Ga naar hoofdinhoud
LukasLukas 19:1-10

Zacheüs in de boom

Jezus zoekt een tollenaar op en gaat bij hem te gast

Samenvatting

Zacheüs in de boom is de geschiedenis uit Lukas 19:1-10 van de rijke overste der tollenaren in Jericho die in een wilde vijgeboom klimt om Jezus te zien. Jezus kijkt omhoog, roept hem bij zijn naam en gaat bij hem te gast, terwijl de omstanders morren. Zacheüs ontvangt Hem met blijdschap en belooft de helft van zijn goederen aan de armen en een vierdubbele vergoeding. Jezus zegt dat er heden zaligheid in dat huis gekomen is.

Bijbelgedeelte

“En vooruitlopende, klom hij op een wilden vijgeboom, opdat hij Hem mocht zien; want Hij zou door dien weg voorbijgaan.”
Lukas 19:4 (Statenvertaling)
“En als Jezus aan die plaats kwam, opwaarts ziende, zag Hij hem, en zeide tot hem: Zacheus! haast u, en kom af; want Ik moet heden in uw huis blijven.”
Lukas 19:5 (Statenvertaling)
“En Zacheus stond, en zeide tot den Heere: Zie, de helft van mijn goederen, Heere, geef ik den armen; en indien ik iemand iets door bedrog ontvreemd heb, dat geef ik vierdubbel weder.”
Lukas 19:8 (Statenvertaling)
“En Jezus zeide tot hem: Heden is dezen huize zaligheid geschied, nademaal ook deze een zoon van Abraham is.”
Lukas 19:9 (Statenvertaling)
“Want de Zoon des mensen is gekomen, om te zoeken en zalig te maken, dat verloren was.”
Lukas 19:10 (Statenvertaling)

Het verhaal

Lukas 19:1-10 vertelt hoe de Heere Jezus op Zijn laatste reis naar Jeruzalem door Jericho trok en bij een rijke tollenaar te gast ging. Hij had de twaalf discipelen gezegd dat zij opgingen naar Jeruzalem, waar alles volbracht zou worden wat de profeten over de Zoon des mensen geschreven hadden (Lukas 18:31). Vlak bij Jericho had Hij een blinde bedelaar het gezicht teruggegeven (Lukas 18:35-43); Markus noemt hem Bartimeüs (Markus 10:46). Nu ging Hij de stad door.

Waarom klom Zacheüs in een boom?

In Jericho woonde een man die Zacheüs heette; in de Statenvertaling staat zijn naam zonder trema: Zacheus. Lukas noemt drie dingen van hem. Hij was een overste der tollenaren, hij was rijk, en hij zocht Jezus te zien, wie Hij was (Lukas 19:2-3). Dat lukte niet. Er was een grote schare, en Zacheüs was klein van persoon. Daarom liep hij vooruit en klom in een wilde vijgeboom, want Jezus zou langs die weg komen (Lukas 19:4). Waarom hij Jezus wilde zien, zegt de tekst niet verder dan dat hij wilde weten wie Hij was. Wie meer wil weten over de man zelf, vindt dat op de pagina over Zacheüs.

Wat zei Jezus tegen Zacheüs in de boom?

Toen Jezus bij die plaats kwam, keek Hij omhoog en zag hem. Hij sprak hem aan bij zijn naam: "Zacheus! haast u, en kom af; want Ik moet heden in uw huis blijven" (Lukas 19:5). De tekst vertelt niet hoe Jezus zijn naam kende. Wel valt op wie hier het initiatief neemt. Zacheüs wilde Jezus zien, maar Jezus zag Zacheüs. Zacheüs zocht een plek langs de weg, maar Jezus nodigde Zichzelf uit in zijn huis. En Hij zei het met nadruk: Ik moet, en: heden.

Zacheüs haastte zich, kwam naar beneden en ontving Jezus met blijdschap (Lukas 19:6). Hij deed wat Jezus zei, en hij deed het meteen.

Waarom mopperden de mensen over Jezus en Zacheüs?

Niet iedereen deelde in die blijdschap. Allen die het zagen, murmureerden: zij mopperden en klaagden onder elkaar. Zij zeiden: "Hij is tot een zondigen man ingegaan, om te herbergen" (Lukas 19:7). Hun bezwaar richtte zich tegen Jezus. Dat Hij ging logeren bij een man die zij een zondaar noemden, keurden zij af. Datzelfde verwijt hoorde Jezus vaker. De Farizeeën en de Schriftgeleerden zeiden van Hem: "Deze ontvangt de zondaars, en eet met hen" (Lukas 15:2). Dat Zacheüs een zondaar was, spreekt Jezus niet tegen. Hij laat aan het slot zien waarom Hij juist zo iemand opzoekt.

