Ga naar hoofdinhoud
Christelijk leven

Is trots een zonde?

Kort antwoord

Ja, trots is een zonde wanneer het hoogmoed is: een mens die zichzelf groot maakt tegenover God en de naaste. De Bijbel zegt dat hoogmoed voor de val komt (Spreuken 16:18). Blijdschap over goed werk of over uw kinderen mag wel, zolang de eer naar God gaat.

Trots is een woord met twee kanten. Een vader is trots op zijn dochter die haar diploma haalt, een timmerman op een kast die recht staat. Tegelijk waarschuwt de Bijbel telkens weer tegen hoogmoed. Is elke vorm van trots dan verkeerd? Op deze pagina leest u wat de Schrift over hoogmoed zegt, waarom de christelijke traditie hoogmoed de eerste hoofdzonde noemt, welke blijdschap over goed werk wel past en wat de Heidelbergse Catechismus hierover leert.

Is trots een zonde volgens de Bijbel?

De Bijbel gebruikt het woord trots zelden, maar spreekt veel over hovaardigheid, hoogmoed, hoge ogen en een hoog hart. Daarmee bedoelt de Schrift de houding van een mens die zichzelf groot maakt tegenover God en de naaste. Die houding noemt de Bijbel zonde. Spreuken noemt ieder die hoog is van hart een gruwel voor de HEERE (Spreuken 16:5). In de lijst van zes, ja zeven dingen die de HEERE haat, staan de hoge ogen voorop (Spreuken 6:16-17).

Jakobus haalt Spreuken 3:34 aan, naar de Griekse vertaling die in zijn tijd gelezen werd: 'God wederstaat de hovaardigen, maar den nederigen geeft Hij genade' (Jakobus 4:6). Petrus haalt dezelfde spreuk aan (1 Petrus 5:5). Wederstaan is een sterk woord: God stelt Zich tegenover de hoogmoedige. Wie zichzelf genoeg is, sluit zich af voor de genade die alleen een lege hand ontvangt.

Het antwoord op de vraag is dus: ja, trots in de zin van hoogmoed is zonde. Er bestaat ook een gezonde blijdschap over wat goed is gelukt. Daarover verderop meer.

Hoogmoed komt voor de val: waar staat dat?

Het bekende spreekwoord komt uit de Bijbel: 'Hovaardigheid is voor de verbreking, en hoogheid des geestes voor den val' (Spreuken 16:18). Wie zichzelf verheft, staat op het punt te vallen. In de uitleg van Spreuken 16 vindt u het hele hoofdstuk, dat begint en eindigt met Gods regering over de plannen van mensen.

De Bijbel laat dit ook zien in levens. Koning Nebukadnezar wandelde op zijn paleis en zei dat hij het grote Babel had gebouwd door de sterkte van zijn macht (Daniël 4:29-30). Ter zelfder ure werd hij uit de mensen verstoten (Daniël 4:33). Toen zijn verstand terugkwam, prees hij de Koning des hemels, Die machtig is om te vernederen wie in hoogmoed wandelen (Daniël 4:37). Koning Herodes liet zich toejuichen als een stem van God (Handelingen 12:22) en werd geslagen, omdat hij God de eer niet gaf (Handelingen 12:23). De Heere Jezus vatte het samen: wie zichzelf verhoogt, zal vernederd worden (Lukas 18:14).

Waarom heet hoogmoed de eerste hoofdzonde?

Hoogmoed raakt de wortel van de verhouding tussen God en mens. In het paradijs beloofde de slang: gij zult als God wezen (Genesis 3:5). De eerste zonde was dus de wens om niet langer afhankelijk te zijn van God. Paulus schrijft dat een opziener geen nieuweling mag zijn, opdat hij niet opgeblazen wordt en in het oordeel van de duivel valt (1 Timotheüs 3:6). Uit die tekst heeft de kerk afgeleid dat ook de val van de duivel met hoogmoed begon.

