Ga naar hoofdinhoud
JohannesJohannes 2:1-11

De bruiloft te Kana

Jezus verandert water in wijn en openbaart Zijn heerlijkheid

Samenvatting

De bruiloft te Kana is de geschiedenis uit Johannes 2:1-11 waarin Jezus op een bruiloft in Galilea water in wijn verandert. Als de wijn op is, brengt Zijn moeder dat bij Hem en zegt zij tegen de dienaars dat zij moeten doen wat Hij zegt. Zes stenen watervaten worden met water gevuld, en de hofmeester proeft goede wijn. Het is het eerste teken van Jezus: Hij openbaart Zijn heerlijkheid en Zijn discipelen geloven in Hem.

Bijbelgedeelte

“En als er wijn ontbrak, zeide de moeder van Jezus tot Hem: Zij hebben geen wijn.”
Johannes 2:3 (Statenvertaling)
“Jezus zeide tot haar: Vrouw, wat heb Ik met u te doen? Mijn ure is nog niet gekomen.”
Johannes 2:4 (Statenvertaling)
“Zijn moeder zeide tot de dienaars: Zo wat Hij ulieden zal zeggen, doet dat.”
Johannes 2:5 (Statenvertaling)
“Jezus zeide tot hen: Vult de watervaten met water. En zij vulden ze tot boven toe.”
Johannes 2:7 (Statenvertaling)
“En zeide tot hem: Alle man zet eerst den goeden wijn op, en wanneer men wel gedronken heeft, alsdan den minderen; maar gij hebt den goeden wijn tot nu toe bewaard.”
Johannes 2:10 (Statenvertaling)
“Dit beginsel der tekenen heeft Jezus gedaan te Kana in Galilea, en heeft Zijn heerlijkheid geopenbaard; en Zijn discipelen geloofden in Hem.”
Johannes 2:11 (Statenvertaling)

Het verhaal

Johannes 2 vertelt het eerste teken dat de Heere Jezus deed: op een bruiloft in Kana in Galilea veranderde Hij water in wijn. Alleen Johannes beschrijft deze geschiedenis. Ze staat aan het begin van het openbare werk van Jezus, kort nadat Hij Zijn eerste discipelen geroepen had.

Wanneer was de bruiloft te Kana?

Johannes begint met een tijdsaanduiding: "En op den derden dag was er een bruiloft te Kana in Galilea" (Johannes 2:1). In het hoofdstuk daarvoor telt hij de dagen één voor één. Johannes de Doper wees op Jezus als het Lam Gods, Andreas bracht zijn broer Simon bij Hem, en des anderen daags wilde Jezus naar Galilea gaan en riep Hij Filippus (Johannes 1:44). Filippus bracht Nathanaël bij Jezus. Van hem staat later dat hij "van Kana in Galilea was" (Johannes 21:2). De derde dag wordt meestal gerekend vanaf die laatste dag. De moeder van Jezus was op de bruiloft, en ook Jezus en Zijn discipelen waren genood (Johannes 2:2). Wie er trouwden, vermeldt de tekst niet.

Wat zei Maria tegen Jezus op de bruiloft in Kana?

Tijdens het feest raakte de wijn op. De moeder van Jezus, Maria, die Johannes in zijn Evangelie nergens bij naam noemt, zei tegen haar Zoon: "Zij hebben geen wijn" (Johannes 2:3). Een uitgesproken verzoek staat er niet; zij legde de nood bij Hem neer. Jezus antwoordde: "Vrouw, wat heb Ik met u te doen? Mijn ure is nog niet gekomen" (Johannes 2:4). Vrouw was in die tijd geen onvriendelijke aanspreking. Wel maakte Hij duidelijk dat niet Zijn moeder Zijn handelen bepaalde, maar de ure die voor Hem vastlag.

Wat zei Maria tegen de dienaars?

