Een kraslot bij de kassa, een loterij die een deel van de opbrengst aan goede doelen geeft, een weddenschap op een voetbalwedstrijd: gokken is gewoon geworden, en sinds online gokken in Nederland legaal is, staat het casino op elke telefoon. Ook christenen vragen zich af of meedoen kwaad kan, zeker bij kleine bedragen. Hieronder leest u welke bijbelse lijnen hier samenkomen, waarom het lot in de Bijbel iets anders is, en waar hulp is als gokken greep op u of een naaste heeft gekregen.
Is gokken een zonde volgens de Bijbel?
Het woord gokken komt in de Bijbel niet voor, en geen tekst noemt het casino of de loterij bij naam. Toch zwijgt de Schrift er niet over. Gokken is geld inzetten op een uitkomst die van het toeval lijkt af te hangen, in de hoop meer terug te krijgen. Wat de een wint, verliest een ander, en de aanbieder wint op den duur altijd. Daarmee raakt gokken aan wat de Bijbel zegt over geld, over begeerte en over de naaste.
Paulus schrijft aan Timotheüs: 'Doch die rijk willen worden, vallen in verzoeking, en in den strik' (1 Timotheüs 6:9). Even verder zegt hij: 'Want de geldgierigheid is een wortel van alle kwaad' (1 Timotheüs 6:10). Paulus veroordeelt hier geen bezit. Hij waarschuwt voor het verlangen om rijk te worden, en juist op dat verlangen speelt elke loterij en elk casino in. De uitleg van 1 Timotheüs 6 laat zien hoe hij daar de vergenoeging tegenover zet: wie voedsel en kleding heeft, mag daarmee tevreden zijn (1 Timotheüs 6:8).
Spreuken zegt hetzelfde vanuit het gewone leven: 'Goed, van ijdelheid gekomen, zal verminderd worden; maar die met de hand vergadert, zal het vermeerderen' (Spreuken 13:11). Geld dat zonder arbeid binnenkomt, glipt even snel weer weg; wat met geduld en werk wordt opgebouwd, blijft.
Wat zegt de Bijbel over gokken en geld?
Bij gokken komen vier bijbelse lijnen samen.
- Begeerte. Het tiende gebod verbiedt te begeren 'noch iets, dat uws naasten is' (Exodus 20:17). Bij gokken komt de winst van de een uit de inzet van velen; wat de een wint, hebben anderen verloren.
- Rentmeesterschap. De aarde is van de HEERE en alles wat erin is (Psalm 24:1). Wat wij bezitten, is ons toevertrouwd. Geld inzetten op een kans die in het nadeel van de speler is berekend, past slecht bij trouw zijn in het minste (Lukas 16:10).
- Arbeid en naastenliefde. Paulus wil dat een christen met zijn handen werkt, zodat hij iets heeft om te delen met wie nood heeft (Efeze 4:28). Gokken draait die beweging om: het neemt van velen om enkelen te verrijken, en de inzet komt vaak van wie het minst te missen heeft.
- Vertrouwen. De loterij belooft een ander leven. De Bijbel zegt: 'Uw wandel zij zonder geldgierigheid; en zijt vergenoegd met het tegenwoordige' (Hebreeën 13:5), en geeft de reden erbij: God Zelf heeft beloofd dat Hij de Zijnen niet zal begeven of verlaten.
Meer teksten over geld, schulden en geven vindt u bij wat de Bijbel over financiën en geloof zegt.
Is het lot werpen in de Bijbel ook gokken?
Het land Kanaän werd door het lot verdeeld (Numeri 26:55); Jozua wierp het te Silo voor het aangezicht van de HEERE (Jozua 18:10). De apostelen kozen Matthias als opvolger van Judas door het lot (Handelingen 1:26). Is dat dan ook gokken?
Bij het lot dat Israël en de gemeente gebruikten, werd niets ingezet en niemand werd rijker ten koste van een ander. Het lot was een manier om een beslissing in Gods hand te leggen, met gebed en voor Zijn aangezicht. Spreuken zegt het zo: 'Het lot wordt in den schoot geworpen; maar het gehele beleid daarvan is van den HEERE' (Spreuken 16:33). In de uitleg van Spreuken 16 leest u hoe dit vers Gods voorzienigheid over alle dingen belijdt.
Juist die tekst laat zien wat er bij gokken scheef zit. Voor God bestaat geen toeval en geen geluk los van Hem. Wie gokt, gebruikt de uitkomst die God bestuurt als een spel om geld. Het enige lot in de evangeliën dat op zo'n spel om bezit lijkt, wordt geworpen door de soldaten onder het kruis, die loten wie de kleding van de Heere Jezus krijgt (Johannes 19:24).
Mag een christen meedoen aan een loterij?
In de reformatorische lijn doet een christen niet mee aan een loterij, ook niet voor een goed doel. Wie zoekt of een christen mag gokken, denkt vaak niet aan het casino maar aan het lot van een goededoelenloterij, een kraslot als cadeau of een kleine inzet onder vrienden. Wie een goed doel wil steunen, kan dat ook rechtstreeks doen, zonder de hoop op winst. Een prijsvraag zonder inzet, of een spel thuis zonder geld, is iets anders: daar wordt niemand armer.
