Ga naar hoofdinhoud
Oude Testament~1000 v.Chr.

Gad, de ziener in de Bijbel

Gad (גָּד, Hebreeuws) - “Betekenis onzeker”

Wie was Gad, de ziener?

Gad was een profeet aan het hof van koning David, "Davids ziener" genoemd (2 Samuël 24:11). Hij raadde de vluchtende David aan naar Juda te gaan, legde hem na de volkstelling drie straffen voor en wees de dorsvloer van Arauna aan voor een altaar.

Gad komt voor in 1 Samuël 22:5, 2 Samuël 24:11-19 en de parallel in 1 Kronieken 21:9-19, en daarnaast in 1 Kronieken 29:29 en 2 Kronieken 29:25. De Bijbel noemt hem "de profeet Gad" en "Davids ziener". Waar hij vandaan kwam en wie zijn ouders waren, zegt de Schrift niet. Hij verschijnt in Davids vluchtjaren en opnieuw in zijn late koningsjaren. Eerst is David een vluchteling die zijn ouders bij de koning van Moab onderbrengt. Gad zegt hem: "Blijf in de vesting niet, ga heen, en ga in het land van Juda" (1 Samuël 22:5). Later is David koning en heeft hij het volk laten tellen. Dan brengt Gad het woord des HEEREN met een keuze uit drie straffen, en op de dag van de plaag het bevel om een altaar te bouwen op de dorsvloer van Arauna (2 Samuël 24:18). Gad werkte naast de profeet Natan. Beide worden genoemd als schrijvers van geschiedenissen over David (1 Kronieken 29:29), en samen met David staan zij aan de basis van de muziekdienst van de Levieten (2 Kronieken 29:25). Gad, de ziener, is niet te verwarren met Gad, de zoon van Jakob en Zilpa, de stamvader van de stam Gad (Genesis 30:10-11). Die leefde eeuwen eerder; over hem gaat de pagina over de twaalf zonen van Jakob.

Historische context

Gad leefde in de tijd van David, rond 1000 voor Christus; dat is een gangbare schatting, geen jaartal uit de Bijbel. Zijn eerste optreden valt in de jaren dat David voor Saul vluchtte. David had in de spelonk van Adullam een groep van ongeveer vierhonderd man om zich verzameld en zijn ouders naar Mizpa in Moab gebracht (1 Samuël 22:1-4). In diezelfde tijd liet Saul de priesters van Nob doden, en sloot de priester Abjathar zich bij David aan (1 Samuël 22:20). Het woord ziener is een oudere naam voor een profeet: "die heden een profeet genoemd wordt, die werd eertijds een ziener genoemd" (1 Samuël 9:9). In 1 Kronieken 29:29 worden drie mannen naast elkaar genoemd: "Samuel, den ziener", "den profeet Nathan" en "Gad, den ziener". In het Hebreeuws staan daar drie verschillende woorden; de Statenvertaling geeft die van Samuël en Gad beide met ziener weer. De volkstelling viel waarschijnlijk in de latere jaren van David. Joab deed er negen maanden en twintig dagen over (2 Samuël 24:8). 2 Samuël 24:1 zegt dat de HEERE David aanporde, 1 Kronieken 21:1 dat de satan opstond en David aanporde. De gereformeerde uitleg leest die twee naast elkaar: God bleef de regeerder, ook toen de satan als werktuig optrad en David zelf schuldig was. Waarom de telling zonde was, zegt de tekst niet met zoveel woorden. Joab waarschuwde ertegen, en 1 Kronieken 21:7 zegt: "deze zaak was kwaad in de ogen Gods". Veel uitleggers denken aan vertrouwen op de eigen legermacht. De dorsvloer van Arauna (in Kronieken Ornan) lag op de berg Moria. Daar bouwde Salomo later de tempel (2 Kronieken 3:1). Zo kreeg het woord van Gad blijvende betekenis voor de plaats van de eredienst. In de tijd van koning Hiskia, in 2 Kronieken 29 Jehizkia genoemd, werd de dienst van de Levieten opnieuw ingericht naar het gebod van David, Gad en Natan.

