Ga naar hoofdinhoud
JozuaJozua 2; 6:22-25

Rachab en de verspieders

Een vrouw in Jericho gelooft en wordt met haar familie gered

Samenvatting

Rachab en de verspieders gaat over Jozua 2 en Jozua 6:22-25: Jozua stuurt twee verspieders naar Jericho, en Rachab verbergt hen op haar dak onder het vlas. Zij belijdt dat de HEERE God is in de hemel en op de aarde. De mannen zweren haar familie te sparen, met een scharlaken snoer aan het venster als teken. Als Jericho valt, wordt zij met haar familie gered.

Bijbelgedeelte

“En zij sprak tot die mannen: Ik weet, dat de HEERE u dit land gegeven heeft, en dat ulieder verschrikking op ons gevallen is, en dat al de inwoners dezes lands voor ulieder aangezicht gesmolten zijn.”
Jozua 2:9 (Statenvertaling)
“Als wij het hoorden, zo versmolt ons hart, en er bestaat geen moed meer in iemand, vanwege ulieder tegenwoordigheid; want de HEERE, ulieder God, is een God boven in den hemel, en beneden op de aarde.”
Jozua 2:11 (Statenvertaling)
“Zie, wanneer wij in het land komen, zo zult gij dit snoer van scharlakendraad aan het venster binden, door hetwelk gij ons zult nedergelaten hebben; en gij zult tot u in het huis vergaderen uw vader, en uw moeder, en uw broeders, en het ganse huisgezin uws vaders.”
Jozua 2:18 (Statenvertaling)
“Dus liet Jozua de hoer Rachab leven, en het huisgezin haars vaders, en al wat zij had; en zij heeft gewoond in het midden van Israel tot op dezen dag, omdat zij de boden verborgen had, die Jozua gezonden had, om Jericho te verspieden.”
Jozua 6:25 (Statenvertaling)
“Door het geloof is Rachab, de hoer, niet omgekomen met de ongehoorzamen, als zij de verspieders met vrede had ontvangen.”
Hebreeën 11:31 (Statenvertaling)

Het verhaal

Jozua 2 vertelt hoe Israël na de dood van Mozes klaarstond om de Jordaan over te trekken. De HEERE had Jozua opgedragen het volk naar het land te leiden dat Hij hun gaf (Jozua 1:2). Voordat het zover was, stuurde Jozua twee verspieders vooruit.

Waarom stuurde Jozua verspieders naar Jericho?

Vanuit Sittim, aan de oostkant van de Jordaan, zond Jozua, de zoon van Nun, in het geheim twee mannen uit: "Gaat heen, bezichtigt het land en Jericho" (Jozua 2:1). Jericho was de eerste stad aan de overkant. De mannen kwamen in het huis van een vrouw, een hoer, die Rachab heette, en zij overnachtten daar. Lang daarvoor had Mozes ook verspieders gestuurd, en toen eindigde het in ongeloof (de twaalf verspieders).

Waar verstopte Rachab de verspieders?

De koning van Jericho hoorde dat er die nacht mannen van de kinderen Israëls waren gekomen om het land te doorzoeken. Hij liet Rachab weten dat zij de mannen moest uitleveren. Maar zij had hen al verborgen. Zij zei dat er wel mannen bij haar waren geweest, maar dat zij niet wist waar ze vandaan kwamen. Bij het sluiten van de poort, in het donker, waren ze vertrokken; wie hen snel achternaging, zou hen inhalen. Intussen lagen de mannen op het dak, verstopt onder de vlasstengels die Rachab daar had neergelegd. De achtervolgers gingen de weg naar de Jordaan op, tot aan de doorwaadplaatsen, en achter hen werd de poort gesloten.

Wat beleed Rachab over de HEERE?

Voordat de mannen gingen slapen, klom Rachab naar hen op het dak. Wat zij toen zei, is de kern van het hoofdstuk: "Ik weet, dat de HEERE u dit land gegeven heeft" (Jozua 2:9). Jericho had gehoord hoe de HEERE de Schelfzee had drooggemaakt toen Israël uit Egypte trok, en wat Israël met Sihon en Og, de koningen van de Amorieten, had gedaan. Het hart van de inwoners was gesmolten. Rachab trok er een andere conclusie uit: "want de HEERE, ulieder God, is een God boven in den hemel, en beneden op de aarde" (Jozua 2:11).