Sportweddenschappen en online casino's vragen extra waakzaamheid: ze zijn dag en nacht bereikbaar en zo gebouwd dat de speler terugkomt. Zelfs over wat op zichzelf geoorloofd is, schrijft Paulus: 'ik zal onder de macht van geen mij laten brengen' (1 Korinthe 6:12). Wie merkt dat de gedachte aan het volgende spel blijft trekken, staat al dicht bij die macht.
Wie twijfelt, kan het eigen geweten met een paar vragen toetsen:
- Speel ik om de spanning of om de hoop op geld?
- Zou ik het geld ook rustig aan een goed doel of aan iemand in nood kunnen geven?
- Kan ik God om Zijn zegen vragen over wat ik nu doe?
Waar christenen verschillen
Over één ding zijn bijbelgetrouwe christenen het eens: geldzucht is zonde, en gokken dat een mens of een gezin in de greep krijgt, is kwaad. Over kleine, incidentele deelname denken zij verschillend.
- Elke vorm van kansspel om geld afwijzen. Dit is de gangbare lijn in reformatorische kerken. Ook een klein lot voedt de begeerte van het tiende gebod, maakt winst uit het verlies van de naaste en gebruikt het lot, dat de Bijbel aan Gods bestuur verbindt (Spreuken 16:33), voor vermaak en gewin. Daarom houden veel reformatorische gemeenten ook geen verloting bij een bazaar of actie.
- Ruimte voor een klein, incidenteel lot. In bredere protestantse en evangelische kring vinden sommige christenen een lot van een goededoelenloterij of een kleine inzet geen zonde, zolang er geen hebzucht achter zit. Zij wijzen erop dat de Bijbel het spel zelf niet verbiedt, en leggen de grens bij begeerte en verslaving.
De reformatorische kerken kiezen voor de eerste lijn, omdat de verzoeking volgens 1 Timotheüs 6:9 in het verlangen zelf begint en zich moeilijk laat begrenzen. Wie de tweede lijn volgt, is daarmee geen ongelovige. Wie twijfelt, mag bedenken dat al wat uit het geloof niet is, zonde is (Romeinen 14:23), en doet er goed aan het met de predikant of een ouderling te bespreken.
Wat zeggen de belijdenisgeschriften?
De Heidelbergse Catechismus noemt gokken niet bij naam. Wel behandelt zij het goed van de naaste bij het achtste gebod. In Zondag 42 van de Heidelbergse Catechismus (vraag 110) staat dat God niet alleen diefstal en roof verbiedt, maar ook alle boze stukken en aanslagen waardoor wij het goed van onze naaste naar ons toe proberen te halen, ook langs wegen die er wettig uitzien. Het antwoord eindigt met: 'daartoe ook alle gierigheid en onnutte verkwisting zijner gaven' (Heidelbergse Catechismus, Zondag 42, vraag 110). Gokken raakt aan beide: aan de gierigheid die meer wil hebben, en aan de verkwisting van wat God gaf.
Vraag 111 noemt wat God hier gebiedt: het nut van de naaste bevorderen en trouw werken om de nooddruftige te helpen. Het tiende gebod gaat nog dieper. HC Zondag 44 (vraag 113) belijdt dat zelfs de minste lust of gedachte tegen een van Gods geboden niet in ons hart mag opkomen. Zo leggen de belijdenisgeschriften de vraag bij het hart dat begeert. Dezelfde zondag wijst erop dat God de geboden laat prediken, opdat wij onze zonde leren kennen en de vergeving en gerechtigheid in Christus zoeken (vraag 115).
Als deze vraag u persoonlijk raakt
Het kan zijn dat u dit niet uit nieuwsgierigheid leest. Gokken kan iemand ongemerkt in zijn greep krijgen. Het begint klein, met een inzet om verlies terug te winnen, en eindigt soms in schulden, leugens en schaamte waarover niemand durft te praten. Gokverslaving is een ernstige aandoening. Hulp zoeken is geen gebrek aan geloof; het is een eerlijke stap die God niet veracht.
Wie gezondigd heeft, mag bij Christus komen: 'Komt herwaarts tot Mij, allen die vermoeid en belast zijt, en Ik zal u rust geven' (Mattheüs 11:28). God is getrouw: Hij laat de Zijnen niet verzocht worden boven wat zij kunnen dragen, en Hij geeft met de verzoeking ook de uitkomst (1 Korinthe 10:13). Die uitkomst kan ook de hulp van anderen zijn. Zijn vergeving is er ook voor de zonde van verspild geld en voor leugens die verteld zijn; lees daarover meer bij of God alle zonden vergeeft. Daarna komt de weg terug, en die hoeft u niet alleen te gaan.
Praat erover met uw predikant, een ouderling of de diaconie, die ook kan helpen bij schulden. Bespreek het met uw huisarts; die kan u verwijzen naar de verslavingszorg. Bij OpenOverGokken (openovergokken.nl), een initiatief van de Kansspelautoriteit, kunt u gratis en anoniem terecht met vragen over gokken, ook als u zich zorgen maakt om een partner, kind of ouder. Bellen kan dag en nacht via 0800 24 000 22. De zelfhulpgroepen van AGOG (agog.nl) zijn er voor gokkers en hun naasten. Wie zichzelf wil beschermen, kan zich via Cruks, het register van de Kansspelautoriteit, minstens zes maanden laten uitsluiten van legale online gokaanbieders, speelhallen en casino's. Meer over verslaving en de weg terug leest u in wat de Bijbel over drugs en verslaving zegt.
'Doch de godzaligheid is een groot gewin met vergenoeging' (1 Timotheüs 6:6)