Maria ging er niet tegenin. Zij wendde zich tot de dienaars en zei: "Zo wat Hij ulieden zal zeggen, doet dat" (Johannes 2:5). Zij wees van zichzelf af naar Hem. Het zijn de laatste woorden van Maria die Johannes optekent. Daarna noemt hij haar nog bij het vertrek naar Kapernaum (Johannes 2:12) en bij het kruis (Johannes 19:25-27), maar woorden van haar tekent hij niet meer op.

Hoe veranderde Jezus water in wijn?

Er stonden zes stenen watervaten, gesteld "naar de reiniging der Joden" (Johannes 2:6): water voor het wassen van handen en vaatwerk dat de Joodse gebruiken vroegen. Elk vat bevatte twee of drie metreten. Jezus zei tegen de dienaars: "Vult de watervaten met water" (Johannes 2:7). Zij vulden ze tot boven toe. Daarna zei Hij: "Schept nu, en draagt het tot den hofmeester" (Johannes 2:8), en zij deden het. Johannes beschrijft geen gebed, geen aanraking en geen woord tot het water zelf. Hij vermeldt alleen dat de hofmeester proefde van "het water, dat wijn geworden was" (Johannes 2:9). Wat wel beschreven wordt, is dat de dienaars deden wat Jezus zei.

Wat zei de hofmeester over de goede wijn?

De hofmeester wist niet waar de wijn vandaan kwam, maar de dienaren die het water geschept hadden, wisten het wel (Johannes 2:9). Hij riep de bruidegom en zei: "Alle man zet eerst den goeden wijn op, en wanneer men wel gedronken heeft, alsdan den minderen; maar gij hebt den goeden wijn tot nu toe bewaard" (Johannes 2:10). Hij sprak over wat op feesten gewoon was en prees de bruidegom voor iets wat die niet gedaan had. De eer ging naar de bruidegom, terwijl de Gever onopgemerkt bleef. De dienaren wisten waar de wijn vandaan kwam (Johannes 2:9), en de discipelen zagen Zijn heerlijkheid (Johannes 2:11).

Wat betekent het eerste teken in Kana?

Johannes sluit af: "Dit beginsel der tekenen heeft Jezus gedaan te Kana in Galilea, en heeft Zijn heerlijkheid geopenbaard; en Zijn discipelen geloofden in Hem" (Johannes 2:11). Beginsel betekent hier: het begin, het eerste. Johannes noemt de wonderen van Jezus tekenen, omdat ze verder wijzen dan zichzelf, naar Wie Hij is. Toen Jezus later opnieuw in Kana was, volgde een tweede teken: de genezing van de zoon van een koninklijk hoveling uit Kapernaum (Johannes 4:46-54). Na de bruiloft in Kana ging Jezus met Zijn moeder, Zijn broeders en Zijn discipelen naar Kapernaum, waar zij niet lang bleven (Johannes 2:12).

Achtergrond

Een bruiloft was in Israël een feest van meerdere dagen. Bij het huwelijk van Jakob is sprake van een bruiloftsweek (Genesis 29:27), en Simson spreekt over "de zeven dagen dezer bruiloft" (Richteren 14:12). Wijn hoorde bij zo’n feest. De Psalmen noemen "den wijn, die het hart des mensen verheugt" (Psalm 104:15). Veel uitleggers wijzen erop dat het opraken van de wijn voor de bruidegom pijnlijk was, omdat gastvrijheid in die cultuur zwaar woog; de tekst zelf zegt daar niets over.

De hofmeester leidde de maaltijd en ging over eten en drinken. De stenen watervaten dienden voor de reinigingen die de Joden in acht namen. Zij wasten hun handen voor het eten en ook "drinkbekers, en kannen, en koperen vaten" (Markus 7:4). Een metreet was een inhoudsmaat van ongeveer veertig liter. Zes vaten van twee of drie metreten bevatten samen dus ruwweg vijfhonderd tot zevenhonderd liter.

Waar Kana precies lag, is niet zeker. Johannes zegt alleen dat het in Galilea lag. Er worden twee plaatsen ten noorden van Nazareth genoemd: het dorp Kafr Kanna, waar de traditie het zoekt, en de ruïne Khirbet Qana. Beide hebben verdedigers; zekerheid is er niet.