Wat beloofde Zacheüs aan Jezus?

Toen stond Zacheüs en sprak tot de Heere: "Zie, de helft van mijn goederen, Heere, geef ik den armen; en indien ik iemand iets door bedrog ontvreemd heb, dat geef ik vierdubbel weder" (Lukas 19:8). Hij noemt Jezus Heere. Hij geeft de helft van zijn bezit aan de armen, en wie hij bedrogen heeft, krijgt vier keer zoveel terug. De wet van Mozes vroeg bij beleden schuld de hoofdsom en een vijfde deel daarboven (Numeri 5:7). Vierdubbel was de vergoeding voor gestolen klein vee dat al geslacht of verkocht was (Exodus 22:1). Zacheüs legt zichzelf dus een maat op die ver uitgaat boven wat de wet bij vrijwillige vergoeding vroeg.

Wat betekent: heden is dezen huize zaligheid geschied?

Jezus antwoordde: "Heden is dezen huize zaligheid geschied, nademaal ook deze een zoon van Abraham is" (Lukas 19:9). Zaligheid is redding: behouden worden van de zonde en weer bij God horen. Zij is niet beloofd voor later, maar heden gekomen, op de dag dat Jezus binnenging. Jezus spreekt over het huis, dat is het huisgezin van Zacheüs. En Hij noemt de man die de omstanders als zondaar afschreven een zoon van Abraham, iemand die hoort bij het volk aan wie God Zijn beloften gaf.

Daarna zegt Jezus waarom dit alles gebeurde: "Want de Zoon des mensen is gekomen, om te zoeken en zalig te maken, dat verloren was" (Lukas 19:10). Met die woorden eindigt de geschiedenis. Direct daarna vertelt Jezus de gelijkenis van de ponden, omdat Hij nabij Jeruzalem was en Zijn hoorders meenden, "dat het Koninkrijk Gods terstond zou openbaar worden" (Lukas 19:11). Kort daarop volgt de intocht in Jeruzalem.

Achtergrond

Jericho lag in de Jordaanvallei, ten noordoosten van Jeruzalem en een flink stuk lager. Eeuwen eerder vielen daar de muren voor Israël (Jozua 6). In de tijd van Jezus lag de stad aan de weg naar Jeruzalem; Jezus' gelijkenis van de barmhartige Samaritaan begint met een mens die afkwam "van Jeruzalem naar Jericho" (Lukas 10:30). Wie door het Jordaandal naar Jeruzalem reisde, kwam er langs.

Tollenaars inden tol en belastingen. In Judea gebeurde dat in die tijd voor de Romeinse overheid. Het werk gaf gelegenheid om meer te vragen dan was vastgesteld. Johannes de Doper zei tegen tollenaars die zich lieten dopen: "Eist niet meer, dan hetgeen u gezet is" (Lukas 3:13). In de evangeliën worden tollenaars vaak in één adem met zondaars genoemd (Lukas 5:30 en Lukas 15:1). De titel overste der tollenaren komt in de Bijbel alleen bij Zacheüs voor (Lukas 19:2). Wat die functie precies inhield, zegt de tekst niet. Waarschijnlijk had hij andere tollenaars onder zich.

De wilde vijgeboom is de moerbeivijg, een vijgensoort met kleine vijgen die in warme laagvlakten groeit. Het is niet de plataan, ook al heet die in het Engels sycamore. Het Oude Testament kent de boom als gewoon in de laagte: Salomo maakte de cederen talrijk "als de wilde vijgebomen, die in de laagte zijn" (1 Koningen 10:27). De profeet Amos las wilde vijgen af, voordat hij als profeet naar Israël gezonden werd (Amos 7:14-15).

Betekenis

In Lukas 19 is Jezus Degene Die zoekt. Zacheüs wilde zien wie Hij was, maar Jezus zag hem eerst, riep hem bij zijn naam en zei dat Hij in zijn huis moest blijven. Dat moeten klinkt in Lukas vaker, waar het gaat om de weg die de Vader voor Zijn Zoon bepaald heeft. Als twaalfjarige zei Jezus al: "Wist gij niet, dat Ik moet zijn in de dingen Mijns Vaders"? (Lukas 2:49). Het bezoek aan Zacheüs is geen toevallige ontmoeting langs de weg. Het hoort bij de opdracht waarmee Jezus naar Jeruzalem gaat.

