Ga naar hoofdinhoud

Kort Begrip les 10: avondmaal en tucht

In het kort

Les 10 van het Kort Begrip gaat over het heilig avondmaal en de kerkelijke tucht. Brood en wijn betekenen en verzegelen dat Christus de ziel spijst met Zijn lichaam en bloed. Wie aangaat, beproeft zichzelf. Wie in leer of leven ergernis geeft, wordt van het avondmaal geweerd en volgens Mattheüs 18 vermaand.

De vragen en antwoorden van Kort Begrip, les 10

  1. 57. Welk is het uiterlijk teeken in het Avondmaal?

    Antw.Het gebroken brood, dat wij eten, en de vergoten wijn, dien wij drinken, tot gedachtenis van het lijden en sterven van Christus.

    Bewijsteksten: Mattheüs 26:26-28; 1 Korinthe 11:26
    • Mattheüs 26:26-28 En als zij aten, nam Jezus het brood, en gezegend hebbende, brak Hij het, en gaf het den discipelen, en zeide: Neemt, eet, dat is Mijn lichaam. En Hij nam den drinkbeker, en gedankt hebbende, gaf hun dien, zeggende: Drinkt allen daaruit; Want dat is Mijn bloed, het bloed des Nieuwen Testaments, hetwelk voor velen vergoten wordt, tot vergeving der zonden.
    • 1 Korinthe 11:26 Want zo dikwijls als gij dit brood zult eten, en dezen drinkbeker zult drinken, zo verkondigt den dood des Heeren, totdat Hij komt.
  2. 58. Wat beteekent en verzegelt dat?

    Antw.Dat Christus onze ziel met Zijn gekruisigd lichaam en vergoten bloed spijst en laaft ten eeuwigen leven.

    Bewijsteksten: 1 Korinthe 10:16; Johannes 6:54; Johannes 6:35
    • 1 Korinthe 10:16 De drinkbeker der dankzegging, dien wij dankzeggende zegenen, is die niet een gemeenschap des bloeds van Christus? Het brood, dat wij breken, is dat niet een gemeenschap des lichaams van Christus?
    • Johannes 6:54 Die Mijn vlees eet, en Mijn bloed drinkt, die heeft het eeuwige leven; en Ik zal hem opwekken ten uitersten dage.
    • Johannes 6:35 En Jezus zeide tot hen: Ik ben het Brood des levens; die tot Mij komt, zal geenszins hongeren, en die in Mij gelooft, zal nimmermeer dorsten.
  3. 59. Waar heeft ons Christus zulks toegezegd?

    Antw.In de instelling des heiligen Avondmaals, welke van den heiligen Paulus wordt beschreven:

    Want ik heb van den Heere ontvangen, hetgeen ik ook u overgegeven heb, dat de Heere Jezus in den nacht, in welken Hij verraden werd, het brood nam; en als Hij gedankt had, brak Hij het, en zeide: „Neemt, eet, dat is Mijn lichaam, dat voor u gebroken wordt: doet dat tot Mijne gedachtenis.” Desgelijks nam Hij ook den drinkbeker, na het eten des Avondmaals en zeide: „Deze drinkbeker is het Nieuwe Testament in Mijn bloed; doet dat, zoo dikwijls als gij (dien) zult drinken tot Mijne gedachtenis. Want zoo dikwijls als gij dit brood zult eten, en dezen drinkbeker zult drinken, zoo verkondigt den dood des Heeren tot dat Hij komt.”

    Bewijstekst: 1 Korinthe 11:23-26
    • 1 Korinthe 11:23-26 Want ik heb van den Heere ontvangen, hetgeen ik ook u overgegeven heb, dat de Heere Jezus in den nacht, in welken Hij verraden werd, het brood nam; En als Hij gedankt had, brak Hij het, en zeide: Neemt, eet, dat is Mijn lichaam, dat voor u gebroken wordt; doet dat tot Mijn gedachtenis. Desgelijks nam Hij ook den drinkbeker, na het eten des avondmaals, en zeide: Deze drinkbeker is het Nieuwe Testament in Mijn bloed. Doet dat, zo dikwijls als gij dien zult drinken, tot Mijn gedachtenis. Want zo dikwijls als gij dit brood zult eten, en dezen drinkbeker zult drinken, zo verkondigt den dood des Heeren, totdat Hij komt.
  4. 60. Wordt het brood veranderd in het lichaam van Christus, en de wijn in zijn bloed?