Welke afspraak maakten de verspieders met Rachab?

Rachab vroeg de mannen om bij de HEERE te zweren dat zij haar familie zouden sparen, zoals zij hun weldadigheid had bewezen: haar vader en moeder, haar broers en zusters en alles wat zij hadden. De mannen verbonden er hun eigen leven aan, op voorwaarde dat zij hun zaak niet bekendmaakte: "zo zullen wij aan u weldadigheid en trouw bewijzen" (Jozua 2:14). Haar huis stond op de stadsmuur, en zij liet hen met een touw door het venster naar beneden. Zij raadde hun aan zich drie dagen in het gebergte te verbergen. De mannen gaven haar een teken: zij moest een snoer van scharlakendraad aan dat venster binden en haar hele familie in haar huis verzamelen. Wie naar buiten ging, droeg zelf de schuld; wie binnen bleef, stond onder hun bescherming. Rachab stemde in, liet hen gaan en bond het scharlaken snoer, het bekende rode koord, aan het venster.

Wat meldden de verspieders aan Jozua?

De mannen bleven drie dagen in het gebergte, en de achtervolgers vonden hen niet. Daarna staken zij de Jordaan over en vertelden Jozua alles wat hun overkomen was. Hun bericht klonk anders dan dat van de tien verspieders in Numeri 13: "Zekerlijk, de HEERE heeft dat ganse land in onze handen gegeven" (Jozua 2:24).

Hoe werd Rachab gered toen Jericho viel?

Na de doortocht door de Jordaan gaf de HEERE Jericho in de hand van Israël (de muren van Jericho). Jozua had vooraf bepaald dat de stad de HEERE verbannen zou zijn, maar dat Rachab en allen in haar huis zouden blijven leven, omdat zij de boden verborgen had (Jozua 6:17). Toen de stad was ingenomen, stuurde Jozua de twee verspieders naar haar huis, zoals zij haar gezworen hadden. Zij brachten Rachab naar buiten met haar vader, haar moeder, haar broers en al haar familie, en zetten hen buiten het leger van Israël. De stad werd met vuur verbrand. Jozua liet Rachab leven, en zij woonde in het midden van Israël, "omdat zij de boden verborgen had, die Jozua gezonden had, om Jericho te verspieden" (Jozua 6:25).

Achtergrond

Sittim lag in de vlakke velden van Moab, aan de overkant van de Jordaan tegenover Jericho; Numeri 33:49 noemt de plaats Abel-Sittim. Jericho had een stadspoort die bij het donker gesloten werd, en het huis van Rachab stond op de stadsmuur (Jozua 2:5, 2:15). Hoe die muur eruitzag, zegt de tekst niet.

Het vlas op het dak past bij de tijd van het jaar. De Jordaan was vol "al de dagen des oogstes" (Jozua 3:15), en kort na de intocht vierde Israël het Pascha bij Gilgal (Jozua 5:10). Rachab had vlasstengels op haar platte dak uitgelegd (Jozua 2:6); vlas werd na de oogst gedroogd. Jozua 1:11 spreekt over drie dagen tot de doortocht, en de verspieders bleven drie dagen in het gebergte (Jozua 2:22). Hoe die dagen zich tot elkaar verhouden, zegt de tekst niet precies; uitleggers rekenen het verschillend.

Verbannen (Jozua 6:17) betekent: helemaal aan de HEERE gewijd en aan Zijn oordeel overgegeven. Daarom mocht niemand iets uit Jericho voor zichzelf nemen. Uit die ban werd Rachab met haar familie gered.

Betekenis

In Jozua 2 staat niet de moed van twee mannen of de slimheid van een vrouw in het midden, maar de HEERE. Bij de Schelfzee had Israël gezongen dat de inwoners van Kanaän zouden versmelten en dat verschrikking en vrees op hen zou vallen (Exodus 15:15-16). Rachab zegt bijna hetzelfde: "ulieder verschrikking op ons gevallen is" (Jozua 2:9). De verspieders deden in Jericho weinig; zij moesten zelf verborgen worden. Wat zij meebrachten, was het bericht dat God Zijn woord al aan het vervullen was.

