Ga naar hoofdinhoud
Kerk en sacramenten

Moet een christen naar de kerk?

Kort antwoord

Ja, een christen moet naar de kerk, want wie bij Christus hoort, hoort ook bij Zijn gemeente. De Bijbel roept op de onderlinge bijeenkomst niet na te laten (Hebreeën 10:25). Kerkgang verdient de zaligheid niet; het is de plaats waar God door Zijn Woord en sacramenten het geloof voedt en Zijn volk samenbrengt.

Veel mensen zeggen dat zij geloven, maar zelden of nooit een kerk binnengaan. Anderen kijken sinds de coronatijd de dienst thuis via internet en zijn daar blijven hangen. En sommigen zijn weggegaan omdat de kerk hun pijn heeft gedaan. Voor al die situaties is de vraag dezelfde: hoort kerkgang bij het christen-zijn? Hier leest u wat de Bijbel over de samenkomst van de gemeente zegt, hoe het zit met ziekte en diensten op afstand, wat de belijdenis leert en wat u kunt doen als de kerk u verdriet deed.

Wat zegt de Bijbel over naar de kerk gaan?

Het woord kerk in de zin van een gebouw komt in de Bijbel niet voor. De Schrift spreekt over de gemeente: de vergadering van de gelovigen die op de dag des Heeren samenkomt rond Gods Woord. Dat die samenkomst geen bijzaak is, zegt de brief aan de Hebreeën met zoveel woorden: 'En laat ons onze onderlinge bijeenkomst niet nalaten, gelijk sommigen de gewoonte hebben' (Hebreeën 10:25). Al in de eerste eeuw waren er dus christenen die wegbleven, en de schrijver noemt dat een gewoonte die moet stoppen. In de uitleg van Hebreeën 10 ziet u hoe die oproep volgt op de vrije toegang tot God door het bloed van Christus.

De eerste gemeente in Jeruzalem laat zien wat er in die samenkomst gebeurt: 'En zij waren volhardende in de leer der apostelen, en in de gemeenschap, en in de breking des broods, en in de gebeden' (Handelingen 2:42). Prediking, onderlinge band, Avondmaal en gebed horen bij elkaar. De Heere Jezus Zelf ging naar Zijn gewoonte op de sabbat naar de synagoge (Lukas 4:16). En in de Psalmen klinkt de blijdschap van wie samen opgaat naar Gods huis: 'Ik verblijd mij in degenen, die tot mij zeggen: Wij zullen in het huis des HEEREN gaan' (Psalm 122:1).

Waarom is de gemeente zo belangrijk?

De Bijbel noemt de gemeente het lichaam van Christus: 'En gijlieden zijt het lichaam van Christus, en leden in het bijzonder' (1 Korinthe 12:27). Een lid dat los van het lichaam leeft, mist wat het nodig heeft, en het lichaam mist wat dat lid had kunnen geven. Paulus zegt daarom dat het oog niet tegen de hand kan zeggen dat het die niet nodig heeft (1 Korinthe 12:21). Wie wegblijft, ontneemt zichzelf de prediking en de sacramenten, en ontneemt anderen zijn gebed, zijn gaven en zijn aanwezigheid. Meer bijbelteksten over dit thema vindt u bij wat de Bijbel over de gemeente zegt.

De Heere Jezus belooft Zijn tegenwoordigheid bij de samenkomst: 'Want waar twee of drie vergaderd zijn in Mijn Naam, daar ben Ik in het midden van hen' (Mattheüs 18:20). In Mattheüs 18 staat die belofte in een gedeelte over vermaning, tucht en gezamenlijk gebed in de gemeente. Het is dus een bemoediging voor de kleine gemeente en voor wie samen bidt. Een reden om de gemeente te vervangen door een eigen kring is het niet.

Kan een christen geloven zonder kerk?

