Ga naar hoofdinhoud
Nieuwe Testament~57 n.Chr.

Febe in de Bijbel

Phoibe (Φοίβη, Grieks) - “Stralend, helder”

Wie was Febe?

Febe was een christin uit Kenchreën, de oostelijke haven van Korinthe. Paulus beveelt haar aan als "onze zuster, die een dienares is der Gemeente, die te Kenchreen is" (Romeinen 16:1) en noemt haar een voorstandster van velen. Waarschijnlijk bracht zij de Romeinenbrief naar Rome.

Febe komt in de hele Bijbel op één plaats voor: de eerste twee verzen van Romeinen 16. Voordat Paulus een lange rij gelovigen in Rome laat groeten, beveelt hij een vrouw aan die uit Griekenland naar Rome zou komen: "En ik beveel u Febe, onze zuster, die een dienares is der Gemeente, die te Kenchreen is" (Romeinen 16:1). De Statenvertaling spelt haar naam net als wij, Febe; alleen de plaatsnaam staat er zonder trema, Kenchreen. In andere talen en oudere boeken heet zij Phoebe of Phebe. Paulus geeft haar drie aanduidingen mee. Zij is "onze zuster", een gelovige die bij de familie van de gemeente hoort. Zij is "een dienares" van de gemeente in Kenchreën, met een Grieks woord dat elders ook dienaar en diaken betekent. En zij is "een voorstandster geweest van velen, ook van mijzelven" (Romeinen 16:2): zij heeft anderen bijgestaan en beschermd, Paulus zelf inbegrepen. Daarom vraagt hij de Romeinen haar te ontvangen "in den Heere, gelijk het den heiligen betaamt", en haar bij te staan in wat zij nodig heeft. Een man, kinderen of familie noemt de tekst niet. Er staat ook niet letterlijk dat zij de brief overbracht, maar omdat zo'n aanbeveling meestal meeging met de reiziger die de brief bezorgde, nemen de meeste uitleggers dat aan. Wat haar dienst precies inhield, is al eeuwen een vraag. Was zij diaken in ambtelijke zin, of diende zij de gemeente zonder vast ambt? Het Griekse woord diakonos kan zowel dienaar als diaken betekenen, en de tekst zelf beslist niet welke betekenis hier bedoeld is.

Historische context

Kenchreën lag ruim tien kilometer ten oosten van Korinthe, aan de Saronische Golf. Het was de haven voor de scheepvaart naar Klein-Azië, Syrië en Egypte; Lechaeum, aan de andere kant van de landengte, diende de vaart naar Italië. Lukas noemt de plaats één keer: Paulus liet er zijn hoofd scheren vanwege een gelofte, voordat hij met Priscilla en Aquila naar Syrië voer (Handelingen 18:18). Dat was aan het einde van zijn eerste verblijf in Korinthe, waar hij "een jaar en zes maanden" had onderwezen (Handelingen 18:11). Hoe de gemeente in Kenchreën ontstond, vertelt de Bijbel niet; waarschijnlijk kwam zij voort uit dat werk in Korinthe. De brief aan de Romeinen schreef Paulus toen hij later drie maanden in Griekenland verbleef (Handelingen 20:2-3), meestal gedateerd rond 57 n.Chr. Het slot van de brief wijst naar Korinthe: Gajus is "de huiswaard van mij en van de gehele Gemeente", en Erastus is "de rentmeester der stad" (Romeinen 16:23). De brief zelf schreef Tertius op (Romeinen 16:22). Onder de brief staat in veel latere handschriften een onderschrift dat hij vanuit Korinthe met Febe werd meegegeven. Ook de Statenvertaling drukt dit onderschrift onder de brief af. Het hoort niet bij de oorspronkelijke tekst, maar laat zien hoe de latere kerk het las. Een aanbevelingsbrief was in de oudheid een gewoon middel om een reiziger toegang te geven tot een vreemde kring. Paulus spreekt zelf over "brieven van voorschrijving" (2 Korinthe 3:1). Wie zo werd aanbevolen, kon rekenen op onderdak en hulp; voor een vrouw die naar Rome reisde, was dat van belang. Haar naam is Grieks en komt uit de mythologie: Phoibe was een titanide, Phoibos een bijnaam van Apollo. Dat Febe zo heette, wijst er waarschijnlijk op dat zij uit een heidense familie kwam. Het woord voorstandster (Grieks prostatis) werd gebruikt voor iemand die anderen met middelen en invloed beschermde. Dat zij welgesteld was, zegt de tekst niet, maar het is aannemelijk.