Lukas 19:10 vat samen wat Hij komt doen. In Ezechiël 34 belooft de HEERE, tegenover herders die Zijn volk lieten verdwalen: "Het verlorene zal Ik zoeken, en het weggedrevene zal Ik wederbrengen" (Ezechiël 34:16). Veel uitleggers horen die belofte terug in de woorden van Jezus: wat God over Zichzelf zei, doet de Zoon des mensen in Jericho. Ook de gelijkenis van het verloren schaap spreekt over een herder die zoekt totdat hij vindt (Lukas 15:4-7).

De zaligheid is een gave. Jezus zegt niet dat zij kwam omdat Zacheüs zijn geld weggaf. Hij noemt twee redenen: Zacheüs is een zoon van Abraham, en de Zoon des mensen is gekomen om te zoeken. De vrijgevigheid van Zacheüs is daarvan de vrucht, zoals Johannes de Doper had opgeroepen: "Brengt dan vruchten voort der bekering waardig" (Lukas 3:8). Over de vorm van Lukas 19:8 verschillen uitleggers. De meesten lezen er een besluit in dat Zacheüs op dat moment neemt. Enkelen lezen de tegenwoordige tijd als een verdediging, alsof hij al zo leefde. Het antwoord van Jezus en de woorden over het verlorene passen volgens de meeste uitleggers het best bij een ommekeer.

Kort daarvoor werd een rijke overste geheel droevig, want hij was zeer rijk (Lukas 18:23). Jezus zei toen hoe moeilijk het is voor wie goed heeft om in het Koninkrijk van God te komen. Op de vraag wie dan zalig kan worden, antwoordde Hij: "De dingen, die onmogelijk zijn bij de mensen, zijn mogelijk bij God" (Lukas 18:27). In Jericho ziet de lezer een rijke die wel ingaat, omdat Jezus naar hem toe komt. Hij erkent hem als zoon van Abraham. Paulus schrijft later dat "degenen, die uit het geloof zijn, Abrahams kinderen zijn" (Galaten 3:7).

Lessen voor vandaag

De Heere Jezus zoekt. Zacheüs klom in een boom, maar het was Jezus Die omhoogkeek en hem bij zijn naam riep. Wie zich ver van God weet, mag weten dat Christus gekomen is "om te zoeken en zalig te maken, dat verloren was" (Lukas 19:10). Niemand is voor Hem te zondig of te ver weg.

Het heil komt heden. Jezus zei niet tegen Zacheüs dat hij eerst zijn leven op orde moest brengen. Hij zei dat hij zich moest haasten, omdat Hij die dag in zijn huis moest blijven. De roepstem van Christus vraagt geen uitstel, maar een hart dat Hem met blijdschap ontvangt.

Echte bekering wordt zichtbaar. Zacheüs ontving Jezus, en dat raakte zijn geld en zijn verleden. Hij gaf aan de armen en maakte ruim goed wat hij door bedrog had genomen. Dat is geen prijs die hij voor de zaligheid betaalde, maar de vrucht ervan. Waar Christus binnenkomt, verandert de omgang met bezit en met de naaste.

Wie mort, staat buiten de vreugde. De omstanders zagen alleen een zondigen man. Jezus zag een verloren zoon van Abraham die Hij kwam zoeken. Dat bevraagt ons op de manier waarop wij kijken naar mensen van wie wij weinig verwachten. Jezus zegt dat er "blijdschap zal zijn in den hemel over een zondaar, die zich bekeert" (Lukas 15:7). Wie God kent als de Zoekende, deelt in die blijdschap.

Vertellen aan kinderen

Voorlezen duurt ongeveer 4 minuten · geschikt vanaf 6 jaar

Jezus was op weg naar Jeruzalem. Onderweg kwam Hij in de stad Jericho. Er was een grote menigte mensen bij Hem. Hij ging dwars door de stad heen.

In Jericho woonde een man die Zacheüs heette. Zacheüs was een tollenaar. Een tollenaar haalde belastinggeld op voor de Romeinen, die in die tijd de baas waren in het land. Zacheüs was zelfs de baas over andere tollenaars. En hij was rijk. Tollenaars vroegen vaak meer geld dan mocht. Daarom noemden de mensen hen zondaars.

Zacheüs wilde Jezus zien. Hij wilde weten wie Hij was. Maar dat lukte niet. Er stonden zoveel mensen, en Zacheüs was klein. Hij kon niet over de menigte heen kijken.