Karaktereigenschappen

+Positieve eigenschappen

  • Gaf David raad toen deze als vluchteling leefde (1 Samuël 22:5)
  • Bracht de koning een zware boodschap zonder die af te zwakken (2 Samuël 24:13)
  • Wees na het oordeel de plaats van offer en verzoening aan (2 Samuël 24:18)

Theologische betekenis

Door Gad sprak God tot de koning: ook een gezalfde koning stond onder het woord des HEEREN. Toen David gezondigd had, kwam het woord niet tot David zelf, maar "tot den profeet Gad, Davids ziener" (2 Samuël 24:11). Gad bracht het over met de vraag: "Merk nu, en zie toe, wat antwoord ik Dien zal wederbrengen, Die mij gezonden heeft" (2 Samuël 24:13). Davids antwoord is bekend: "laat ons toch in de hand des HEEREN vallen, want Zijn barmhartigheden zijn vele" (2 Samuël 24:14). Veel uitleggers zien daarin een keus voor de hand van God boven de hand van mensen, omdat hij Gods barmhartigheid kende. En inderdaad: toen de engel zijn hand over Jeruzalem uitstrekte, "berouwde het den HEERE over dat kwaad" (2 Samuël 24:16). Dat is naar menselijke wijze gesproken, want de HEERE zegt: "Ik, de HEERE, word niet veranderd" (Maleachi 3:6). Hij stelde een grens aan het oordeel en zei tot de engel: "Het is genoeg". Daarna wees Gad de weg naar verzoening: een altaar met brandoffers en dankoffers. David wilde de dorsvloer niet als geschenk aannemen, want hij zei: "ik zal den HEERE, mijn God, niet offeren brandofferen om niet" (2 Samuël 24:24). Op die plaats zei David later: "Hier zal het huis Gods des HEEREN zijn" (1 Kronieken 22:1). Zo werd de plaats waar het oordeel ophield, de plaats van de tempel en de dagelijkse offers. Veel uitleggers zien daarin een vooruitwijzing naar het ene offer van Christus, waardoor het oordeel over de zonde voor Gods volk werkelijk is weggenomen. Kronieken voegt toe dat Gads gebod voor de muziekdienst "van de hand des HEEREN" was, "door de hand Zijner profeten" (2 Kronieken 29:25). Wat in de eredienst geschiedde, rustte niet op menselijke smaak, maar op het woord van God.

Naamsbetekenis

Oorspronkelijke naam

Gad (גָּד, Hebreeuws)

Betekenis

Betekenis onzeker

Sleutelmomenten

1

Raad aan de vluchtende David

David verblijft in een vesting nadat hij zijn ouders bij de koning van Moab heeft ondergebracht. De profeet Gad zegt hem niet te blijven, maar naar het land van Juda te gaan. David gaat naar het woud Chereth.

1 Samuël 22:5

2

Het woord des HEEREN na de volkstelling

Davids hart slaat hem nadat hij het volk geteld heeft, en hij belijdt dat hij zeer gezondigd heeft. De volgende morgen komt het woord des HEEREN tot Gad, Davids ziener.

2 Samuël 24:10-12

3

Drie straffen voorgelegd

Gad legt David honger, drie maanden vlucht voor zijn vijanden of drie dagen pestilentie voor. Hij vraagt welk antwoord hij moet terugbrengen aan Hem die hem gezonden heeft.

2 Samuël 24:13

4

In de hand des HEEREN vallen

David zegt tot Gad dat hij zeer bang is, maar liever in de hand des HEEREN valt, want Zijn barmhartigheden zijn vele. De HEERE zendt een pestilentie over Israël.

2 Samuël 24:14-15

5

Een altaar op de dorsvloer van Arauna

Op dezelfde dag zegt Gad tot David dat hij de HEERE een altaar moet oprichten op de dorsvloer van Arauna de Jebusiet. David gaat op naar het woord van Gad, offert daar, en de plaag houdt op.

2 Samuël 24:18-25

6

Zijn gebod over de tempelmuziek

In de tijd van koning Hiskia worden de Levieten met cimbalen, luiten en harpen opgesteld naar het gebod van David, van Gad, de ziener van de koning, en van de profeet Natan.

2 Kronieken 29:25

Belangrijke bijbelteksten

De volgende bijbelgedeelten zijn van belang om het leven en de rol van Gad, de ziener beter te begrijpen.

1 Samuël 22:5

“Doch de profeet Gad zeide tot David: Blijf in de vesting niet, ga heen, en ga in het land van Juda. Toen ging David heen, en hij kwam in het woud Chereth.”