Niemand wordt zalig door kerkgang. De moordenaar aan het kruis kon nooit meer een samenkomst van de gemeente bijwonen en kreeg toch de belofte van het paradijs (Lukas 23:43). Het geloof is een gave van God, en ook wie door omstandigheden geen gemeente heeft, staat niet buiten Zijn zorg. Toch is geloven zonder kerk niet de weg die God wijst. Christus vergadert Zijn gemeente, en wie bij Hem hoort, wordt ook bij Zijn volk gevoegd. Paulus noemt de gelovigen huisgenoten van God (Efeze 2:19). Calvijn noemt de kerk in zijn Institutie (boek IV, hoofdstuk 1) de moeder van de gelovigen: wie God als Vader heeft, wordt door de kerk gevoed en opgevoed.

Daarom is de vraag meestal niet of iemand naar de kerk moet, maar naar welke kerk. Wie zoekt, mag letten op een zuivere prediking van het Woord, een trouwe bediening van Doop en Avondmaal en een tucht die naar Gods Woord wordt uitgeoefend. Waarom er zoveel verschillende kerkgenootschappen zijn en hoe u daarmee omgaat, leest u in de vraag waarom er zoveel kerken zijn.

Telt een kerkdienst via internet of kerktelefoon ook?

Wie door ziekte, ouderdom, een beperking of de zorg voor een ander niet naar de kerk kan, is niet ongehoorzaam. Voor hen zijn de kerktelefoon, de kerkradio en de uitzending via internet een zegen: zo horen zij toch het Woord en zijn zij verbonden met hun gemeente. De dichter van Psalm 42 kende het gemis van wie niet kan gaan. Ver van Gods huis dacht hij eraan hoe hij placht 'met hen te treden naar Gods huis' (Psalm 42:5). Dat verlangen is zelf al een teken van leven.

Voor wie wel kan komen, is meeluisteren op afstand geen vervanging van de samenkomst. Het Avondmaal wordt niet via een scherm gevierd, de Doop vindt plaats in het midden van de gemeente, en de onderlinge vermaning en bemoediging waar Hebreeën 10:24-25 over spreekt, vragen om elkaar te zien. Een uitzending is een brug voor wie verhinderd is. Wie gemakshalve thuisblijft, mist wat de gemeente hem wil geven. Hoe de zondag verder gevuld kan worden, leest u bij wat er op zondag wel en niet past.

Wat zeggen de belijdenisgeschriften?

Artikel 28 van de Nederlandse Geloofsbelijdenis zegt het uitdrukkelijk: omdat de kerk de vergadering is van hen die zalig worden, mag niemand zich daarvan afzonderen om op zichzelf te staan, van welke staat of positie hij ook is. Allen zijn geroepen zich bij haar te voegen, haar eenheid te bewaren, zich onder haar onderwijs en tucht te stellen en met hun gaven de anderen op te bouwen, ook als de overheid dat zou verbieden. Het artikel zegt zelfs dat er buiten haar geen zaligheid is. Dat ligt niet aan de kerk zelf: Christus voegt wie Hij zalig maakt bij Zijn gemeente (Handelingen 2:47). Artikel 29 noemt de kenmerken waaraan de ware kerk te herkennen is.

De Heidelbergse Catechismus behandelt de kerkgang bij het vierde gebod. In Zondag 38 van de Heidelbergse Catechismus staat dat God wil 'dat ik, inzonderheid op den sabbat, dat is op den rustdag, tot de gemeente Gods naarstiglijk kome, om Gods Woord te horen, de Sacramenten te gebruiken, God den Heere openlijk aan te roepen, en de Christelijke aalmoezen te geven' (Heidelbergse Catechismus, Zondag 38, vraag 103). In Zondag 21 belijdt de gelovige dat Christus Zijn gemeente vergadert en dat hij daarvan een levend lid is (vraag 54). Die volgorde is belangrijk: eerst is er Christus, Die Zijn kerk bouwt, dan het gemeentelid, dat daarin zijn plaats inneemt (Mattheüs 16:18).

Als deze vraag u persoonlijk raakt

Het kan zijn dat u dit leest omdat de kerk u pijn heeft gedaan. Harde woorden, onrecht dat werd toegedekt, eenzaamheid in een volle kerk, of erger: ook misbruik is in kerken gebeurd. Die pijn is echt, en de Bijbel praat haar niet weg. De Heere spreekt in Ezechiël 34 zwaar over herders die het gebrokene niet verbonden, en belooft daar Zelf het verlorene te zoeken. Van Christus staat geschreven: 'Het gekrookte riet zal Hij niet verbreken' (Jesaja 42:3). Hij is de Herder Die niet faalt waar mensen in Zijn kerk tekortschoten.

