Ga naar hoofdinhoud

Ekron in de Bijbel

Ekron (Hebreeuws ʿEqron). De betekenis van de naam is onzeker. Sefanja speelt met de klank ervan: "Ekron zal uitgeworteld worden" (Sefanja 2:4). Een inwoner heet in de Statenvertaling een Ekroniet (Jozua 13:3).

Ekron was de Filistijnse stad van Baäl-Zebub, de god die koning Ahazia liet raadplegen (2 Koningen 1:2). Zij was de noordelijkste van de vijf vorstensteden en de laatste stad waarheen de Filistijnen de ark van God brachten (1 Samuël 5:10). De oude stad is Tel Miqne in Israël.

Ook bekend als: Tel Miqne, Khirbet el-Muqanna

Ligging

Ekron lag in het noordoosten van het land der Filistijnen, waar de kustvlakte overgaat in de Sefela, het heuvelland aan de voet van het gebergte van Juda. De landpale van Ekron was de noordgrens van het Filistijnse gebied (Jozua 13:3), en de noordgrens van Juda liep langs de stad (Jozua 15:11). Ten zuiden lag Gath, ten westen Asdod, ten oosten Beth-Semes.

Vandaag

De identificatie is algemeen aanvaard: Ekron is Tel Miqne, ook Khirbet el-Muqanna genoemd, in Israël. De heuvel is uitgebreid opgegraven. In 1996 vond men er een inscriptie die de naam Ekron noemt, waarmee de identificatie vaststaat.

Geschiedenis

Bij de verdeling van het land lag Ekron aan de rand van wat Israël nog niet had ingenomen. Jozua 13:3 noemt de landpale van Ekron als de noordgrens van de vijf vorsten der Filistijnen. De stad werd met haar dorpen aan Juda toegewezen (Jozua 15:45-46) en staat ook in de lijst van de steden van Dan (Jozua 19:43). Richteren 1:18 meldt dat Juda Ekron met haar landpale innam, maar in de dagen van Eli was het weer een Filistijnse vorstenstad. Toen de ark van God na Asdod en Gath naar Ekron kwam, riepen de inwoners dat men de ark had gebracht om hen te doden. De hand van God was er zeer zwaar (1 Samuël 5:10-12). De ark ging daarna op een nieuwe wagen naar Beth-Semes; de vijf vorsten volgden de wagen tot aan de grens en keerden op dezelfde dag naar Ekron terug (1 Samuël 6:7-16). Onder Samuël kwamen de steden van Ekron tot Gath weer aan Israël (1 Samuël 7:14), en na de val van Goliath vervolgde Israël de Filistijnen tot aan de poorten van Ekron (1 Samuël 17:52). Koning Ahazia van Israël viel door een tralie in zijn opperzaal en stuurde boden om Baäl-Zebub, de god van Ekron, te vragen of hij zou genezen. Elia trad hen in de weg, en Ahazia stierf naar het woord van de HEERE (2 Koningen 1:2-17). Buiten de Bijbel noemen de annalen van de Assyrische koning Sanherib een koning Padi van Ekron, in de tijd van Hizkia. Volgens die annalen hadden zijn onderdanen hem aan Hizkia uitgeleverd en zette Sanherib hem weer op de troon. De inscriptie van Tel Miqne noemt een vorst Achis, zoon van Padi, die er een tempel bouwde.

Betekenis in de Bijbel

Ekron komt in de Bijbel op twee momenten naar voren. In 1 Samuël 5 is het de laatste stad waar de ark van God heen gedragen werd, en de stad die meteen eiste dat de ark werd teruggezonden (1 Samuël 5:10-11). Zo erkenden de Filistijnen zelf dat zij de God van Israël niet als buit konden houden. In 2 Koningen 1 is Ekron de stad van een vreemde god bij wie een koning van Israël raad zocht. Drie keer stelt de HEERE dezelfde vraag: of er dan geen God in Israël is (2 Koningen 1:3, 1:6, 1:16). De profeten noemen Ekron in de rij van Filistijnse steden: "Ik zal Mijn hand wenden tegen Ekron" (Amos 1:8). Zacharia gaat verder dan het oordeel. Van de Filistijn zegt de HEERE: "alzo zal hij ook onzen God overblijven", en Ekron zal zijn "als de Jebusiet" (Zacharia 9:7). Dat wordt meestal zo uitgelegd: zoals de Jebusieten van Jeruzalem in Israël opgingen, zo zal ook een rest uit Ekron bij het volk van God worden ingelijfd.

Sleutelgebeurtenissen in Ekron

1

Ekron als grens van de Filistijnen

Bij de verdeling van het land noemt Jozua de landpale van Ekron als de noordgrens van het gebied van de vijf vorsten der Filistijnen.

Jozua 13:3

2

De ark komt naar Ekron

Na Asdod en Gath wordt de ark van God naar Ekron gebracht. De inwoners worden geslagen en eisen dat de vorsten de ark naar haar plaats terugzenden.

1 Samuël 5:10-12

3

De vorsten keren terug naar Ekron

Twee koeien trekken de wagen met de ark rechtstreeks naar Beth-Semes. De vijf vorsten gaan erachter tot aan de grens en keren dezelfde dag terug naar Ekron.

1 Samuël 6:12-16

4

Ahazia zoekt Baäl-Zebub

De zieke koning Ahazia stuurt boden naar Baäl-Zebub, de god van Ekron. Elia houdt hen tegen en kondigt aan dat de koning zal sterven.

