Ga naar hoofdinhoud

Ziklag in de Bijbel

Ziklag (Hebreeuws): de betekenis van de naam is onbekend. De Statenvertaling schrijft overal Ziklag.

Ziklag was een stad in het zuiden van Juda die Achis, de koning van Gath, aan de vluchtende David gaf (1 Samuël 27:6). Toen de Amalekieten de stad verbrandden, sterkte David zich in de HEERE, zijn God (1 Samuël 30:6). De precieze ligging is onzeker.

Ligging

Ziklag lag in het zuiden van Juda, in de streek die de Statenvertaling het zuiden noemt, op de grens met het land van de Filistijnen. Jozua 15:31 noemt de stad onder de zuidelijkste steden van Juda, en Jozua 19:5 in het erfdeel van Simeon. Vanuit Ziklag ondernam David tochten naar het zuiden, richting Sur en Egypte (1 Samuël 27:8).

Vandaag

De ligging is onzeker. Voorgesteld zijn onder meer Tel Sera in de noordwestelijke Negev, tussen Gaza en Berseba, en Tel Halif ten noorden van Berseba. Sinds 2019 wordt ook Khirbet a-Ra’i genoemd, in het heuvelland van de Sefela in de buurt van Lachis. Geen van deze identificaties is algemeen aanvaard.

De precieze ligging is onzeker: er zijn meerdere kandidaten.

Geschiedenis

Bij de verdeling van het land kreeg Juda Ziklag als een van zijn steden in het zuiden (Jozua 15:31). De stad werd daarna aan Simeon gegeven, wiens erfdeel binnen dat van Juda lag (Jozua 19:5); volgens 1 Kronieken 4:30-31 bleef zij van Simeon tot David koning werd. In de tijd van Saul was Ziklag in handen van de Filistijnen. David, op de vlucht voor Saul, ging met zeshonderd mannen naar Achis, de koning van Gath, en vroeg een plaats om te wonen. Achis gaf hem Ziklag, en de Bijbel voegt eraan toe: "daarom is Ziklag van de koningen van Juda geweest tot op dezen dag" (1 Samuël 27:6). David woonde een jaar en vier maanden in het land van de Filistijnen (1 Samuël 27:7). Mannen uit Benjamin en Manasse sloten zich daar bij hem aan (1 Kronieken 12:1, 20). Toen David door de Filistijnse vorsten was teruggestuurd, vond hij Ziklag op de derde dag verbrand; de Amalekieten hadden vrouwen en kinderen weggevoerd, ook Davids beide vrouwen, Ahinoam en Abigaïl (1 Samuël 30:1-5). David vroeg de HEERE om raad, achtervolgde de bende en bracht alles terug (1 Samuël 30:8, 18-19). Vanuit Ziklag zond hij van de buit aan de oudsten van Juda (1 Samuël 30:26). In Ziklag hoorde David van de dood van Saul en Jonathan (2 Samuël 1:1-4). De Amalekiet die het bericht bracht en zei dat hij Saul gedood had, liet hij daar ter dood brengen (2 Samuël 1:15, 4:10), en hij klaagde over Saul en Jonathan (2 Samuël 1:17). Daarna trok hij op naar Hebron (2 Samuël 2:1). Na de ballingschap woonden er weer mannen van Juda in Ziklag (Nehemia 11:28).

Betekenis in de Bijbel

Ziklag is de stad van het laatste deel van Davids vlucht. Hij woonde in het land van de vijand en hield Achis voor dat hij tegen Juda optrok (1 Samuël 27:10-12). De Bijbel vertelt dat zonder het goed te praten. Het keerpunt kwam bij de verwoesting van de stad. Zijn mannen spraken erover hem te stenigen, "doch David sterkte zich in den HEERE, zijn God" (1 Samuël 30:6). Daarna vroeg hij weer de HEERE om raad met de efod. In Ziklag stelde David ook een regel in die blijvend gold: wie bij de bagage bleef, kreeg evenveel van de buit als wie ten strijde trok (1 Samuël 30:24-25). En vanuit Ziklag ging hij, na de dood van Saul, naar Hebron, waar hij tot koning gezalfd werd. De opmerking dat Ziklag van de koningen van Juda bleef (1 Samuël 27:6) laat zien dat deze stad aan het begin van het koningshuis van David staat.

Sleutelgebeurtenissen in Ziklag

1

Achis geeft David Ziklag

Op de vlucht voor Saul krijgt David van Achis, de koning van Gath, de stad Ziklag om te wonen.

1 Samuël 27:6

2

Helden komen naar Ziklag

Boogschutters uit Benjamin, de stam van Saul, en later mannen uit Manasse sluiten zich bij David aan.

1 Kronieken 12:1

3

Ziklag verbrand

De Amalekieten verbranden Ziklag en voeren vrouwen en kinderen weg. David sterkt zich in de HEERE en brengt met vierhonderd man alles terug.