Rachab hoorde hetzelfde als haar stadgenoten. Bij hen leidde het tot angst, bij haar tot belijdenis: de HEERE is God in de hemel en op de aarde. Hebreeën 11:31 noemt dat geloof: "Door het geloof is Rachab, de hoer, niet omgekomen met de ongehoorzamen". De inwoners van Jericho heten daar ongehoorzamen, want zij hadden genoeg gehoord om zich tot God te wenden. Jakobus 2:25 wijst op wat haar geloof deed: zij ontving de boden en liet hen langs een andere weg gaan. Beide brieven laten zien dat echt geloof zich naar de HEERE toekeert en daarnaar handelt. Meer daarover staat bij het onderwerp geloof.

God redt hier een vrouw van buiten Israël, met een zondig leven, uit een stad onder het oordeel. Zij wordt niet alleen gered; heel haar familie wordt bewaard in het huis met het scharlaken snoer. Uitleggers wijzen vaak op de overeenkomst met het Pascha in Egypte, waar wie binnen bleef achter de deur met het teken van het bloed, bewaard werd (Exodus 12:13 en 12:22). Het Nieuwe Testament trekt die lijn bij Rachab niet zelf. Wel noemt Mattheüs 1:5 Rachab als moeder van Boaz, in het geslachtsregister van de Heere Jezus. Zo wijst haar redding vooruit naar het Evangelie, waarin God zondaars uit alle volken roept.

Lessen voor vandaag

De HEERE maakt Zijn daden bekend, en door wat mensen over Hem horen, roept Hij hen. Rachab had alleen berichten gehoord, en toch kwam zij tot geloof. Paulus schrijft: "Zo is dan het geloof uit het gehoor, en het gehoor door het Woord Gods" (Romeinen 10:17). Wie vandaag over Gods werk in Christus hoort, staat voor dezelfde keus als Jericho: zich verharden of zich tot Hem wenden.

God redt niet om wat iemand is of geweest is. Rachab blijft in het Nieuwe Testament de hoer heten, en toch staat zij tussen de gelovigen van Hebreeën 11. Dat ontneemt niemand de hoop, en het geeft niemand reden tot trots. Wie gered wordt, wordt dat uit genade.

Echt geloof gaat aan de kant van God staan, ook als dat iets kost. Rachab koos voor de HEERE en Zijn volk terwijl haar stad nog stond. Haar leugen tegen de boden van de koning wordt in de Bijbel nergens geprezen; geprezen wordt dat zij de verspieders ontving en de HEERE vertrouwde.

Een eed bij de Naam van de HEERE is heilig. Jozua en de verspieders hielden zich eraan: toen Jericho viel, haalden zij Rachab met haar hele familie uit het huis met het snoer aan het venster (Jozua 6:22-23). Zo bewaarde de HEERE haar, en zij woonde daarna in het midden van Israël (Jozua 6:25).

Vertellen aan kinderen

Voorlezen duurt ongeveer 5 minuten · geschikt vanaf 6 jaar

Het volk Israël stond aan de rand van het land Kanaän. Alleen de rivier de Jordaan lag er nog tussen. Mozes was gestorven. Nu was Jozua de leider. De HEERE had tegen Jozua gezegd dat hij het volk in het land moest brengen.

Aan de overkant van de Jordaan lag de stad Jericho. Om de stad stond een muur, met een poort. Jozua stuurde in het geheim twee mannen vooruit. Ze moesten het land en Jericho bekijken. Zulke mannen heten verspieders.

De twee mannen kwamen in Jericho bij het huis van een vrouw. Ze heette Rachab. Rachab leefde een zondig leven. Haar huis stond op de stadsmuur. De verspieders bleven daar die nacht.

Maar iemand vertelde de koning van Jericho dat er mannen van Israël in de stad waren. De koning stuurde boden naar het huis van Rachab. Boden zijn mannen die een boodschap brengen. Rachab moest de mannen naar buiten brengen.

