Petrus en Cornelius
God opent de deur van Zijn gemeente voor de heidenen
Samenvatting
Petrus en Cornelius is de geschiedenis uit Handelingen 10 waarin God een Joodse apostel naar het huis van een heidense hoofdman over honderd stuurt. Een engel zegt Cornelius dat hij Petrus moet laten halen, en Petrus ziet in een gezicht een laken vol dieren. In Caesarea verkondigt Petrus Christus, en de Heilige Geest valt op de heidenen.
Bijbelgedeelte
“En een stem geschiedde wederom ten tweeden male tot hem: Hetgeen God gereinigd heeft, zult gij niet gemeen maken.”
“En Petrus, den mond opendoende, zeide: Ik verneem in der waarheid, dat God geen aannemer des persoons is;”
“Maar in allen volke, die Hem vreest en gerechtigheid werkt, is Hem aangenaam.”
“Als Petrus nog deze woorden sprak, viel de Heilige Geest op allen, die het Woord hoorden.”
Het verhaal
Handelingen 10 vertelt hoe het evangelie in het huis van Cornelius in Caesarea bij onbesneden heidenen komt. Petrus verbleef toen in Joppe, bij Simon, een lederbereider (Handelingen 9:43).
Wat zei de engel tegen Cornelius?
Cornelius was een hoofdman over honderd, "Godzalig en vrezende God, met geheel zijn huis" (Handelingen 10:2). Omtrent de negende ure zag hij in een gezicht een engel van God binnenkomen. De engel zei dat zijn gebeden en aalmoezen voor God gedacht waren, en dat hij Simon Petrus uit Joppe moest laten halen. Cornelius stuurde twee huisknechten en een godzalige krijgsknecht op weg.
Wat zag Petrus in het visioen van het laken?
De volgende dag klom Petrus omtrent de zesde ure op het dak om te bidden. Hij kreeg honger. Terwijl men het eten bereidde, viel over hem een vertrekking van zinnen. Hij zag de hemel geopend en iets neerdalen als een groot linnen laken, aan de vier hoeken gebonden, vol viervoetige dieren, kruipende dieren en vogels. Een stem zei: "Sta op, Petrus! slacht en eet" (Handelingen 10:13). Petrus weigerde, want hij had nooit iets gegeten dat gemeen of onrein was. De stem antwoordde: "Hetgeen God gereinigd heeft, zult gij niet gemeen maken" (Handelingen 10:15). Dat gebeurde driemaal; daarna werd het laken weer in de hemel opgenomen.
Hoe ontmoette Petrus Cornelius?
Terwijl Petrus nog nadacht over het gezicht, stonden de mannen van Cornelius aan de poort. De Geest zei tot Petrus dat hij zonder twijfelen met hen moest gaan, want Hij had hen gezonden. De volgende dag reisde Petrus mee, met enkele broeders uit Joppe. In Caesarea had Cornelius zijn familie en vrienden samengeroepen. Hij viel aan Petrus' voeten, maar Petrus richtte hem op: "Sta op, ik ben ook zelf een mens" (Handelingen 10:26). Een Joodse man mocht niet bij een vreemde binnengaan, zei Petrus, maar God had hem getoond geen mens gemeen of onrein te noemen (Handelingen 10:28). Cornelius vertelde over de engel; allen wilden horen wat God bevolen had.
Wat preekte Petrus in het huis van Cornelius?
Petrus begon: "Ik verneem in der waarheid, dat God geen aannemer des persoons is" (Handelingen 10:34). Daarna verkondigde hij Jezus van Nazareth: door God gezalfd met de Heilige Geest, goeddoende en genezende, gedood aan het hout en door God opgewekt ten derden dage. Hij eindigde met het getuigenis van de profeten dat ieder die in Hem gelooft, vergeving der zonden ontvangt door Zijn Naam (Handelingen 10:38-43).
Wat gebeurde er toen de Heilige Geest op de heidenen viel?