Karaktereigenschappen

+Positieve eigenschappen

  • Dienstbaar: zij diende de gemeente te Kenchreën (Romeinen 16:1)
  • Gul en beschermend: een voorstandster van velen, ook van Paulus (Romeinen 16:2)
  • Betrouwbaar: Paulus durfde haar aan te bevelen bij een gemeente die hij zelf nog nooit had bezocht (Romeinen 16:1)
  • Bereid te reizen: zij ging waarschijnlijk zelf naar Rome, waar zij hulp nodig zou hebben (Romeinen 16:2)

Theologische betekenis

Het woord dat de Statenvertaling met "dienares" weergeeft, is het Griekse diakonos. Paulus gebruikt het voor de overheid ("Gods dienares", Romeinen 13:4), voor zichzelf en Apollos als "dienaars" (1 Korinthe 3:5), voor Christus (Romeinen 15:8) en voor de diakenen naast de opzieners in Filippi (Filippenzen 1:1). Bij Febe staat hetzelfde woord diakonos, dat voor mannen en vrouwen gelijk is, verbonden met een bepaalde gemeente: een dienares "der Gemeente, die te Kenchreen is". Daaruit trekken uitleggers verschillende conclusies. Volgens de ene lezing had Febe een erkende taak die met het latere diakenambt te vergelijken is. De verbinding met een concrete gemeente wijst daarop, net als 1 Timotheüs 3:11, waar midden in de regels voor diakenen "de vrouwen" genoemd worden, wat ook als vrouwelijke diakenen gelezen kan worden. Rond 112 n.Chr. schreef de Romeinse stadhouder Plinius de Jongere over twee slavinnen die bij de christenen ministrae (dienaressen) heetten. Volgens de andere lezing beschrijft diakonos hier een dienst en geen ambt: het woord is in het Nieuwe Testament breed, en "de vrouwen" in 1 Timotheüs 3:11 kunnen ook de vrouwen van de diakenen zijn. Calvijn sprak van een openbare en eervolle dienst in de gemeente en verbond Febe met de weduwen uit 1 Timotheüs 5:9-10, die zich wijdden aan de zorg voor armen en zieken. In gereformeerde kerken wordt de vraag of vrouwen diaken kunnen zijn tot vandaag verschillend beantwoord. Wat beide lezingen delen: Paulus noemt een vrouw met name, met een eervolle aanduiding, en vraagt een gemeente die hij nooit bezocht haar te ontvangen "gelijk het den heiligen betaamt". Haar dienst volgt de weg van Christus, die "niet is gekomen om gediend te worden, maar om te dienen" (Mattheüs 20:28).

Naamsbetekenis

Oorspronkelijke naam

Phoibe (Φοίβη, Grieks)

Betekenis

Stralend, helder

Betekenis van de naam Febe: grondwoord, uitspraak en wie de naam droegen

Sleutelmomenten

1

Kenchreën in het reisverhaal

Aan het einde van zijn eerste verblijf in Korinthe laat Paulus in Kenchreën zijn hoofd scheren vanwege een gelofte en vaart met Priscilla en Aquila naar Syrië. Het is de enige andere vermelding van de haven waar Febe later diende.

Handelingen 18:18

2

Dienares van de gemeente

Paulus stelt Febe voor als "onze zuster" en als dienares van de gemeente te Kenchreën. Het Griekse woord is diakonos, hetzelfde woord dat elders voor dienaren en diakenen wordt gebruikt.

Romeinen 16:1

3

Voorstandster van velen

Febe heeft velen bijgestaan, ook Paulus zelf. Daarom vraagt hij de Romeinen haar te ontvangen zoals het heiligen past en haar te helpen in alles waarvoor zij hen nodig heeft.

Romeinen 16:2

4

Een brief uit Korinthe

Tertius schrijft de brief op, terwijl Paulus te gast is bij Gajus, vermoedelijk in Korinthe (vgl. 1 Korinthe 1:14). De aanbeveling van Febe staat in deze brief, wat het aannemelijk maakt dat zij hem vandaar naar Rome bracht.

Romeinen 16:22-23

5

Ontvangen in Rome

Direct na de aanbeveling volgen de groeten aan Priscilla en Aquila en de gemeente in hun huis. In zulke huisgemeenten moest Febe ontvangen worden; wat zij in Rome deed, vertelt de tekst niet.

Romeinen 16:3-5

Belangrijke bijbelteksten

De volgende bijbelgedeelten zijn van belang om het leven en de rol van Febe beter te begrijpen.

