Ga naar hoofdinhoud
Oude Testament~445 v.Chr.

Sanballat in de Bijbel

Sanballat (סַנְבַלַּט, Hebreeuws) - “Waarschijnlijk: de maangod Sin geeft leven”

Wie was Sanballat?

Sanballat de Horoniet was de belangrijkste tegenstander van Nehemia, rond 445 voor Christus. Hij had gezag in Samaria. Samen met Tobia de Ammoniet en Gesem de Arabier probeerde hij het herstel van de muur van Jeruzalem te verhinderen met spot, dreiging, list en een gehuurde profeet (Nehemia 6:12). Het lukte hem niet.

Sanballat staat alleen in het boek Nehemia: in Nehemia 2:10 en 2:19, Nehemia 4:1-8, Nehemia 6:1-14 en Nehemia 13:28. De Statenvertaling noemt hem "Sanballat, de Horoniet" of kortweg Sanballat. Hij trekt bijna altijd samen op met Tobia, "de Ammonietische knecht", en met Gesem, de Arabier. Sanballat verschijnt meteen bij de komst van Nehemia. Toen hij hoorde dat er iemand gekomen was "om wat goeds te zoeken voor de kinderen Israels", mishaagde hem dat zeer (Nehemia 2:10). Zijn tegenstand liep daarna op. Eerst spotte hij en vroeg hij of de Joden tegen de koning wilden rebelleren (Nehemia 2:19). Toen de bouw doorging, werd hij zeer toornig en hoonde hij de "amechtige Joden" voor het leger van Samaria (Nehemia 4:2). Vervolgens beraamde hij met de Arabieren, de Ammonieten en de Asdodieten een aanval op Jeruzalem (Nehemia 4:7-8). Toen ook dat niets uithaalde, probeerde Sanballat het met list. Viermaal nodigde hij Nehemia uit in de dorpen in het dal Ono, "maar zij dachten mij kwaad te doen" (Nehemia 6:2). De vijfde keer stuurde hij een open brief met het gerucht dat Nehemia zich koning wilde maken. Ten slotte huurden Tobia en Sanballat Semaja, die Nehemia aanraadde zich in de tempel op te sluiten (Nehemia 6:10-12). Nehemia doorzag het en bleef. Het laatste wat de Bijbel over hem zegt, staat in Nehemia 13:28: een kleinzoon van de hogepriester Eljasib was zijn schoonzoon geworden. Hoe het verder met Sanballat afliep, vertelt de Bijbel niet. Het herstel van de muur zelf wordt verteld bij Nehemia en in het verhaal over de bouw van de muur.

Historische context

Nehemia kwam naar Jeruzalem in het twintigste jaar van koning Arthahsasta (Nehemia 2:1). Die koning wordt gewoonlijk vereenzelvigd met de Perzische koning Artaxerxes I; dan gaat het om ongeveer 445 voor Christus. Juda was een klein gewest in het Perzische rijk, in het gebied dat de Bijbel "aan gene zijde der rivier" noemt (Nehemia 2:9). Jeruzalem lag er sinds de verwoesting door Babel zwak bij: de muur was "verscheurd" en de poorten "met vuur verbrand" (Nehemia 1:3). Sanballat sprak volgens Nehemia 4:2 voor "het heir van Samaria". Daaruit wordt meestal afgeleid dat hij een leidende positie had in Samaria, het gebied ten noorden van Juda. De bijnaam "de Horoniet" verklaart men gewoonlijk vanuit Beth-Horon, een plaats ten noordwesten van Jeruzalem, of vanuit Horonaïm in Moab. Zeker is het niet. Zijn naam is waarschijnlijk Babylonisch van oorsprong en wordt vaak uitgelegd als: de maangod Sin geeft leven. Dat kan wijzen op een familie die in de tijd van Assyrië of Babel in de streek was gekomen, maar ook dat blijft een vermoeden. Een buitenbijbelse bron noemt waarschijnlijk dezelfde man. In Elefantine in Egypte is een Aramese brief gevonden, gewoonlijk gedateerd rond 407 voor Christus, waarin joodse kolonisten schrijven over Delaja en Selemja, de zonen van Sanballat, de landvoogd van Samaria. Die namen eindigen op -ja, een verkorte vorm van de naam van de HEERE; wat dat over de godsdienst van Sanballat zegt, is onzeker. De meeste geleerden zien in die vader dezelfde Sanballat als in Nehemia. De joodse geschiedschrijver Josephus vertelt van een Sanballat in de tijd van Alexander de Grote, die zijn dochter uithuwelijkte aan een broer van de hogepriester. Dat lijkt sterk op Nehemia 13:28; of Josephus twee personen of één geschiedenis door elkaar haalt, is onder geleerden omstreden. Tegenstand uit de omgeving was niet nieuw. Al bij de herbouw van de tempel onder Zerubbabel maakte het volk van het land de handen van Juda slap en huurde het raadslieden tegen hen (Ezra 4:4-5). De vraag "Wilt gijlieden tegen den koning rebelleren?" (Nehemia 2:19) was bovendien een gevaarlijke beschuldiging. Eerder, ook in de dagen van Arthahsasta, hadden tegenstanders de koning geschreven dat Jeruzalem "die rebelle en die boze stad" was, en toen was het herstel van de stad met geweld stilgelegd (Ezra 4:12 en 4:21-23). Sanballat wist dus welk wapen hij hanteerde. Over de versnummering: in de Statenvertaling begint Nehemia 4 met de spot van Sanballat. In uitgaven die de Hebreeuwse indeling volgen, staat dat gedeelte in Nehemia 3:33-38, en zijn de verzen van hoofdstuk 4 daar zes lager genummerd.

