Achaz in de Bijbel
Achaz (אָחָז, Hebreeuws) - “Waarschijnlijk: hij heeft vastgegrepen”
Wie was Achaz?
Achaz was koning van Juda, de zoon van Jotham en de vader van Hiskia, en regeerde zestien jaar te Jeruzalem. Toen Syrië en Israël hem bedreigden, sloeg hij het aanbod van een teken af en kocht hij de hulp van Assyrië. Juist tot hem sprak Jesaja de belofte van Immanuël (Jesaja 7:14).
Achaz is de koning tot wie Jesaja de bekende woorden over de maagd en de Zoon sprak. Zijn regering wordt drie keer beschreven: in 2 Koningen 16, in 2 Kronieken 28 en, vanuit de profeet gezien, in Jesaja 7. Daarnaast noemen Jesaja 1:1, Hosea 1:1 en Micha 1:1 hem in de rij van koningen onder wie deze profeten optraden, en in het geslachtsregister van Jezus staat hij tussen Joatham en Ezekias (Mattheüs 1:9). De Statenvertaling schrijft zijn naam overal als Achaz; zijn zoon heet daar Hizkia of Jehizkia, op deze site Hiskia. De lijn van zijn verhaal is somber en helder. Achaz was twintig jaar toen hij koning werd, "en hij deed niet dat recht was in de ogen des HEEREN zijns Gods, als zijn vader David" (2 Koningen 16:2). Hij offerde op de hoogten en liet zijn zoon door het vuur gaan. Toen Rezin van Syrië en Pekah van Israël tegen Jeruzalem optrokken, beefde zijn hart "gelijk de bomen des wouds bewogen worden van den wind" (Jesaja 7:2). God zond Jesaja met de boodschap niet te vrezen en bood een teken aan, maar Achaz wilde het niet eisen. Hij zocht zijn redding bij Tiglath-Pilezer, de koning van Assyrië, betaalde hem met de schatten van de tempel en nam in Damaskus het voorbeeld van een heidens altaar mee terug naar Jeruzalem. De kroniekschrijver eindigt met een gesloten tempel en altaren in alle hoeken van de stad (2 Kronieken 28:24). Toch is Achaz vooral bekend door wat God tegen hem zei. Het Immanuëlteken van Jesaja 7:14 werd gegeven aan een koning die niet wilde geloven, en Mattheüs ziet het vervuld in de geboorte van Jezus. Achaz is niet te verwarren met de koningen die Ahazia (Achazja) of Joahaz heten, en ook niet met de Benjaminiet Achaz, een nakomeling van Saul (1 Kronieken 8:35-36).
Historische context
Achaz regeerde in de tweede helft van de achtste eeuw voor Christus. De bijbelse jaartallen voor deze periode zijn moeilijk met elkaar te verbinden; veel uitleggers plaatsen zijn regering ongeveer van 735 tot 715 voor Christus, anderen enkele jaren eerder, en een periode van medeheerschappij met zijn vader Jotham wordt vaak aangenomen. De Bijbel zelf geeft zestien regeringsjaren (2 Koningen 16:2). Het was de eeuw van Assyrië. Tiglath-Pileser III (in de Statenvertaling Tiglath-Pilezer, in 2 Kronieken 28:20 Tiglath-Pilneser) breidde zijn rijk naar het westen uit. De kleine staten in Syrië en Kanaän stonden voor de keus: schatting betalen of samen weerstand bieden. Rezin, de koning van Syrië met Damaskus als hoofdstad, en Pekah, de zoon van Remalia, die over Israël regeerde, kozen voor verzet. Waarschijnlijk wilden zij Juda dwingen zich daarbij aan te sluiten; de Bijbel noemt alleen hun plan om Juda te verdelen. Al in de dagen van Jotham was de HEERE begonnen hen tegen Juda te zenden (2 Koningen 15:37). Hun plan was Achaz af te zetten en "den zoon van Tabeal koning" te maken (Jesaja 7:6). Deze strijd wordt de Syrisch-Efraïmitische oorlog genoemd, naar Syrië en Efraïm, de leidende stam van het noordelijke rijk. De oorlog kostte Juda veel. Volgens 2 Kronieken 28:5-8 werden velen gedood en gevangen weggevoerd, en Maaseja, de zoon van de koning, werd gedood. Tegelijk vielen de Edomieten en de Filistijnen het land binnen (2 Kronieken 28:17-18), en Rezin nam de havenstad Elath in (2 Koningen 16:6). Opvallend is het naspel in Samaria: de profeet Oded hield het leger zijn zonde voor, en daarna traden hoofden van Efraïm op. Zij kleedden en voedden de gevangenen uit Juda en brachten hen naar Jericho, de Palmstad (2 Kronieken 28:9-15). Achaz riep Assyrië te hulp. Tiglath-Pilezer nam Damaskus in, doodde Rezin en voerde de inwoners weg naar Kir (2 Koningen 16:9). Ook Galilea en Gilead gingen voor Israël verloren (2 Koningen 15:29). Voor Juda betekende de redding vazalschap. In een Assyrische lijst van schatplichtige vorsten uit de tijd van Tiglath-Pileser III wordt een Jauhazi van Juda genoemd; veel onderzoekers zien daarin Achaz, met de volle vorm van zijn naam (Joahaz). De ontmoeting met Jesaja vond plaats "aan het einde van den watergang des oppersten vijvers" (Jesaja 7:3). Veel uitleggers denken dat de koning daar de watervoorziening van de stad met het oog op een beleg kwam nagaan; de tekst zegt het niet. Achaz werd in Jeruzalem begraven, maar volgens 2 Kronieken 28:27 niet in de graven van de koningen.
