Ga naar hoofdinhoud
Zonde en verlossing

Wat is het evangelie?

Kort antwoord

Het evangelie is de goede boodschap dat God zondaren redt door Zijn Zoon Jezus Christus. Hij is gestorven voor onze zonden en ten derden dage opgewekt (1 Korinthe 15:3-4). Wie zich bekeert en in Hem gelooft, ontvangt uit genade vergeving en eeuwig leven. Ook de vier bijbelboeken over Zijn leven heten evangeliën.

Het woord evangelie hoort u in de kerk, in de titels van vier bijbelboeken en in de prediking. Toch is het voor veel mensen een vaag begrip geworden: gaat het om een boek, een leer of een boodschap? Op deze pagina leest u wat het woord betekent, wat de vier evangeliën zijn, wat de kern van de boodschap is en waarom die boodschap voor ieder mens van belang is, ook voor u.

Wat betekent evangelie?

Het Nederlandse woord komt via het Latijn van het Griekse euangelion, dat goede boodschap of blijde tijding betekent. Het evangelie is dus in de eerste plaats nieuws: een bericht over iets wat God gedaan heeft. Het werkwoord dat erbij hoort, gebruikt de engel bij Bethlehem als hij tegen de herders zegt: 'Vreest niet, want, ziet, ik verkondig u grote blijdschap, die al den volke wezen zal' (Lukas 2:10). Die blijdschap is de geboorte van de Zaligmaker, Christus de Heere (Lukas 2:11).

Al in het Oude Testament klinkt dit goede nieuws. Jesaja prijst de voeten van wie het goede boodschapt en heil doet horen (Jesaja 52:7), en Paulus past die tekst toe op de prediking van Christus (Romeinen 10:15). Wie vraagt wat evangelie betekent, krijgt dus een eenvoudig antwoord: goed nieuws van God, met Christus als inhoud.

Wat zijn de vier evangeliën?

Evangelie is ook de naam van vier bijbelboeken: Mattheüs, Markus, Lukas en Johannes. Ze staan aan het begin van het Nieuwe Testament en beschrijven het leven, het onderwijs, het sterven en de opstanding van de Heere Jezus. Markus opent zijn boek met het woord zelf: in zijn eerste zin noemt hij wat volgt het begin van het evangelie over Jezus Christus, de Zoon van God (Markus 1:1).

Het zijn vier getuigenissen van één evangelie. Daarom spreekt men van het evangelie naar Mattheüs: het ene goede nieuws, zoals Mattheüs het opschreef. Elke schrijver heeft een eigen accent.

  • Mattheüs laat zien dat Jezus de beloofde Koning is, de Zoon van David (Mattheüs 1:1).
  • Markus vertelt kort en levendig wat Jezus deed, en toont Hem als de Dienaar Die Zijn leven geeft tot een rantsoen voor velen (Markus 10:45).
  • Lukas onderzocht alles nauwkeurig en schreef het in orde op (Lukas 1:3); hij heeft oog voor wie verloren is (Lukas 19:10).
  • Johannes schreef, zoals hij zelf zegt, opdat de lezer gelooft dat Jezus de Christus is, de Zoon van God, en het leven heeft in Zijn Naam (Johannes 20:31).

Wie de evangeliën zelf wil lezen, kan beginnen met het kortste. De bijbelstudie over Markus leidt u er stap voor stap doorheen.

Wat is het evangelie in een paar zinnen?

Paulus vat het zelf samen. Aan de gemeente in Korinthe schrijft hij dat hij hun het evangelie bekendmaakt dat zij hebben aangenomen (1 Korinthe 15:1). Dan volgt de kern: 'dat Christus gestorven is voor onze zonden, naar de Schriften' (1 Korinthe 15:3), en 'dat Hij is opgewekt ten derden dage, naar de Schriften' (1 Korinthe 15:4). Het evangelie gaat over een Persoon en over wat Hij gedaan heeft: Christus stierf in de plaats van zondaren, en God heeft Hem uit de doden opgewekt.

