Borstius les 9: Van Adam tot Babel
In het kort
Met les 9 begint het tweede deel van Borstius: de historische vragen uit de Bijbel. Deze les loopt van Adam tot de toren van Babel, met de eerste zonde, de eerste moord, Henoch, Methusalach en Noach. Steeds ziet u hoe zwaar de zonde weegt en hoe God oordeelt en spaart.
De vragen en antwoorden van Borstius, les 9
Historische vragen uit de H. Schriftuur.
73. Wie was de eerste mensch?
Antw.Adam.
Bewijstekst: Genesis 1:27
- Genesis 1:27 En God schiep den mens naar Zijn beeld; naar het beeld van God schiep Hij hem; man en vrouw schiep Hij ze.
Noot. Deze vraag komt uit de druk van H. Boer te Assen (ca. 1880): in de scan van de kopieerbron ontbreekt hier een blad.
74. Van waar heet hij Adam?
Antw.Van de aarde.
Bewijstekst: Genesis 3:19
- Genesis 3:19 In het zweet uws aanschijns zult gij brood eten, totdat gij tot de aarde wederkeert, dewijl gij daaruit genomen zijt; want gij zijt stof, en gij zult tot stof wederkeren.
Noot. Deze vraag komt uit de druk van H. Boer te Assen (ca. 1880): in de scan van de kopieerbron ontbreekt hier een blad.
75. Wie maakte het eerste kleed?
Antw.God.
Noot. Deze vraag komt uit de druk van H. Boer te Assen (ca. 1880): in de scan van de kopieerbron ontbreekt hier een blad.
76. Voor wie?
Antw.Voor Adam en Eva.
Bewijstekst: Genesis 3:21
- Genesis 3:21 En de HEERE God maakte voor Adam en zijn vrouw rokken van vellen, en toog ze hun aan.
Noot. Deze vraag komt uit de druk van H. Boer te Assen (ca. 1880): in de scan van de kopieerbron ontbreekt hier een blad.
77. Waarom?
Antw.Omdat zij naakt waren.
Noot. Deze vraag komt uit de druk van H. Boer te Assen (ca. 1880): in de scan van de kopieerbron ontbreekt hier een blad.
78. Hoe zijn zij naakt geworden?
Antw.Door de zonde.
Bewijstekst: Genesis 3:7
- Genesis 3:7 Toen werden hun beider ogen geopend, en zij werden gewaar, dat zij naakt waren; en zij hechtten vijgeboombladeren samen, en maakten zich schorten.
Noot. Deze vraag komt uit de druk van H. Boer te Assen (ca. 1880): in de scan van de kopieerbron ontbreekt hier een blad.
79. Wat was de eerste zonde des menschen?
Antw.Het eten van den boom der kennis des goeds en des kwaads.
Bewijstekst: Genesis 3:6
- Genesis 3:6 En de vrouw zag, dat die boom goed was tot spijze, en dat hij een lust was voor de ogen, ja, een boom, die begeerlijk was om verstandig te maken; en zij nam van zijn vrucht en at; en zij gaf ook haar man met haar, en hij at.
Noot. Deze vraag komt uit de druk van H. Boer te Assen (ca. 1880): in de scan van de kopieerbron ontbreekt hier een blad.
80. Waar werd de zonde gedaan?
Antw.In het Paradijs.
Noot. Deze vraag komt uit de druk van H. Boer te Assen (ca. 1880): in de scan van de kopieerbron ontbreekt hier een blad.
81. Wie was de eerste leugenaar?
Antw.De satan.
Noot. Deze vraag komt uit de druk van H. Boer te Assen (ca. 1880): in de scan van de kopieerbron ontbreekt hier een blad.
82. Welke was de eerste leugen?
Antw.Gij zult niet sterven.
Bewijstekst: Genesis 3:4
- Genesis 3:4 Toen zeide de slang tot de vrouw: Gijlieden zult den dood niet sterven;
Noot. Deze vraag komt uit de druk van H. Boer te Assen (ca. 1880): in de scan van de kopieerbron ontbreekt hier een blad.
