Ga naar hoofdinhoud
Nieuwe Testament~30 n.Chr.

Simon de Farizeeër in de Bijbel

Simon (Σίμων, Grieks) of Sjimon (Hebreeuws) - “Waarschijnlijk: hij (God) heeft gehoord”

Wie was Simon de Farizeeër?

Simon de Farizeeër was de man die Jezus uitnodigde voor een maaltijd, waar een zondares de voeten van Jezus zalfde (Lukas 7:36-50). Simon oordeelde in stilte over haar en over Jezus. Jezus antwoordde met de gelijkenis van de twee schuldenaars: wie veel vergeven is, heeft veel lief.

Simon de Farizeeër staat in één gedeelte van de Bijbel: Lukas 7:36-50. Lukas noemt hem eerst "een der Farizeen" (Lukas 7:36) en pas halverwege bij zijn naam, als Jezus hem aanspreekt: "Simon! Ik heb u wat te zeggen" (Lukas 7:40). Hij nodigde Jezus uit om bij hem te eten, en Jezus ging in zijn huis aanzitten. Tijdens die maaltijd kwam er een vrouw binnen die in de stad bekendstond als zondares. Zij had een albasten fles met zalf bij zich, ging achter Jezus staan, maakte wenend Zijn voeten nat met haar tranen, droogde ze af met haar haar, kuste ze en zalfde ze. Simon zei niets, maar dacht bij zichzelf: "Deze, indien Hij een profeet ware, zou wel weten, wat en hoedanige vrouw deze is, die Hem aanraakt; want zij is een zondares" (Lukas 7:39). Jezus las zijn gedachten en antwoordde met een korte gelijkenis over twee schuldenaars. Simon gaf zelf de conclusie, en Jezus paste die toe op de vrouw en op Simon. Het gedeelte eindigt met woorden tot de vrouw: "Uw geloof heeft u behouden; ga heen in vrede" (Lukas 7:50). Wat Simon daarna dacht of deed, vertelt Lukas niet. Deze pagina gaat over Simon als persoon: wie hij was, hoe hij Jezus ontving en wat de gelijkenis hem leerde. Het verloop van de zalving zelf leest u in Lukas 7:36-50. Simon de Farizeeër is niet te verwarren met Simon de melaatse in Bethanië, in wiens huis een vrouw de zalf op het hoofd van Jezus goot (Mattheüs 26:6-7; Markus 14:3), en ook niet met de zalving door Maria in Bethanië (Johannes 12:1-8). Dat de zondares Maria Magdalena of Maria van Bethanië was, is een latere westerse traditie; de evangeliën noemen haar naam niet. De naam Simon was gewoon: het Nieuwe Testament kent ook Simon Petrus, Simon de Zeloot, Simon van Cyrene en Simon de tovenaar.

Historische context

Lukas plaatst de maaltijd in de tijd dat Jezus door Galilea trok, omstreeks 30 n.Chr. (exacte jaartallen zijn onzeker). Kort tevoren had Hij in Kapernaüm de knecht van een hoofdman genezen en bij Naïn een jongeling opgewekt (Lukas 7:1-17). De stad waar Simon woonde, noemt Lukas niet; daarom spreken uitleggers meestal van een plaats in Galilea. Direct voor deze maaltijd staat een scherp woord over de Farizeeën: zij hadden "den raad Gods tegen zichzelven verworpen" (Lukas 7:30), en Jezus noemde wat het volk over Hem zei: "Ziet daar, een Mens, Die een vraat en wijnzuiper is, een Vriend van tollenaren en zondaren" (Lukas 7:34). Het verhaal van Simon laat zien wat dat in de praktijk betekende. De Farizeeën waren een beweging binnen het jodendom die nauwgezet leefde naar de wet en naar de overleveringen van de ouden. De naam wordt meestal verklaard als afgezonderden, al is die verklaring niet helemaal zeker. Zij hadden veel gezag bij het volk. Lukas vertelt drie keer dat Jezus bij een Farizeeër at (Lukas 7:36; Lukas 11:37; Lukas 14:1). Niet elke Farizeeër stond vijandig tegenover Hem: Nikodemus zocht Hem op, en later kwamen er Farizeeën tot geloof (Handelingen 15:5). Bij een feestmaal lag men in die tijd aan, volgens de gangbare uitleg op de linkerarm, met de voeten van de tafel af. Het Grieks van Lukas 7:36 spreekt ook van aanliggen; de Statenvertaling zegt "zat Hij aan". Zo kon de vrouw "achter aan Zijn voeten" staan (Lukas 7:38). Veel uitleggers wijzen erop dat bij een maaltijd met een bekende gast ook niet-genodigden binnen konden komen om toe te kijken en te luisteren; de tekst zegt alleen dat zij hoorde dat Jezus daar was. Water voor de voeten, een kus ter begroeting en olie op het hoofd waren gebaren van gastvrijheid. Abraham liet al water brengen om de voeten van zijn gasten te wassen (Genesis 18:4), en Psalm 23 spreekt van een gastheer die het hoofd "vet met olie" maakt (Psalm 23:5). Jezus noemt die drie dingen bij Simon (Lukas 7:44-46). Of het overslaan ervan onbeleefd was of alleen sober, zegt de tekst niet; wel dat de vrouw deed wat Simon naliet. Een penning was het dagloon van een arbeider (Mattheüs 20:2). Vijfhonderd penningen was dus grofweg het loon van anderhalf jaar werk, vijftig penningen dat van ongeveer twee maanden.