Toen liep Zacheüs vooruit, naar de weg waar Jezus langs zou komen. Daar stond een wilde vijgeboom. Zacheüs klom in die boom. Van daaruit kon hij Jezus zien als Hij voorbijkwam.

Daar kwam Jezus aan. Toen Hij bij die plek kwam, keek Hij omhoog. Hij zag Zacheüs in de boom. En Jezus noemde hem bij zijn naam. Hij zei: "Zacheus! haast u, en kom af; want Ik moet heden in uw huis blijven". Haast u, en kom af betekent: kom vlug naar beneden. Heden betekent: vandaag. Jezus moest vandaag bij Zacheüs thuis zijn.

Je kunt je voorstellen hoe verrast Zacheüs was. Hij haastte zich en klom naar beneden. Hij ontving Jezus met blijdschap in zijn huis. Hij was heel blij.

Maar de mensen die het zagen, waren niet blij. Ze mopperden. Ze zeiden tegen elkaar: "Hij is tot een zondigen man ingegaan, om te herbergen". Ze bedoelden dat Jezus ging logeren bij een zondaar. Ze vonden het niet goed dat Jezus dat deed.

Toen stond Zacheüs op. Hij sprak tegen Jezus en noemde Hem Heere. Hij zei: "Zie, de helft van mijn goederen, Heere, geef ik den armen". De helft van alles wat hij had, wilde hij aan arme mensen geven. En hij beloofde nog meer. Had hij iemand iets afgenomen door te bedriegen? Dan zou hij het vier keer zoveel teruggeven. Was iemand door hem tien geldstukken kwijt, dan kreeg die er veertig terug. Jezus was bij Zacheüs gekomen. Nu wilde Zacheüs goedmaken wat hij fout had gedaan.

Toen zei Jezus: "Heden is dezen huize zaligheid geschied, nademaal ook deze een zoon van Abraham is". Zaligheid betekent: gered worden van de zonde en voor altijd bij God horen. Dat was vandaag gebeurd in het huis van Zacheüs. Abraham leefde vele eeuwen eerder. Hij was de vader van het volk van God. Jezus zei dat ook Zacheüs bij dat volk hoorde. De mensen noemden hem een zondaar. Jezus noemde hem een zoon van Abraham.

Daarna zei Jezus waarom Hij gekomen was: "Want de Zoon des mensen is gekomen, om te zoeken en zalig te maken, dat verloren was". Met de Zoon des mensen bedoelde Jezus Zichzelf. Verloren zijn betekent: niet meer bij God horen, zoals een schaap dat kwijt is en de weg niet terug weet. Zacheüs had Jezus willen zien. Maar het was Jezus Die Zacheüs zocht en vond.

Zo eindigt deze geschiedenis. De Heere Jezus zocht Zacheüs op en maakte hem zalig. Hij zoekt ook nu mensen die verloren zijn.

Om te onthouden
“Want de Zoon des mensen is gekomen, om te zoeken en zalig te maken, dat verloren was.” (Lukas 19:10)

Tips voor de verteller

  • Kinderen vragen vaak hoe Jezus de naam van Zacheüs wist. Zeg eerlijk dat de Bijbel dat hier niet vertelt. Wel schrijft Johannes dat Jezus Zelf wist wat in de mens was (Johannes 2:25), en Hij zag Nathanaël al onder de vijgeboom (Johannes 1:49). Laat de nadruk liggen op wat Jezus doet: Hij kijkt omhoog, roept en gaat mee.
  • Vertel Zacheüs niet als een eenzaam mannetje met wie niemand wilde spelen of praten; dat staat niet in de Bijbel. De tekst noemt hem klein van persoon, rijk en een overste der tollenaren, en de mensen noemen hem een zondaar. Zijn lengte verklaart alleen waarom hij in de boom klom. Het zwaartepunt ligt bij Jezus, Die hem opzoekt.
  • Een kind kan denken dat Zacheüs zalig werd omdat hij geld weggaf en teruggaf. Leg uit dat het andersom ging: eerst kwam Jezus bij hem, en daarna wilde Zacheüs goedmaken wat hij fout had gedaan. Leg ook de woorden tollenaar, murmureren (mopperen), vierdubbel (vier keer zoveel) en zaligheid kort uit.
  • Lukas 19:1-10 is kort genoeg om na de vertelling in zijn geheel uit de Bijbel zelf voor te lezen. Voor kinderen van 4-7 jaar kunt u de belofte van Zacheüs eenvoudig houden: hij gaf de helft van zijn bezit aan arme mensen en gaf veel meer terug dan hij had afgenomen.