    Antw.Neen; niet meer dan het water in den Doop wordt veranderd in het bloed van Christus.

    Bewijsteksten: 1 Korinthe 11:26; Mattheüs 3:11
    • 1 Korinthe 11:26 Want zo dikwijls als gij dit brood zult eten, en dezen drinkbeker zult drinken, zo verkondigt den dood des Heeren, totdat Hij komt.
    • Mattheüs 3:11 Ik doop u wel met water tot bekering; maar Die na mij komt, is sterker dan ik, Wiens schoenen ik niet waardig ben Hem na te dragen; Die zal u met den Heiligen Geest en met vuur dopen.
  5. 61. Hoe moet gij u zelven beproeven, eer gij tot het Avondmaal des Heeren komt?

    Antw.Eerst moet ik onderzoeken, of ik mijzelven van wege mijne zonden mishage en mij daarom voor God verootmoedige.

    Ten tweede, of ik geloof en vertrouw, dat mij al mijne zonden om Christus wil vergeven zijn.

    Ten derde, of ik ook een ernstig voornemen heb, om voortaan in alle goede werken te wandelen.

    Bewijsteksten: 1 Korinthe 11:28-29; Psalm 51:19; 2 Korinthe 13:5; Psalm 119:106
    • 1 Korinthe 11:28-29 Maar de mens beproeve zichzelven, en ete alzo van het brood, en drinke van den drinkbeker. Want die onwaardiglijk eet en drinkt, die eet en drinkt zichzelven een oordeel, niet onderscheidende het lichaam des Heeren.
    • Psalm 51:19 De offeranden Gods zijn een gebroken geest; een gebroken en verslagen hart zult Gij, o God! niet verachten.
    • 2 Korinthe 13:5 Onderzoekt uzelven, of gij in het geloof zijt, beproeft uzelven. Of kent gij uzelven niet, dat Jezus Christus in u is? tenzij dat gij enigszins verwerpelijk zijt.
    • Psalm 119:106 Ik heb gezworen, en zal het bevestigen, dat ik onderhouden zal de rechten Uwer gerechtigheid.
  6. 62. Zal men hen ook ten Avondmaal laten gaan, die een ongoddelijke leer drijven, of een ergerlijk leven leiden?

    Antw.Neen, opdat Gods verbond niet worde ontheiligd, en Zijn toorn over de gansche Gemeente niet aangestoken worde.

    Bewijsteksten: 1 Korinthe 11:30; Psalm 50:16; Mattheüs 7:6; Titus 3:10
    • 1 Korinthe 11:30 Daarom zijn onder u vele zwakken en kranken, en velen slapen.
    • Psalm 50:16 Maar tot den goddeloze zegt God: Wat hebt gij Mijn inzettingen te vertellen, en neemt Mijn verbond in uw mond?
    • Mattheüs 7:6 Geeft het heilige den honden niet, noch werpt uw paarlen voor de zwijnen; opdat zij niet te eniger tijd dezelve met hun voeten vertreden, en zich omkerende, u verscheuren.
    • Titus 3:10 Verwerp een kettersen mens na de eerste en tweede vermaning;
  7. 63. Hoe zal men dan met de zoodanigen handelen?

    Antw.Achtervolgens de instelling, welke ons Christus daarvan gegeven heeft, Matth. 18:15-17, welke aldus luidt:

    Maar indien uw broeder tegen u gezondigd heeft, ga heen en bestraf hem tusschen u en hem alleen; indien hij u hoort, zoo hebt gij uwen broeder gewonnen. Maar indien hij u niet hoort, zoo neem nog één of twee met u, opdat in den mond van twee of drie getuigen alle woord besta. En indien hij denzelven geen gehoor geeft, zoo zeg het der gemeente, en indien hij ook der gemeente geen gehoor geeft, zoo zij hij u als een heiden en tollenaar.

    Bewijstekst: Mattheüs 18:15-17
    • Mattheüs 18:15-17 Maar indien uw broeder tegen u gezondigd heeft, ga heen en bestraf hem tussen u en hem alleen; indien hij u hoort, zo hebt gij uw broeder gewonnen. Maar indien hij u niet hoort, zo neem nog een of twee met u; opdat in de mond van twee of drie getuigen alle woord besta. En indien hij denzelven geen gehoor geeft; zo zeg het der gemeente; en indien hij ook der gemeente geen gehoor geeft, zo zij hij u als de heiden en de tollenaar.