Twee keer zegt Paulus: naar de Schriften. Het evangelie is geen nieuwe vondst. Direct na de zondeval beloofde God al dat het zaad van de vrouw de slang de kop zou vermorzelen (Genesis 3:15), en de profeten zagen uit naar de Knecht des HEEREN, Die velen rechtvaardig zou maken (Jesaja 53:11).

Daarom schrijft Paulus aan de gemeente in Rome: 'want het is een kracht Gods tot zaligheid een iegelijk, die gelooft' (Romeinen 1:16). Het evangelie brengt dus meer dan informatie: het is het middel waardoor God mensen redt. Erin wordt de rechtvaardigheid Gods geopenbaard (Romeinen 1:17), de gerechtigheid die God Zelf schenkt aan wie gelooft. Meer over deze verzen leest u in de uitleg van Romeinen 1.

Omdat er zoveel van deze boodschap afhangt, waarschuwt Paulus scherp voor een ander evangelie (Galaten 1:8). De kerk heeft altijd afgewezen wat het evangelie verandert, zoals een boodschap waarin de mens zijn behoud zelf verdient. Hetzelfde geldt voor een evangelie dat gezondheid en welvaart belooft in plaats van vergeving. Een evangelie zonder Christus en zonder kruis is geen goed nieuws meer.

Waarom is het evangelie goed nieuws?

Goed nieuws is pas goed als u weet waarvan het redt. De Bijbel is daarover eerlijk: alle mensen hebben gezondigd en schieten tekort voor God (Romeinen 3:23), en de bezoldiging van de zonde is de dood (Romeinen 6:23). Niemand kan die schuld zelf wegdoen.

Daartegenover staat Gods liefde, die niet wacht tot wij beter zijn geworden: 'Maar God bevestigt Zijn liefde jegens ons, dat Christus voor ons gestorven is, als wij nog zondaars waren' (Romeinen 5:8). De bekendste tekst van de Bijbel zegt hetzelfde: 'Want alzo lief heeft God de wereld gehad, dat Hij Zijn eniggeboren Zoon gegeven heeft, opdat een iegelijk die in Hem gelooft, niet verderve, maar het eeuwige leven hebbe' (Johannes 3:16).

In Zondag 1 van de Heidelbergse Catechismus (vraag 2) staat wat een mens nodig heeft te weten om getroost te leven en te sterven. Eerst 'hoe groot mijn zonden en ellende zijn', dan hoe hij daarvan verlost wordt, en ten slotte hoe hij God voor die verlossing dankbaar zal zijn. Ellende, verlossing en dankbaarheid: zo loopt de weg van het evangelie. De grond van alles is wat God in Christus gedaan heeft, niet wat wij doen. Wie uit genade gered is, gaat daarna uit dankbaarheid leven naar Gods geboden (Efeze 2:8-10). Hoe die twee zich tot elkaar verhouden, leest u bij de vraag of een mens gered wordt door geloof of door werken.

Wat vraagt het evangelie van een mens?

Toen de Heere Jezus begon te prediken, vatte Hij Zijn boodschap samen in één zin: 'De tijd is vervuld, en het Koninkrijk Gods nabij gekomen; bekeert u, en gelooft het Evangelie' (Markus 1:15). Bekering is breken met de zonde en u tot God keren. Geloven is vertrouwen op Christus en rusten op Zijn belofte. Beide zijn het antwoord op het nieuws zelf, geen prestatie die u eerst moet leveren om het te verdienen. Het geloof is Gods gave (Efeze 2:8), en ook de bekering geeft God Zelf (Handelingen 11:18).

Het evangelie wordt aan ieder verkondigd, zonder onderscheid van afkomst of verleden: aan Jood en Griek (Romeinen 1:16). Paulus noemt zichzelf een gezant die namens Christus bidt: laat u met God verzoenen (2 Korinthe 5:20). Dat ook dit geloof een gave van God is, leest u bij de vraag wat genade in de Bijbel betekent.

Wat zeggen de belijdenisgeschriften?