83. Welk mensch was de eerste moordenaar?
Antw.Kaïn.
Noot. Deze vraag komt uit de druk van H. Boer te Assen (ca. 1880): in de scan van de kopieerbron ontbreekt hier een blad.
84. Wien vermoordde hij?
Antw.Zijn broeder Abel.
Noot. Deze vraag komt uit de druk van H. Boer te Assen (ca. 1880): in de scan van de kopieerbron ontbreekt hier een blad.
85. Waarom deed hij dat?
Antw.Omdat hij nijdig was, en zijn broeder rechtvaardig.
Bewijstekst: Genesis 4:8
- Genesis 4:8 En Kain sprak met zijn broeder Habel; en het geschiedde, als zij in het veld waren, dat Kain tegen zijn broeder Habel opstond, en sloeg hem dood.
Noot. Deze vraag komt uit de druk van H. Boer te Assen (ca. 1880): in de scan van de kopieerbron ontbreekt hier een blad.
86. Wie was de eerste mensch, die niet stierf?
Antw.Enoch.
Noot. Deze vraag komt uit de druk van H. Boer te Assen (ca. 1880): in de scan van de kopieerbron ontbreekt hier een blad.
87. Waar bleef hij dan?
Antw.God nam hem weg in den Hemel.
Bewijstekst: Genesis 5:22-24
- Genesis 5:22-24 En Henoch wandelde met God, nadat hij Methusalach gewonnen had, driehonderd jaren; en hij gewon zonen en dochteren. Zo waren al de dagen van Henoch driehonderd vijf en zestig jaren. Henoch dan wandelde met God; en hij was niet meer; want God nam hem weg.
Noot. Deze vraag komt uit de druk van H. Boer te Assen (ca. 1880): in de scan van de kopieerbron ontbreekt hier een blad.
88. Wie was de oudste mensch?
Antw.Methuzalem.
Noot. Deze vraag komt uit de druk van H. Boer te Assen (ca. 1880): in de scan van de kopieerbron ontbreekt hier een blad.
89. Hoe oud was hij?
Antw.Negenhonderd en negen en zestig jaren.
Bewijstekst: Genesis 5:27
- Genesis 5:27 Zo waren al de dagen van Methusalach negenhonderd negen en zestig jaren; en hij stierf.
Noot. Deze vraag komt uit de druk van H. Boer te Assen (ca. 1880): in de scan van de kopieerbron ontbreekt hier een blad.
90. Wie maakte het eerste schip?
Antw.Noach.
Noot. Deze vraag komt uit de druk van H. Boer te Assen (ca. 1880): in de scan van de kopieerbron ontbreekt hier een blad.
91. Wie had hem dat geboden?
Antw.God.
Bewijstekst: Genesis 6:14
- Genesis 6:14 Maak u een ark van goferhout; met kameren zult gij deze ark maken; en gij zult die bepekken van binnen en van buiten met pek.
Noot. Deze vraag komt uit de druk van H. Boer te Assen (ca. 1880): in de scan van de kopieerbron ontbreekt hier een blad.
92. Waarom gebood Hij dat?
Antw.Om den hoogen watervloed, die komen zou.
Bewijstekst: Genesis 6:17
- Genesis 6:17 Want Ik, zie, Ik breng een watervloed over de aarde, om alle vlees, waarin een geest des levens is, van onder den hemel te verderven; al wat op de aarde is, zal den geest geven.
Noot. Deze vraag komt uit de druk van H. Boer te Assen (ca. 1880): in de scan van de kopieerbron ontbreekt hier een blad.
93. Hoe hoog kwam het water?
Antw.Vijftien ellen boven den hoogsten berg.
Noot. Deze vraag komt uit de druk van H. Boer te Assen (ca. 1880): in de scan van de kopieerbron ontbreekt hier een blad.
94. Hoe lang stond het water op de aarde?
Antw.Honderd en vijftig dagen.
Bewijstekst: Genesis 7:24
- Genesis 7:24 En de wateren hadden de overhand boven de aarde, honderd en vijftig dagen.
