Ga naar hoofdinhoud
Kerk en sacramenten

Mag een christen zich opnieuw laten dopen?

Kort antwoord

Nee, reformatorische kerken wijzen overdoop af, omdat de Bijbel één doop kent (Efeze 4:5). Een doop in de Naam van de Vader, de Zoon en de Heilige Geest blijft geldig, ook als iemand pas later bewust gaat geloven. Baptisten en veel evangelische gemeenten zien dat anders. Wie later tot geloof komt, antwoordt op zijn doop met de openbare geloofsbelijdenis.

Wie als baby gedoopt is en later bewust tot geloof komt, hoort soms van vrienden of in een evangelische gemeente dat de echte doop nog moet komen. Voor anderen speelt de vraag thuis: een zoon of dochter wil zich laten onderdompelen, en de ouders voelen dat als een afwijzing van wat zij bij de doopvont beloofden. Hier leest u wat de Bijbel over de ene doop zegt, hoe Handelingen 19 gelezen wordt, waar christenen verschillen en wat de belijdenis leert.

Waarom kent de Bijbel maar één doop?

Paulus roept de gemeente in Efeze op tot eenheid en somt op wat alle gelovigen samen hebben: 'Een Heere, een geloof, een doop' (Efeze 4:5). Er is één Heere in Wiens Naam gedoopt wordt, en daarom is er één doop. In de doop legt God Zijn Naam op een mens: de Naam van de Vader, de Zoon en de Heilige Geest (Mattheüs 28:19). Dat is eerst Gods daad.

Paulus beschrijft de doop als een begraven worden met Christus: 'Wij zijn dan met Hem begraven, door den doop in den dood' (Romeinen 6:4). Hij roept de gedoopten in Rome niet op tot een nieuwe doop. Zij moeten leven naar wat hun doop betekent. In het hele Nieuwe Testament wordt niemand die in de Naam van Christus gedoopt is, later nog eens gedoopt. Meer teksten vindt u bij bijbelteksten over de doop.

Wat is overdoop of herdoop, en waarom verlangen mensen ernaar?

Overdoop, ook herdoop genoemd, is het opnieuw laten dopen van iemand die al gedoopt is, meestal als baby. Wie dat wil, doet het meestal vanuit een nieuw en levend geloof: men wil de Heere Jezus nu bewust volgen en dat zichtbaar maken. De Pinksterpreek lijkt daar ook op te wijzen: 'Bekeert u, en een iegelijk van u worde gedoopt in den Naam van Jezus Christus' (Handelingen 2:38). Eerst bekering, dan de doop, zo leest men het.

Dat verlangen verdient een eerlijk gesprek. Petrus sprak wel tot volwassen Joden die nog nooit in de Naam van Christus gedoopt waren. Voor hen kwam de doop na de bekering. Direct daarna zegt hij: 'Want u komt de belofte toe, en uw kinderen' (Handelingen 2:39). De belofte staat voorop, en daarin zijn ook de kinderen begrepen. Waarom reformatorische kerken daarom kinderen dopen, leest u bij de vraag of kinderen of volwassenen gedoopt horen te worden.

Werd er in Handelingen 19 niet opnieuw gedoopt?

Wie overdoop verdedigt, wijst vaak op dit hoofdstuk. In Efeze trof Paulus ongeveer twaalf discipelen die nog nooit gehoord hadden dat er een Heilige Geest was. Zij waren gedoopt met de doop van Johannes (Handelingen 19:2-3). Paulus legde uit dat Johannes de doop der bekering bediende en het volk wees op Hem Die na hem kwam, Christus Jezus (Handelingen 19:4). Dan volgt: 'En die hem hoorden werden gedoopt in den Naam van den Heere Jezus' (Handelingen 19:5).

Velen zien hier mannen die alleen de voorbereidende doop van Johannes kenden en nog niet wisten wie Christus is; hun eerste doop was dan nog geen doop in Zijn Naam. Anderen lezen vers 5 als het vervolg van Paulus' uitleg: wie naar Johannes geluisterd hadden, werden door hem gedoopt in de Naam van de Heere Jezus. Calvijn ontkent in zijn Institutie (boek IV, hoofdstuk 15) eveneens dat hier een tweede waterdoop plaatsvond: hij verstaat het dopen in vers 5 als de doop met de Heilige Geest, de gaven die volgens vers 6 door de handoplegging kwamen. In de uitleg van Handelingen 19 leest u het hele verband.