Gespreksvragen voor kinderwerk en club

Kleuters en onderbouw (4-7 jaar)
  1. NavertellenWat deed Zacheüs om Jezus te kunnen zien?
  2. NavertellenWat zei Jezus tegen Zacheüs toen Hij omhoogkeek?
  3. VerwonderenWaarom wilde Jezus juist bij Zacheüs thuis zijn, denk je?
Zondagsschool en club (8-12 jaar)
  1. KijkenWat zeiden de mensen toen Jezus bij Zacheüs naar binnen ging, en waarom vonden ze dat niet goed?
  2. BetekenisZacheüs zei dat hij de helft van zijn goederen aan de armen gaf. Wat had dat te maken met Jezus, Die bij hem in huis kwam?
  3. VerbindingJezus vertelde over een herder die zijn verloren schaap zoekt (Lukas 15:4-7). Hoe lijkt dat op wat Jezus bij Zacheüs deed?
  4. ToepassingJezus riep Zacheüs bij zijn naam. Wat betekent het voor jou dat de Heere Jezus mensen bij hun naam kent?
Tieners en catechisatie (12-16 jaar)
  1. BijbeltekstLees Lukas 18:18-27. Een rijke overste wordt geheel droevig, Zacheüs ontvangt Jezus met blijdschap. Hoe laat Lukas 18:27 zien wat er in Jericho gebeurde?
  2. Wie is God?Jezus zegt: "Ik moet heden in uw huis blijven" (Lukas 19:5). Wat zegt dat moeten over wie het initiatief neemt bij het zalig worden van een mens?
  3. Moeilijke vraagZacheüs geeft de helft weg en betaalt vierdubbel terug. Werd hij daardoor zalig? Lees ook Efeze 2:8-10 en zoek uit hoe genade en goede werken bij elkaar horen.
  4. PersoonlijkDe omstanders mopperden dat Jezus bij een zondaar ging. Wat betekent het voor jou dat Jezus juist zondaars opzoekt?

Gebedspunt: Dank de Heere Jezus dat Hij gekomen is om te zoeken en zalig te maken wat verloren was. Bid dat Hij ook nu mensen bij hun naam roept, zodat zij Hem met blijdschap ontvangen.

Personen in dit verhaal

Plaatsen in dit verhaal

Lees het in een leesplan

Thema's in dit verhaal

Jezus zoekt het verlorenebekeringgenade voor zondaarstollenaarszaligheid heden

Gerelateerde bijbelverhalen

Veelgestelde vragen over Zacheüs in de boom

Waar staat het verhaal van Zacheüs in de boom in de Bijbel?

Het verhaal van Zacheüs in de boom staat in Lukas 19:1-10. Alleen Lukas vertelt het; de andere evangeliën noemen Zacheüs niet. Het speelt in Jericho, aan het eind van de reis van Jezus naar Jeruzalem. Vlak ervoor geneest Jezus bij Jericho een blinde bedelaar (Lukas 18:35-43). Direct erna vertelt Hij de gelijkenis van de ponden (Lukas 19:11-27), en daarna volgt de intocht in Jeruzalem (Lukas 19:28-40).

Wat was een tollenaar in de tijd van Jezus?

Een tollenaar inde tol en belastingen, in Judea voor de Romeinse overheid. Het werk gaf de gelegenheid om meer te vragen dan was vastgesteld. Daarom zei Johannes de Doper tegen tollenaars: "Eist niet meer, dan hetgeen u gezet is" (Lukas 3:13). Tollenaars stonden bekend als zondaars en worden in de evangeliën vaak samen met hen genoemd (Lukas 15:1). Zacheüs was een overste der tollenaren (Lukas 19:2), een titel die in de Bijbel alleen bij hem voorkomt.

Was Zacheüs een klein mannetje dat niemand wilde kennen?

Dat zegt de Bijbel niet. Lukas schrijft alleen dat Zacheüs Jezus niet kon zien vanwege de schare, "omdat hij klein van persoon was" (Lukas 19:3). Hoe klein, staat er niet. Dat niemand met hem wilde omgaan omdat hij klein was, komt uit kinderbijbels en liedjes, niet uit de tekst. Wat de mensen tegen hem hadden, zeggen ze zelf: hij was voor hen "een zondigen man" (Lukas 19:7). Hun bezwaar ging over zijn zonde als tollenaar, niet over zijn lengte.