Terwijl Petrus nog sprak, viel de Heilige Geest op allen die het Woord hoorden. De Joodse gelovigen die met hem gekomen waren, ontzetten zich dat ook de heidenen de gave van de Geest ontvingen. Zij hoorden hen spreken met vreemde talen en God groot maken. Petrus vroeg of iemand het water kon weren, en hij beval dat zij gedoopt zouden worden in de Naam van de Heere. Zij vroegen hem nog enige dagen bij hen te blijven (Handelingen 10:44-48).
Achtergrond
Een hoofdman over honderd voerde het bevel over ongeveer honderd soldaten. Later werd Paulus daar voor de stadhouder Felix gesteld (Handelingen 23:24; Handelingen 23:33). Cornelius was geen besneden proseliet: in Jeruzalem kreeg Petrus juist het verwijt dat hij was ingegaan "tot mannen, die de voorhuid hebben" (Handelingen 11:3). Uitleggers noemen zulke heidenen, die de God van Israël eerden zonder besneden te zijn, wel godvrezenden.
De wet maakte onderscheid tussen rein en onrein gedierte (Leviticus 11:47). Joppe is het Jafo vanwaar Jona eens naar Tarsis vluchtte (Jona 1:3), weg van zijn opdracht aan het heidense Nineve. Vanuit dezelfde stad zendt God nu Petrus naar de heidenen.
Betekenis
De hoofdpersoon van Handelingen 10 is God Zelf. Hij zendt de engel naar Cornelius, Hij spreekt tot Petrus in het gezicht, Zijn Geest zegt dat Hij de mannen gezonden heeft, en Hij geeft de Heilige Geest terwijl Petrus nog spreekt. Petrus volgt wat God al begonnen is. In Jeruzalem zegt hij het zelf: "wie was ik toch, die God konde weren"? (Handelingen 11:17).
Het gezicht ging over spijzen, maar Petrus past het zelf toe op mensen: God had hem getoond "dat ik geen mens zou gemeen of onrein heten" (Handelingen 10:28). Het reinigen is Gods werk. Later zegt Petrus dat God geen onderscheid maakte tussen Joden en heidenen, "gereinigd hebbende hun harten door het geloof" (Handelingen 15:9).
Wat God hier doet, had Hij lang tevoren beloofd aan Abraham: "in u zullen alle geslachten des aardrijks gezegend worden" (Genesis 12:3). De Heere Jezus had gezegd dat Zijn apostelen getuigen zouden zijn "tot aan het uiterste der aarde" (Handelingen 1:8). De Geest valt op de heidenen zoals op de discipelen in het begin (Handelingen 11:15; zie de uitstorting van de Heilige Geest). Zo maakt God Zelf duidelijk dat zij zonder besnijdenis bij Zijn gemeente horen. De gemeente in Jeruzalem besloot: "Zo heeft dan God ook den heidenen de bekering gegeven ten leven" (Handelingen 11:18).
Cornelius vreesde God en bad, maar hij moest nog woorden horen "door welke gij zult zalig worden, en al uw huis" (Handelingen 11:14). God verhoorde zijn gebeden door hem Christus te laten verkondigen, in Wiens Naam vergeving der zonden is (Handelingen 10:43).
Lessen voor vandaag
God gaat Zijn kerk voor in de zending. Petrus bedacht deze reis niet; God bereidde beide mannen voor, nog voordat zij elkaar kenden. Voor de Heere is niemand van het verkeerde volk, want "er is geen onderscheid, noch van Jood noch van Griek" (Romeinen 10:12). Dat geeft verwachting voor het werk onder mensen die het evangelie nog nooit hoorden.
Ook godvrezende mensen hebben het evangelie nodig. Cornelius bad en gaf veel, en toch stuurde God een prediker naar zijn huis met het Woord over Christus. Wie God zoekt, mag weten dat Hij Zich laat vinden in dat Woord. Vroomheid komt niet in de plaats van het geloof in Hem.