Karaktereigenschappen

+Positieve eigenschappen

  • Invloedrijk: hij sprak met gezag voor zijn broeders en het leger van Samaria (Nehemia 4:2)
  • Vasthoudend: hij gaf na vier weigeringen niet op (Nehemia 6:4-5)

−Zwakke kanten

  • Spotte met mensen in nood en met het werk dat zij voor God deden (Nehemia 4:1-2)
  • Verspreidde een verzonnen beschuldiging van opstand (Nehemia 6:6-8)
  • Huurde met Tobia een profeet om Nehemia te laten zondigen en zijn naam te beschadigen (Nehemia 6:12-13)

Theologische betekenis

Het boek Nehemia vertelt de tegenstand van Sanballat niet om hem te tekenen, maar om te laten zien hoe God Zijn werk beschermt. Nehemia gaf in zijn eerste antwoord meteen de richting aan: "God van den hemel, Die zal het ons doen gelukken, en wij, Zijn knechten, zullen ons opmaken en bouwen; maar gijlieden hebt geen deel, noch gerechtigheid, noch gedachtenis in Jeruzalem" (Nehemia 2:20). Het ging om de stad van God, en daarin had Sanballat geen aandeel. De tegenstand volgt een patroon dat in de Schrift vaker terugkomt. Spot probeert de moed te breken, dreiging de vrede, list de leider en een vals profetisch woord het geweten. Sanballat en Tobia huurden Semaja, opdat Nehemia "zou vrezen, en alzo doen, en zondigen" (Nehemia 6:13). Het doel was niet alleen het werk stil te leggen, maar Nehemia een kwade naam te bezorgen. Het boek zelf herinnert aan een oudere geschiedenis: de Ammonieten en Moabieten hadden eens Bileam gehuurd om Israël te vloeken, "hoewel onze God den vloek omkeerde in een zegen" (Nehemia 13:2). Tegenover die tegenstand staat telkens dezelfde houding: gebed en waakzaamheid samen. "Maar wij baden tot onzen God, en zetten wacht tegen hen, dag en nacht" (Nehemia 4:9). Nehemia vertrouwde niet op zijn voorzorgen alleen, en ook niet op gebed zonder voorzorg. Zijn gebeden over de tegenstanders (Nehemia 4:4-5 en 6:14) leggen het oordeel in de hand van God; hij nam zelf geen wraak. De afloop laat zien wie het laatste woord heeft. Toen de muur klaar was, vreesden de heidenen rondom, "want zij merkten, dat dit werk van onzen God gedaan was" (Nehemia 6:16). Psalm 2 zegt over de vorsten die tegen de HEERE opstaan: "Die in den hemel woont, zal lachen" (Psalm 2:4). Toch eindigt het verhaal niet triomfantelijk. Nehemia 13 laat zien dat de grootste dreiging niet van buiten kwam. Edelen van Juda schreven brieven met Tobia (Nehemia 6:17), de priester Eljasib gaf Tobia een kamer in het huis van God, en een kleinzoon van Eljasib trouwde de dochter van Sanballat. Wat met spot en dreiging niet lukte, kwam via verwantschap en compromis toch binnen. Nehemia reinigde de kamers, joeg de schoonzoon weg en legde de zaak voor God neer: "Gedenk aan hen, mijn God, omdat zij het priesterdom hebben verontreinigd" (Nehemia 13:29).

