Ga naar hoofdinhoud
Oude Testament~9e eeuw v.Chr.

Benhadad in de Bijbel

Benhadad (בֶּן־הֲדַד, Hebreeuws) - “Waarschijnlijk: zoon van Hadad”

Wie was Benhadad?

Benhadad is de naam van koningen van Syrië die in Damaskus regeerden. De bekendste belegerde Samaria in de dagen van Achab, werd tweemaal verslagen en door Achab gespaard (1 Koningen 20). Later werd een zieke Benhadad door Hazaël gedood. De Bijbel geeft deze koningen geen nummers.

Benhadad komt in de Bijbel voor in 1 Koningen 15 en 20, in 2 Koningen 6, 8 en 13, in 2 Kronieken 16 en in de profetieën van Jeremia en Amos. De Statenvertaling schrijft de naam aaneen als Benhadad; in andere boeken ziet men ook Ben-Hadad. Het gaat niet om één man. Benhadad was de naam van meerdere koningen van Syrië, het land dat in het Hebreeuws Aram heet en Damaskus als hoofdstad had. De Bijbel geeft hun geen nummers, en het is niet altijd zeker of twee verhalen over dezelfde koning gaan. Drie momenten zijn duidelijk te onderscheiden. In de dagen van Asa, koning van Juda, stuurde Asa zilver en goud uit de tempel naar "Benhadad, den zoon van Tabrimmon, den zoon van Hezion" (1 Koningen 15:18). Benhadad verbrak zijn verbond met Baësa van Israël en veroverde steden in het noorden. In de dagen van Achab trok een Benhadad met tweeëndertig koningen op tegen Samaria (1 Koningen 20). Na twee nederlagen, bij Samaria en bij Afek, smeekte hij om zijn leven, en Achab liet hem gaan. Een Benhadad belegerde later Samaria opnieuw (2 Koningen 6:24). Toen hij ziek was, stuurde hij Hazaël naar Elisa; de volgende dag stierf hij door de hand van Hazaël (2 Koningen 8:15). Ook de zoon van Hazaël heette Benhadad. Joas, de koning van Israël, versloeg hem driemaal (2 Koningen 13:25). Over Hazaël zelf leest u meer op de pagina over Hazaël.

Historische context

Syrië, of Aram, was in de negende eeuw voor Christus de belangrijkste buur en tegenstander van het noordrijk Israël. Al in de tijd van Salomo regeerde Rezon in Damaskus als tegenstander van Israël (1 Koningen 11:23-25). Het rijk van Damaskus groeide uit tot een macht die Israël meer dan eens bedreigde. Hoeveel koningen Benhadad heetten, is niet zeker. Veel uitleggers onderscheiden de Benhadad van Asa, de Benhadad van Achab en Elisa, en Benhadad de zoon van Hazaël. Anderen menen dat de koning van Asa en die van Achab dezelfde man zijn, maar daarvoor ligt er veel tijd tussen beide verhalen. In 1 Koningen 20:34 spreekt Benhadad over steden die "mijn vader van uw vader genomen heeft", dus in de tijd van Omri. Ook dat wijst voor velen op twee generaties. Wie de koning van Syrië in andere verhalen is, blijft vaak open. In 1 Koningen 22, waar Achab sneuvelt, en in 2 Koningen 5 en 6:8-23, bij Naäman en bij het leger rond Dothan, wordt de koning niet bij naam genoemd. Veel uitleggers denken aan dezelfde Benhadad, omdat hij kort daarvoor en daarna wel genoemd wordt. De naam betekent waarschijnlijk zoon van Hadad. Hadad was de naam van een onweersgod die in Syrië werd vereerd. Dat verklaart misschien waarom de naam bij meerdere koningen terugkomt. Ook buiten de Bijbel is de koning van Damaskus uit deze tijd bekend. Inscripties van de Assyrische koning Salmanassar III noemen een koning van Damaskus die meestal als Hadadezer (Adad-idri) wordt gelezen, naast Achab van Israël. Hoe dat zich verhoudt tot de Benhadad van 1 Koningen 20, is een open vraag: sommigen zien in Benhadad een troonnaam of titel, anderen denken aan verschillende personen. Dezelfde Assyrische teksten noemen kort daarna Hazaël als koning van Damaskus.