God leert Zijn dienaren hun eigen grenzen loslaten. Petrus zei eerst: "Geenszins, Heere" (Handelingen 10:14). Later, in Antiochië, trok hij zich uit vrees toch weer terug van de heidenen (Galaten 2:11-14). Wat God gereinigd heeft, mogen ook wij niet gemeen maken. Geen mens is te min om het evangelie te horen, en wie Christus belijdt, is onze broeder of zuster.
Vertellen aan kinderen
Voorlezen duurt ongeveer 4 minuten · geschikt vanaf 6 jaar
In de stad Caesarea woonde een man die Cornelius heette. Hij was een hoofdman over honderd soldaten. Cornelius was geen Jood, maar een heiden: iemand uit een ander volk dan Israël. Toch vreesde hij God, samen met iedereen in zijn huis. Hij gaf veel aan arme mensen en bad steeds tot God.
Op een middag zag Cornelius in een gezicht een engel van God binnenkomen. Een gezicht betekent hier: iets wat God iemand laat zien. De engel riep zijn naam, en Cornelius werd erg bang. Maar de engel zei dat God aan zijn gebeden gedacht had. Cornelius moest mannen naar de stad Joppe sturen om Simon Petrus te halen. Meteen stuurde hij twee knechten en een soldaat.
De volgende dag ging Petrus in Joppe op het dak om te bidden. Hij kreeg honger. Terwijl het eten klaargemaakt werd, liet God ook aan Petrus een gezicht zien. Hij zag de hemel open. Er kwam iets naar beneden als een groot laken, aan de vier hoeken vastgebonden. Daarin zaten allerlei dieren en vogels. Ook dieren die een Jood niet mocht eten, omdat ze onrein waren.
Toen hoorde Petrus een stem: "Sta op, Petrus! slacht en eet". Maar Petrus wilde niet. Hij had nog nooit iets onreins gegeten. De stem zei: "Hetgeen God gereinigd heeft, zult gij niet gemeen maken". Dat betekent: wat God rein gemaakt heeft, mocht Petrus niet onrein noemen. Dat gebeurde drie keer. Toen werd het laken weer in de hemel opgenomen.
Petrus dacht nog na over het gezicht, toen de mannen van Cornelius bij de poort stonden. De Geest van God zei tegen Petrus dat hij met hen mee moest gaan, want God had hen gestuurd.
Zo reisde Petrus naar Caesarea, samen met een paar broeders uit Joppe. Cornelius had zijn familie en vrienden bij elkaar geroepen. Toen Petrus binnenkwam, viel Cornelius aan zijn voeten en aanbad hem. Maar Petrus zei: "Sta op, ik ben ook zelf een mens".
Petrus vertelde dat een Jood niet bij een heiden binnen mocht gaan. Maar God had hem laten zien dat hij geen mens onrein mocht noemen. Toen zei hij: "Ik verneem in der waarheid, dat God geen aannemer des persoons is". Dat betekent: God trekt niemand voor. Voor Hem telt niet uit welk volk iemand komt.
Petrus vertelde over de Heere Jezus. Hij had goed gedaan en mensen genezen die in de macht van de duivel waren. Mensen hadden Hem gedood aan een kruis. Maar God had Hem op de derde dag opgewekt. Iedereen die in Hem gelooft, krijgt vergeving van zijn zonden.
Petrus was nog aan het spreken. Toen "viel de Heilige Geest op allen, die het Woord hoorden". Ze spraken in andere talen en maakten God groot. De broeders uit Joppe stonden versteld dat God ook aan de heidenen Zijn Geest gaf. Toen werden Cornelius en de anderen gedoopt. Daarna vroegen ze Petrus nog een paar dagen te blijven.
God had Cornelius en Petrus allebei voorbereid. Het goede nieuws van de Heere Jezus is voor mensen uit alle volken.
“Ik verneem in der waarheid, dat God geen aannemer des persoons is” (Handelingen 10:34)
Tips voor de verteller
- Leg rein en onrein kort uit: God gaf Israël in de wet regels over dieren die wel en niet gegeten mochten worden (Leviticus 11). Daarom ging een Jood ook niet bij een heiden aan tafel. Kinderen vragen soms of het laken alleen over eten ging. Petrus legt het zelf uit over mensen: God had hem getoond dat hij geen mens onrein mocht noemen (Handelingen 10:28).