Naamsbetekenis

Oorspronkelijke naam

Sanballat (סַנְבַלַּט, Hebreeuws)

Betekenis

Waarschijnlijk: de maangod Sin geeft leven

Sleutelmomenten

1

Mishagen en spot

Als Nehemia met brieven van de koning komt, mishaagt het Sanballat en Tobia zeer dat iemand het goede zoekt voor de kinderen van Israël. Wanneer het volk besluit te bouwen, spotten zij met Gesem en vragen of de Joden tegen de koning willen rebelleren. Nehemia antwoordt dat de God van de hemel het zal doen gelukken.

Nehemia 2:10-20

2

Spot voor het leger van Samaria

Sanballat wordt zeer toornig en hoont de amechtige Joden in het bijzijn van zijn broeders en het leger van Samaria. Tobia voegt eraan toe dat een vos hun stenen muur wel zou verscheuren.

Nehemia 4:1-3

3

Een samenzwering tegen Jeruzalem

Als de bressen gedicht worden, sluiten Sanballat, Tobia, de Arabieren, de Ammonieten en de Asdodieten een verbond om Jeruzalem aan te vallen. Nehemia en het volk bidden tot God en zetten dag en nacht wacht.

Nehemia 4:7-9

4

Uitnodiging naar het dal Ono

Nu de muur bijna klaar is, nodigen Sanballat en Gesem Nehemia uit voor een ontmoeting in het dal Ono. Nehemia begrijpt dat zij hem kwaad willen doen en weigert viermaal: hij doet een groot werk.

Nehemia 6:2-4

5

De open brief

De vijfde keer stuurt Sanballat zijn knecht met een open brief. Daarin staat dat Nehemia een opstand voorbereidt en profeten heeft besteld om hem koning te noemen. Nehemia antwoordt dat Sanballat dit uit zijn hart heeft verzonnen.

Nehemia 6:5-8

6

Een gehuurde profeet

Semaja raadt Nehemia aan zich in de tempel op te sluiten, omdat men hem zou komen doden. Nehemia merkt dat God hem niet gezonden heeft: Tobia en Sanballat hebben hem gehuurd om hem bang te maken en te laten zondigen.

Nehemia 6:10-13

7

Zijn schoonzoon weggejaagd

Bij zijn tweede verblijf in Jeruzalem ontdekt Nehemia dat een van de zonen van Jojada, de zoon van Eljasib, de schoonzoon van Sanballat is geworden. Hij jaagt hem weg en bidt God te gedenken dat het priesterschap verontreinigd is (Nehemia 13:29).

Nehemia 13:28

Belangrijke bijbelteksten

De volgende bijbelgedeelten zijn van belang om het leven en de rol van Sanballat beter te begrijpen.

Nehemia 2:10

“Toen nu Sanballat, de Horoniet, en Tobia, de Ammonietische knecht dat hoorden, mishaagde het hun met groot mishagen, dat er een mens gekomen was, om wat goeds te zoeken voor de kinderen Israels.”

Het eerste optreden van Sanballat. Nog voor er een steen gelegd is, verzet hij zich tegen het goede voor Israël.

Nehemia 2:20

“Toen gaf ik hun tot antwoord, en zeide tot hen: God van den hemel, Die zal het ons doen gelukken, en wij, Zijn knechten, zullen ons opmaken en bouwen; maar gijlieden hebt geen deel, noch gerechtigheid, noch gedachtenis in Jeruzalem.”

Het antwoord van Nehemia op de spot en de beschuldiging van opstand: het werk rust op God, en de tegenstanders hebben in Jeruzalem geen deel.

Nehemia 4:2

“En sprak in de tegenwoordigheid zijner broederen en van het heir van Samaria, en zeide: Wat doen deze amechtige Joden? Zal men hen laten geworden? Zullen zij offeren? Zullen zij het in een dag voleinden? Zullen zij de steentjes uit de stofhopen levend maken, daar zij verbrand zijn?”

Een reeks spottende vragen voor het leger van Samaria. Dit vers is ook de belangrijkste aanwijzing voor de machtspositie van Sanballat.

Nehemia 4:9

“Maar wij baden tot onzen God, en zetten wacht tegen hen, dag en nacht, hunnenthalve.”

Het antwoord op de samenzwering: gebed en waakzaamheid samen.

Nehemia 6:3

“En ik zond boden tot hen, om te zeggen: Ik doe een groot werk, zodat ik niet zal kunnen afkomen; waarom zou dit werk ophouden, terwijl ik het zou nalaten, en tot ulieden afkomen?”

Nehemia weigert de uitnodiging van Sanballat en Gesem. Hij laat zich niet van zijn opdracht weglokken.

