vijfmaal zoveel als de anderen.
Waarom lag de beker in de zak van Benjamin?
Jozef liet zijn zilveren beker in de zak van de jongste leggen (Genesis 44:2). Kort na vertrek haalde de huismeester de broers in. Er werd gezocht van de oudste tot de jongste, en de beker lag bij Benjamin. De broers scheurden hun kleren en keerden allen terug naar de stad.
Juda erkende voor Jozef dat God hun ongerechtigheid had gevonden (Genesis 44:16). Veel uitleggers zien in wat volgt een beproeving: zouden de broers de jongste zoon van Rachel prijsgeven, zoals ooit Jozef? Jozef bood hun die uitweg: alleen Benjamin zou slaaf worden. Toen naderde Juda. Hij vertelde hoe hun vader aan deze jongen hing en dat hij borg had gestaan. Hij eindigde met: "Nu dan, laat toch uw knecht voor dezen jongeling slaaf van mijn heer blijven, en laat den jongeling met zijn broederen optrekken" (Genesis 44:33).
Wat zei Jozef toen hij zich bekendmaakte?
Toen kon Jozef zich niet langer bedwingen. Hij liet iedereen weggaan, weende luid en zei: "Ik ben Jozef! leeft mijn vader nog" (Genesis 45:3)? De broers konden geen woord uitbrengen. Jozef noemde zich hun broer, die zij hadden verkocht, maar liet hen niet in hun schrik: "Nu dan, gij hebt mij herwaarts niet gezonden, maar God Zelf" (Genesis 45:8).
De broers moesten Jakob met het hele gezin naar het land Gosen halen, want de honger zou nog vijf jaar duren. Jozef viel Benjamin om de hals, kuste al zijn broers en weende, en daarna spraken zij met hem. Met wagens van Farao keerden zij terug. Jakob geloofde het eerst niet, maar toen hij de wagens zag, leefde hij op en zei: "Het is genoeg! mijn zoon Jozef leeft nog! ik zal gaan, en hem zien, eer ik sterve" (Genesis 45:28).
Achtergrond
Uit de getallen in Genesis volgt dat er ruim twintig jaar tussen de verkoop en dit weerzien lagen. Jozef was zeventien toen hij verkocht werd (Genesis 37:2) en dertig toen hij voor Farao stond (Genesis 41:46). Daarna kwamen zeven jaren van overvloed, en toen hij zich bekendmaakte, waren er twee jaren van honger voorbij (Genesis 45:6). De Bijbel noemt het totaal zelf niet.
De aparte tafels bij de maaltijd verklaart de tekst zelf: het was voor de Egyptenaren "een gruwel" om brood te eten met de Hebreeën (Genesis 43:32). Over de beker zegt de huismeester dat zijn heer eruit drinkt en "waarbij hij iets zekerlijk waarnemen zal" (Genesis 44:5). Dat lijkt te verwijzen naar waarzeggen met een beker, wat de wet later verbood (Deuteronomium 18:10). De tekst zegt niet dat Jozef het werkelijk deed; veel uitleggers lezen het als een deel van de rol die hij speelde zolang hij onbekend bleef.
Jozefs woorden dat de broers zich op de weg niet moesten verstoren (Genesis 45:24), worden verschillend opgevat. Velen denken aan twist over de schuld van vroeger; anderen aan angst onderweg.
Betekenis
In deze hoofdstukken handelt God, ook waar Hij Zich verborgen houdt. De broers vragen zich af wat God hun gedaan heeft (Genesis 42:28), Jakob bidt dat God, de Almachtige, hun barmhartigheid geeft (Genesis 43:14), en Juda belijdt dat God hun ongerechtigheid heeft gevonden (Genesis 44:16). Jozef wijst alles aan God toe. Drie keer zegt hij in Genesis 45:5-8 dat hij door God gezonden is, "om u een overblijfsel te stellen op de aarde, en om u bij het leven te behouden, door een grote verlossing" (Genesis 45:7). Psalm 105 zegt hetzelfde: God riep de honger in het land en zond een man vooruit (Psalm 105:16-17). Dat is Gods voorzienigheid: Hij regeert zo dat zelfs het kwaad van de broers Zijn plan moet dienen, zonder dat hun schuld kleiner wordt (Genesis 50:20).