- Een kind kan vragen of Cornelius dan al goed genoeg was voor God, omdat hij zoveel bad en gaf. Antwoord eerlijk dat God zijn gebeden hoorde, maar dat Cornelius nog moest horen over de Heere Jezus. De engel zei dat Petrus woorden zou spreken waardoor hij en zijn huis zalig zouden worden (Handelingen 11:14).
- Voor kinderen van 4-7 jaar kunt u de geschiedenis in drie beelden vertellen: de engel bij Cornelius, het laken bij Petrus en de Heilige Geest in het huis van Cornelius. Handelingen 10:9-16 is kort genoeg om daarna uit de Bijbel zelf voor te lezen.
Gespreksvragen voor kinderwerk en club
Kleuters en onderbouw (4-7 jaar)
- NavertellenWie stuurde God naar Cornelius?
- NavertellenWat zag Petrus in het grote laken?
- VerwonderenWat deed God terwijl Petrus over de Heere Jezus vertelde?
Zondagsschool en club (8-12 jaar)
- KijkenGod sprak eerst tegen Cornelius en daarna tegen Petrus. Wat zei Hij tegen ieder van hen?
- BetekenisPetrus zei later dat hij geen mens onrein mocht noemen. Waarom liet God aan Petrus eerst een laken met dieren zien?
- VerbindingOp de Pinksterdag kwam de Heilige Geest op de discipelen. Wat was er nieuw in het huis van Cornelius?
Tieners en catechisatie (12-16 jaar)
- BijbeltekstLees Handelingen 11:1-18. Waarom moest Petrus zich in Jeruzalem verantwoorden, en waardoor kwamen de broeders tot rust?
- Wie is God?God bereidde Cornelius en Petrus allebei voor, nog voordat zij elkaar ontmoetten. Wat zegt dat over de manier waarop God werkt?
- Moeilijke vraagCornelius vreesde God, bad steeds en gaf veel aalmoezen. Waarom moest hij dan toch nog over Jezus horen? Betrek Handelingen 11:14 erbij.
Gebedspunt: Dank God dat Hij geen aannemer des persoons is en dat het evangelie van Christus voor alle volken is. Bid voor het werk van de zending en voor mensen die het Woord nog nooit gehoord hebben.
Personen in dit verhaal
Plaatsen in dit verhaal
Lees het in een leesplan
Thema's in dit verhaal
Gerelateerde bijbelverhalen
Veelgestelde vragen over Petrus en Cornelius
Waar staat het verhaal van Petrus en Cornelius in de Bijbel?
Het verhaal van Petrus en Cornelius staat in Handelingen 10. Het begint met het gezicht van Cornelius in Caesarea (Handelingen 10:1-8), daarna volgt het gezicht van Petrus op het dak in Joppe (Handelingen 10:9-16). Petrus vertelt de hele geschiedenis opnieuw aan de gemeente in Jeruzalem (Handelingen 11:1-18). Op de vergadering in Jeruzalem verwijst hij er nog eens naar (Handelingen 15:7-9). Wie Cornelius zelf was, leest u op de persoonspagina over Cornelius.
Wat betekent het visioen van Petrus met het laken?
Petrus zag een laken met allerlei dieren, ook onreine, en hoorde: "Hetgeen God gereinigd heeft, zult gij niet gemeen maken" (Handelingen 10:15). Hij legde het zelf uit: God had hem getoond "dat ik geen mens zou gemeen of onrein heten" (Handelingen 10:28). Het gezicht ging dus vooral over mensen: heidenen zijn voor God niet buitengesloten. Veel christenen lezen het daarnaast als een teken dat de wetten over rein en onrein voedsel voor de gemeente niet meer gelden. Daarover lopen de accenten bij uitleggers uiteen.
Werd Cornelius zalig door zijn gebeden en aalmoezen?