U hoeft niet terug naar de plaats waar u beschadigd bent om toch bij de gemeente van Christus te horen. Een andere gemeente waar Gods Woord trouw wordt gepreekt, kan een plaats van herstel worden. Is er sprake van misbruik, dan is melden geen kwaadspreken en gaat uw veiligheid voor; veel kerken hebben daarvoor een vertrouwenspersoon, en bij strafbare feiten kunt u naar de politie. Bij seksueel geweld kunt u ook gratis en anoniem, dag en nacht, het Centrum Seksueel Geweld bellen via 0800-0188.

Bent u zelf weggegaan en twijfelt u of u terug kunt komen: de deur staat open. Heeft u een kind of geliefde die de kerk verliet, blijf dan voor hem of haar bidden en houd de band vast, ook als het gesprek over het geloof nu moeilijk is. Praat over wat u meemaakt met een predikant, ouderling of iemand die u vertrouwt. Wilt u eerst anoniem uw verhaal kwijt, dan kunt u De Luisterlijn dag en nacht bellen via 088 0767 000, of chatten via deluisterlijn.nl.

'Hoe liefelijk zijn Uw woningen, o HEERE der heirscharen' (Psalm 84:2)

Bijbelverwijzingen

moet je naar de kerkwaarom naar de kerk gaangeloven zonder kerkkerkganggemeentekerkdienst via internetngb art. 28hc zondag 38

Stel uw eigen vraag

Wilt u meer weten over dit onderwerp? Stel uw vraag aan de AI BijbelAssistent en krijg direct een onderbouwd antwoord met bijbelverwijzingen.

Stel een vraag

Gerelateerde vragen

Kerken en religies

Waarom zijn er zoveel kerken?

Waarom er zoveel kerken zijn, komt doordat christenen door de eeuwen heen verschilden over de leer, de sacramenten en de regering van de kerk, en omdat trots en partijzucht scheuringen verdiepten. Paulus vermaande al dat er geen scheuringen zouden zijn (1 Korinthe 1:10). Toch vergadert Christus Zijn ene kerk uit alle tijden en plaatsen.

Christelijk leven

Wat mag wel en niet op zondag?

Wat er op zondag niet mag, staat in de Bijbel niet als lijst: het vierde gebod vraagt de rustdag te heiligen en het gewone werk te laten rusten (Exodus 20:8-10). Werken van noodzaak en barmhartigheid mogen wel. Over sporten, boodschappen en reizen verschillen christenen; reformatorische kerken houden de zondag doorgaans strikt als rustdag.

Zonde en verlossing

Hoe word ik christen?

Hoe word ik christen? De Bijbel antwoordt: door bekering tot God en geloof in de Heere Jezus Christus (Markus 1:15). Dat geloof werkt God Zelf door Zijn Woord en Geest. Wie Christus zoekt, mag de Bijbel lezen, om genade bidden, een kerk zoeken en met een predikant spreken. Christus wijst niemand af die tot Hem komt.

Kerk en sacramenten

Wie mag aan het avondmaal?

Aan het avondmaal mag volgens de Bijbel ieder gaan die zichzelf beproeft (1 Korinthe 11:28): wie om zijn zonden verslagen is, zijn vergeving alleen bij Christus zoekt en Hem wil volgen. De tafel is bedoeld voor bekommerde zondaren en zwakke gelovigen. Wie in leer of leven openlijk met God breekt, wordt door de kerkenraad niet toegelaten.

Kerk en sacramenten

Wat is het verschil tussen een dominee, predikant en pastoor?

Het verschil tussen een dominee en een pastoor volgt de grens tussen protestant en rooms-katholiek. Dominee en predikant zijn twee namen voor dezelfde protestantse dienaar des Woords, die preekt en de sacramenten bedient. Een pastoor is een rooms-katholieke priester die een parochie leidt. Reformatorische kerken kennen geen priester naast Christus (1 Timotheüs 2:5).

Verdiep u verder