In geen van deze lezingen gaat het om iemand die in de Naam van de drieënige God gedoopt was en later bewuster ging geloven. Opvallend is ook Apollos: hij kende alleen de doop van Johannes, en Aquila en Priscilla legden hem de weg van God nauwkeuriger uit (Handelingen 18:25-26). Van een tweede doop staat daar niets.

Moet u zich opnieuw laten dopen als u toen nog niet geloofde?

De Bijbel spreekt over de doop als teken en zegel van wat God belooft, zoals de besnijdenis dat was. Over Abraham staat: hij heeft 'het teken der besnijdenis ontvangen tot een zegel der rechtvaardigheid des geloofs' (Romeinen 4:11). Israëlitische jongens werden op de achtste dag besneden (Genesis 17:12). Wie later afdwaalde, werd nooit opnieuw besneden. De oproep luidde: besnijdt de voorhuid van uw hart (Deuteronomium 10:16).

Zo is het ook met de doop. Het Nieuwe Testament kent zelfs iemand die met een onoprecht hart gedoopt werd: Simon de tovenaar. Petrus riep hem op tot bekering en gebed, en niet tot een nieuwe doop (Handelingen 8:13, 21-22). De waarde van de doop hangt aan Gods trouw, die niet wegvalt door onze ontrouw (Romeinen 3:3). Wie tot geloof komt, mag met dankbaarheid aannemen wat God in zijn doop al beloofde.

Waar christenen verschillen

Christenen van allerlei kerken delen dat Christus de doop instelde. Over wie gedoopt wordt, en of een doop herhaald mag worden, verschillen zij.

  • Baptisten en veel evangelische en pinkstergemeenten: alleen de doop van iemand die zelf het geloof belijdt, is een bijbelse doop. Zij wijzen op Handelingen 2:38, op de kamerling die eerst zijn geloof beleed (Handelingen 8:37) en op Romeinen 6:4, waar de onderdompeling het begraven met Christus uitbeeldt. Voor hen is de kinderdoop geen echte doop, en spreken zij dus niet van overdoop.
  • Rooms-katholieke, lutherse en reformatorische kerken: de doop is eenmalig, ook als hij aan een kind bediend is. Een doop met water in de Naam van de drieënige God in een andere kerk wordt erkend.
  • De reformatorische lijn: de belijdenis wijst overdoop uitdrukkelijk af: zoals een mens maar één keer geboren wordt, wordt hij maar één keer gedoopt, en Gods belofte hangt niet af van ons besef op het moment van de doop. Het antwoord op de doop is de openbare geloofsbelijdenis.

Dit verschil raakt aan Gods belofte en de plaats van kinderen in de gemeente, maar maakt niemand tot ongelovige. Wie in Christus gelooft en anders over de doop denkt, blijft een broeder of zuster.

Wat zeggen de belijdenisgeschriften?

Artikel 34 van de Nederlandse Geloofsbelijdenis zegt het duidelijk. Samengevat: wie de eeuwige zaligheid zoekt, wordt maar één keer gedoopt en laat die doop nooit herhalen, want een mens kan ook niet twee keer geboren worden. De doop is ook niet alleen nuttig op het moment dat het water op ons is, maar ons hele leven lang. Daarom verwerpt de belijdenis de dwaling van de wederdopers uit de zestiende eeuw, die niet tevreden waren met de ene doop die zij eens ontvangen hadden.

In Zondag 26 van de Heidelbergse Catechismus (vraag 69) staat wat de doop verzekert: Christus heeft beloofd 'dat ik zo zekerlijk met Zijn bloed en Geest van de onreinigheid mijner ziel, dat is, van al mijn zonden, gewassen ben' (Heidelbergse Catechismus, Zondag 26, vraag 69). Zondag 27 voegt toe dat het water zelf niet reinigt; God wil ons door dit teken verzekeren (1 Petrus 3:21). Het klassieke doopformulier zegt ook dat wie later uit zwakheid in zonde valt, niet aan Gods genade hoeft te wanhopen, omdat de doop een zegel is van Gods eeuwig verbond.