Nee. Cornelius vreesde God, gaf veel aalmoezen en bad voortdurend, en God gedacht zijn gebeden (Handelingen 10:4). Toch moest Petrus komen met woorden "door welke gij zult zalig worden, en al uw huis" (Handelingen 11:14). Petrus preekte dat ieder die in Christus gelooft, "vergeving der zonden ontvangen zal door Zijn Naam" (Handelingen 10:43). De zaligheid lag dus niet in zijn vroomheid, maar in Christus. Wel blijkt hier dat God Zelf het werk in Cornelius begon en voltooide: Hij verhoorde zijn gebed (Handelingen 10:31) en zond hem het Woord over Christus.
Wat betekent "geen aannemer des persoons"?
Een aannemer des persoons is iemand die partijdig is en mensen voortrekt om hun afkomst, rang of aanzien. Petrus zei in het huis van Cornelius: "Ik verneem in der waarheid, dat God geen aannemer des persoons is" (Handelingen 10:34). God sluit niemand buiten omdat hij uit een ander volk komt. Dat betekent niet dat alle wegen naar God leiden: in dezelfde preek wijst Petrus naar Jezus Christus, Die "een Heere van allen" is (Handelingen 10:36).
Waarom kreeg Cornelius de Heilige Geest al vóór de doop?
Lukas geeft in Handelingen geen vaste volgorde; in Samaria kwam de Geest pas na de doop (Handelingen 8:14-17). In Caesarea gaf God de Geest terwijl Petrus nog sprak. Voor de Joodse gelovigen was dat het bewijs dat God de heidenen aannam. Petrus vroeg: "Kan ook iemand het water weren, dat dezen niet gedoopt zouden worden, welke den Heiligen Geest ontvangen hebben, gelijk als ook wij"? (Handelingen 10:47). Later zei hij dat God tussen Joden en heidenen "geen onderscheid gemaakt" had (Handelingen 15:9).
Waarom is het huis van Cornelius een keerpunt in Handelingen?
In het huis van Cornelius vertelt Handelingen voor het eerst uitvoerig hoe onbesneden heidenen het Woord aannamen, de Heilige Geest ontvingen en gedoopt werden. Eerder doopte Filippus een kamerling van de koningin der Moren (Handelingen 8:26-39), maar of die een heiden of een proseliet was, zegt de tekst niet. Dat Cornelius en de zijnen onbesneden waren, blijkt uit het verwijt aan Petrus dat hij was ingegaan "tot mannen, die de voorhuid hebben" (Handelingen 11:3). De gemeente in Jeruzalem erkende het als Gods werk (Handelingen 11:18).
Hoe vertelt u het verhaal van Petrus en Cornelius aan kinderen?
Op deze pagina staat een vertelling voor kinderen vanaf ongeveer 6 jaar. Laat zien dat God het initiatief neemt: Hij stuurt een engel naar Cornelius, leert Petrus een les met het laken en geeft de Heilige Geest. Leg rein en onrein kort uit en vertel dat een Jood niet bij een heiden binnenging (Handelingen 10:28). De lange preek van Petrus kunt u samenvatten. De gespreksvragen zijn ingedeeld voor 4-7, 8-12 en 12-16 jaar.
Stel een vraag over Petrus en Cornelius
Wilt u meer weten over dit bijbelverhaal? Onze AI-gestuurde assistent helpt u met achtergrond, context en diepere inzichten uit de Bijbel.
Verdiep u verder
Alle bijbelverhalen
Bekijk alle 191 bijbelverhalen met uitleg, in bijbelse volgorde.
Bijbelse Personen
Leer meer over de personen in dit verhaal.
Bijbelse Tijdlijn
Plaats dit verhaal in de bijbelse geschiedenis.
Bijbeluitleg
Lees uitleg bij de bijbelhoofdstukken van dit verhaal.
Bijbel Onderwerpen
Verken de thema's die in dit verhaal aan bod komen.
AI BijbelAssistent
Stel uw vragen over bijbelverhalen aan onze AI-assistent.