Nehemia 6:12

“Want ik merkte, en ziet, God had hem niet gezonden; maar hij sprak deze profetie tegen mij, omdat Tobia en Sanballat hem gehuurd hadden.”

De listigste aanval: een profeet die voor geld spreekt. Nehemia onderscheidt dat dit woord niet van God komt.

Nehemia 6:16

“En het geschiedde, als al onze vijanden dit hoorden, zo vreesden al de heidenen, die rondom ons waren, en zij vervielen zeer in hun ogen; want zij merkten, dat dit werk van onzen God gedaan was.”

De afloop van alle tegenstand: zelfs de vijanden erkennen dat God het werk heeft gedaan.

Nehemia 13:28

“Ook was er een van de kinderen van Jojada, den zoon van Eljasib, den hogepriester, schoonzoon geworden van Sanballat, den Horoniet; daarom jaagde ik hem van mij weg.”

Het laatste bericht over Sanballat. Wat hij van buitenaf niet bereikte, kwam via een huwelijk de priesterfamilie binnen.

Tijdperiode

~445 v.Chr.

Sanballat leefde in de tijd van het Oude Testament.

Gerelateerde personen

Lessen voor vandaag

Sanballat leert ons dat tegenstand tegen het werk van God zelden in één vorm komt. Wie de gemeente opbouwt, een gezin in de vreze des Heeren opvoedt of op het werk trouw wil zijn, kan spot horen, dreiging ervaren of een vriendelijke uitnodiging krijgen die van de taak afleidt. Het antwoord van Nehemia blijft bruikbaar: "Ik doe een groot werk, zodat ik niet zal kunnen afkomen" (Nehemia 6:3). Het verhaal leert ons ook onderscheiden. Semaja sprak vroom en bezorgd, maar Nehemia merkte: "God had hem niet gezonden" (Nehemia 6:12). Niet alles wat geestelijk klinkt, komt van God. Wij mogen een raad toetsen aan het Woord en aan de vraag of hij tot gehoorzaamheid leidt of tot angst en zonde. Paulus schrijft over de listen van de satan: "Want zijn gedachten zijn ons niet onbekend" (2 Korinthe 2:11). Verder laat Nehemia zien hoe gebed en verantwoordelijkheid samengaan. Hij bad en zette wachten uit. Wij hoeven niet te kiezen tussen vertrouwen op God en verstandig handelen. Het einde van het boek waarschuwt ons ten slotte. Sanballat kon de muur niet tegenhouden, maar zijn invloed kwam via een huwelijk de priesterfamilie binnen. De grootste schade ontstaat soms niet door openlijke vijandschap, maar door stille compromissen. Daarom blijft de oproep van Paulus actueel: "Zijt standvastig, onbewegelijk, altijd overvloedig zijnde in het werk des Heeren" (1 Korinthe 15:58).