Het eerste optreden van Gad. Hij leidt David als vluchteling terug naar het land van Juda.

2 Samuël 24:11

“Als nu David des morgens opstond, zo geschiedde het woord des HEEREN tot den profeet Gad, Davids ziener, zeggende:”

Hier krijgt Gad zijn bekende titel: Davids ziener.

2 Samuël 24:14

“Toen zeide David tot Gad: Mij is zeer bange; laat ons toch in de hand des HEEREN vallen, want Zijn barmhartigheden zijn vele, maar laat mij in de hand van mensen niet vallen.”

Davids antwoord op de drie straffen die Gad hem voorlegde.

2 Samuël 24:18

“En Gad kwam tot David op dienzelfden dag, en zeide tot hem: Ga op, richt den HEERE een altaar op, op den dorsvloer van Arauna, den Jebusiet.”

Gad wijst de plaats van het altaar aan, waar later de tempel zou staan.

1 Kronieken 29:29

“De geschiedenissen nu van den koning David, de eerste en de laatste, ziet, die zijn geschreven in de geschiedenissen van Samuel, den ziener, en in de geschiedenissen van den profeet Nathan, en in de geschiedenissen van Gad, den ziener;”

Gad wordt genoemd als een van de drie schrijvers van geschiedenissen over David.

2 Kronieken 29:25

“En hij stelde de Levieten in het huis des HEEREN, met cimbalen, met luiten en harpen, naar het gebod van David, en van Gad, den ziener des konings, en van Nathan, den profeet; want dit gebod was van de hand des HEEREN, door de hand Zijner profeten.”

Onder koning Hiskia blijkt dat Gad ook betrokken was bij de inrichting van de muziekdienst.

Tijdperiode

~1000 v.Chr.

Gad, de ziener leefde in de tijd van het Oude Testament.

Gerelateerde personen

Lessen voor vandaag

Gad kwam tot David in twee heel verschillende situaties: als David vluchteling was en als hij koning was en gezondigd had. In beide gevallen bracht hij Gods woord, en niet zijn eigen mening. Dat leert ons dat wij het Woord van God in elke levensfase nodig hebben, in de nood en in de voorspoed. Een ziener aan het hof liep het gevaar te zeggen wat de koning wilde horen. Gad deed dat niet. Hij legde David drie zware straffen voor en vroeg welk antwoord hij moest terugbrengen. Wie Gods Woord doorgeeft, als predikant, ouder of vriend, mag het niet afzwakken, ook niet tegenover iemand die hij hoogacht. David antwoordde: "laat ons toch in de hand des HEEREN vallen". Ook onder de tucht van God mogen wij weten dat Zijn barmhartigheden vele zijn, en dat Hij op Zijn tijd zegt: "Het is genoeg". En het verhaal eindigt bij een altaar. Waar God de zonde aanwijst, wijst Hij ook de weg naar verzoening, voor ons in het offer van Christus.