Rachab had de mannen al verstopt. Ze had hen op het dak laten klimmen. Rachab had daar stengels vlas neergelegd. Vlas is een plant waar je linnen van maakt. Onder dat vlas lagen de verspieders verborgen.

Tegen de boden van de koning zei Rachab dat er wel mannen bij haar waren geweest. Maar ze zei dat die in het donker weer waren weggegaan. Ze wist niet waar ze heen waren, zei ze. De boden moesten maar snel achter hen aan. Dat was niet waar. De boden gingen op weg naar de Jordaan. Achter hen ging de poort van de stad dicht.

Toen klom Rachab naar de mannen op het dak. Ze zei: "Ik weet, dat de HEERE u dit land gegeven heeft". Iedereen in Jericho was bang, vertelde ze. Ze hadden gehoord dat de HEERE de zee had drooggemaakt toen Israël uit Egypte trok. En ze hadden gehoord dat Israël twee koningen had verslagen. Rachab zei: "want de HEERE, ulieder God, is een God boven in den hemel, en beneden op de aarde". Rachab geloofde in de HEERE, de God van Israël.

Toen vroeg ze iets. Ze had de verspieders geholpen. Wilden zij dan ook haar familie helpen? Ze moesten bij de HEERE zweren dat ze haar vader, haar moeder, haar broers en haar zussen in leven zouden laten. Zweren is heel plechtig iets beloven, met God als getuige. De mannen beloofden het.

Rachab liet de mannen met een touw door het raam naar beneden zakken. Ze zei dat ze zich drie dagen in de bergen moesten verstoppen. Dan zouden de mannen van de koning weer terug zijn.

De verspieders gaven Rachab een teken. Ze moest een rood koord aan het raam binden. De Bijbel noemt het een snoer van scharlakendraad: een koord van felrode draad. En haar hele familie moest in haar huis zijn als Israël kwam. Wie binnen bleef, zou veilig zijn. Rachab zei: "Het zij alzo naar uw woorden". Ze liet de mannen gaan. En ze bond het rode koord aan het raam.

De verspieders bleven drie dagen in de bergen. De mannen van de koning zochten overal, maar vonden hen niet. Toen staken de verspieders de Jordaan over en kwamen bij Jozua. Ze vertelden hem alles. En ze zeiden: "Zekerlijk, de HEERE heeft dat ganse land in onze handen gegeven".

Niet lang daarna gaf de HEERE de stad Jericho aan Israël. Toen stuurde Jozua de twee verspieders naar het huis van Rachab, zoals ze haar beloofd hadden. Ze haalden haar eruit, met haar vader, haar moeder, haar broers en heel haar familie. De stad werd met vuur verbrand. De mensen van Jericho kwamen om, maar Rachab kwam niet om met hen. Zij en haar familie bleven leven.

Rachab ging wonen bij het volk Israël. Later werd zij de moeder van Boaz. En uit haar familie werd, heel veel later, de Heere Jezus geboren. Zo redde de HEERE een vrouw uit Jericho die in Hem geloofde, met iedereen die bij haar in huis was.

Om te onthouden
“want de HEERE, ulieder God, is een God boven in den hemel, en beneden op de aarde.” (Jozua 2:11)

Tips voor de verteller

  • De Bijbel noemt Rachab een hoer, ook in Hebreeën 11:31 en Jakobus 2:25. Voor jonge kinderen is het genoeg te zeggen dat zij een zondig leven leidde; oudere kinderen kunt u uitleggen dat zij met mannen omging voor geld. Laat dan zien wat de Bijbel zelf benadrukt: God redde haar niet om haar verleden, maar door het geloof.
  • Kinderen vragen vaak of Rachab mocht liegen. Zeg eerlijk dat de Bijbel haar leugen nergens prijst. Hebreeën 11:31 en Jakobus 2:25 prijzen haar geloof en dat zij de verspieders ontving en wegliet. Christenen denken verschillend over haar leugen, maar God redde haar niet om die leugen.
  • Een kind kan vragen waarom de andere mensen in Jericho niet gered werden. Zij hadden hetzelfde over de HEERE gehoord als Rachab (Jozua 2:10-11), maar wendden zich niet tot Hem; Hebreeën 11:31 noemt hen ongehoorzamen. U mag zeggen dat Gods oordeel ernstig is, en dat Hij iedereen in het huis van Rachab redde.
  • Leg de woorden verspieders, boden, zweren en scharlaken één keer uit. Jozua 2:8-14 kunt u zelf uit de Bijbel voorlezen; daar staan de woorden van Rachab over de HEERE en de belofte van de verspieders.