2 Koningen 1:2-4

5

Ekron zal zijn als de Jebusiet

Na het oordeel over de Filistijnen belooft God dat een rest van hen Hem zal overblijven. Ekron zal worden als de Jebusiet.

Zacharia 9:7

Theologische betekenis

De vraag die Elia aan de boden van Ahazia moest stellen, raakt de kern van wat Ekron in de Bijbel betekent: "Is het, omdat er geen God in Israel is, dat gijlieden heengaat" (2 Koningen 1:3). Ahazia was koning van Israël, geen heiden. Toch zocht hij in zijn nood antwoord bij een afgod in een Filistijnse stad. De Schrift ziet dat als een verloochening van de levende God, Die Zijn woord in Israël had gegeven. In de evangeliën klinkt een naam die op Baäl-Zebub lijkt. De Farizeeën zeiden dat de Heere Jezus de duivelen uitwierp "door Beelzebul, den overste der duivelen" (Mattheüs 12:24). Volgens een gangbare uitleg is Beelzebul een vorm van de naam van de god van Ekron; zeker is dat niet. Christus antwoordde dat Hij de duivelen uitwierp door de Geest van God, als Iemand Die de sterke bindt en zijn huis berooft (Mattheüs 12:28-29). Zo staat tegenover de stad die een afgod raadpleegde de belofte van Zacharia 9:7: ook uit de Filistijnen wil God een overblijfsel voor Zich hebben.

Belangrijke bijbelteksten

De volgende bijbelgedeelten helpen u om de rol van Ekron in de Schrift beter te begrijpen.

Veelgestelde vragen over Ekron

Waar lag Ekron?

Ekron lag in het noordoosten van het land der Filistijnen, aan de overgang van de kustvlakte naar het heuvelland van Juda. Het was de noordelijkste vorstenstad, aan de grens met het gebied van Juda en Dan (Jozua 15:11, 19:43). Het oude Ekron is Tel Miqne in Israël, ook Khirbet el-Muqanna genoemd. Die identificatie was al gangbaar en staat vast sinds daar in 1996 een inscriptie met de naam Ekron werd gevonden.

Wat betekent de naam Ekron?

De betekenis van de naam Ekron is onzeker. De profeet Sefanja speelt wel met de klank van de naam: "Ekron zal uitgeworteld worden" (Sefanja 2:4). In het Hebreeuws lijkt het werkwoord voor uitwortelen op de naam van de stad. Een inwoner van Ekron heet in de Statenvertaling een Ekroniet (Jozua 13:3).

Wie was Baäl-Zebub, de god van Ekron?

Baäl-Zebub was de god die in Ekron vereerd werd. In de Statenvertaling wordt de naam Baal-Zebub geschreven. Koning Ahazia van Israël stuurde boden om hem te vragen of hij van zijn ziekte zou genezen (2 Koningen 1:2). De naam wordt meestal vertaald als heer der vliegen. Sommige uitleggers denken dat het een spotvorm is van een eretitel als Baäl-Zebul, verheven heer. Wat de naam precies betekende, is niet zeker.

Is Beëlzebub (Beelzebul) hetzelfde als Baäl-Zebub?

In de evangeliën heet de overste der duivelen Beelzebul (Mattheüs 12:24, Markus 3:22, Lukas 11:15). Volgens een gangbare uitleg is dat een vorm van de naam Baäl-Zebub, de god van Ekron uit 2 Koningen 1. Zeker is dat niet: de spelling verschilt en het Nieuwe Testament legt het verband zelf niet. Wel is duidelijk dat de naam in de tijd van de Heere Jezus een aanduiding van de satan was. Ook gespeld als Beëlzebul of Beëlzebub; de uitdrukking de duivel met Beëlzebub uitdrijven gaat terug op Mattheüs 12:24-27.

Wat gebeurde er met de ark in Ekron?

De Filistijnen brachten de buitgemaakte ark van God van Asdod naar Gath en daarna naar Ekron. Daar riepen de inwoners meteen dat men de ark had gebracht om hen te doden. Er was een dodelijke kwelling in de stad, en de vorsten moesten de ark terugsturen (1 Samuël 5:10-12). De ark ging daarna, waarschijnlijk vanuit Ekron, op een nieuwe wagen naar Beth-Semes; de vorsten keerden op dezelfde dag naar Ekron terug (1 Samuël 6:7-16).

Wat is de Ekron-inscriptie?

De Ekron-inscriptie is een stenen gedenkplaat die in 1996 op Tel Miqne werd gevonden. Zij noemt Achis, zoon van Padi, vorst van Ekron, met zijn voorvaderen, en vermeldt dat hij een tempel liet bouwen. Deze Achis is een andere dan Achis, de koning van Gath uit de tijd van David. Een koning Padi van Ekron komt ook voor in de annalen van de Assyrische koning Sanherib. De vondst legde vast dat Tel Miqne het bijbelse Ekron is.

Waar staat Ekron in de Bijbel?

Ekron staat in ruim twintig verzen. De belangrijkste zijn Jozua 13:3 en 15:45-46, Richteren 1:18, 1 Samuël 5:10-12 en 6:16-17 (de ark), 1 Samuël 7:14 en 17:52, 2 Koningen 1 (Baäl-Zebub, de god van Ekron) en de profetieën in Jeremia 25:20, Amos 1:8, Sefanja 2:4 en Zacharia 9:5-7.

Gerelateerde plaatsen

Bijbelse personen verbonden aan Ekron

Leer meer over Ekron met AI BijbelAssistent

Wilt u dieper ingaan op de geschiedenis, de bijbelteksten of de theologische betekenis van Ekron? Onze AI-assistent helpt u verder.

Verdiep u verder