1 Samuël 30:1

4

Een deel van de buit voor Juda

Terug in Ziklag stuurt David van de buit aan de oudsten van Juda, zijn vrienden.

1 Samuël 30:26

5

Het bericht van Sauls dood

Op de derde dag na zijn terugkeer hoort David in Ziklag dat Saul en Jonathan gesneuveld zijn.

2 Samuël 1:2

Theologische betekenis

Ziklag laat zien dat de HEERE Zijn knecht vasthoudt, ook als die zelf op een verkeerde weg is. David had uit vrees een toevlucht gezocht bij de vijand (1 Samuël 27:1). Dat de Filistijnse oversten hem terugstuurden (1 Samuël 29:4), bewaarde hem ervoor tegen zijn eigen volk te strijden en bracht hem op tijd terug bij Ziklag. Daar verloor hij alles, en daar leerde hij opnieuw op God alleen te steunen. In 1 Samuël 30:6 ligt de sleutel: de gelovige vindt kracht niet in zichzelf of in de omstandigheden, maar in de HEERE, zijn God. De verdeling van de buit wijst erop dat de overwinning een gave is: "met hetgeen ons de HEERE gegeven heeft" (1 Samuël 30:23). Daarom delen allen gelijk. Dat David vanuit Ziklag naar Hebron trok, waar de mannen van Juda hem tot koning zalfden (2 Samuël 2:1-4), laat zien hoe de HEERE Zijn belofte vervult langs wegen van vernedering.

Belangrijke bijbelteksten

De volgende bijbelgedeelten helpen u om de rol van Ziklag in de Schrift beter te begrijpen.

Veelgestelde vragen over Ziklag

Waar lag Ziklag?

Ziklag lag in het zuiden van Juda, aan de grens met het land van de Filistijnen. Jozua 15:31 noemt het onder de steden in het uiterste zuiden van Juda. De precieze plek is onzeker. Voorgesteld zijn Tel Sera in de noordwestelijke Negev, Tel Halif ten noorden van Berseba en, sinds 2019, Khirbet a-Ra’i in de Sefela bij Lachis. Geen van deze plaatsen is algemeen aanvaard.

Waarom kreeg David Ziklag van Achis?

David was bang dat Saul hem zou doden en vluchtte met zeshonderd mannen naar Achis, de koning van Gath (1 Samuël 27:1-2). Hij vroeg een plaats in een van de steden van het land, zodat hij niet in de koninklijke stad hoefde te wonen. Achis gaf hem Ziklag en geloofde dat David voortaan zijn knecht zou blijven (1 Samuël 27:5-6, 12). Zo had David een eigen standplaats buiten het bereik van Saul.

Wat betekent: David sterkte zich in de HEERE?

Toen David bij Ziklag de stad verbrand vond en zijn mannen hem wilden stenigen, staat er: "doch David sterkte zich in den HEERE, zijn God" (1 Samuël 30:6). Hij zocht zijn kracht niet bij mensen, maar in het vertrouwen op God. Direct daarna liet hij de efod halen en vroeg de HEERE of hij de Amalekieten moest achtervolgen (1 Samuël 30:7-8). Veel gelovigen lezen de zin als troost in tijden van verlies.

Wat gebeurde er in Ziklag?

David woonde in Ziklag toen hij voor Saul vluchtte; in het land van de Filistijnen bleef hij in totaal een jaar en vier maanden (1 Samuël 27:6-7). De Amalekieten verbrandden de stad en voerden de vrouwen en kinderen weg, maar David bracht hen terug (1 Samuël 30). Vanuit Ziklag stuurde hij buit aan de oudsten van Juda, en daar hoorde hij van de dood van Saul (2 Samuël 1:1-2). Daarna trok hij naar Hebron.

Waar staat Ziklag in de Bijbel?

Ziklag staat in twaalf verzen van de Statenvertaling: Jozua 15:31 en 19:5, 1 Samuël 27:6, 30:1, 30:14 en 30:26, 2 Samuël 1:1 en 4:10, 1 Kronieken 4:30, 12:1 en 12:20, en Nehemia 11:28. Het grootste deel gaat over de tijd dat David er woonde, in 1 Samuël 27 en 30.

Bestaat Ziklag nog?

Een stad met die naam bestaat niet meer, en de plek is niet met zekerheid bekend. Archeologen hebben verschillende ruïneheuvels voorgesteld. Bij Khirbet a-Ra’i, in de Sefela, vonden de opgravers volgens hun duiding sporen van een nederzetting uit de tijd van David, maar dat de plek Ziklag was, blijft een voorstel. Op geen van de kandidaten is de naam Ziklag gevonden.

Gerelateerde plaatsen

Bijbelse personen verbonden aan Ziklag

Bijbelhoofdstukken die zich in Ziklag afspelen

Leer meer over Ziklag met AI BijbelAssistent

Wilt u dieper ingaan op de geschiedenis, de bijbelteksten of de theologische betekenis van Ziklag? Onze AI-assistent helpt u verder.

Verdiep u verder