Betekenis

Het hart van Johannes 2 is niet de nood van het bruidspaar, maar wat Jezus openbaart: Zijn heerlijkheid (Johannes 2:11). In zijn eerste hoofdstuk had Johannes geschreven: "wij hebben Zijn heerlijkheid aanschouwd" (Johannes 1:14). In Kana zien de discipelen die heerlijkheid voor het eerst in een daad. Hij Die zonder één woord tot het water te spreken water tot wijn maakt, is het Woord door Wie alle dingen gemaakt zijn (Johannes 1:3). In Kana is Gods scheppende macht aan het werk in de Zoon.

Johannes noemt de wonderen van Jezus tekenen. Aan het eind van zijn boek zegt hij waarom hij ze opschreef: "opdat gij gelooft, dat Jezus is de Christus, de Zone Gods; en opdat gij, gelovende, het leven hebt in Zijn Naam" (Johannes 20:31). Het teken in Kana is dus geen vertoon van macht om de macht, maar een wegwijzer naar Hem. De discipelen verstonden dat: zij geloofden in Hem.

Het woord over Zijn ure geeft de geschiedenis diepte. In het Evangelie naar Johannes komt die ure telkens terug. Tegenstanders konden Hem niet grijpen, want "Zijn ure was nog niet gekomen" (Johannes 7:30). Vlak voor Zijn lijden zegt Jezus: "De ure is gekomen, dat de Zoon des mensen zal verheerlijkt worden" (Johannes 12:23). Die ure is de tijd van Zijn lijden, sterven en verhoging. De heerlijkheid die in Kana oplicht, wordt ten volle zichtbaar aan het kruis en in de opstanding. Kana wijst zo vooruit naar wat de Vader voor de Zoon bepaald had.

Veel uitleggers zien ook betekenis in de vaten en de wijn. Het water van de Joodse reiniging maakt plaats voor de beste wijn, en Johannes schrijft: "de wet is door Mozes gegeven, de genade en de waarheid is door Jezus Christus geworden" (Johannes 1:17). De profeten beloofden voor de tijd van het heil een overvloed van wijn (Amos 9:13) en een maaltijd van reine wijnen die de HEERE voor alle volken zal bereiden (Jesaja 25:6). Een bruiloft met overvloedige, goede wijn wijst in die lijn vooruit naar "het avondmaal van de bruiloft des Lams" (Openbaring 19:9). Hoe ver men die beelden doortrekt, verschilt per uitlegger. De tekst zelf legt de nadruk op de heerlijkheid van Christus en het geloof van de discipelen.

Lessen voor vandaag

Wij mogen onze nood bij de Heere Jezus brengen, zoals Zijn moeder deed: "Zij hebben geen wijn" (Johannes 2:3). Hij hoorde het, en Hij handelde op Zijn eigen tijd. Zij schreef Hem niet voor hoe Hij moest helpen. Dat geeft rust: Christus kent de nood, en Zijn ure wordt niet door ons bepaald.

Christus spreekt, en Zijn woord is genoeg om op te handelen. De dienaars vulden de vaten met water, terwijl er wijn nodig was, en zij vulden ze tot boven toe. Zij deden wat Hij zei voordat zij iets zagen. Zo vraagt de Heere ook nu een geloof dat Zijn woord gehoorzaamt, omdat Hij het zegt. Daarom blijft het woord van Maria waardevol: doe wat Hij zegt.

De Heere Jezus eert het gewone leven. Zijn eerste teken deed Hij niet in de tempel, maar op een bruiloft. Dat zegt iets over Zijn zorg voor het huwelijk, dat God Zelf heeft ingesteld, en over de vreugde die Hij geeft. Tegelijk waarschuwt de Schrift: "wordt niet dronken in wijn" (Efeze 5:18). Gods gaven worden met dankbaarheid en met maat ontvangen.

