Veel volwassen kinderen zorgen voor een vader of moeder die ouder wordt. Het begint vaak klein, met boodschappen of een rit naar het ziekenhuis, en groeit soms uit tot dagelijkse mantelzorg. Dan komen de vragen: hoe ver gaat mijn plicht, mag ik ook aan mijn eigen gezin denken, en is een verpleeghuis een vorm van ontrouw? Op deze pagina leest u wat het vijfde gebod vraagt, hoe de Heere Jezus Zelf voor Zijn moeder zorgde, waar de Bijbel ruimte laat voor grenzen en hoe u de zorg volhoudt.
Eer uw vader en uw moeder: wat betekent het vijfde gebod?
Het vijfde gebod luidt: 'Eert uw vader en uw moeder, opdat uw dagen verlengd worden in het land, dat u de HEERE uw God geeft' (Exodus 20:12). Het is het eerste gebod van de tweede tafel, die over de naaste gaat, en het begint bij de mensen die het dichtst bij ons staan. Hoe dit gebod in de rij van de tien geboden staat, leest u op een aparte pagina; het hele verband vindt u in de uitleg van Exodus 20.
Vaak wordt het vijfde gebod gelezen als een gebod voor kinderen die nog thuis wonen. In Israël gold het evengoed voor volwassenen. Spreuken zegt het zonder omwegen: 'Hoor naar uw vader, die u gewonnen heeft; en veracht uw moeder niet, als zij oud geworden is' (Spreuken 23:22). De wet verbindt de eerbied voor ouderen zelfs met de vreze Gods: voor het grauwe haar zult u opstaan (Leviticus 19:32).
Eren is meer dan gehoorzamen. Een volwassen kind hoeft zijn ouders niet meer in alles te volgen, want het staat zelf voor God met een eigen verantwoordelijkheid. De eer blijft wel: respect in woorden, dankbaarheid voor wat zij gaven, en zorg wanneer zij die nodig hebben. Dat geldt ook als de rollen omdraaien en het kind beslissingen moet nemen die de ouder niet meer kan overzien.
Zorgen voor ouders: hoe ver gaat die plicht?
De Heere Jezus nam het vijfde gebod heel concreet. Sommige Farizeeën en schriftgeleerden leerden dat iemand wat zijn ouders had kunnen helpen, aan God kon wijden met het woord korban, een gave. Daarmee was hij van zijn zorgplicht af. Jezus noemt dat ongehoorzaamheid aan God: zo lieten zij iemand niet meer toe iets voor zijn vader of moeder te doen, 'makende alzo Gods woord krachteloos door uw inzetting' (Markus 7:13). Een vrome reden om ouders aan hun lot over te laten, aanvaardt Hij niet.
Paulus schrijft hetzelfde aan Timotheüs. Weduwen die kinderen of kleinkinderen hebben, moeten door hen verzorgd worden; die kinderen moeten leren eerst thuis godzaligheid te oefenen, 'en den voorouderen wedervergelding te doen; want dat is goed en aangenaam voor God' (1 Timotheüs 5:4). Wedervergelding is hier teruggeven wat u zelf ontvangen hebt. Ouders droegen hun kinderen toen die niets konden; nu mag het kind hen dragen. Een paar verzen verder is Paulus nog scherper: wie de zijnen, en vooral zijn huisgenoten, niet verzorgt, heeft het geloof verloochend (1 Timotheüs 5:8).
Het mooiste voorbeeld geeft de Heere Jezus Zelf. Aan het kruis, midden in Zijn lijden, zag Hij Zijn moeder staan en vertrouwde haar toe aan de discipel die Hij liefhad: 'Zie, uw moeder. En van die ure aan nam haar de discipel in zijn huis' (Johannes 19:27). Ook in Zijn sterven vergat Hij het vijfde gebod niet. Meer over dit woord leest u bij de zeven kruiswoorden van Jezus.
Waar liggen de grenzen van de zorg?
De Bijbel vraagt trouw. Zij vraagt geen onmogelijke dingen. Wie trouwt, verlaat vader en moeder om zijn vrouw aan te kleven (Genesis 2:24). Het eigen huwelijk en de eigen kinderen hebben daarom een eigen plaats. Zorg voor ouders die het huwelijk of de kinderen blijvend tekortdoet, is geen bijbelse eer. Bespreek samen met uw man of vrouw wat haalbaar is.
Zorg is ook geen taak voor één persoon alleen. Toen Mozes het hele volk in zijn eentje wilde richten, zei zijn schoonvader Jethro: 'deze zaak is te zwaar voor u, gij alleen kunt het niet doen' (Exodus 18:18). Dat geldt ook voor een mantelzorger. Broers en zussen dragen mee, en de gemeente ook, want de wet van Christus is dat wij elkanders lasten dragen (Galaten 6:2). Paulus wilde dat families hun weduwen hielpen, zodat de gemeente niet bezwaard werd (1 Timotheüs 5:16). De familie draagt eerst, de gemeente helpt waar de familie het niet meer kan; wie uitgeput raakt, mag de diaconie of de wijkverpleging om hulp vragen.