Noot. Deze vraag komt uit de druk van H. Boer te Assen (ca. 1880): in de scan van de kopieerbron ontbreekt hier een blad.
95. Waarom werd de toren te Babel gebouwd?
Antw.Om een naam te maken.
Bewijstekst: Genesis 11:4
- Genesis 11:4 En zij zeiden: Kom aan, laat ons voor ons een stad bouwen, en een toren, welks opperste in den hemel zij, en laat ons een naam voor ons maken, opdat wij niet misschien over de ganse aarde verstrooid worden!
Noot. Deze vraag komt uit de druk van H. Boer te Assen (ca. 1880): in de scan van de kopieerbron ontbreekt hier een blad.
96. Waarom werd hij Babel genaamd?
Antw.Omdat God hunne spraak verwarde.
Bewijsteksten: Genesis 11:7; Genesis 11:9
- Genesis 11:7 Kom aan, laat Ons nedervaren, en laat Ons hun spraak aldaar verwarren, opdat iegelijk de spraak zijns naasten niet hore.
- Genesis 11:9 Daarom noemde men haar naam Babel; want aldaar verwarde de HEERE de spraak der ganse aarde, en van daar verstrooide hen de HEERE over de ganse aarde.
Noot. Deze vraag komt uit de druk van H. Boer te Assen (ca. 1880): in de scan van de kopieerbron ontbreekt hier een blad.
Tekst: Eenige korte vragen voor de kleine kinderen, door Jacobus Borstius, in leven predikant te Rotterdam. Uitgegeven door de docenten aan de Theol. School der Christelijke Gereformeerde Kerk. 14e druk, 's-Gravenhage: S. van Velzen jr. (W.A. Beschoor), 1898. Scan op Delpher. Woord voor woord op de scan nagelezen en vergeleken met 3 andere drukken. Publiek domein. De Vries-Te Winkel, zoals in de kopieerbron (1898); niet gemoderniseerd. Over de tekst.
Uitleg om te leren en te bespreken
Met vraag 73 begint een nieuw deel van het boekje: vragen over de geschiedenis uit de Heilige Schrift. Historisch betekent: wat werkelijk gebeurd is. De vragen zijn kort en volgen de Bijbel vanaf het begin. Zo leren kinderen de grote lijn kennen, van de eerste mens tot de toren van Babel.
Adam en de eerste zonde
De eerste mens was Adam. Op de vraag waarom hij Adam heet, antwoordt het boekje: 'Van de aarde'. Genesis vertelt dat God de mens formeerde "uit het stof der aarde". Na de val zei God: "want gij zijt stof, en gij zult tot stof wederkeren".
Wie maakte het eerste kleed? 'God'. Hij maakte het 'Voor Adam en Eva', 'Omdat zij naakt waren'. Vóór de zonde waren zij naakt, "en zij schaamden zich niet". Hoe zijn zij naakt geworden? 'Door de zonde'. Na de zonde staat er: "zij werden gewaar, dat zij naakt waren". Adam vreesde en verborg zich. Toen maakte God Zelf het eerste kleed. De HEERE God "maakte voor Adam en zijn vrouw rokken van vellen". Zo zorgde God voor hen, ook na hun zonde.
Daarna vraagt het boekje terug naar de oorzaak. Wat was de eerste zonde? 'Het eten van den boom der kennis des goeds en des kwaads'. Die zonde werd gedaan 'In het Paradijs', de hof waar God alles goed gemaakt had.
De eerste leugen en de eerste moord
De eerste leugenaar was de satan. Zijn eerste leugen was: 'Gij zult niet sterven'. God had gezegd dat de mens zou sterven als hij van de boom at, maar de satan sprak God tegen. De Heere Jezus noemt hem "een leugenaar, en de vader derzelve leugen".
De eerste mens die een moord deed, was Kaïn. Hij doodde zijn broer Abel, 'Omdat hij nijdig was, en zijn broeder rechtvaardig'. Nijdig betekent: jaloers en vol wrok. Die woorden komen uit de Bijbel. Johannes schrijft over Kaïn: "Omdat zijn werken boos waren, en van zijn broeder rechtvaardig". Zo laat de Bijbel al vroeg zien waar jaloezie toe kan leiden.