Als deze vraag u persoonlijk raakt

Overweegt u zelf een overdoop? Het verlangen om Christus openlijk te belijden is goed; daarvoor heeft de kerk de openbare geloofsbelijdenis: daar zegt u ja op wat God in uw doop beloofde. Paulus schrijft: 'met den mond belijdt men ter zaligheid' (Romeinen 10:10). Spreek eerst met uw predikant of ouderling. In veel reformatorische gemeenten kan een overdoop gevolgen hebben voor het lidmaatschap of het avondmaal, omdat zo'n stap de eerste doop als ongeldig behandelt. Hoe dat in uw eigen gemeente gaat, kan de kerkenraad u uitleggen.

Bent u ouder, broer of zus van iemand die zich liet overdopen? Dan doet dat vaak pijn. Zo'n stap komt meestal voort uit liefde tot de Heere Jezus, niet uit afkeer van het gezin. Blijf in gesprek, ook als u het oneens bent: 'Indien het mogelijk is, zoveel in u is, houdt vrede met alle mensen' (Romeinen 12:18). Ook voor u kan een gesprek met uw predikant of ouderling helpen. U mag hem of haar en uw zorgen bij de Heere brengen.

Twijfelt u of uw eigen doop wel telt, omdat u er niets van weet of lang ver van God leefde? Uw doop rust op Gods belofte. Die belofte nodigt u vandaag om tot Christus te komen.

'Indien wij ontrouw zijn, Hij blijft getrouw; Hij kan Zichzelven niet verloochenen' (2 Timotheüs 2:13)

Bijbelverwijzingen

overdoopopnieuw laten dopenherdoopoverdopenwederdopersngb art. 34hc zondag 26

Stel uw eigen vraag

Wilt u meer weten over dit onderwerp? Stel uw vraag aan de AI BijbelAssistent en krijg direct een onderbouwd antwoord met bijbelverwijzingen.

Stel een vraag

Gerelateerde vragen

Kerk en sacramenten

Kinderdoop of volwassenendoop: wat zegt de Bijbel?

Over kinderdoop of volwassenendoop verschillen christenen. Reformatorische kerken dopen ook de kinderen van gelovigen, omdat Gods belofte ook hun geldt (Handelingen 2:39) en de doop in de plaats van de besnijdenis kwam. Baptisten en veel evangelischen dopen alleen wie zelf het geloof belijdt. Wie als ongedoopte volwassene tot geloof komt, wordt aan beide kanten gedoopt.

Kerk en sacramenten

Moet een mens gedoopt zijn om gered te worden?

Nee, het is niet zo dat een mens gedoopt moet zijn om gered te worden. God redt wie in Christus gelooft, zoals de moordenaar aan het kruis toont (Lukas 23:43). Toch is de doop geen bijzaak. Christus stelde hem in als teken en zegel van Zijn belofte, en een gelovige die nog niet gedoopt is, laat zich dopen.

Kerken en religies

Wat is het verschil tussen evangelisch en reformatorisch?

Het verschil tussen evangelisch en reformatorisch zit vooral in de doop, de verkiezing en de eredienst. Beide stromingen belijden de Bijbel als Gods Woord en de noodzaak van bekering tot Christus. Reformatorische kerken dopen de kinderen van gelovigen als teken van het verbond (Handelingen 2:39); evangelische gemeenten dopen wie zelf het geloof belijdt en zingen vooral nieuwe liederen.

Kerk en sacramenten

Wat is het verschil tussen een dominee, predikant en pastoor?

Het verschil tussen een dominee en een pastoor volgt de grens tussen protestant en rooms-katholiek. Dominee en predikant zijn twee namen voor dezelfde protestantse dienaar des Woords, die preekt en de sacramenten bedient. Een pastoor is een rooms-katholieke priester die een parochie leidt. Reformatorische kerken kennen geen priester naast Christus (1 Timotheüs 2:5).

Kerk en sacramenten

Moet een vrouw een hoofddeksel dragen in de kerk?

Christenen verschillen over de vraag of een vrouw in de kerk een hoofddeksel moet dragen. Paulus schrijft dat een vrouw die met ongedekt hoofd bidt, haar hoofd onteert (1 Korinthe 11:5). Veel reformatorische gemeenten lezen dat als een blijvend gebod en dragen een hoed in de eredienst; andere kerken zien het als een vorm uit die tijd.

Verdiep u verder