God werkt ook in het geweten. Ruim twintig jaar zwegen de broers. Na drie dagen bewaring komt hun schuld boven, en zij belijden die tegen elkaar (Genesis 42:21). En God verandert hen. Juda, die ooit voorstelde Jozef te verkopen (Genesis 37:27), staat nu borg en biedt zichzelf aan in de plaats van Benjamin.
Veel gereformeerde uitleggers zien in Juda’s borgtocht iets wat vooruitwijst naar Christus. Hebreeën noemt Jezus de "Borg" van een beter verbond (Hebreeën 7:22) en zegt "dat onze Heere uit Juda gesproten is" (Hebreeën 7:14). Juda kon alleen aanbieden zelf slaaf te worden; Christus heeft werkelijk Zijn leven gegeven voor de Zijnen. Het Nieuwe Testament noemt ook het weerzien zelf: "in de tweede reize werd Jozef zijn broederen bekend" (Handelingen 7:13). Stefanus vertelt dat de patriarchen Jozef uit nijd verkochten, maar dat God met hem was (Handelingen 7:9-14). Zo is het weerzien een schakel in de geschiedenis waarin God Zijn volk redde door een man die zij eerst hadden verkocht.
Lessen voor vandaag
God brengt verborgen schuld aan het licht om te verzoenen, niet om te vernietigen. De broers droegen hun zonde jarenlang mee. Toen God hun geweten raakte, kwam de belijdenis: "wij zijn schuldig aan onzen broeder" (Genesis 42:21). Wie oude schuld meedraagt, mag die bij God belijden. Hij zocht de broers niet om hen te verderven, maar om hen terug te brengen.
God houdt Zijn volk vast, ook als het lijkt alsof alles tegen ons is. Jakob zei dat (Genesis 42:36), terwijl Jozef leefde, Simeon nog leefde en God de redding al had voorbereid. Wij zien vaak alleen de lege plaatsen. De HEERE ziet verder, en Hij blijft trouw aan Zijn belofte, ook wanneer wij dat nog niet zien.
Jozef verbindt zijn vergeving met Gods regering: de broers hoefden zich niet te kwellen, want God had hem gezonden (Genesis 45:5). Zo vraagt de Schrift ook ons om te vergeven, "gelijkerwijs als Christus u vergeven heeft" (Kolossenzen 3:13). Dat betekent niet dat het kwaad wordt ontkend, want Jozef noemde de verkoop bij naam. Het betekent vertrouwen dat God groter is dan het kwaad dat ons is aangedaan.
Vertellen aan kinderen
Voorlezen duurt ongeveer 5 minuten · geschikt vanaf 6 jaar
In het land Kanaän was grote honger. Toen hoorde Jakob dat er koren was in Egypte. Koren is graan, waar je brood van bakt. Jakob stuurde tien van zijn zonen naar Egypte om koren te kopen. Alleen Benjamin, de jongste, bleef thuis.
In Egypte was Jozef de baas over al het koren. Jozef was de broer die zij lang geleden als slaaf hadden verkocht. De broers kwamen bij hem en bogen zich voor hem neer, met hun gezicht naar de grond. Jozef herkende hen meteen. Maar zij herkenden hem niet. Toen dacht Jozef aan zijn dromen van vroeger. In die dromen bogen zijn broers voor hem.
Jozef deed alsof hij een vreemde was. Hij sprak hard tegen hen. Hij zei dat ze verspieders waren: mannen die stiekem een land komen bekijken. De broers zeiden dat ze eerlijk waren. Ze vertelden over hun vader en over hun jongste broer. Jozef zette hen drie dagen gevangen. Daarna mochten ze met koren naar huis. Maar één broer moest blijven. En de volgende keer moesten ze hun jongste broer meebrengen.
Toen zeiden de broers tegen elkaar: "wij zijn schuldig aan onzen broeder". Ze dachten aan Jozef. Hij had hen om genade gesmeekt, en zij hadden niet geluisterd. Ze wisten niet dat Jozef alles verstond. Jozef draaide zich om en huilde. Daarna nam hij Simeon en bond hem voor hun ogen.