Gespreksvragen voor kinderwerk en club

Kleuters en onderbouw (4-7 jaar)
  1. NavertellenWaar verstopte Rachab de twee verspieders?
  2. NavertellenWat zei Rachab over de HEERE, de God van Israël?
  3. VerwonderenWaarom moest Rachab een rood koord aan het raam binden?
Zondagsschool en club (8-12 jaar)
  1. KijkenWat had Rachab over de HEERE gehoord, en wat zei ze daarna over Hem?
  2. BetekenisIedereen in Jericho had hetzelfde over de HEERE gehoord. Waarom werd alleen Rachab met haar familie gered?
  3. VerbindingBij het Pascha in Egypte bleven de Israëlieten binnen, achter de deur met het bloed. Wat lijkt daarop in deze geschiedenis?
  4. ToepassingRachab hoorde over God en ging Hem vertrouwen. Wat heb jij over de Heere gehoord, en wat doe je ermee?
Tieners en catechisatie (12-16 jaar)
  1. BijbeltekstLees Hebreeën 11:31 en Jakobus 2:23-26. De ene brief noemt het geloof van Rachab, de andere haar werken. Spreken die twee elkaar tegen?
  2. Wie is God?Rachab noemt de HEERE "een God boven in den hemel, en beneden op de aarde". Wat zegt het over God dat juist een vrouw uit Jericho dit belijdt?
  3. Moeilijke vraagRachab loog tegen de boden van de koning om de verspieders te redden. Mocht dat? Waarom denken christenen daar verschillend over?
  4. PersoonlijkRachab koos voor de HEERE terwijl haar stad nog stond en niemand om haar heen dat deed. Wat zou het voor jou betekenen om bij Hem te horen, ook als je omgeving anders kiest?

Gebedspunt: Dank de HEERE dat Hij Rachab, een vrouw uit een heidense stad, door het geloof redde met heel haar familie. Bid om een geloof dat Hem kent als God in de hemel en op de aarde.

Personen in dit verhaal

Plaatsen in dit verhaal

Lees het in een leesplan

Thema's in dit verhaal

Geloof uit het gehoorRedding uit het oordeelGods trouw aan wie in Hem gelooftGenade voor wie van buiten komt

Gerelateerde bijbelverhalen

Veelgestelde vragen over Rachab en de verspieders

Waar staat het verhaal van Rachab en de verspieders in de Bijbel?

Het verhaal staat in Jozua 2. De afloop volgt bij de val van Jericho: Jozua 6:17 noemt de belofte aan Rachab, en Jozua 6:22-25 vertelt hoe zij met haar familie gered werd. Het Nieuwe Testament noemt haar drie keer: in het geslachtsregister van Mattheüs 1:5, bij de gelovigen van Hebreeën 11:31 en in Jakobus 2:25. In het joodse leesrooster is Jozua 2 de profetenlezing bij Numeri 13, de geschiedenis van de twaalf verspieders.

Waarom verborg Rachab de verspieders?

Omdat zij geloofde dat de HEERE Israël het land gegeven had. Zij zei tegen de verspieders: "Ik weet, dat de HEERE u dit land gegeven heeft" (Jozua 2:9). Zij had gehoord wat God bij de Schelfzee en aan Sihon en Og had gedaan, en zij beleed dat de HEERE "een God boven in den hemel, en beneden op de aarde" is (Jozua 2:11). Hebreeën 11:31 zegt het kort: door het geloof kwam zij niet om, omdat zij de verspieders met vrede ontvangen had.

Mocht Rachab liegen tegen de koning van Jericho?

