Ga naar hoofdinhoud

Tarsus in de Bijbel

Tarsos (Grieks, Ταρσός). De Statenvertaling schrijft Tarsen. De naam is ouder dan de Griekse tijd; de herkomst en de betekenis ervan zijn onzeker.

Tarsus was de hoofdstad van Cilicië, in het zuidoosten van het huidige Turkije, en de geboorteplaats van de apostel Paulus. Hij noemde Tarsus zelf een stad van aanzien (Handelingen 21:39). Na zijn bekering woonde Paulus er waarschijnlijk enkele jaren, tot Barnabas hem naar Antiochië haalde.

Ook bekend als: Tarsen, Tarsos

Ligging

Tarsus lag in Cilicië, de kustvlakte in het zuidoosten van Klein-Azië, iets landinwaarts van de Middellandse Zee aan de rivier de Cydnus. Ten noorden van de stad rijst het Taurusgebergte op, met de bergpas die bekendstaat als de Cilicische Poort. Zo lag Tarsus op de route tussen Syrië en het binnenland van Klein-Azië. Antiochië in Syrië lag ten zuidoosten, aan de andere kant van de golf van Iskenderun.

Vandaag

Het huidige Tarsus in Zuid-Turkije, tussen Mersin en Adana, ligt op de oude stad; de identificatie is zeker. Omdat de moderne stad op de oude is gebouwd, is maar weinig opgegraven, onder meer een stuk Romeinse straat. Een put die men de put van Paulus noemt en een poort die naar Cleopatra heet, berusten op overlevering.

Geschiedenis

Tarsus was al eeuwen een stad van betekenis toen Paulus er geboren werd. In de Romeinse tijd was het de belangrijkste stad van de provincie Cilicië. De geschiedschrijver Plutarchus vertelt dat Marcus Antonius en Cleopatra elkaar hier ontmoetten, nadat zij de Cydnus was opgevaren. De geograaf Strabo prijst de inwoners om hun ijver voor filosofie en onderwijs. Het Nieuwe Testament zegt over die geleerdheid niets; het noemt de stad alleen als de vaderstad van Paulus. Paulus zegt zelf: "Ik ben een Joods man, en te Tarsen in Cilicie geboren" (Handelingen 22:3). Hij werd opgevoed in Jeruzalem, aan de voeten van Gamaliël. Tegen de overste in Jeruzalem noemde hij zich een burger van Tarsus (Handelingen 21:39). Daarnaast was hij van geboorte Romeins burger (Handelingen 22:28). Hoe zijn familie dat burgerrecht had gekregen, vertelt de Schrift niet. Na de verschijning bij Damascus stuurde de Heere Ananias naar het huis van Judas en sprak tot hem over "een, met name Saulus, van Tarsen" (Handelingen 9:11). Toen de Griekse Joden in Jeruzalem hem wilden doden, brachten de broeders hem naar Caesarea en zonden hem af naar Tarsen (Handelingen 9:30). Paulus schrijft dat hij toen gekomen is "in de gewesten van Syrie en van Cilicie" (Galaten 1:21). Hoe lang hij daar bleef, staat er niet; het gaat waarschijnlijk om enkele jaren. Toen de gemeente in Antiochië groeide, staat er: "Barnabas ging uit naar Tarsen, om Saulus te zoeken" (Handelingen 11:25). Hij bracht hem naar Antiochië, waar zij een jaar lang een grote schare onderwezen. Later stuurde de vergadering in Jeruzalem een brief aan de broeders in Antiochië, Syrië en Cilicië (Handelingen 15:23), en op zijn tweede reis versterkte Paulus de gemeenten in Syrië en Cilicië (Handelingen 15:41). Of hij daarbij door Tarsus kwam, zegt de tekst niet, maar de weg naar Derbe en Lystra liep er waarschijnlijk langs.