Karaktereigenschappen

+Positieve eigenschappen

  • Liet zich in de nood door zijn knechten raden en vroeg om zijn leven (1 Koningen 20:31-32)
  • Zocht in zijn ziekte een antwoord bij de profeet van de HEERE (2 Koningen 8:8)

−Zwakke kanten

  • Hoogmoedig en hebzuchtig in zijn eisen aan Samaria (1 Koningen 20:3-6)
  • Verbrak voor geld een bestaand verbond (1 Koningen 15:19-20)

Theologische betekenis

In 1 Koningen 20 is Benhadad meer dan een vijandige koning. Zijn knechten verklaarden zijn nederlaag met een heidense gedachte: "Hun goden zijn berggoden" (1 Koningen 20:23). Het antwoord kwam van God zelf: "Daarom dat de Syriers gezegd hebben: De HEERE is een God der bergen, en Hij is niet een God der laagten; zo zal Ik al deze grote menigte in uw hand geven" (1 Koningen 20:28). De overwinning bij Afek was dus een openbaring: de HEERE is niet aan een plaats gebonden. Tweemaal klinkt het doel: "opdat gij weet, dat Ik de HEERE ben" (1 Koningen 20:13) en "opdat gijlieden weet, dat Ik de HEERE ben" (1 Koningen 20:28). Toch liet Achab de man gaan die God in zijn hand had gegeven. Een profeet zei hem: "Omdat gij den man, dien Ik verbannen heb, uit de hand hebt laten gaan, zo zal uw ziel in de plaats van zijn ziel zijn" (1 Koningen 20:42). Achab liet gaan wie God in zijn hand had gegeven; de profeet maakte daarna duidelijk dat God deze man verbannen had. In 1 Koningen 22 sneuvelde Achab in de strijd tegen Syrië, zoals de profeet had aangekondigd (1 Koningen 22:34-35). Ook het verdrag met Asa krijgt in de Bijbel een oordeel. De ziener Hanani zei tegen Asa dat hij gesteund had op de koning van Syrië en niet op de HEERE zijn God (2 Kronieken 16:7). Benhadad was hier geen bondgenoot maar een vervanging van het vertrouwen op God. In 2 Koningen 8 vraagt een heidense koning de profeet van Israël om raad over zijn ziekte. Het antwoord laat zien dat leven en dood bij de HEERE liggen, ook voor een koning van Syrië. Jeremia en Amos noemen de paleizen van Benhadad later als doel van Gods oordeel over Damaskus (Jeremia 49:27; Amos 1:4).

Naamsbetekenis

Oorspronkelijke naam

Benhadad (בֶּן־הֲדַד, Hebreeuws)

Betekenis

Waarschijnlijk: zoon van Hadad

Sleutelmomenten

1

Asa koopt Benhadad om

Baësa van Israël bouwt Rama uit om Juda af te sluiten. Asa stuurt het zilver en goud uit de schatten van het huis des HEEREN naar Benhadad, de zoon van Tabrimmon. Benhadad verbreekt zijn verbond met Baësa en slaat Ijon, Dan, Abel-Beth-Maacha en het land van Nafthali.

1 Koningen 15:18-20

2

Grootspraak voor Samaria

Benhadad belegert Samaria met tweeëndertig koningen en eist het zilver, het goud, de vrouwen en de kinderen van Achab. Als hij nog meer eist, weigert Achab. Op het dreigement van Benhadad antwoordt hij: wie zich aangordt, beroeme zich niet als wie zich losmaakt.

1 Koningen 20:1-12

3

Twee nederlagen

Benhadad drinkt zich dronken in de tenten en wordt bij Samaria verslagen. Zijn knechten denken dat de God van Israël alleen een God van de bergen is. Een jaar later, bij Afek in de vlakte, geeft de HEERE de Syriërs opnieuw in de hand van Israël.

1 Koningen 20:13-30

4

Zakken en koorden

Benhadad vlucht in Afek van kamer naar kamer. Zijn knechten gaan met zakken om hun lenden en koorden om hun hoofden naar Achab, die hem zijn broeder noemt. Benhadad belooft steden terug te geven, en Achab laat hem met een verbond gaan.

1 Koningen 20:31-34

5

Samaria uitgehongerd

Een Benhadad verzamelt zijn hele leger en belegert Samaria. De honger wordt zo groot dat een ezelskop voor tachtig zilverlingen wordt verkocht. Later laat de HEERE de Syriërs een geluid van wagens en paarden horen, en zij vluchten (2 Koningen 7:6-7).

2 Koningen 6:24-25

6

Ziek in Damaskus

Als Elisa in Damaskus komt, is Benhadad ziek. Hij stuurt Hazaël met een geschenk van veertig kemelen om te vragen of hij zal genezen. Elisa antwoordt dat de HEERE hem getoond heeft dat Benhadad zal sterven. Hazaël brengt de koning een ander bericht, en de volgende dag doodt hij hem.

2 Koningen 8:7-15

Belangrijke bijbelteksten

De volgende bijbelgedeelten zijn van belang om het leven en de rol van Benhadad beter te begrijpen.