Onderweg vond een van de broers zijn geld terug in zijn zak. Ze schrokken en vroegen elkaar wat God hun had gedaan. Thuis wilde Jakob Benjamin niet laten gaan. Maar het koren raakte op. Toen zei Juda tegen zijn vader: "Ik zal borg voor hem zijn". Een borg staat in voor een ander. Als Benjamin niet terugkwam, zou Juda de schuld dragen. Toen liet Jakob Benjamin gaan.
In Egypte kwam Simeon weer bij hen. Jozef zag zijn broer Benjamin. Hij moest snel naar een kamer om te huilen. De broers mochten bij hem eten. Tot hun verwondering zaten ze precies op volgorde, van de oudste tot de jongste. Benjamin kreeg vijf keer zoveel als de anderen.
Toen de broers weer naar huis gingen, liet Jozef zijn zilveren beker in de zak van Benjamin leggen. Even later haalde de knecht van Jozef hen in. Hij doorzocht alle zakken, van de oudste tot de jongste. In de zak van Benjamin lag de beker. De broers scheurden hun kleren. Zo lieten ze hun grote verdriet zien. Ze gingen allemaal terug naar Jozef.
Juda zei dat God hun zonde aan het licht had gebracht. Jozef zei dat alleen Benjamin zijn slaaf moest worden. De anderen mochten naar huis. Toen kwam Juda naar voren. Hij vertelde hoeveel zijn vader van Benjamin hield. Hij vroeg of hij zelf slaaf mocht worden, in de plaats van Benjamin.
Toen kon Jozef zich niet meer inhouden. Hij stuurde alle Egyptenaren weg. Hij huilde zo hard dat ze het buiten hoorden. Toen zei hij tegen zijn broers: "Ik ben Jozef! leeft mijn vader nog"? De broers konden niets zeggen. Ze waren erg geschrokken.
Maar Jozef zei dat ze dichterbij moesten komen. Ze hoefden zich geen zorgen te maken en niet boos op zichzelf te zijn. God had hem vooruit gestuurd naar Egypte, om hen in leven te houden in de honger. Jozef zei: "gij hebt mij herwaarts niet gezonden, maar God Zelf". Herwaarts betekent: hierheen.
Jozef viel Benjamin om de hals, en ze huilden allebei. Hij kuste al zijn broers. Daarna konden ze met hem praten. Jozef stuurde hen met wagens en geschenken naar huis. Ze moesten vader Jakob halen.
Toen de broers thuis vertelden dat Jozef nog leefde, geloofde Jakob het eerst niet. Maar toen hij de wagens zag, leefde hij op. Hij zei: "mijn zoon Jozef leeft nog! ik zal gaan, en hem zien, eer ik sterve". Al die jaren had God voor Jozef gezorgd. Zo maakte God van het kwaad van de broers een weg tot redding voor de hele familie.
“want God heeft mij voor uw aangezicht gezonden, tot behoudenis des levens” (Genesis 45:5)
Tips voor de verteller
- Kinderen vragen vaak waarom Jozef zo hard deed tegen zijn broers en hen zelfs gevangen zette. Zeg eerlijk dat de Bijbel niet precies uitlegt waarom. Jozef zei wel dat zij beproefd zouden worden. U ziet ook wat het uitwerkte: de broers erkenden hun schuld. En Jozef huilde steeds weer om hen en gaf hun koren, hun geld en eten mee.
- Een kind kan denken dat Benjamin de beker gestolen had. Leg uit dat Jozef de beker zelf in de zak liet leggen en dat Benjamin onschuldig was. Het belangrijkste moment is wat Juda daarna deed: hij bood zichzelf aan in de plaats van zijn broer. Oudere kinderen kunt u daarbij wijzen op de Heere Jezus, Die de Bijbel Borg noemt (Hebreeën 7:22).
- Voor kinderen van vier tot zeven kunt u de eerste reis kort houden en de maaltijd overslaan. Leg de nadruk op het buigen, op Benjamin, op de beker en op het moment dat Jozef zegt wie hij is. Leg de woorden borg en verspieder één keer uit. Genesis 45:1-8 kunt u zelf uit de Bijbel voorlezen.
Gespreksvragen voor kinderwerk en club
Kleuters en onderbouw (4-7 jaar)
- NavertellenWelke broer mocht eerst niet mee naar Egypte?