Karaktereigenschappen
+Positieve eigenschappen
- Bleef buiten het bondgenootschap van Rezin en Pekah; veel uitleggers leiden dat af uit hun plan hem te vervangen door den zoon van Tabeal (Jesaja 7:5-6)
- Kwam in de dreiging zelf in beweging en ging naar de watergang bij de bovenste vijver, mogelijk om de watervoorziening voor een beleg na te gaan (Jesaja 7:3)
- Was een doortastend staatsman: zijn beroep op Assyrië nam de dreiging van Damaskus weg (2 Koningen 16:9), al bracht het Juda in afhankelijkheid
−Zwakke kanten
- Liet zijn zoon door het vuur gaan, naar de gruwelen der heidenen (2 Koningen 16:3)
- Weigerde God op Zijn woord te geloven en zocht zijn heil bij Assyrië (2 Koningen 16:7)
- Werd in de benauwdheid nog ontrouwer en sloot de tempel (2 Kronieken 28:22-24)
Theologische betekenis
Het hart van de geschiedenis van Achaz is Jesaja 7. God laat Zijn koning in nood niet aan zijn lot over, maar zendt Zijn profeet met een belofte en een voorwaarde: "Indien gijlieden niet gelooft, zekerlijk, gij zult niet bevestigd worden" (Jesaja 7:9). Het aanbod van een teken is ruim, in de diepte of in de hoogte. Achaz weigert met woorden die vroom klinken en aan Deuteronomium 6:16 herinneren, maar in zijn mond zijn ze een dekmantel: zijn hoop is al op Assyrië gericht. Jesaja antwoordt dat het huis van David niet alleen mensen, maar ook God moede maakt (Jesaja 7:13). Dan volgt het teken dat de Heere Zelf geeft: "ziet, een maagd zal zwanger worden, en zij zal een Zoon baren, en Zijn naam IMMANUEL heten" (Jesaja 7:14). In de directe samenhang heeft het teken een tijdsaanwijzing: eer het Knechtje het kwade weet te verwerpen, zal het land van de twee koningen verlaten zijn (Jesaja 7:16). Dat ging in vervulling toen Assyrië Damaskus innam en Israël een groot deel van zijn gebied verloor. Uitleggers lopen uiteen in de vraag of er al in Achaz' dagen een kind geboren werd dat het teken droeg, bijvoorbeeld een zoon van de koning of van Jesaja (vergelijk Jesaja 8:3-4). In de gereformeerde uitleg, onder anderen bij Calvijn, ligt de nadruk erop dat het teken van het begin af op de Messias ziet. Het Hebreeuwse woord dat de Statenvertaling met maagd vertaalt, duidt een jonge vrouw in de huwbare leeftijd aan; nergens in het Oude Testament wordt het gebruikt voor een getrouwde vrouw. De Griekse vertaling van het Oude Testament gaf het al vóór Christus weer met het woord voor maagd, en zo citeert Mattheüs het bij de geboorte van Jezus: "Ziet, de maagd zal zwanger worden, en een Zoon baren, en gij zult Zijn naam heten Emmanuel; hetwelk is, overgezet zijnde, God met ons" (Mattheüs 1:23). De naam keert terug in Jesaja 8:8 ("o Immanuel!"), in 8:10 klinkt de betekenis ervan ("want God is met ons!"), en Jesaja 9:5 spreekt van het Kind dat geboren en de Zoon die gegeven wordt. Zo staat Achaz op een kruispunt. Hij hoort bij de lijn van David en staat zelf in het geslachtsregister van Jezus (Mattheüs 1:9). Zijn ongeloof bracht Juda in de greep van Assyrië, maar het kon de belofte niet tegenhouden. Wat de koning weigerde te vragen, gaf God toch: God met ons.