1 Koningen 15:18

“Toen nam Asa al het zilver en goud, dat overgebleven was in de schatten van het huis des HEEREN, en de schatten van het huis des konings, en gaf ze in de hand zijner knechten; en de koning Asa zond ze tot Benhadad, den zoon van Tabrimmon, den zoon van Hezion, den koning van Syrie, die te Damaskus woonde, zeggende:”

De eerste Benhadad in de Bijbel, met zijn afstamming. Asa kocht met tempelschatten zijn hulp tegen Israël.

1 Koningen 20:11

“Maar de koning van Israel antwoordde en zeide: Spreekt tot hem: Die zich aangordt, beroeme zich niet, als die zich los maakt.”

Het antwoord van Achab op de grootspraak van Benhadad. Wie de wapenrusting aandoet, heeft de strijd nog niet gewonnen.

1 Koningen 20:28

“En de man Gods trad toe, en sprak tot den koning van Israel, en zeide: Zo zegt de HEERE: Daarom dat de Syriers gezegd hebben: De HEERE is een God der bergen, en Hij is niet een God der laagten; zo zal Ik al deze grote menigte in uw hand geven, opdat gijlieden weet, dat Ik de HEERE ben.”

God weerlegt de gedachte van de Syriërs dat Hij alleen een God van de bergen is.

1 Koningen 20:34

“En hij zeide tot hem: De steden, die mijn vader van uw vader genomen heeft, zal ik wedergeven, en maak u straten in Damaskus, gelijk mijn vader in Samaria gemaakt heeft. En ik, antwoordde Achab, zal u met dit verbond dan laten gaan. Zo maakte hij een verbond met hem, en liet hem gaan.”

Het verbond waarmee Achab Benhadad liet gaan. De woorden over de vaders verwijzen naar de tijd van Omri.

2 Koningen 8:9

“Zo ging Hazael hem tegemoet, en nam een geschenk in zijn hand, te weten, alle goed van Damaskus, een last van veertig kemelen; en hij kwam, en stond voor zijn aangezicht, en zeide: Uw zoon Benhadad, de koning van Syrie, heeft mij tot u gezonden, om te zeggen: Zal ik van deze krankheid genezen?”

De koning van Syrië noemt zich via Hazaël de zoon van Elisa, een uitdrukking van groot respect.

Jeremia 49:27

“En Ik zal een vuur aansteken in den muur van Damaskus, en het zal Benhadads paleizen verteren.”

Lang na de koningen zelf staat hun naam in de profetie voor de macht van Damaskus.

Tijdperiode

~9e eeuw v.Chr.

Benhadad leefde in de tijd van het Oude Testament.

Gerelateerde personen

Lessen voor vandaag

Benhadad laat zien hoe snel macht tot grootspraak leidt. Hij eiste alles van Achab en zwoer dat het stof van Samaria niet genoeg zou zijn voor zijn soldaten. Het antwoord dat hij kreeg, is ook voor ons: wie de wapenrusting aandoet, moet zich niet beroemen alsof de strijd al voorbij is (1 Koningen 20:11). Hoogmoed rekent buiten God. De Syriërs dachten dat de God van Israël een plaatselijke god was. Ook wij kunnen God in een hoek zetten: Heere in de kerk, maar niet op het werk; op zondag, maar niet door de week. De HEERE liet bij Afek zien dat Hij in de vlakte even machtig is als op de bergen. Het verdrag van Asa met Benhadad is een waarschuwing voor ieder die in nood eerst naar menselijke steun grijpt. De ziener zei tegen Asa dat de ogen van de HEERE de hele aarde doorlopen om Zich sterk te bewijzen aan wie met een volkomen hart op Hem ziet (2 Kronieken 16:9). En Achab, die Benhadad zijn broeder noemde, leert ons dat vriendelijkheid geen deugd is tegenover wie God in onze hand gegeven heeft om te oordelen (1 Koningen 20:42).