Tekenen zijn gegeven om te geloven. De hofmeester proefde de wijn en prees de bruidegom. De discipelen zagen de heerlijkheid van Christus en geloofden in Hem. Dezelfde gave kan onopgemerkt blijven of tot geloof leiden. Johannes schreef dit op opdat ook wij zouden geloven, en de geschiedenis eindigt bij die discipelen: zij geloofden in Hem (Johannes 2:11).

Vertellen aan kinderen

Voorlezen duurt ongeveer 4 minuten · geschikt vanaf 6 jaar

De Heere Jezus was nog maar kort aan Zijn werk begonnen. Hij had een paar mannen geroepen om met Hem mee te gaan. Dat waren Zijn discipelen, Zijn leerlingen.

Op de derde dag was er een bruiloft in Kana. Kana was een plaats in Galilea. Een bruiloft is een trouwfeest. De moeder van Jezus was er ook. En Jezus en Zijn discipelen waren ook uitgenodigd.

Een bruiloft was in die tijd een groot feest. Zo’n feest kon wel een week duren. Er werd gegeten, en er werd wijn gedronken. Wijn hoorde bij het feest.

Maar tijdens het feest raakte de wijn op. Er was niets meer om te schenken. Toen zei de moeder van Jezus tegen Hem: "Zij hebben geen wijn".

Jezus antwoordde dat Zijn uur nog niet gekomen was. Later in zijn boek laat Johannes zien wat dat uur is: de tijd die God de Vader voor Hem had bepaald. Daarna zei Zijn moeder tegen de dienaars: "Zo wat Hij ulieden zal zeggen, doet dat". Dienaars waren de mensen die op het feest het eten en drinken rondbrachten. Wat Zijn moeder zei, betekent dat ze alles moesten doen wat Hij tegen hen zei.

Er stonden daar zes grote watervaten van steen. De Joden gebruikten dat water om te wassen. Ze wasten hun handen voor het eten, en ook hun bekers en kannen. Zo waren ze rein volgens de regels van hun volk. Elk vat was groot. Er paste wel acht tot twaalf emmers water in.

Toen zei Jezus tegen de dienaars: "Vult de watervaten met water". De dienaars deden het. Ze vulden de vaten helemaal, tot boven toe.

Daarna zei Jezus: "Schept nu, en draagt het tot den hofmeester". Scheppen betekent: er iets uit halen. De hofmeester was de man die het feest leidde. Hij zorgde ervoor dat alles goed ging. De dienaars deden wat Jezus zei. Ze brachten het naar de hofmeester.

De hofmeester proefde ervan. Het was geen water meer. Het water was wijn geworden! De hofmeester wist niet waar die wijn vandaan kwam. Maar de dienaars wisten het wel. Zij hadden het water zelf geschept.

Jezus had alleen de dienaars gezegd wat ze moesten doen. En het water werd wijn. Geen mens kan dat. Alleen God kan zoiets doen. Aan het begin van zijn boek schrijft Johannes dat alle dingen door de Heere Jezus gemaakt zijn. Hij Die alles gemaakt heeft, maakte in Kana van water wijn.

De hofmeester riep de bruidegom. Dat was de man die trouwde. De hofmeester zei tegen hem dat iedereen eerst de goede wijn schenkt. Pas later komt de mindere wijn. Maar tegen de bruidegom zei hij: "gij hebt den goeden wijn tot nu toe bewaard". De wijn die Jezus gaf, was goede wijn.

Dit was het eerste teken dat de Heere Jezus deed. Een teken is een wonder dat laat zien Wie Jezus is. In Kana liet Hij Zijn heerlijkheid zien: dat Hij de Zoon van God is, groot en machtig. En Zijn discipelen geloofden in Hem.

Johannes heeft deze geschiedenis opgeschreven zodat ook wij zouden geloven dat Jezus de Christus is, de Zoon van God.