Bijbelse plaatsen

Veelgestelde vragen over Sanballat

Wie was Sanballat in de Bijbel?
Sanballat de Horoniet was de belangrijkste tegenstander van Nehemia, rond 445 voor Christus. Hij had gezag in Samaria en trok samen op met Tobia de Ammoniet en Gesem de Arabier. Met spot, dreiging, een valse uitnodiging, een open brief en een gehuurde profeet probeerde hij het herstel van de muur van Jeruzalem te verhinderen (Nehemia 2 tot en met 6). Het lukte niet. Later werd een kleinzoon van de hogepriester Eljasib zijn schoonzoon (Nehemia 13:28).
Waar staat Sanballat in de Bijbel?
Sanballat komt alleen voor in het boek Nehemia. Hij verschijnt in Nehemia 2:10 en 2:19, waar hij de komst van Nehemia en het besluit om te bouwen bespot. In Nehemia 4:1-8 hoont hij de Joden en beraamt hij een aanval. Nehemia 6:1-14 beschrijft zijn listen. Het laatste bericht staat in Nehemia 13:28, over zijn schoonzoon uit de familie van de hogepriester.
Wat betekent Sanballat de Horoniet?
De naam Sanballat is waarschijnlijk Babylonisch en wordt vaak uitgelegd als: de maangod Sin geeft leven. De bijnaam "de Horoniet" verwijst naar zijn herkomst, maar welke plaats bedoeld is, is niet zeker. Veel uitleggers denken aan Beth-Horon, ten noordwesten van Jeruzalem; anderen aan Horonaïm in Moab. De Bijbel legt de naam en de bijnaam zelf niet uit.
Waarom was Sanballat tegen Nehemia?
De Bijbel zegt dat het hem mishaagde "dat er een mens gekomen was, om wat goeds te zoeken voor de kinderen Israels" (Nehemia 2:10). Uitleggers wijzen daarnaast op politieke belangen: een sterk Jeruzalem met een eigen landvoogd verkleinde de invloed van de leiders in Samaria en de omliggende gebieden. Nehemia zegt hun dat zij "geen deel, noch gerechtigheid, noch gedachtenis in Jeruzalem" hebben (Nehemia 2:20).
Hoe probeerde Sanballat het werk te stoppen?
Zijn middelen liepen op. Eerst spot en de beschuldiging van opstand tegen de koning (Nehemia 2:19). Daarna hoon voor het leger van Samaria (Nehemia 4:1-3) en een plan voor een aanval (Nehemia 4:7-8). Toen dat mislukte, volgden vier uitnodigingen naar het dal Ono, een open brief met het gerucht dat Nehemia koning wilde worden, en een gehuurde profeet die Nehemia de tempel in moest drijven (Nehemia 6:2-13).
Wie was Tobia de Ammoniet?
Tobia was de vaste bondgenoot van Sanballat. De Statenvertaling noemt hem "de Ammonietische knecht" (Nehemia 2:10); dat woord knecht kan op een ambtenaar in dienst van de koning wijzen. Hij spotte dat een vos de muur zou verscheuren (Nehemia 4:3). Hij had familiebanden met edelen in Juda en schreef met hen brieven (Nehemia 6:17-19). Later gaf de priester Eljasib hem een kamer in het huis van God; Nehemia wierp zijn huisraad naar buiten (Nehemia 13:4-8).
Wie was Gesem de Arabier?
Gesem de Arabier was de derde tegenstander, naast Sanballat en Tobia. Hij spotte mee bij het begin van de bouw (Nehemia 2:19) en nodigde samen met Sanballat Nehemia uit in het dal Ono (Nehemia 6:1-2). In de open brief heet hij Gasmu: "Gasmu zegt: Gij en de Joden denkt te rebelleren" (Nehemia 6:6). Sommige geleerden verbinden hem met een Arabische vorst uit buitenbijbelse inscripties, maar dat is niet zeker.
Waarom ging Nehemia niet naar het dal Ono?
Nehemia begreep dat de uitnodiging een val was: "maar zij dachten mij kwaad te doen" (Nehemia 6:2). Ono lag een flink eind van Jeruzalem, in de streek van Lod (1 Kronieken 8:12). Hij antwoordde: "Ik doe een groot werk, zodat ik niet zal kunnen afkomen" (Nehemia 6:3). Viermaal kwam dezelfde uitnodiging, en viermaal gaf hij hetzelfde antwoord. Hij liet zich niet van zijn opdracht weglokken.
Wie was de schoonzoon van Sanballat?
Nehemia 13:28 zegt alleen dat "een van de kinderen van Jojada, den zoon van Eljasib, den hogepriester" schoonzoon van Sanballat was geworden. Zijn naam wordt niet genoemd. Hij was dus een kleinzoon van de hogepriester Eljasib. Nehemia joeg hem weg en bad God te gedenken dat het priesterschap verontreinigd was (Nehemia 13:29). Josephus vertelt later een vergelijkbaar verhaal over een broer van de hogepriester, die Manasse heette.
Komt Sanballat ook buiten de Bijbel voor?
Ja, waarschijnlijk. Een Aramese brief uit Elefantine in Egypte, gewoonlijk gedateerd rond 407 voor Christus, noemt Delaja en Selemja, de zonen van Sanballat, de landvoogd van Samaria. De meeste geleerden zien daarin dezelfde Sanballat als in Nehemia. Josephus noemt een Sanballat in de tijd van Alexander de Grote. Of dat een latere naamgenoot is of een verwarring met Nehemia 13:28, is omstreden.
Wat kunnen wij leren van Sanballat?
Het verhaal van Sanballat leert ons dat tegenstand tegen het werk van God veel vormen heeft: spot, dreiging, list, laster en vroom klinkend advies. Nehemia antwoordde met gebed en waakzaamheid (Nehemia 4:9), bleef bij zijn opdracht en toetste wat een profeet zei. Het slot van het boek waarschuwt dat stille compromissen soms meer schade doen dan openlijke vijandschap. Wij mogen standvastig blijven in het werk van de Heere.

Stel een vraag over Sanballat

Wilt u meer weten over Sanballat? Onze AI-gestuurde assistent helpt u met achtergrond, context en diepere inzichten uit de Bijbel.

Stel een vraag over Sanballat

Bijbelverhalen rond Sanballat

Verdiep u verder