- NavertellenWaar vond de knecht de zilveren beker?
- VerwonderenWie had Jozef naar Egypte gestuurd, zei Jozef zelf?
Zondagsschool en club (8-12 jaar)
- KijkenWat zeiden de broers tegen elkaar nadat ze drie dagen gevangen hadden gezeten?
- BetekenisJozef zei dat niet zijn broers, maar God Zelf hem naar Egypte had gestuurd. Wat bedoelde hij daarmee?
- VerbindingJuda wilde slaaf worden in de plaats van Benjamin. Aan Wie doet dat je denken, en waarom?
- ToepassingJozef vergaf zijn broers. Wat maakt vergeven soms moeilijk, en bij Wie kun je daarvoor hulp vragen?
Tieners en catechisatie (12-16 jaar)
- BijbeltekstLees Hebreeën 7:22. Juda werd borg voor Benjamin. Wat betekent het dat Jezus Borg genoemd wordt, en waar houdt de vergelijking met Juda op?
- Wie is God?Jozef zegt in Genesis 45:5-8 drie keer dat hij door God gezonden is. Wat zegt dat over Gods regering, ook in jaren van verdriet en onrecht?
- Moeilijke vraagJozef beschuldigde zijn broers valselijk, zette hen gevangen en liet de beker in Benjamins zak leggen. Was dat eerlijk van hem? Waarom zou hij dit gedaan hebben?
- PersoonlijkDe broers droegen hun schuld meer dan twintig jaar met zich mee. Wat doet onbeleden schuld met een mens, en waar mag je ermee heen?
Gebedspunt: Dank God dat Hij regeert, ook in jaren van verdriet, en dat Hij verzoening geeft waar mensen elkaar kwaad deden. Bid om eerlijkheid om schuld te belijden en om een hart dat vergeeft.
Personen in dit verhaal
Plaatsen in dit verhaal
Lees het in een leesplan
Thema's in dit verhaal
Gerelateerde bijbelverhalen
Veelgestelde vragen over Jozef maakt zich bekend aan zijn broers
Waar staat het verhaal van Jozef die zich bekendmaakt aan zijn broers in de Bijbel?
Deze geschiedenis staat in Genesis 42 tot en met 45. In Genesis 42 komen de broers voor het eerst koren kopen, in Genesis 43 reizen zij terug met Benjamin, Genesis 44 vertelt over de zilveren beker en in Genesis 45 maakt Jozef zich bekend. Daarvoor vertelt Genesis 37 hoe hij werd verkocht en Genesis 39 tot en met 41 hoe hij in Egypte onderkoning werd. Genesis 46 beschrijft hoe Jakob met zijn gezin naar Egypte trok.
Waarom maakte Jozef zich niet meteen bekend aan zijn broers?
De Bijbel legt zijn bedoeling niet uit, en daarom lopen de uitleggingen uiteen. Jozef zei zelf dat de broers beproefd zouden worden (Genesis 42:15). Veel uitleggers denken dat hij wilde weten of zij veranderd waren, en vooral of zij Benjamin zouden laten vallen zoals ooit hem. Anderen leggen de nadruk op de dromen, waar Jozef aan dacht (Genesis 42:9). Zeker is wat het uitwerkte: de broers erkenden hun schuld (Genesis 42:21) en Juda bood zichzelf aan voor Benjamin. Ondertussen weende Jozef telkens om hen.
Had Benjamin de beker van Jozef gestolen?
Nee. Jozef had zelf opdracht gegeven om zijn zilveren beker in de zak van de jongste te leggen (Genesis 44:2). Benjamin wist daar niets van, en de beschuldiging van diefstal was dus niet terecht. Veel uitleggers zien in de beker een beproeving van de broers: zouden zij Benjamin in de steek laten? Zij deden het niet. Allen keerden terug naar de stad, en Juda bood aan om in de plaats van Benjamin slaaf te worden (Genesis 44:33).
Deed Jozef aan waarzeggerij met zijn beker?