Om te onthouden
“Dit beginsel der tekenen heeft Jezus gedaan te Kana in Galilea, en heeft Zijn heerlijkheid geopenbaard; en Zijn discipelen geloofden in Hem.” (Johannes 2:11)

Tips voor de verteller

  • Kinderen vragen soms of Jezus onaardig was toen Hij Zijn moeder vrouw noemde. U kunt eerlijk zeggen dat het in die tijd een nette aanspreking was. Aan het kruis gebruikte Jezus hetzelfde woord, toen Hij voor Zijn moeder zorgde (Johannes 19:26-27). Met Zijn uur bedoelde Hij de tijd die de Vader had bepaald: Hij hielp wel, maar niet op bevel van een ander.
  • Een kind kan vragen of wijn drinken dan mag. Zeg dat wijn in de Bijbel een gave van God is die blij maakt (Psalm 104:15), en dat de Bijbel ook duidelijk zegt dat dronken worden zonde is (Efeze 5:18). De woorden van de hofmeester over wat er op feesten gewoon was, zeggen niet dat de gasten in Kana dronken waren.
  • Leg de woorden bruiloft, dienaars, hofmeester en reinigen één keer kort uit. Lees Johannes 2:1-11 daarna hardop voor uit de Bijbel zelf; het gedeelte is kort. Vul niet in wie er trouwden, of Maria familie was van het bruidspaar of wat zij dacht. De Bijbel noemt geen namen en geen familieband.
  • Kinderen willen weten hoe het water wijn werd. Zeg eerlijk dat de Bijbel dat niet beschrijft en dat geen mens het kan nadoen; alleen God kan zoiets. Geef daarom de meeste ruimte aan het slot. Johannes noemt het een teken, omdat het laat zien Wie Jezus is, en de discipelen geloofden in Hem.

Gespreksvragen voor kinderwerk en club

Kleuters en onderbouw (4-7 jaar)
  1. NavertellenWat raakte er op tijdens de bruiloft?
  2. NavertellenWaarmee moesten de dienaars de watervaten vullen?
  3. VerwonderenWie kan water in wijn veranderen?
Zondagsschool en club (8-12 jaar)
  1. KijkenWat zei Maria tegen de dienaars, en wat deden zij daarna?
  2. BetekenisJohannes noemt dit wonder een teken. Wat liet Jezus met dit teken zien over Wie Hij is?
  3. VerbindingLees Johannes 1:3. Wat heeft het maken van alle dingen te maken met wat Jezus in Kana deed?
  4. ToepassingMaria bracht de zorg over de wijn bij Jezus. Met welke zorgen mag jij bij de Heere Jezus komen?
Tieners en catechisatie (12-16 jaar)
  1. BijbeltekstLees Johannes 12:23 en Johannes 13:1. Welk uur bedoelt Jezus als Hij in Kana zegt dat Zijn ure nog niet gekomen is?
  2. Wie is God?Jezus deed Zijn eerste teken op een bruiloft en gaf goede wijn in overvloed. Wat zegt dat over Hem en over de manier waarop God geeft?
  3. Moeilijke vraagJohannes 12:37 zegt over de schare dat zij niet in Hem geloofden, hoewel Hij zovele tekenen voor hen gedaan had. Waarom brengen tekenen niet vanzelf tot geloof? Wat staat er in Johannes 2:11 over de discipelen?
  4. PersoonlijkDe discipelen zagen Zijn heerlijkheid en geloofden in Hem. Wat helpt jou om te zien Wie Jezus is?

Gebedspunt: Dank de Heere Jezus dat Hij in Kana Zijn heerlijkheid liet zien en dat Hij ook nu de nood van mensen kent. Bid om een geloof dat doet wat Hij zegt.

Personen in dit verhaal

Plaatsen in dit verhaal

Lees het in een leesplan

Thema's in dit verhaal

het eerste tekende heerlijkheid van Christushet uur van Jezusdoen wat Hij zegthuwelijk en feest

Gerelateerde bijbelverhalen

Veelgestelde vragen over De bruiloft te Kana

Waar staat het verhaal van de bruiloft te Kana in de Bijbel?