Romeinen 16:1

“En ik beveel u Febe, onze zuster, die een dienares is der Gemeente, die te Kenchreen is;”

De enige vermelding van Febe bij naam. Het woord dienares is het Griekse diakonos; de Statenvertaling schrijft de plaatsnaam als Kenchreen.

Romeinen 16:2

“Opdat gij haar ontvangt in den Heere, gelijk het den heiligen betaamt, en haar bijstaat, in wat zaak zij u zou mogen van doen hebben; want zij is een voorstandster geweest van velen, ook van mijzelven.”

De eigenlijke aanbeveling. Wie velen heeft bijgestaan, moet nu zelf geholpen worden in een vreemde stad.

Handelingen 18:18

“En als Paulus er nog vele dagen gebleven was, nam hij afscheid van de broederen, en scheepte van daar naar Syrie; en Priscilla en Aquila met hem, zijn hoofd te Kenchreen geschoren hebbende; want hij had een gelofte gedaan.”

De enige andere plaats waar Kenchreën genoemd wordt. Paulus kende de haven en haar omgeving uit zijn eerste verblijf in Korinthe.

Romeinen 16:22

“Ik, Tertius, die den brief geschreven heb, groet u in den Heere.”

Paulus dicteerde de brief. Hij werd hoogstwaarschijnlijk in Korinthe geschreven, dicht bij Kenchreën, en Febe nam hem waarschijnlijk mee naar Rome.

Romeinen 12:8

“Hetzij die vermaant, in het vermanen; die uitdeelt, in eenvoudigheid; die een voorstander is, in naarstigheid; die barmhartigheid doet, in blijmoedigheid.”

In dezelfde brief gebruikt Paulus een verwant Grieks woord voor wie voorgaat of zorg draagt. De Statenvertaling zegt hier voorstander, bij Febe voorstandster.

1 Timotheüs 3:11

“De vrouwen insgelijks moeten eerbaar zijn, geen lasteraarsters, wakker, getrouw in alles.”

Dit vers staat midden in de regels voor diakenen die Paulus aan Timotheüs schreef. Sommigen lezen het als vrouwelijke diakenen, anderen als de vrouwen van de diakenen.

Tijdperiode

~57 n.Chr.

Febe leefde in de tijd van het Nieuwe Testament.

Gerelateerde personen

Lessen voor vandaag

Febe laat zien dat dienen in de gemeente gezien mag worden. Paulus noemt haar met name en vraagt anderen haar te erkennen en te helpen. Wij gaan vaak voorbij aan de mensen die stil het werk doen; de apostel deed dat niet. Wie in onze gemeente zorgt, ontvangt, rijdt of bijspringt, verdient een woord van waardering en, waar het nodig is, praktische steun. Haar geschiedenis leert ook iets over wederkerigheid. Febe was een voorstandster van velen, en nu vraagt Paulus dat anderen háár bijstaan. Wie veel geeft, mag ook ontvangen. Gemeenten die elkaar over grenzen heen helpen, doen wat de Romeinen voor een onbekende zuster uit Kenchreën moesten doen. Verder mogen wij de ambtsvraag met eerbied voor de tekst bespreken. Romeinen 16:1 is een kort vers dat veel moet dragen. Wie er een volledig ambt in leest, of juist niets meer dan een behulpzame vrouw, zegt meer dan er staat. Eerlijk zijn over wat de Schrift zegt en wat uitleg is, helpt om bij verschil van inzicht bij elkaar te blijven. Ten slotte is het een troost dat God het werk van gewone gelovigen niet vergeet. Van Febe weten wij weinig, en toch is haar naam bewaard op de plaats waar de langste brief van Paulus wordt afgerond. "Want God is niet onrechtvaardig dat Hij uw werk zou vergeten" (Hebreeën 6:10).