Tekst: Kort Begrip der Christelijke Religie, voor hen die zich willen begeven tot des Heeren Heilig Avondmaal. 15e druk, 's-Gravenhage: S. van Velzen jr. (W.A. Beschoor), 1895. Uitgave van de docenten der Theologische School (De Haan, Van Velzen, Brummelkamp, De Cock). Scan op Delpher. Woord voor woord op de scan nagelezen en vergeleken met 3 andere drukken. Publiek domein. De Vries-Te Winkel, zoals in de kopieerbron (1895); niet gemoderniseerd. Over de tekst.

Uitleg om te leren en te bespreken

Na de doop komt het tweede sacrament aan de orde: het heilig avondmaal. Een mens wordt eenmaal gedoopt, maar aan het avondmaal komt de gemeente telkens weer. Deze les leert wat het teken is en wat het betekent. Ook leert zij hoe men zich voorbereidt, en hoe de kerk handelt met wie de tafel zou ontheiligen.

Brood en wijn

Vraag 57 noemt het uiterlijke teken: 'Het gebroken brood, dat wij eten, en de vergoten wijn, dien wij drinken'. Dat gebeurt 'tot gedachtenis van het lijden en sterven van Christus'. Gedachtenis betekent: herinnering. Het gebroken brood wijst naar Zijn lichaam dat gebroken werd, de wijn naar Zijn bloed dat vergoten werd.

Vraag 58 zegt wat dit betekent en verzegelt. Christus spijst en laaft onze ziel 'met Zijn gekruisigd lichaam en vergoten bloed'. Spijzen is voeden, laven is te drinken geven. Zoals brood en wijn het lichaam sterken, zo sterkt Christus Zelf de ziel. Hij zegt: "Ik ben het Brood des levens; die tot Mij komt, zal geenszins hongeren".

De instelling door Christus

Waar heeft Christus dit beloofd? Vraag 59 wijst naar de instelling, zoals Paulus die beschrijft. De Heere Jezus nam het brood 'in den nacht, in welken Hij verraden werd'. Juist in die nacht gaf Hij Zijn gemeente dit teken van Zijn liefde. Wie het avondmaal viert, verkondigt "den dood des Heeren, totdat Hij komt". Het avondmaal ziet dus terug naar het kruis en vooruit naar Zijn wederkomst.

Vraag 60 weert een misverstand af. Wordt het brood veranderd in het lichaam van Christus? 'Neen; niet meer dan het water in den Doop wordt veranderd in het bloed van Christus'. Brood blijft brood en wijn blijft wijn. Christus is naar Zijn menselijke natuur in de hemel. Toch hebben de gelovigen door het geloof echte gemeenschap met Hem. Paulus noemt het brood daarom "een gemeenschap des lichaams van Christus".

Uzelf beproeven

Vraag 61 leert hoe men zich voorbereidt. Beproeven betekent: onderzoeken, eerlijk naar zichzelf kijken. Paulus zegt: "Maar de mens beproeve zichzelven, en ete alzo van het brood". Het boekje noemt drie vragen. De eerste is of ik 'mijzelven van wege mijne zonden mishage'. Mishagen betekent: niet bevallen. Wie aangaat, heeft verdriet over zijn zonden en verootmoedigt zich, dat is: buigt zich laag voor God.

De tweede vraag is of ik geloof en vertrouw 'dat mij al mijne zonden om Christus wil vergeven zijn'. De derde is of ik 'een ernstig voornemen' heb om voortaan in alle goede werken te wandelen. Dit vraagt geen volmaaktheid. Het vraagt droefheid over de zonde, geloof in Christus en een oprecht verlangen naar een nieuw leven. Zo is de tafel bedoeld voor zondaars die hun hulp alleen in Christus zoeken.

Tucht als middel van liefde

Vraag 62 gaat over wie 'een ongoddelijke leer drijven, of een ergerlijk leven leiden'. Een ongoddelijke leer drijven betekent: een leer verkondigen die tegen Gods Woord ingaat. Ergerlijk betekent: zo dat anderen er aanstoot aan nemen of erdoor tot zonde komen. Zulke mensen mogen niet aan het avondmaal, 'opdat Gods verbond niet worde ontheiligd'. In Psalm 50 zegt God dat de goddeloze Zijn verbond niet in de mond mag nemen.