Een verpleeghuis is geen ontrouw. Heeft een ouder dag en nacht zorg nodig, of kan hij door dementie niet meer veilig thuis wonen, dan kan professionele zorg juist de beste zorg zijn. De eer krijgt dan een andere vorm: u bezoekt, luistert en leest voor, u let erop dat uw vader of moeder goed behandeld wordt en u neemt beslissingen in hun belang. Ook zo eert u uw ouders. Meer over deze levensfase leest u bij wat de Bijbel zegt over ouder worden.
Zorgen voor een ouder met dementie of een moeilijke ouder
Een ouder met dementie kan achterdochtig, boos of onrustig worden. De vader of moeder die u kende, lijkt langzaam te verdwijnen. Geduld kost dan veel. De bede van een oude gelovige in Psalm 71 wijst de weg: 'Verwerp mij niet in den tijd des ouderdoms; verlaat mij niet, terwijl mijn kracht vergaat' (Psalm 71:9). Wat de dichter van God vraagt, mag een kind voor zijn ouder doen: blijven als de kracht vergaat. Een bekende psalm of een tekst die uw vader of moeder vroeger kende, kan soms nog herkenning en rust geven. Teksten om voor te lezen vindt u bij de bijbelteksten voor ouderen.
Niet iedereen heeft een goede band met zijn ouders. Sommigen zijn als kind gekwetst, verwaarloosd of mishandeld. Het vijfde gebod vraagt dan niet dat u doet alsof er niets gebeurd is. Eren is iets anders dan toelaten dat u opnieuw beschadigd wordt. U mag grenzen stellen aan contact en zorg, en de zorg zo nodig door anderen laten uitvoeren. Zoek daarvoor iemand om mee te praten, zoals uw predikant, ouderling of huisarts. U mag ook weten dat de Heere niemand afwijst die door zijn ouders tekortgedaan is en tot Hem komt. David zegt: 'Want mijn vader en mijn moeder hebben mij verlaten, maar de HEERE zal mij aannemen' (Psalm 27:10).
Gaat het om geweld, vernedering of misbruik van geld, door een ouder of juist tegenover een kwetsbare ouder, neem dan contact op met Veilig Thuis via 0800-2000 (gratis, dag en nacht). Bij direct gevaar belt u 112.
Wat zeggen de belijdenisgeschriften?
De kerk vat het vijfde gebod samen in Zondag 39 van de Heidelbergse Catechismus. God wil dat ik 'mijn vader en moeder, en allen die over mij gesteld zijn, alle eer, liefde en trouw bewijze, en mij aan hun goede leer en straf met behoorlijke gehoorzaamheid onderwerpe, en ook met hun zwakheid en gebreken geduld hebbe' (Heidelbergse Catechismus, Zondag 39, vraag 104). De reden die de catechismus erbij geeft, is dat het God behaagt ons door hun hand te regeren.
Opvallend is dat het geduld met zwakheid en gebreken er uitdrukkelijk bij staat. De catechismus rekent erop dat ouders feilbare mensen zijn, met een moeilijk karakter of met de zwakheid van de ouderdom. Ouders worden geëerd omdat God hen in ons leven heeft gesteld, en Hij verbindt daar in Efeze 6:2-3 de belofte van een lang en goed leven aan. Dezelfde zondag noemt ook allen die over ons gesteld zijn; het gebod reikt dus verder dan het gezin.
Als deze vraag u persoonlijk raakt
Mantelzorg kan zwaar zijn. Veel mantelzorgers voelen zich moe, eenzaam of schuldig: schuldig omdat zij niet meer kunnen, of omdat zij soms boos of opgelucht zijn. Die gevoelens maken u geen slecht kind. De Heere kent onze grenzen; Hij weet wat maaksel wij zijn en denkt eraan dat wij stof zijn (Psalm 103:14). En de Heere Jezus nodigt juist wie vermoeid en belast is, om bij Hem rust te vinden (Mattheüs 11:28).
Hebt u ooit beloofd dat uw vader of moeder nooit naar een verpleeghuis zou hoeven, en lukt dat nu niet meer? Die belofte was bedoeld voor het welzijn van uw vader of moeder; als thuis blijven dat welzijn niet meer dient, kan dezelfde liefde om een andere vorm vragen. Bespreek het met uw predikant of ouderling, en praat er ook met uw ouder over zolang dat kan.
Draag het niet alleen. Betrek broers, zussen en de diaconie. Vraag bij uw gemeente naar het steunpunt mantelzorg of het Wmo-loket; daar kunt u vragen naar ondersteuning zoals respijtzorg, waarbij een ander de zorg tijdelijk overneemt. Bij lichamelijke of psychische klachten is de huisarts de eerste stap. Wilt u eerst anoniem uw verhaal kwijt, dan kunt u De Luisterlijn dag en nacht bellen via 088 0767 000; overdag en 's avonds kunt u ook chatten via deluisterlijn.nl.
'En tot de ouderdom toe zal Ik Dezelfde zijn, ja, tot de grijsheid toe zal Ik ulieden dragen' (Jesaja 46:4)