Het verhaal van de bruiloft te Kana staat in Johannes 2:1-11. Alleen het Evangelie naar Johannes vertelt deze geschiedenis. Ze volgt direct op de roeping van de eerste discipelen in Johannes 1, en Johannes noemt het wonder het eerste van de tekenen van Jezus (Johannes 2:11). Daarna ging Jezus naar Kapernaum (Johannes 2:12). In Johannes 4:46-54 is Jezus opnieuw in Kana; daar geneest Hij met een woord de zoon van een koninklijk hoveling uit Kapernaum.

Wat betekent "Mijn ure is nog niet gekomen"?

Met Zijn ure bedoelt Jezus in het Evangelie naar Johannes de tijd die de Vader voor Hem bepaald had: de tijd van Zijn lijden, sterven en verheerlijking. Die ure komt telkens terug. Voor het laatste pascha wist Jezus "dat Zijn ure gekomen was, dat Hij uit deze wereld zou overgaan tot den Vader" (Johannes 13:1). In Kana maakte Jezus duidelijk dat Hij handelde naar de tijd van de Vader en niet op aandringen van Zijn moeder. Toch hielp Hij, en liet Hij alvast iets van Zijn heerlijkheid zien.

Waarom noemde Jezus Zijn moeder vrouw?

Het klinkt in onze oren afstandelijk, maar het was in die tijd een gewone en respectvolle aanspreking. Jezus gebruikte hetzelfde woord aan het kruis, toen Hij Zijn moeder toevertrouwde aan de discipel die Hij liefhad: "Vrouw, zie, uw zoon" (Johannes 19:26). De woorden "wat heb Ik met u te doen" (Johannes 2:4) zeggen wel dat Zijn werk als de Christus niet onder het gezag van Zijn moeder stond. Daar ligt de nadruk, niet op een gebrek aan liefde.

Was de wijn op de bruiloft te Kana echte wijn?

Ja, volgens de tekst ging het om echte wijn. Johannes gebruikt hetzelfde woord als elders in het Nieuwe Testament voor wijn, en de hofmeester vergelijkt hem met de wijn die op feesten gewoon geschonken werd (Johannes 2:10). Sommige christenen hebben verdedigd dat het druivensap zonder alcohol was, maar daarvoor geeft de tekst geen aanwijzing. Wel is de Bijbel duidelijk over misbruik: "wordt niet dronken in wijn, waarin overdaad is" (Efeze 5:18). De woorden "wanneer men wel gedronken heeft" beschrijven een gewoonte op feesten, niet dat de gasten in Kana dronken waren.

Hoeveel wijn maakte Jezus op de bruiloft te Kana?

De Bijbel noemt zes stenen watervaten, "elk houdende twee of drie metreten" (Johannes 2:6). Een metreet was een inhoudsmaat van ongeveer veertig liter. Samen konden de vaten dus ruwweg vijfhonderd tot zevenhonderd liter bevatten. De tekst zegt niet of al het water in de vaten wijn werd of alleen wat de dienaars schepten; uitleggers lezen dat verschillend. Wel is duidelijk dat de vaten tot boven toe gevuld waren en dat het om goede wijn ging. Veel uitleggers zien in die overvloed een beeld van de rijkdom die Christus geeft.

Waar lag Kana in Galilea?

De precieze ligging van Kana is niet zeker. Johannes noemt de plaats steeds Kana in Galilea (Johannes 2:1, Johannes 4:46 en Johannes 21:2). Er worden vooral twee plaatsen genoemd: het dorp Kafr Kanna vlak bij Nazareth, waar de traditie het zoekt, en de ruïne Khirbet Qana, iets noordelijker. Beide hebben verdedigers onder archeologen en uitleggers. Voor het verstaan van de geschiedenis maakt het weinig uit: het gaat om een gewone plaats in Galilea, waar ook Nathanaël vandaan kwam.

Wie trouwden er op de bruiloft te Kana?