Bijbelse plaatsen

Veelgestelde vragen over Benhadad

Wie was Benhadad in de Bijbel?
Benhadad is de naam van meerdere koningen van Syrië die in Damaskus regeerden. De eerste viel op verzoek van Asa van Juda het noordrijk Israël binnen (1 Koningen 15:18-20). De bekendste belegerde Samaria in de dagen van Achab en werd twee keer verslagen (1 Koningen 20). Een zieke Benhadad werd door Hazaël gedood (2 Koningen 8:15), en ook de zoon van Hazaël heette Benhadad.
Hoeveel koningen heetten Benhadad?
De Bijbel geeft geen nummers. Duidelijk te onderscheiden zijn de Benhadad van Asa, de zoon van Tabrimmon (1 Koningen 15:18), de Benhadad die met Achab en Elisa te maken had (1 Koningen 20; 2 Koningen 8:7) en Benhadad de zoon van Hazaël (2 Koningen 13:24). Veel uitleggers spreken daarom van drie koningen. Sommigen houden de eerste twee voor dezelfde man; dat blijft onzeker.
Hoe schrijf je Benhadad: Benhadad of Ben-Hadad?
De Statenvertaling schrijft de naam aaneen: Benhadad. In andere vertalingen en boeken ziet men ook Ben-Hadad of Ben Hadad. Het gaat om dezelfde naam. Hij betekent waarschijnlijk zoon van Hadad. Hadad was de naam van een onweersgod die in Syrië werd vereerd. Op deze site wordt de SV-spelling Benhadad gebruikt.
Waarom dachten de Syriërs dat de HEERE een God der bergen was?
Na de nederlaag bij Samaria verklaarden de knechten van Benhadad het zo: "Hun goden zijn berggoden, daarom zijn zij sterker geweest dan wij" (1 Koningen 20:23). Zij raadden aan op het effen veld te strijden en de koningen te vervangen door landvoogden (1 Koningen 20:24-25). Maar bij Afek gaf de HEERE de Syriërs opnieuw in de hand van Israël, "opdat gijlieden weet, dat Ik de HEERE ben" (1 Koningen 20:28). De God van Israël is niet aan bergen of dalen gebonden.
Wat betekent: Die zich aangordt, beroeme zich niet?
Dat zei Achab tegen Benhadad, die met tweeëndertig koningen Samaria belegerde en al opschepte over zijn overwinning: "Die zich aangordt, beroeme zich niet, als die zich los maakt" (1 Koningen 20:11). Wie zijn wapenrusting aandoet, moet niet roemen alsof hij hem na een gewonnen strijd al weer afdoet. Het is een spreuk tegen voorbarige zelfverzekerdheid.
Waarom liet Achab Benhadad gaan?
Na de nederlaag bij Afek kwamen de knechten van Benhadad met zakken en koorden om genade vragen. Achab noemde Benhadad "mijn broeder" en sloot een verbond met hem, waarin Benhadad steden teruggaf en Achab straten in Damaskus mocht aanleggen, waarschijnlijk voor de handel (1 Koningen 20:32-34). Een profeet zei daarop dat Achab de man had laten gaan die God verbannen had, en dat zijn leven daarom in de plaats van dat van Benhadad zou komen (1 Koningen 20:42).
Hoe stierf Benhadad?
De Benhadad uit de dagen van Elisa werd ziek en stuurde zijn dienaar Hazaël met een groot geschenk naar de profeet om te vragen of hij zou genezen (2 Koningen 8:7-9). Volgens de Statenvertaling zei Elisa: "gij zult ganselijk niet genezen; want de HEERE heeft mij getoond, dat hij den dood sterven zal" (2 Koningen 8:10). Hazaël meldde de koning het tegendeel. De volgende dag nam hij een deken, doopte die in water en legde die over zijn gezicht, zodat de koning stierf; de tekst zegt alleen hij, maar de meeste uitleggers lezen dat Hazaël het deed (2 Koningen 8:15). Hazaël werd koning in zijn plaats.
Was Benhadad de koning van Naäman?
Mogelijk, maar de Bijbel zegt het niet. In 2 Koningen 5 wordt Naäman de krijgsoverste van de koning van Syrië genoemd, zonder naam. Ook bij het Syrische leger rond Dothan (2 Koningen 6:8-23) blijft de koning naamloos. Omdat Benhadad kort daarna wel genoemd wordt (2 Koningen 6:24), denken veel uitleggers aan hem.
Wie was Benhadad, de zoon van Hazaël?
Na de dood van Hazaël werd zijn zoon Benhadad koning van Syrië (2 Koningen 13:24). Samen met zijn vader verdrukte hij Israël in de dagen van Joahaz (2 Koningen 13:3). Joas, de koning van Israël, sloeg hem driemaal en nam de steden terug die Hazaël had veroverd (2 Koningen 13:25), zoals Elisa op zijn sterfbed had voorzegd (2 Koningen 13:19).
Wat kunnen wij leren van Benhadad?
Benhadad leert ons dat hoogmoed rekent buiten God. Hij was zeker van zijn overmacht, maar werd tweemaal verslagen, zodat Israël zou weten dat de HEERE God is (1 Koningen 20:28). De Syriërs dachten dat God alleen in de bergen machtig was; Hij liet zien dat Hij overal regeert. En het verdrag van Asa met Benhadad waarschuwt ons om in nood niet eerst op mensen te steunen, maar op de Heere.

Stel een vraag over Benhadad

Wilt u meer weten over Benhadad? Onze AI-gestuurde assistent helpt u met achtergrond, context en diepere inzichten uit de Bijbel.

Stel een vraag over Benhadad

Verdiep u verder