Werd Zacheüs zalig omdat hij zijn geld weggaf?

Nee. Jezus zegt dat de zaligheid heden in het huis van Zacheüs gekomen is, en Hij noemt als reden dat Zacheüs een zoon van Abraham is en dat de Zoon des mensen gekomen is "om te zoeken en zalig te maken, dat verloren was" (Lukas 19:10). Jezus kwam eerst. Pas daarna belooft Zacheüs de helft van zijn goederen aan de armen en een vierdubbele vergoeding. Zijn vrijgevigheid is de vrucht van de ontmoeting met Christus, niet de prijs voor zijn redding.

Wat voor boom was de wilde vijgeboom van Zacheüs?

De wilde vijgeboom is de moerbeivijg, een vijgensoort die in warme laagvlakten groeit, zoals rond Jericho. Het is niet de plataan, ook al heet die in het Engels sycamore. Het Oude Testament noemt de boom als gewoon in de laagte (1 Koningen 10:27), en de profeet Amos las wilde vijgen af (Amos 7:14). Lukas zegt alleen dat Zacheüs erin klom omdat Jezus langs die weg zou komen (Lukas 19:4).

Hoe wist Jezus de naam van Zacheüs?

De tekst vertelt het niet. Lukas zegt alleen dat Jezus omhoogkeek, Zacheüs zag en hem bij zijn naam aansprak (Lukas 19:5). Elders in de evangeliën blijkt dat Jezus mensen kende voordat zij Hem iets vertelden. Tegen Nathanaël zei Hij: "daar gij onder den vijgeboom waart, zag Ik u" (Johannes 1:49), en Johannes schrijft dat Hij Zelf wist wat in de mens was (Johannes 2:25). Meer dan dat zegt de Bijbel er niet over.

Wat betekent zoon van Abraham bij Zacheüs?

Jezus zei: "Heden is dezen huize zaligheid geschied, nademaal ook deze een zoon van Abraham is" (Lukas 19:9). De omstanders zagen in Zacheüs alleen een zondaar. Jezus noemt hem een zoon van Abraham: iemand die hoort bij het volk aan wie God Zijn beloften gaf. Zacheüs was naar afkomst een Israëliet, maar door de komst van Jezus wordt hij ook als zodanig erkend. Paulus schrijft later dat "degenen, die uit het geloof zijn, Abrahams kinderen zijn" (Galaten 3:7).

Wat betekent Lukas 19:10 over zoeken wat verloren was?

Lukas 19:10 luidt: "Want de Zoon des mensen is gekomen, om te zoeken en zalig te maken, dat verloren was". Met de Zoon des mensen bedoelt Jezus Zichzelf. Verloren is wie van God is afgedwaald, zoals een schaap van de kudde. Veel uitleggers horen hier de belofte van de HEERE uit Ezechiël 34:16: "Het verlorene zal Ik zoeken". Jezus doet wat God beloofde. De tekst wordt vaak gelezen als samenvatting van het hele Evangelie naar Lukas.

Wat leert het verhaal van Zacheüs?

Het leert eerst wie Jezus is: de Zoon des mensen Die zoekt wat verloren is. Hij ziet Zacheüs, roept hem bij zijn naam en gaat bij hem te gast, ook al morren de omstanders. De zaligheid komt heden, als gave. Daarna verandert het leven van Zacheüs: hij geeft aan de armen en maakt goed wat hij door bedrog nam. Zo laat het verhaal zien dat Christus zondaars aanneemt en dat Zijn komst een mens werkelijk verandert.

Hoe vertelt u het verhaal van Zacheüs aan kinderen?

Op deze pagina staat een vertelling voor kinderen vanaf ongeveer 6 jaar. Geef de meeste ruimte aan wat Jezus doet: Hij kijkt omhoog, roept Zacheüs bij zijn naam en zegt dat er heden zaligheid in zijn huis gekomen is. Vertel Zacheüs niet als een eenzaam mannetje; de Bijbel noemt hem klein, rijk en een zondaar. Leg uit dat hij zijn geld teruggaf omdat Jezus bij hem kwam, en niet andersom. De gespreksvragen zijn ingedeeld voor 4-7, 8-12 en 12-16 jaar.

Stel een vraag over Zacheüs in de boom

Wilt u meer weten over dit bijbelverhaal? Onze AI-gestuurde assistent helpt u met achtergrond, context en diepere inzichten uit de Bijbel.

Verdiep u verder