Kerkvaders hebben dit verder uitgewerkt. Augustinus schrijft in De stad van God (boek XIV, hoofdstuk 13) dat hoogmoed het begin van alle zonde is. Gregorius de Grote noemt de hoogmoed in zijn Moralia op Job (boek XXXI) de wortel van alle kwaad, waaruit de andere hoofdzonden opkomen. Daarom staat hoogmoed in de traditionele lijst vooraan. Meer over die lijst en de herkomst ervan leest u bij de zeven hoofdzonden.

Paulus stelt er een eenvoudige vraag tegenover: 'En wat hebt gij, dat gij niet hebt ontvangen?' (1 Korinthe 4:7). Talent, gezondheid, verstand en kansen zijn gaven. Wie zich erop beroemt alsof hij ze zelf had gemaakt, vergeet de Gever.

Bestaat er ook een goede trots?

Ja. De Bijbel verbiedt niet dat een mens blij is met goed werk. Paulus schrijft: 'Maar een iegelijk beproeve zijn eigen werk; en alsdan zal hij aan zichzelven alleen roem hebben, en niet aan een anderen' (Galaten 6:4). Het gaat erom dat iemand zijn eigen werk eerlijk beoordeelt en zich niet groter maakt door zich met anderen te vergelijken. Een bakker die een goed brood bakt of een leerling die hard heeft gewerkt, mag daar dankbaar voor zijn.

De grens ligt bij de vraag waar de eer heen gaat. Paulus zegt het kort: 'Doch wie roemt, die roeme in den Heere' (2 Korinthe 10:17). Hij haalt daarmee Jeremia aan, waar de wijze, de sterke en de rijke zich niet op hun gaven moeten beroemen. Wie roemt, roemt erin dat hij de HEERE kent (Jeremia 9:23-24). Gezonde blijdschap zegt: dit is goed gelukt, God zij dank. Hoogmoed zegt: dit heb ik gedaan, en ik ben beter dan een ander.

Ook Paulus kende blijdschap over mensen. Hij schreef de gemeente in Korinthe dat hij veel roem over hen had (2 Korinthe 7:4) en noemde de gelovigen in Thessalonica zijn kroon van roem (1 Thessalonicenzen 2:19). Dat is de vreugde van iemand die ziet wat God in anderen doet.

Mag een christen trots zijn op zijn kinderen?

Ouders zeggen het vaak: ik ben trots op mijn kind. Daar is niets mis mee als het blijdschap en dankbaarheid uitdrukt. De Bijbel noemt kinderen een erfdeel van de HEERE (Psalm 127:3) en zegt dat de vader van een rechtvaardige zich zeer zal verheugen (Spreuken 23:24). De apostel Johannes schrijft over zijn geestelijke kinderen: 'Ik heb geen meerdere blijdschap dan hierin, dat ik hoor, dat mijn kinderen in de waarheid wandelen' (3 Johannes 1:4).

Het wordt anders wanneer kinderen een visitekaartje worden voor de ouders. Wie de prestaties van zijn kind gebruikt om zelf gezien te worden, of andere ouders daarmee klein maakt, laat de blijdschap overgaan in hoogmoed. Een goede toets is de vraag of het dankbaarheid naar God oplevert en blijdschap gunt aan anderen. Paulus vraagt de gemeente zich te verblijden met de blijden (Romeinen 12:15). Die blijdschap geldt ook de kinderen van een ander.

Hoe groeit een christen in nederigheid?

Hoogmoed overwint niemand door zichzelf klein te praten. Ook dan blijft een mens met zichzelf bezig. De Bijbel wijst naar Christus. Paulus vraagt de gemeente: 'door ootmoedigheid achte de een den ander uitnemender dan zichzelven' (Filippenzen 2:3). Direct daarna wijst hij op Christus, Die Zichzelf vernederde tot de dood van het kruis (Filippenzen 2:8).

Wie onder het kruis staat, ziet twee dingen tegelijk: hoe groot zijn zonde is en hoe groot Gods genade is. Daar is geen plaats voor roem op eigen kracht, wel voor dankbaarheid. Zo ontstaat een gezond zelfbeeld in het licht van de Bijbel, dat de eigen gaven niet ontkent en ze ook niet aanbidt. Meer teksten over ootmoed en deemoed vindt u bij bijbelteksten over nederigheid.