Betekenis in de Bijbel

Tarsus is in de Bijbel vooral de stad waar Paulus vandaan kwam. Dat zegt iets over de man die God riep. Hij behoorde tot twee werelden: een Hebreeër uit de Hebreeën, van de stam van Benjamin (Filippenzen 3:5), en tegelijk een burger van een Griekse stad en van het Romeinse rijk. Hij sprak Grieks met de overste en Hebreeuws tot het volk (Handelingen 21:37-40). In het boek Handelingen is Tarsus ook de plaats waar Paulus een tijd uit beeld is. Na zijn bekering bleef hij een tijd in Damascus en Arabië en kwam hij pas na drie jaren weer in Jeruzalem (Galaten 1:17-18). Toen hij daar in levensgevaar kwam, stuurden de broeders hem naar zijn vaderstad (Handelingen 9:30). De gemeenten in Judea hadden toen vrede (Handelingen 9:31) en hoorden dat hij in de gewesten van Syrië en Cilicië het geloof verkondigde (Galaten 1:21-23). Toen in Antiochië het Evangelie tot de Grieken kwam, werd hij opgehaald voor het werk daar. Paulus noemt zijn afkomst steeds met een doel. Voor de overste noemde hij Tarsus om te mogen spreken, voor het volk zijn opvoeding bij Gamaliël, voor de hoofdman zijn Romeinse burgerschap. Hij gebruikte wat hij had ontvangen in dienst van het Evangelie. Hij had reden om op het vlees te vertrouwen (Filippenzen 3:4), maar hij achtte het om Christus’ wil schade (Filippenzen 3:7).

Sleutelgebeurtenissen in Tarsus

1

Paulus wordt in Tarsus geboren

Paulus vertelt dat hij in Tarsus in Cilicië geboren is en in Jeruzalem werd opgevoed bij Gamaliël.

Handelingen 22:3

2

De Heere noemt Saulus van Tarsus

Na de verschijning bij Damascus stuurt de Heere Ananias naar het huis van Judas om Saulus van Tarsus te zoeken, die daar bidt.

Handelingen 9:11

3

De broeders zenden Saulus naar Tarsus

Als de Griekse Joden in Jeruzalem hem willen doden, brengen de broeders Saulus naar Caesarea en sturen hem naar zijn vaderstad.

Handelingen 9:30

4

Paulus in Syrië en Cilicië

Paulus schrijft dat hij na zijn eerste bezoek aan Jeruzalem in de gewesten van Syrië en Cilicië was, waar Tarsus de hoofdstad was.

Galaten 1:21

5

Barnabas haalt Saulus op

Barnabas reist naar Tarsus, zoekt Saulus en brengt hem naar Antiochië. Daar onderwijzen zij een jaar lang een grote schare.

Handelingen 11:25-26

6

Gemeenten in Cilicië versterkt

Op zijn tweede reis trekt Paulus met Silas door Syrië en Cilicië en versterkt de gemeenten daar.

Handelingen 15:41

7

Paulus noemt zich burger van Tarsus

Na zijn gevangenneming in de tempel zegt Paulus tegen de overste dat hij een Jood uit Tarsus is en vraagt hij het volk te mogen toespreken.

Handelingen 21:39

Theologische betekenis

Tarsus laat zien hoe God een mens voorbereidt lang voordat die het zelf weet. Paulus schrijft dat hij "van mijner moeders lijf aan afgezonderd" was (Galaten 1:15). Zijn geboorte in een Griekse stad, zijn Romeins burgerrecht en zijn opvoeding in de wet waren geen toeval. Ze maakten hem geschikt voor het werk dat de Heere tegen Ananias noemde: "deze is Mij een uitverkoren vat, om Mijn Naam te dragen voor de heidenen" (Handelingen 9:15). Tegelijk kreeg Paulus zijn roeping niet door zijn afkomst, maar door genade: God heeft hem "geroepen door Zijn genade" (Galaten 1:15). Hij was een vervolger toen hij door Christus geroepen werd, maar hem is barmhartigheid geschied (1 Timotheüs 1:13). Wat hij uit Tarsus en Jeruzalem meebracht, kreeg pas betekenis in dienst van Christus. Ook de jaren in Tarsus horen bij die weg. Handelingen vertelt er niets over, maar Paulus schrijft dat de gemeenten in Judea hoorden: "Degene, die ons eertijds vervolgde, verkondigt nu het geloof" (Galaten 1:23). Toen het werk in Antiochië daarom vroeg, haalde Barnabas hem op. Gods tijd en Gods weg gaan voor de plannen van de mens.