Henoch en Methusalach
Henoch was 'de eerste mensch, die niet stierf'. Waar bleef hij dan? 'God nam hem weg in den Hemel'. Genesis zegt dat Henoch "wandelde met God". Dat betekent dat hij dicht bij God leefde en Hem diende. Het boekje schrijft Enoch, zoals ook de brief aan de Hebreeën doet.
De oudste mens was Methusalach; het boekje noemt hem Methuzalem. Hij werd 'Negenhonderd en negen en zestig jaren' oud. Toch staat er ook van hem: "en hij stierf". Hoe oud iemand ook wordt, het leven op aarde heeft een einde.
Noach en de watervloed
Het eerste schip maakte Noach, omdat God het hem geboden had: "Maak u een ark van goferhout". Een ark is een groot houten schip. God gebood dat 'Om den hoogen watervloed, die komen zou'. Een watervloed is een overstroming over de hele aarde. Het water kwam 'Vijftien ellen boven den hoogsten berg'. Een el is een oude lengtemaat. Het water stond 'Honderd en vijftig dagen' op de aarde.
Toch ging Noach niet verloren, want "Noach vond genade in de ogen des HEEREN". God oordeelde de goddeloze wereld, en Hij spaarde wie Hij genade gaf.
De toren van Babel
De laatste vragen gaan over Babel. Waarom bouwden de mensen die toren? 'Om een naam te maken'. Zij zeiden: "laat ons een naam voor ons maken". Zij wilden zelf groot zijn, zonder God. Waarom heet de toren Babel? 'Omdat God hunne spraak verwarde'. Spraak betekent taal. De Bijbel zegt van de stad met die toren: "Daarom noemde men haar naam Babel". Zo eindigt deze les met een waarschuwing tegen hoogmoed.
Bijbelse onderbouwing
“En de vrouw zag, dat die boom goed was tot spijze, en dat hij een lust was voor de ogen, ja, een boom, die begeerlijk was om verstandig te maken; en zij nam van zijn vrucht en at; en zij gaf ook haar man met haar, en hij at.”
Hier staat de eerste zonde uit vraag 79: Eva at van de boom en gaf ook haar man, en hij at.
“En Henoch wandelde met God, nadat hij Methusalach gewonnen had, driehonderd jaren; en hij gewon zonen en dochteren. Zo waren al de dagen van Henoch driehonderd vijf en zestig jaren. Henoch dan wandelde met God; en hij was niet meer; want God nam hem weg.”
Henoch wandelde met God en was niet meer, want God nam hem weg, zoals vraag 87 zegt.
“Maak u een ark van goferhout; met kameren zult gij deze ark maken; en gij zult die bepekken van binnen en van buiten met pek.”
God Zelf gaf Noach het bevel om de ark te bouwen, het eerste schip uit vraag 90.
“Daarom noemde men haar naam Babel; want aldaar verwarde de HEERE de spraak der ganse aarde, en van daar verstrooide hen de HEERE over de ganse aarde.”
De naam Babel herinnert eraan dat de HEERE daar de spraak van de hele aarde verwarde.
Bijbelteksten uit de Statenvertaling.
Om over door te praten
- Hoe probeerde de satan Eva te laten twijfelen aan wat God gezegd had?
- Wat leert de geschiedenis van Kaïn en Abel over jaloezie tussen broers en zussen?
- Wat betekent het voor u om, net als Henoch, met God te wandelen?
- Waarom wilden de mensen in Babel een naam voor zichzelf maken, en waar ziet u die hoogmoed nu nog?
Samen leren thuis
Deze les bestaat uit veel korte vragen met korte antwoorden. Neem elke dag een paar vragen door aan tafel en laat de kinderen het antwoord geven. Lees daarbij uit Genesis 6 tot 8 of uit een kinderbijbel het verhaal van Noach en de ark. Laat een jong kind een ark tekenen, en vertel erbij waarom God de ark liet bouwen.