Dat vertelt de Bijbel niet. Johannes noemt alleen de bruidegom, die door de hofmeester geroepen wordt (Johannes 2:9), maar geen naam. De bruid wordt helemaal niet genoemd. Later zijn er tradities ontstaan die het bruidspaar een naam of een familieband met Jezus gaven, maar die hebben geen grond in de tekst. Dat Maria er was en dat Jezus en Zijn discipelen genood waren (Johannes 2:2), zegt evenmin iets zekers over familie. De aandacht van Johannes ligt niet bij het bruidspaar, maar bij wat Jezus deed.

Waarom noemt Johannes de wonderen van Jezus tekenen?

Een teken wijst naar iets anders. De wonderen van Jezus waren echte daden van hulp, maar Johannes wil dat de lezer verder kijkt, naar Wie Jezus is. Aan het eind van zijn Evangelie schrijft hij dat hij de tekenen heeft opgeschreven, "opdat gij gelooft, dat Jezus is de Christus, de Zone Gods" (Johannes 20:31). Daarom eindigt de geschiedenis van Kana met de heerlijkheid van Christus en het geloof van de discipelen (Johannes 2:11). Een teken kan ook gezien worden zonder dat er geloof volgt, zoals Johannes later vaststelt (Johannes 12:37).

Welke discipelen waren bij de bruiloft te Kana?

Johannes zegt alleen dat de discipelen van Jezus genood waren (Johannes 2:2). In het hoofdstuk daarvoor noemt hij wie Jezus net gevolgd waren: Andreas en een ongenoemde discipel, Simon Petrus, Filippus en Nathanaël (Johannes 1:35-52). Het ligt voor de hand dat zij in Kana bij Hem waren, maar de tekst noemt geen namen. Nathanaël kwam zelf uit Kana (Johannes 21:2). Veel uitleggers denken dat de ongenoemde discipel Johannes zelf was, de schrijver van dit Evangelie.

Wat leert de bruiloft te Kana over Maria?

Maria brengt het tekort bij Jezus en wijst daarna van zichzelf af: "Zo wat Hij ulieden zal zeggen, doet dat" (Johannes 2:5). Jezus maakt duidelijk dat niet zij, maar Zijn ure Zijn handelen bepaalt (Johannes 2:4). Het teken openbaart Zijn heerlijkheid en niet die van Zijn moeder (Johannes 2:11). De rooms-katholieke traditie ziet Maria hier vaak als voorspraak. De Reformatie heeft daartegenover gesteld dat de tekst Maria laat verwijzen naar Christus, de enige Middelaar (1 Timotheüs 2:5).

Wat leert de bruiloft te Kana ons?

Het leert eerst Wie Jezus is. In Kana openbaarde Hij Zijn heerlijkheid als de Zoon van God (Johannes 2:11). Hij hoort de nood die bij Hem gebracht wordt, en Hij handelt op de tijd die de Vader bepaald heeft. Zijn woord is genoeg om op te handelen, zoals de dienaars ervoeren. Hij eert het gewone leven van huwelijk en feest, en Hij geeft overvloedig. Bovenal is het teken opgeschreven opdat wij in Hem geloven, zoals de discipelen: "Zijn discipelen geloofden in Hem".

Hoe vertelt u de bruiloft te Kana aan kinderen?

Op deze pagina staat een vertelling voor kinderen vanaf ongeveer 6 jaar. De geschiedenis is kort en goed te volgen: de wijn is op, Maria gaat naar Jezus, de dienaars doen wat Hij zegt en het water wordt wijn. Geef de meeste ruimte aan wat Jezus doet en aan het slot: Hij liet Zijn heerlijkheid zien en de discipelen geloofden in Hem. Leg woorden als hofmeester en reinigen kort uit en vul geen namen of gesprekken in. De verteltips helpen bij vragen over wijn en over het woord vrouw; de gespreksvragen zijn ingedeeld voor 4-7, 8-12 en 12-16 jaar.

Stel een vraag over De bruiloft te Kana

Wilt u meer weten over dit bijbelverhaal? Onze AI-gestuurde assistent helpt u met achtergrond, context en diepere inzichten uit de Bijbel.

Verdiep u verder