Belangrijke bijbelteksten

De volgende bijbelgedeelten helpen u om de rol van Tarsus in de Schrift beter te begrijpen.

Veelgestelde vragen over Tarsus

Waar lag Tarsus?

Tarsus lag in het zuiden van het huidige Turkije, tussen Mersin en Adana, waar de stad nog altijd bestaat. In de Bijbel ligt zij in Cilicië, de kustvlakte in het zuidoosten van Klein-Azië, aan de rivier de Cydnus. Ten noorden ligt het Taurusgebergte met de pas die de Cilicische Poort heet, de weg naar het binnenland.

Waarom heet Paulus Saulus van Tarsus?

Paulus werd in Tarsus geboren (Handelingen 22:3). Toen de Heere na de verschijning bij Damascus Ananias naar hem toe stuurde, noemde Hij hem Saulus van Tarsen (Handelingen 9:11). De toevoeging van Tarsus noemt eenvoudig zijn herkomst, zoals men in die tijd vaker iemand naar zijn stad noemde.

Hoe heet Tarsus in de Statenvertaling?

De Statenvertaling schrijft Tarsen, bijvoorbeeld in Handelingen 9:11, 9:30, 11:25, 21:39 en 22:3. Tarsus is de Latijnse vorm, Tarsos de Griekse. Het gaat om dezelfde stad. De streek waarin Tarsus lag, heet in de Statenvertaling Cilicie.

Waar staat Tarsus in de Bijbel?

Tarsus komt alleen in Handelingen voor, in vijf verzen. Handelingen 9:11 noemt Saulus van Tarsen, Handelingen 9:30 vertelt dat de broeders hem naar Tarsus zonden, en Handelingen 11:25 dat Barnabas hem daar ging zoeken. In Handelingen 21:39 en 22:3 zegt Paulus zelf dat hij uit Tarsus komt. Cilicië, het gebied rond de stad, staat onder meer in Handelingen 6:9, 15:23, 15:41, 23:34 en 27:5 en in Galaten 1:21.

Vluchtte Jona naar Tarsus?

Nee, volgens de meeste uitleggers niet. Jona zocht in Jafo een schip naar Tarsis (Jona 1:3), een verre plaats over zee die vaak in het westen van de Middellandse Zee wordt gezocht. Tarsus lag aan de andere kant, in Cilicië. De Joodse geschiedschrijver Josephus legde wel een verband tussen Tarsis en Tarsus, maar de meeste uitleggers volgen hem daarin niet. De Bijbel zelf maakt het verband niet.

Wat bedoelt Paulus met gene onvermaarde stad?

In Handelingen 21:39 zegt Paulus: "Ik ben een Joods man van Tarsen, een burger van gene onvermaarde stad in Cilicie". Onvermaard betekent onbekend of onbeduidend. Paulus zegt dus dat hij uit een bekende, aanzienlijke stad komt. Hij zei het tegen de overste, die hem voor een Egyptische oproerling hield (Handelingen 21:38).

Was Paulus Romeins burger door Tarsus?

Dat zegt de Bijbel niet. Paulus noemt zich een burger van Tarsus (Handelingen 21:39) en zegt daarnaast dat hij als Romeins burger geboren is (Handelingen 22:28). Het burgerschap van de stad en dat van Rome waren verschillende zaken. Hoe zijn familie het Romeinse burgerrecht had verkregen, wordt nergens vermeld; daarover bestaan alleen vermoedens.

Hoe lang was Paulus in Tarsus?

Dat weten we niet precies. Na zijn eerste bezoek aan Jeruzalem zonden de broeders hem naar Tarsus (Handelingen 9:30), en Paulus schrijft dat hij toen in Syrië en Cilicië was (Galaten 1:21). Pas na enige tijd haalde Barnabas hem naar Antiochië (Handelingen 11:25). Meestal schat men die periode op enkele jaren, maar de Schrift geeft geen getal.

Gerelateerde plaatsen

Bijbelse personen verbonden aan Tarsus

Leer meer over Tarsus met AI BijbelAssistent

Wilt u dieper ingaan op de geschiedenis, de bijbelteksten of de theologische betekenis van Tarsus? Onze AI-assistent helpt u verder.

Verdiep u verder