De huismeester zegt dat zijn heer uit de beker drinkt en dat hij er "iets zekerlijk waarnemen zal" (Genesis 44:5), en Jozef zegt iets vergelijkbaars (Genesis 44:15). Dat lijkt te verwijzen naar waarzeggen met een beker. De Bijbel zegt nergens dat Jozef het werkelijk deed. Veel uitleggers lezen het als een deel van de rol die hij speelde zolang hij onbekend bleef. Eerder had Jozef gezegd dat de uitleg van dromen van God komt (Genesis 40:8).
Waarom moest juist Simeon in Egypte achterblijven?
Dat zegt de tekst niet. Er staat alleen dat Jozef Simeon van hen nam en hem voor hun ogen bond (Genesis 42:24). Sommige uitleggers wijzen erop dat Jozef net had gehoord dat Ruben, de oudste, de broers ooit had gewaarschuwd (Genesis 42:22), en dat hij daarom de volgende in leeftijd koos. Anderen denken aan het geweld van Simeon in Sichem (Genesis 34:25). Het blijven mogelijkheden. Simeon kwam vrij toen de broers met Benjamin terugkwamen (Genesis 43:23).
Wat betekent het dat Juda borg werd voor Benjamin?
Een borg staat persoonlijk in voor een ander. Juda zei tegen zijn vader: "Ik zal borg voor hem zijn; van mijn hand zult gij hem eisen" (Genesis 43:9). Toen de beker in Benjamins zak lag, hield hij zich aan dat woord: hij bood aan zelf slaaf te blijven, zodat Benjamin naar zijn vader kon (Genesis 44:33). Hebreeën 7:22 noemt Jezus de Borg van een beter verbond. Veel gereformeerde uitleggers zien Juda daarom als iemand die vooruitwijst naar Christus, Die uit de stam van Juda kwam.
Hoe lang na de verkoop zag Jozef zijn broers terug?
Ruim twintig jaar, als u de getallen uit Genesis naast elkaar legt. Jozef was zeventien toen hij verkocht werd (Genesis 37:2) en dertig toen hij voor Farao stond (Genesis 41:46). Daarna volgden zeven jaren van overvloed. Toen Jozef zich bekendmaakte, waren er twee jaren van honger voorbij (Genesis 45:6). De Bijbel noemt het totaal zelf niet, maar het laat zien hoe lang de broers met hun schuld hadden geleefd en hoe lang Jakob om Jozef had gerouwd.
Wat bedoelde Jozef toen hij zei dat hij door God gezonden was?
Jozef ontkende niet dat zijn broers hem verkocht hadden; hij zei het er zelf bij (Genesis 45:4). Maar boven hun daad zag hij Gods hand: "want God heeft mij voor uw aangezicht gezonden, tot behoudenis des levens" (Genesis 45:5). God had hem vooruit gestuurd om in de hongersnood levens te redden, ook die van zijn eigen familie. Na de dood van Jakob zei hij het nog eens: de broers hadden kwaad gedacht, maar God had het ten goede gedacht (Genesis 50:20).
Hoe vertelt u de bekendmaking van Jozef aan kinderen?
Deze geschiedenis is geschikt vanaf ongeveer 6 jaar. Op deze pagina staat een vertelling die Genesis 42 tot en met 45 volgt, met een tekst om te onthouden en tips voor de verteller. Voor jonge kinderen kunt u de eerste reis kort houden en de nadruk leggen op Benjamin, de beker en het moment dat Jozef zegt wie hij is. Laat aan het slot zien dat God Jozef vooruit had gezonden en dat Jakob hoorde dat zijn zoon nog leefde.
Stel een vraag over Jozef maakt zich bekend aan zijn broers
Wilt u meer weten over dit bijbelverhaal? Onze AI-gestuurde assistent helpt u met achtergrond, context en diepere inzichten uit de Bijbel.
Verdiep u verder
Alle bijbelverhalen
Bekijk alle 191 bijbelverhalen met uitleg, in bijbelse volgorde.
Bijbelse Personen
Leer meer over de personen in dit verhaal.
Bijbelse Tijdlijn
Plaats dit verhaal in de bijbelse geschiedenis.
Bijbeluitleg
Lees uitleg bij de bijbelhoofdstukken van dit verhaal.
Bijbel Onderwerpen
Verken de thema's die in dit verhaal aan bod komen.
AI BijbelAssistent
Stel uw vragen over bijbelverhalen aan onze AI-assistent.