Ribla als grenspunt
Bij de beschrijving van de oostgrens van het land wordt een Ribla genoemd. Of dit dezelfde plaats is als de latere legerplaats, is onzeker.
Ribla (Hebreeuws רִבְלָה). De betekenis van de naam is onzeker. In 2 Koningen 23:33 en 25:21 en in Jeremia 39:5 en 52:9 zegt de Statenvertaling erbij dat de stad in het land van Hamath lag.
Ribla was een stad in het land van Hamath, aan de weg van Egypte naar Mesopotamië. Farao Necho liet er koning Joahaz binden, en Nebukadnezar velde er het vonnis over Zedekia, de laatste koning van Juda (2 Koningen 25:6-7).
Ook bekend als: Ribleh
Ribla lag ver ten noorden van Israël, in het land van Hamath, aan het noordeinde van het dal tussen de Libanon en de Antilibanon. Door dat dal liep de weg die legers van Egypte naar de Eufraat en terug namen. Uitleggers wijzen erop dat een koning daar water en ruimte voor een legerkamp had en tegelijk de wegen naar Syrië en naar het land Israël beheerste.
Meestal gelijkgesteld met het dorp Ribleh aan de rivier de Orontes, ten zuiden van Homs in Syrië, dicht bij de grens met Libanon. De oude naam lijkt daar bewaard; die identificatie is waarschijnlijk. Of de Ribla uit Numeri 34:11 dezelfde plaats is, is onzeker.
Bij de beschrijving van de oostgrens van het land wordt een Ribla genoemd. Of dit dezelfde plaats is als de latere legerplaats, is onzeker.
Farao Necho laat koning Joahaz te Ribla binden, legt Juda een boete op en neemt Joahaz mee naar Egypte.
Na de val van Jeruzalem wordt de gevluchte Zedekia naar Ribla gebracht. De koning van Babel spreekt daar het oordeel over hem uit.
De zonen van Zedekia en de vorsten van Juda worden te Ribla gedood. Zedekia wordt verblind en geboeid naar Babel gebracht, waar hij tot zijn dood gevangen blijft.
Nebuzaradan brengt de hogepriester, priesters en ambtenaren uit Jeruzalem naar Ribla, waar de koning van Babel hen doodt.
De volgende bijbelgedeelten helpen u om de rol van Ribla in de Schrift beter te begrijpen.
Ribla lag in het land van Hamath, ver ten noorden van Israël, aan het noordeinde van het dal tussen de Libanon en de Antilibanon. De stad wordt meestal gelijkgesteld met het dorp Ribleh aan de rivier de Orontes, ten zuiden van Homs in Syrië, dicht bij de grens met Libanon. Die identificatie is waarschijnlijk, omdat de oude naam daar bewaard lijkt.
Ribla was een legerplaats van vreemde koningen. Farao Necho liet er koning Joahaz van Juda binden en afzetten (2 Koningen 23:33). Ruim twintig jaar later velde Nebukadnezar er het vonnis over Zedekia: diens zonen werden voor zijn ogen gedood, hijzelf werd verblind en naar Babel gevoerd (Jeremia 39:5-7). Ook de hogepriester Seraja en anderen uit Jeruzalem werden er gedood (2 Koningen 25:18-21).
De Bijbel geeft geen reden. Nebukadnezar was het beleg zelf begonnen (2 Koningen 25:1), maar bij de val van de stad was hij te Ribla, en Zedekia werd daarheen tot hem gebracht (2 Koningen 25:6). Uitleggers wijzen op de ligging: aan de weg tussen Egypte en Mesopotamië, met water en ruimte voor een leger. Van daaruit kon hij, zo menen zij, de oorlog in Juda en de toestand in Syrië en Fenicië tegelijk volgen.
Ribla staat elf keer in de Statenvertaling. Numeri 34:11 noemt de plaats bij de oostgrens van het land. 2 Koningen 23:33 vertelt hoe Necho Joahaz er liet binden. 2 Koningen 25:6, 20 en 21 beschrijven het oordeel over Zedekia en de terechtstelling van Seraja en anderen. Jeremia 39:5-6 en Jeremia 52:9-10 en 26-27 vertellen hetzelfde.
Dat is onzeker. Numeri 34:11 noemt Ribla als punt op de oostgrens van het land, waarna de grens langs de zee Cinnereth loopt. Ribleh aan de Orontes ligt daar ver vandaan, en daarom denken veel uitleggers aan een andere plaats met dezelfde naam, dichter bij het meer. Anderen menen dat de grens van het land zo ver naar het noorden reikte. De tekst zelf beslist het niet.
Van de legerplaats van Necho en Nebukadnezar is geen opgraving of vondst bekend; een legerkamp laat weinig sporen na. Dat Ribla bij het huidige dorp Ribleh lag, berust op de naam en op de ligging aan de oude weg door het dal tussen de Libanon en de Antilibanon. Die identificatie geldt als waarschijnlijk, maar vondsten hebben haar niet bevestigd.
Dat is mogelijk, maar niet zeker. Ezechiël 6:14 zegt dat het land woest zou worden, "woester dan de woestijn naar Diblath henen". Een plaats Diblath is verder nergens bekend. Omdat de Hebreeuwse letters voor d en r sterk op elkaar lijken, menen sommige uitleggers dat hier Ribla bedoeld is, aan de noordgrens van het land. Anderen houden Diblath voor een eigen naam. De tekst zelf beslist het niet.
Hamath
De identificatie is zeker: Hamath is de stad Hama aan de Orontes in Syrië, die de oude naam bewaard heeft
Babylon
De ruïnes van Babylon liggen in Irak, ongeveer 85 kilometer ten zuiden van Bagdad, bij de stad Hilla
Jeruzalem
Jeruzalem bestaat nog en is een van de oudste voortdurend bewoonde steden ter wereld
Megiddo
Megiddo is met zekerheid gelijkgesteld met Tel Megiddo (Arabisch Tell el-Mutesellim) in het noorden van Israël, ongeveer dertig kilometer ten zuidoosten van Haifa
Libanon
De ligging is zeker: het gebergte draagt nog altijd de naam Libanon en ligt grotendeels in de staat Libanon, die naar de bergen is genoemd; het Antilibanon vormt de grens met Syrië
Wilt u dieper ingaan op de geschiedenis, de bijbelteksten of de theologische betekenis van Ribla? Onze AI-assistent helpt u verder.
Terug naar het overzicht van bijbelse plaatsen.
Ontdek wie er leefden in Ribla.
Plaats Ribla in de bijbelse geschiedenis.
Lees de bijbelgedeelten over Ribla.
Uitleg bij bijbelgedeelten over Ribla.
Verken thema's die verbonden zijn met Ribla.