Het gaat daarbij ook om de hele gemeente. Het antwoord zegt: opdat 'Zijn toorn over de gansche Gemeente niet aangestoken worde'. God neemt het ontheiligen van Zijn tafel ernstig. Paulus houdt de Korinthiërs voor dat er daarom onder hen "vele zwakken en kranken" waren.

Vraag 63 zegt hoe de kerk met zulke mensen handelt: 'Achtervolgens de instelling, welke ons Christus daarvan gegeven heeft'. Achtervolgens betekent: volgens. Het boekje haalt Mattheüs 18 aan. Eerst spreekt men iemand onder vier ogen aan, daarna met één of twee getuigen, en pas dan zegt men het aan de gemeente. Wie ook naar de gemeente niet hoort, wordt ten slotte buiten de gemeente gesteld: 'zoo zij hij u als een heiden en tollenaar'.

Toch is het doel herstel: "zo hebt gij uw broeder gewonnen". Tucht is geen wraak, maar een middel om een zondaar tot bekering te brengen en terug te winnen.

Bijbelse onderbouwing

  • 1 Korinthe 11:26

    “Want zo dikwijls als gij dit brood zult eten, en dezen drinkbeker zult drinken, zo verkondigt den dood des Heeren, totdat Hij komt.”

    Wie het avondmaal viert, verkondigt de dood van de Heere totdat Hij komt, de gedachtenis waarover vraag 57 spreekt.

  • 1 Korinthe 10:16

    “De drinkbeker der dankzegging, dien wij dankzeggende zegenen, is die niet een gemeenschap des bloeds van Christus? Het brood, dat wij breken, is dat niet een gemeenschap des lichaams van Christus?”

    Brood en beker zijn een gemeenschap van het lichaam en bloed van Christus, wat vraag 58 het spijzen van de ziel noemt.

  • Johannes 6:35

    “En Jezus zeide tot hen: Ik ben het Brood des levens; die tot Mij komt, zal geenszins hongeren, en die in Mij gelooft, zal nimmermeer dorsten.”

    Christus is Zelf het Brood des levens, en daarom wijst het brood van het avondmaal naar Hem.

  • 1 Korinthe 11:28-29

    “Maar de mens beproeve zichzelven, en ete alzo van het brood, en drinke van den drinkbeker. Want die onwaardiglijk eet en drinkt, die eet en drinkt zichzelven een oordeel, niet onderscheidende het lichaam des Heeren.”

    Paulus roept op tot zelfbeproeving, omdat wie onwaardig eet zichzelf een oordeel eet, en daarop bouwt vraag 61.

  • Mattheüs 18:15-17

    “Maar indien uw broeder tegen u gezondigd heeft, ga heen en bestraf hem tussen u en hem alleen; indien hij u hoort, zo hebt gij uw broeder gewonnen. Maar indien hij u niet hoort, zo neem nog een of twee met u; opdat in de mond van twee of drie getuigen alle woord besta. En indien hij denzelven geen gehoor geeft; zo zeg het der gemeente; en indien hij ook der gemeente geen gehoor geeft, zo zij hij u als de heiden en de tollenaar.”

    Christus geeft Zelf de weg van de tucht, stap voor stap, met als doel dat de broeder gewonnen wordt.

Bijbelteksten uit de Statenvertaling.

Om over door te praten

  1. Waarom gebruikt Christus juist brood en wijn om te laten zien wat Hij voor de ziel is?
  2. Wat leert vraag 60 over het brood en de wijn, en waarom is dat belangrijk?
  3. Welke van de drie vragen van de zelfbeproeving vindt u het moeilijkst om eerlijk te beantwoorden?
  4. Waarom is kerkelijke tucht een daad van liefde en geen daad van hardheid?

Samen leren thuis

Lees samen 1 Korinthe 11:23-29. Wordt er binnenkort avondmaal gevierd in uw gemeente, bespreek dan met de kinderen wat zij zien: het brood dat gebroken wordt en de wijn die wordt uitgeschonken. Leg uit naar Wie deze tekenen wijzen. Lees daarna de drie delen van vraag 61 en bid samen om een eerlijk en verbroken hart.