Bijbelse plaatsen

Veelgestelde vragen over Gad, de ziener

Wie was Gad, de ziener, in de Bijbel?
Gad was een profeet in de tijd van koning David, die in de Bijbel "Davids ziener" heet (2 Samuël 24:11). Hij raadde de vluchtende David aan naar het land van Juda te gaan (1 Samuël 22:5). Na de volkstelling legde hij David drie straffen voor en zei hem daarna een altaar te bouwen op de dorsvloer van Arauna. Volgens Kronieken schreef hij geschiedenissen over David en regelde hij mee de muziekdienst van de Levieten.
Waar staat Gad de ziener in de Bijbel?
Gad de ziener staat in 1 Samuël 22:5, waar hij David raad geeft, en in 2 Samuël 24:11-19 en 1 Kronieken 21:9-19, het verhaal van de volkstelling. Verder noemt 1 Kronieken 29:29 de geschiedenissen van Gad, den ziener, en 2 Kronieken 29:25 zijn gebod over de Levieten met hun instrumenten. Over zijn afkomst of zijn dood vertelt de Bijbel niets.
Wat is een ziener in de Bijbel?
Een ziener is een oudere benaming voor een profeet. 1 Samuël 9:9 legt het uit: "die heden een profeet genoemd wordt, die werd eertijds een ziener genoemd". Gad wordt zowel "de profeet Gad" als "Davids ziener" genoemd (2 Samuël 24:11). Ook Samuël heet in 1 Kronieken 29:29 de ziener. Het woord drukt uit dat zo iemand van God te zien en te horen kreeg wat hij moest doorgeven.
Is Gad de ziener dezelfde als Gad de zoon van Jakob?
Nee. Gad de zoon van Jakob was de eerste zoon van Zilpa, de dienstmaagd van Lea, en de stamvader van de stam Gad (Genesis 30:10-11). Hij leefde eeuwen eerder. Gad de ziener was een profeet in de tijd van David. De Bijbel zegt niet dat hij uit de stam Gad kwam. De mannen dragen dezelfde naam, maar zijn twee verschillende personen.
Welke drie straffen legde Gad aan David voor?
Gad gaf David de keus uit honger in het land, drie maanden vluchten voor zijn vijanden of drie dagen pestilentie (2 Samuël 24:13). In 2 Samuël staat zeven jaren honger, in 1 Kronieken 21:12 drie jaren. Uitleggers verklaren dat verschil op verschillende manieren; de tekst zelf geeft geen uitleg. God vroeg David te kiezen (2 Samuël 24:12). David noemde geen van de drie bij naam, maar gaf zich over aan de hand des HEEREN; veel uitleggers zien daarin een keus tegen de hand van mensen. God zond de pestilentie.
Wat bedoelde David met "laat ons toch in de hand des HEEREN vallen"?
Na de keus die Gad hem voorlegde, zei David: "Mij is zeer bange; laat ons toch in de hand des HEEREN vallen, want Zijn barmhartigheden zijn vele, maar laat mij in de hand van mensen niet vallen" (2 Samuël 24:14). Hij wilde liever rechtstreeks door God gestraft worden dan door vijanden, omdat hij op Gods barmhartigheid vertrouwde. Dat vertrouwen werd niet beschaamd: de HEERE zei tot de engel "Het is genoeg" (2 Samuël 24:16).
Waarom was de volkstelling van David zonde?
De Bijbel zegt dat het kwaad was: "deze zaak was kwaad in de ogen Gods" (1 Kronieken 21:7), en David beleed: "Ik heb zeer gezondigd" (2 Samuël 24:10). De precieze reden staat er niet bij. Joab waarschuwde de koning al. Veel uitleggers denken dat David zijn vertrouwen stelde op de grootte van zijn leger in plaats van op de HEERE. Sommigen wijzen ook op Exodus 30:12, waar bij een telling een verzoening voor de ziel gevraagd werd.
Wat is het boek van Gad de ziener?
In 1 Kronieken 29:29 staat dat de geschiedenissen van David geschreven zijn "in de geschiedenissen van Gad, den ziener", naast die van Samuël en Natan. Dat geschrift is niet bewaard gebleven en hoort niet bij de Bijbel. Wat er verder precies in stond, weten wij niet. De vermelding laat alleen zien dat Gad, net als Natan, ook als schrijver over Davids regering bekend was.
Wat is het verschil tussen Gad en Natan?
Beiden waren profeten bij David. Gad verschijnt al in de vluchttijd (1 Samuël 22:5) en opnieuw bij de volkstelling, als "Davids ziener" (2 Samuël 24:11). Natan, in de Statenvertaling Nathan, bracht David de belofte over zijn huis (2 Samuël 7:2-17) en het verwijt na de zonde met Bathseba (2 Samuël 12:1-14). Samen worden zij genoemd als schrijvers over David (1 Kronieken 29:29) en bij de inrichting van de muziekdienst (2 Kronieken 29:25).
Wat kunnen wij leren van Gad de ziener?
Gad leert ons trouw te zijn aan het Woord van God, ook als dat zwaar is om door te geven. Hij bracht de koning een oordeel zonder het af te zwakken, maar wees ook de plaats van het altaar aan. Zo ontdekt Gods Woord ons aan onze zonde en wijst het tegelijk de weg naar verzoening. En met David mogen wij weten dat de barmhartigheden van de HEERE vele zijn (2 Samuël 24:14).

Stel een vraag over Gad, de ziener

Wilt u meer weten over Gad, de ziener? Onze AI-gestuurde assistent helpt u met achtergrond, context en diepere inzichten uit de Bijbel.

Stel een vraag over Gad, de ziener

Verdiep u verder