Wat zeggen de belijdenisgeschriften?

De Heidelbergse Catechismus noemt hoogmoed nergens bij naam. Wel raakt de uitleg van het tiende gebod in Zondag 44 van de Heidelbergse Catechismus de wortel ervan. Daar staat dat God vraagt 'dat ook de minste lust of gedachte tegen enig gebod Gods in ons hart nimmermeer kome' (Heidelbergse Catechismus, Zondag 44, vraag 113). Hoogmoed begint precies daar, in het hart, lang voordat iemand iets zegt of doet. Vraag 114 voegt eraan toe dat ook de allerheiligsten in dit leven maar een klein beginsel van gehoorzaamheid hebben. Dat maakt nederig.

Het slot van het Onze Vader wijst de richting van al het goede dat God geeft: 'opdat daardoor niet wij, maar Uw heilige Naam eeuwiglijk geprezen worde' (Heidelbergse Catechismus, Zondag 52, vraag 128). Artikel 24 van de Nederlandse Geloofsbelijdenis zegt in dezelfde lijn dat de gelovige zijn goede werken niet als verdienste kan aanvoeren: wij zijn God dank schuldig voor het goede dat wij doen, en niet Hij ons.

'Neemt Mijn juk op u, en leert van Mij, dat Ik zachtmoedig ben en nederig van hart; en gij zult rust vinden voor uw zielen' (Mattheüs 11:29)

Bijbelverwijzingen

is trots een zondehoogmoed bijbelhoogmoed komt voor de valhovaardigheidnederigheidhoogmoedhc zondag 44

Stel uw eigen vraag

Wilt u meer weten over dit onderwerp? Stel uw vraag aan de AI BijbelAssistent en krijg direct een onderbouwd antwoord met bijbelverwijzingen.

Stel een vraag

Gerelateerde vragen

Zonde en verlossing

Wat zijn de zeven hoofdzonden?

De zeven hoofdzonden zijn hoogmoed, hebzucht, onkuisheid, afgunst, gulzigheid, toorn en traagheid. De lijst komt uit de kerkelijke traditie, vooral van paus Gregorius de Grote (eind zesde eeuw), en staat niet als lijst in de Bijbel. Wel noemt de Schrift deze zonden afzonderlijk (zoals Spreuken 16:18 en Galaten 5:19-21) en wijst zij het hart aan als bron.

Christelijk leven

Is gokken een zonde?

Ja, in de reformatorische traditie geldt gokken als zonde, ook al noemt de Bijbel het woord gokken nergens. Wie gokt, zoekt snel geld uit het verlies van anderen, en de Bijbel waarschuwt dat de geldgierigheid een wortel van alle kwaad is (1 Timotheüs 6:10). Dat geldt voor het casino, de loterij en de weddenschap.

Christelijk leven

Is liegen altijd zonde?

Ja, liegen is een zonde: het negende gebod verbiedt valse getuigenis, en de Bijbel noemt valse lippen een gruwel voor de HEERE (Spreuken 12:22). Over de noodleugen, zoals die van Rachab of van wie in de oorlog onderduikers verborg, verschillen christenen. De reformatorische lijn is dat ook zo'n leugen zonde blijft, al prijst de Schrift het geloof erachter.

Christelijk leven

Mag een christen televisie kijken?

Christenen verschillen over de vraag of een christen televisie mag kijken. In reformatorische kring kiezen veel gezinnen bewust voor geen tv, omdat zij met David niets goddeloos voor hun ogen willen stellen (Psalm 101:3). Wie wel kijkt, toetst wat hij ziet aan de Schrift. Voor streaming en internet geldt dezelfde vraag.

Christelijk leven

Mag een christen Sinterklaas vieren?

Christenen verschillen erover of Sinterklaas vieren past bij een christelijk leven. De Bijbel noemt het feest niet. Wel leert Paulus dat gelovigen elkaar in gewetensvragen over dagen niet veroordelen (Romeinen 14:13). Wie het viert, let op de waarheid tegenover kinderen en op de herkomst als heiligenfeest.

Verdiep u verder