De Bijbel prijst haar leugen nergens. Hebreeën 11:31 prijst haar geloof, en Jakobus 2:25 dat zij de boden ontving en langs een andere weg uitliet. Over de leugen zelf denken christenen verschillend. Sommigen zien haar als een vrouw met een jong geloof, bij wie de leugen een zonde bleef die God haar vergaf. Anderen menen dat zij de vijanden van Gods volk de waarheid niet verschuldigd was. De tekst zelf vertelt wat zij zei, zonder er een oordeel over te geven.

Liet Rachab de verspieders zakken aan het rode koord?

Dat staat er niet. Jozua 2:15 zegt dat zij hen neerliet "met een zeel door het venster", met een touw dus. Daarna gaven de verspieders haar een ander teken: "dit snoer van scharlakendraad" moest zij binden aan het venster waardoor zij hen had neergelaten (Jozua 2:18). Kinderbijbels maken er soms één koord van, maar de tekst noemt een zeel en een snoer. Of het om hetzelfde ging, zegt de Bijbel niet.

Wat betekent het rode koord van Rachab?

In de tekst is het scharlaken snoer een herkenningsteken: aan dat venster zouden de Israëlieten zien welk huis gespaard moest worden (Jozua 2:18-19). Al in de eerste eeuw las de brief van Clemens van Rome (1 Clemens 12) het als beeld van de verlossing door het bloed van de Heere. Veel uitleggers wijzen ook op het Pascha, waar het bloed aan de deur het huis bewaarde (Exodus 12:13). Het Nieuwe Testament legt het snoer zelf niet zo uit; zie het daarom als uitleg, niet als wat de tekst zegt.

Was Rachab echt een hoer, of een herbergierster?

De Statenvertaling noemt haar "een hoer" (Jozua 2:1), en het Nieuwe Testament doet dat ook: "Rachab, de hoer" (Hebreeën 11:31; Jakobus 2:25). Sommigen hebben haar een herbergierster genoemd, omdat de verspieders bij haar overnachtten: "zij sliepen daar" (Jozua 2:1). Maar de Bijbel verzacht het woord nergens. Juist in die geschiedenis wordt zij gered: niet om wat zij was, maar door het geloof waarmee zij de verspieders ontving.

Waarom moesten de verspieders zich drie dagen verbergen?

Na de leugen van Rachab waren de mannen van de koning de verspieders achterna gegaan, op de weg naar de Jordaan. Daarom zei Rachab tegen de verspieders: "Gaat op het gebergte, opdat niet misschien de vervolgers u ontmoeten, en verbergt u aldaar drie dagen" (Jozua 2:16). Zo deden zij. Zij bleven drie dagen in het gebergte, en de vervolgers zochten hen overal, "maar niet gevonden" (Jozua 2:22). Pas daarna staken zij de Jordaan over en kwamen bij Jozua.

Waarom werden de andere inwoners van Jericho niet gered?

Zij hadden hetzelfde gehoord als Rachab, maar zij wendden zich niet tot de HEERE. Rachab zegt dat het hart van de hele stad gesmolten was (Jozua 2:11); de inwoners wisten wie de God van Israël was. Hebreeën 11:31 noemt hen "de ongehoorzamen". Deuteronomium 9:5 zegt dat God de volken van Kanaän verdreef om hun goddeloosheid. Dat het oordeel ook kinderen trof, blijft zwaar. Tegelijk laat Rachab zien dat er redding was voor wie zich tot God wendde.

Hoe vertelt u Rachab en de verspieders aan kinderen?

Deze geschiedenis is geschikt vanaf ongeveer 6 jaar. Op deze pagina staat een vertelling die Jozua 2 en Jozua 6:22-25 volgt, met een tekst om te onthouden en tips voor de verteller. Leg de nadruk op de HEERE: Rachab hoorde over Zijn daden en geloofde in Hem, en Hij redde haar en haar familie. Vertel de leugen zoals hij in de Bijbel staat, zonder hem goed te praten, en zeg bij jonge kinderen dat Rachab een zondig leven leidde.

Stel een vraag over Rachab en de verspieders

Wilt u meer weten over dit bijbelverhaal? Onze AI-gestuurde assistent helpt u met achtergrond, context en diepere inzichten uit de Bijbel.

Verdiep u verder