Naamsbetekenis
Oorspronkelijke naam
Achaz (אָחָז, Hebreeuws)
Betekenis
Waarschijnlijk: hij heeft vastgegrepen
Sleutelmomenten
Koning van Juda
Achaz volgt zijn vader Jotham op, twintig jaar oud. Hij wandelt in de weg van de koningen van Israël, offert op de hoogten en laat zijn zoon door het vuur gaan, naar de gruwelen der heidenen.
2 Koningen 16:1-4
Nederlagen tegen Syrië en Israël
De koning van Syrië voert een grote menigte gevangenen naar Damaskus en Pekah brengt Juda een zware slag toe. De kroniekschrijver noemt het een oordeel, omdat Juda de HEERE verlaten had.
2 Kronieken 28:5-8
Jesaja bij de watergang
Jesaja gaat met zijn zoon Schear-Jaschub de koning tegemoet. Hij zegt dat Rezin en Pekah niet meer zijn dan twee staarten van rokende vuurbranden, en dat hun plan niet zal bestaan, mits Achaz gelooft.
Jesaja 7:3-9
Het teken dat Achaz niet wilde eisen
God laat Achaz een teken vragen, in de diepte of in de hoogte. Achaz weigert met vrome woorden. Dan geeft de Heere Zelf het huis van David een teken: de maagd die een Zoon zal baren, Immanuël.
Jesaja 7:10-17
Hulp van Assyrië gekocht
Achaz noemt zich de knecht en zoon van Tiglath-Pilezer en zendt hem het zilver en goud uit de tempel en het paleis. Assyrië neemt Damaskus in en doodt Rezin.
2 Koningen 16:7-9
Het altaar uit Damaskus
In Damaskus ziet Achaz een altaar en laat de priester Uria het in Jeruzalem nabouwen. Het koperen altaar van de HEERE wordt opzij gezet en de koning offert op het nieuwe altaar.
2 Koningen 16:10-16
De tempel gesloten
In zijn benauwdheid offert Achaz aan de goden van Damaskus, slaat het tempelgerei in stukken en sluit de deuren van het huis des HEEREN. In elke stad van Juda maakt hij hoogten.
2 Kronieken 28:22-25
Dood en begrafenis
Achaz sterft en wordt begraven in Jeruzalem, maar niet in de graven der koningen. Zijn zoon Hiskia volgt hem op en opent in zijn eerste regeringsjaar de tempel weer (2 Kronieken 29:3).
2 Kronieken 28:26-27
Belangrijke bijbelteksten
De volgende bijbelgedeelten zijn van belang om het leven en de rol van Achaz beter te begrijpen.
2 Koningen 16:3
“Want hij wandelde in den weg der koningen van Israel; ja, hij deed ook zijn zoon door het vuur gaan, naar de gruwelen der heidenen, die de HEERE voor de kinderen Israels verdreven had.”
De schrijver van Koningen vat het beleid van Achaz samen: hij nam de afgoderij van het noordelijke rijk over en ging zelfs zover dat hij zijn zoon door het vuur liet gaan.
Jesaja 7:4
“En zeg tot hem: Wacht u, en zijt gerust, vrees niet, en uw hart worde niet week, vanwege die twee staarten dezer rokende vuurbranden; vanwege de ontsteking des toorns van Rezin en der Syriers, en van den zoon van Remalia;”
De boodschap die Jesaja aan Achaz moest brengen. De twee vijandige koningen zijn in Gods ogen niet meer dan smeulende stompjes hout.
Jesaja 7:9
“Ondertussen zal Samaria Efraims hoofd zijn, en de zoon van Remalia het hoofd van Samaria. Indien gijlieden niet gelooft, zekerlijk, gij zult niet bevestigd worden.”
De belofte van redding komt met een voorwaarde. Het voortbestaan van het huis van David hing voor Achaz af van geloof in het woord van God.
Jesaja 7:12
“Doch Achaz zeide: Ik zal het niet eisen, en ik zal den HEERE niet verzoeken.”
Een antwoord dat vroom klinkt, maar een aanbod van God afwijst. Jesaja verwijt het huis van David in het volgende vers dat het God moede maakt.
Jesaja 7:14
“Daarom zal de Heere Zelf ulieden een teken geven; ziet, een maagd zal zwanger worden, en zij zal een Zoon baren, en Zijn naam IMMANUEL heten.”