Bijbelse plaatsen

Veelgestelde vragen over Febe

Wie was Febe in de Bijbel?
Febe was een christin uit Kenchreën, de oostelijke haven van Korinthe. Paulus beveelt haar in Romeinen 16:1-2 aan bij de gemeente in Rome als "onze zuster, die een dienares is der Gemeente, die te Kenchreen is". Hij noemt haar ook "een voorstandster geweest van velen, ook van mijzelven". Waarschijnlijk bracht zij de brief aan de Romeinen naar Rome. Verder vertelt de Bijbel niets over haar.
Wat betekent de naam Febe?
Febe is de Nederlandse vorm van het Griekse Phoibe, dat stralend, helder of zuiver betekent. In de Griekse mythologie was Phoibe een titanide, en Phoibos was een bijnaam van de god Apollo. Dat een christin zo heette, wijst er waarschijnlijk op dat zij uit een heidense familie kwam. Paulus noemt haar zonder opmerking bij deze naam.
Waar staat Febe in de Bijbel?
Febe staat alleen in Romeinen 16:1-2, aan het begin van de groeten waarmee Paulus zijn brief aan de Romeinen afsluit. Haar woonplaats Kenchreën komt daarnaast nog één keer voor, in Handelingen 18:18, waar Paulus er zijn hoofd laat scheren vanwege een gelofte. In de evangeliën en de andere brieven wordt zij niet genoemd.
Is Febe dezelfde als Phoebe?
Ja. Phoebe is de Latijnse en Engelse spelling van dezelfde naam, en in oudere Nederlandse boeken komt ook Phebe voor. De Statenvertaling schrijft Febe. De plaatsnaam Kenchreën staat in de Statenvertaling zonder trema: Kenchreen. Elders ziet men ook Kenchrea of Cenchreae. Het gaat steeds om dezelfde vrouw uit Romeinen 16:1-2.
Was Febe een diaken?
Dat wordt verschillend gelezen. Paulus noemt haar een diakonos van de gemeente te Kenchreën, wat de Statenvertaling met "dienares" vertaalt. Sommige uitleggers zien daarin een erkende taak die op het latere diakenambt lijkt, mede door 1 Timotheüs 3:11. Anderen wijzen erop dat diakonos in het Nieuwe Testament ook gewoon dienaar betekent, zelfs voor de overheid (Romeinen 13:4), en dat Febe de gemeente diende zonder vast ambt. Calvijn verbond haar met de weduwen uit 1 Timotheüs 5:9-10. In gereformeerde kerken verschilt het antwoord tot vandaag.
Wat betekent dat Febe een voorstandster was?
Paulus zegt over Febe: "zij is een voorstandster geweest van velen, ook van mijzelven" (Romeinen 16:2). Het Griekse woord prostatis werd gebruikt voor iemand die anderen met middelen, invloed of onderdak beschermde en bijstond. Waarschijnlijk had Febe enige welstand en zette zij die in voor gelovigen en reizigers, Paulus inbegrepen. Wat zij precies voor hem deed, vertelt de tekst niet.
Bracht Febe de brief aan de Romeinen naar Rome?
Waarschijnlijk wel, al staat het niet letterlijk in de tekst. Een aanbeveling als die in Romeinen 16:1-2 ging in de oudheid meestal mee met de persoon die de brief bezorgde. De brief werd hoogstwaarschijnlijk in Korinthe geschreven (Romeinen 16:23; Handelingen 20:2-3), vlak bij Kenchreën. In veel latere handschriften staat onder de brief een onderschrift dat hij met Febe werd meegegeven; ook de Statenvertaling drukt het af. Het hoort niet bij de oorspronkelijke tekst, maar laat zien hoe de latere kerk het begreep.
Waar lag Kenchreën?
Kenchreën lag ruim tien kilometer ten oosten van Korinthe, aan de Saronische Golf in Griekenland. Het was de haven van Korinthe voor de scheepvaart naar het oosten, naar Klein-Azië, Syrië en Egypte. Paulus vertrok vanuit deze haven met Priscilla en Aquila naar Syrië (Handelingen 18:18). Romeinen 16:1 laat zien dat er een eigen gemeente was, waarvan Febe een dienares was.
Welke vrouwen dienden de gemeente nog meer in het Nieuwe Testament?
Febe staat in een rij vrouwen die de eerste gemeenten droegen. Lukas noemt vrouwen die Jezus "dienden van haar goederen" (Lukas 8:3). Lydia opende in Filippi haar huis voor Paulus (Handelingen 16:15), Tabitha deed in Joppe veel goed aan weduwen, en Priscilla onderwees samen met Aquila de prediker Apollos. In Romeinen 16 groet Paulus naast Priscilla onder anderen Maria, Tryfena, Tryfosa en Persis, die "veel gearbeid heeft in den Heere".
Wat kunnen wij leren van Febe?
Febe leert ons dat trouw dienen in de gemeente waardevol is, ook als er weinig over bekend wordt. Paulus noemt haar met name en vraagt anderen haar te helpen: wie veel geeft, mag ook ontvangen. Daarnaast leert de vraag naar haar ambt ons zorgvuldig te zijn met wat de Schrift zegt en wat uitleg is. En haar naam herinnert eraan dat God het werk van gewone gelovigen niet vergeet (Hebreeën 6:10).

Stel een vraag over Febe

Wilt u meer weten over Febe? Onze AI-gestuurde assistent helpt u met achtergrond, context en diepere inzichten uit de Bijbel.

Stel een vraag over Febe

Verdiep u verder