De Heidelbergse Catechismus noemt het evangelie de bron waaruit wij Christus kennen. Op de vraag waaruit wij weten wie de Middelaar is, antwoordt hij: 'Uit het heilig Evangelie, hetwelk God Zelf eerstelijk in het Paradijs heeft geopenbaard' (Heidelbergse Catechismus, Zondag 6, vraag 19). Daarna liet God het volgens de catechismus verkondigen door patriarchen en profeten en afbeelden in de offers van de wet, tot Hij het vervulde in Zijn Zoon. In Zondag 7 heet het ware geloof een vertrouwen dat de Heilige Geest door het evangelie in het hart werkt (vraag 21), en wat een christen nodig is te geloven, is al wat ons in het evangelie beloofd wordt, samengevat in de artikelen van het Apostolicum (vraag 22).

Artikel 17 van de Nederlandse Geloofsbelijdenis belijdt dat God de mens na de val Zelf is gaan zoeken en hem getroost heeft met de belofte van Zijn Zoon. De Dordtse Leerregels (hoofdstuk II, artikel 5) zeggen dat de belofte van het evangelie luidt dat ieder die in de gekruisigde Christus gelooft, eeuwig leven ontvangt. Die belofte moet aan alle volken en mensen tot wie God Zijn evangelie zendt, zonder onderscheid verkondigd worden, met de oproep tot bekering en geloof.

Dat geldt ook voor u. U hoeft niet eerst beter te worden om tot Christus te mogen komen. Hij nodigt juist wie moe is van de zonde en de last niet langer kan dragen.

'Komt herwaarts tot Mij, allen die vermoeid en belast zijt, en Ik zal u rust geven' (Mattheüs 11:28)

Bijbelverwijzingen

wat is het evangelieevangelie betekeniswat betekent evangeliegoede boodschapvier evangeliënhc zondag 1hc zondag 6ngb art. 17

Stel uw eigen vraag

Wilt u meer weten over dit onderwerp? Stel uw vraag aan de AI BijbelAssistent en krijg direct een onderbouwd antwoord met bijbelverwijzingen.

Stel een vraag

Gerelateerde vragen

Zonde en verlossing

Hoe word ik christen?

Hoe word ik christen? De Bijbel antwoordt: door bekering tot God en geloof in de Heere Jezus Christus (Markus 1:15). Dat geloof werkt God Zelf door Zijn Woord en Geest. Wie Christus zoekt, mag de Bijbel lezen, om genade bidden, een kerk zoeken en met een predikant spreken. Christus wijst niemand af die tot Hem komt.

Zonde en verlossing

Wat is genade volgens de Bijbel?

Genade is in de Bijbel de onverdiende gunst van God: Hij schenkt de schuldige mens vergeving en eeuwig leven om Christus' wil, zonder dat die mens daar iets voor kan doen of verdienen. Wie zalig wordt, wordt dat uit genade, door het geloof (Efeze 2:8). Ook dat geloof is een gave van God.

Zonde en verlossing

Wordt een mens gered door geloof of werken?

Op de vraag geloof of werken antwoordt de Bijbel dat een mens gered wordt door het geloof in Christus, zonder de werken der wet (Romeinen 3:28). Goede werken zijn de vrucht van dat geloof en geen grond voor Gods vrijspraak. Als Jakobus zegt dat geloof zonder werken dood is, bedoelt hij een geloof dat alleen uit woorden bestaat.

Jezus Christus

Waarom moest Jezus sterven?

De Bijbel geeft een helder antwoord op de vraag waarom Jezus moest sterven: Hij droeg in onze plaats de straf voor onze zonden, zodat wie in Hem gelooft met God verzoend wordt (Jesaja 53:5). God is rechtvaardig en laat de zonde niet ongestraft. In Zijn liefde gaf Hij Zijn Zoon, Die deze straf vrijwillig op Zich nam.

Zonde en verlossing

Vergeeft God alle zonden?

Ja, God vergeeft alle zonden aan ieder die ze belijdt en op Christus vertrouwt (1 Johannes 1:9). Dat geldt ook voor zware zonden, zoals die van David en Paulus. De Heere Jezus noemt één uitzondering: de lastering tegen de Heilige Geest, door wie Gods werk bewust verwerpt en geen vergeving meer zoekt. Wie daarvoor vreest, zoekt nog vergeving.

Verdiep u verder