Het Immanuëlteken, gericht tot het hele huis van David. Mattheüs 1:23 ziet het vervuld in de geboorte van Jezus uit de maagd Maria.
2 Koningen 16:7
“Achaz nu zond boden tot Tiglath-Pilezer, den koning van Assyrie, zeggende: Ik ben uw knecht en uw zoon; kom op, en verlos mij uit de hand van den koning van Syrie, en uit de hand van den koning van Israel, die zich tegen mij opmaken.”
Achaz zoekt verlossing bij een mens en noemt zich diens knecht en zoon, woorden die het verbond met de HEERE omkeren.
2 Kronieken 28:22
“Ja, ter tijd, als men hem benauwde, zo maakte hij des overtredens tegen den HEERE nog meer; dit was de koning Achaz.”
De kroniekschrijver tekent Achaz met één zin: nood dreef hem niet terug naar God, maar verder van Hem af.
Mattheüs 1:23
“Ziet, de maagd zal zwanger worden, en een Zoon baren, en gij zult Zijn naam heten Emmanuel; hetwelk is, overgezet zijnde, God met ons.”
Mattheüs citeert de belofte aan Achaz bij de geboorte van Jezus en legt de naam uit als God met ons.
Tijdperiode
~735 v.Chr.
Achaz leefde in de tijd van het Oude Testament.
Gerelateerde personen
Lessen voor vandaag
Achaz leert ons hoe dicht ongeloof bij vroomheid kan liggen. Zijn weigering klonk als eerbied voor de wet, maar was een manier om God buiten zijn plannen te houden. Ook wij kunnen geestelijke woorden gebruiken om een keuze te verbergen die al vastligt. Het woord van Jesaja vraagt geen schijn, maar vertrouwen: "Indien gijlieden niet gelooft, zekerlijk, gij zult niet bevestigd worden" (Jesaja 7:9). Zijn leven laat ook zien wat zichtbare zekerheden kosten. Assyrië hielp, maar Achaz werd er een vazal van en betaalde met het goud van de tempel. De kroniekschrijver zegt nuchter dat de koning van Assyrië hem benauwde en niet sterkte (2 Kronieken 28:20). Wat wij in angst aangrijpen, kan ons in zijn greep krijgen. Wie de HEERE loslaat om veiligheid te kopen, verliest meer dan hij wint. Wij zien ook dat nood een mens niet vanzelf naar God drijft. Bij Achaz werkte benauwdheid het omgekeerde uit: hij werd nog ontrouwer (2 Kronieken 28:22). Dat roept ons op in moeilijke tijden eerlijk na te gaan waar wij onze hulp zoeken. En toch klinkt juist bij deze koning een woord vol troost. De belofte van Immanuël werd gegeven aan een huis dat God moede maakte. Gods trouw hing niet af van de trouw van Achaz. Daarom mogen ook wij, die zo vaak tekortschieten, vertrouwen op de Zoon die in Mattheüs 1:23 God met ons heet.
Bijbelse plaatsen
Veelgestelde vragen over Achaz
Wie was Achaz in de Bijbel?
Wat betekent de naam Achaz?
Waar staat Achaz in de Bijbel?
Wat is het Immanuëlteken van Jesaja 7:14?
Waarom wilde Achaz geen teken vragen?
Gaat Jesaja 7:14 over Jezus?
Wat was de Syrisch-Efraïmitische oorlog?
Offerde Achaz zijn zoon?
Wat deed Achaz met de tempel?
Is Achaz dezelfde als Achazja of Joahaz?
Wat is de zonnewijzer van Achaz?
Wat kunnen wij leren van Achaz?
Stel een vraag over Achaz
Wilt u meer weten over Achaz? Onze AI-gestuurde assistent helpt u met achtergrond, context en diepere inzichten uit de Bijbel.
Stel een vraag over AchazBijbelverhalen rond Achaz
Verdiep u verder
Bijbelse tijdlijn
Bekijk Achaz in de context van de bijbelse geschiedenis.
Bijbelse onderwerpen
Ontdek thema's die verbonden zijn met het leven van Achaz.
Lees de Bijbel
Lees het verhaal van Achaz in de Bijbel.
Bijbeluitleg
Lees commentaar en uitleg bij de bijbelgedeelten over Achaz.
AI BijbelAssistent
Stel uw vragen over Achaz aan onze AI-assistent.
Woordstudie
Bestudeer de oorspronkelijke betekenis van bijbelse namen en begrippen.
Heidelbergse Catechismus
Ontdek de gereformeerde leer over bijbelse personen en thema's.