Karaktereigenschappen

+Positieve eigenschappen

  • Hij nodigde Jezus uit in zijn huis en aan zijn tafel (Lukas 7:36)
  • Hij luisterde naar Jezus en noemde Hem Meester (Lukas 7:40)
  • Hij gaf eerlijk het juiste antwoord op de vraag van Jezus (Lukas 7:43)

−Zwakke kanten

  • Hij oordeelde in stilte over de vrouw en twijfelde aan Jezus (Lukas 7:39)
  • Hij liet de gebaren van gastvrijheid na die de vrouw wel gaf (Lukas 7:44-46)

Theologische betekenis

Het gesprek met Simon draait om één vraag die Jezus hem voorlegt: "wie van deze zal hem meer liefhebben?" (Lukas 7:42). In de gelijkenis kunnen beide schuldenaars niet betalen, de een met een grote en de ander met een kleinere schuld. De schuldheer scheldt beide schulden kwijt. Het verschil zit niet in de vergeving, maar in de liefde die daaruit voortkomt. Simon begrijpt dat, en Jezus zegt: "Gij hebt recht geoordeeld" (Lukas 7:43). Daarna maakt Jezus de toepassing. "Daarom zeg Ik u: Haar zonden zijn haar vergeven, die vele waren; want zij heeft veel liefgehad; maar dien weinig vergeven wordt, die heeft weinig lief" (Lukas 7:47). Het woord "want" is in de kerkgeschiedenis verschillend gelezen. Sommigen lazen het alsof haar liefde de vergeving verdiende. De gelijkenis wijst de andere kant op: eerst de kwijtschelding, dan de liefde. De kanttekeningen bij de Statenvertaling zeggen het zo: haar liefde was niet de oorzaak van de vergeving, maar een vrucht, bewijs en teken dat haar vele zonden vergeven waren. Het slotwoord bevestigt dat: "Uw geloof heeft u behouden" (Lukas 7:50). Johannes zegt het later zo: "Wij hebben Hem lief, omdat Hij ons eerst liefgehad heeft" (1 Johannes 4:19). Simon had ook een vraag over Jezus zelf: als Hij een profeet was, zou Hij weten wie deze vrouw was (Lukas 7:39). Het antwoord ligt in het verhaal. Jezus wist niet alleen wie de vrouw was, maar ook wat Simon dacht. En Hij deed wat geen profeet uit zichzelf doet: Hij vergaf zonden. De gasten vragen het hardop: "Wie is Deze, Die ook de zonden vergeeft?" (Lukas 7:49). Eerder hadden de Schriftgeleerden en Farizeeën al gevraagd: "Wie kan de zonden vergeven, dan God alleen?" (Lukas 5:21). Hier oefent Jezus opnieuw dat gezag uit. Simon is geen karikatuur. Hij nodigde Jezus uit, luisterde en antwoordde eerlijk. Zijn probleem was dat hij zichzelf niet in de gelijkenis zag. Hij zag zichzelf hooguit als de schuldenaar met vijftig penningen. Maar ook die kon niet betalen, en van vergeving voor Simon spreekt de tekst niet. Het verhaal blijft voor hem open, zoals de gelijkenis van de verloren zoon, waar de oudste broer buiten staat en de gelijkenis niet vertelt of hij ingaat (Lukas 15:28-32). De lezer wordt uitgenodigd zijn eigen antwoord te geven. Jezus kwam immers niet "om te roepen rechtvaardigen, maar zondaren tot bekering" (Lukas 5:32).

Naamsbetekenis

Oorspronkelijke naam

Simon (Σίμων, Grieks) of Sjimon (Hebreeuws)

Betekenis

Waarschijnlijk: hij (God) heeft gehoord

Sleutelmomenten

1

Jezus aan tafel bij Simon

Een Farizeeër vraagt Jezus om bij hem te eten. Jezus gaat zijn huis binnen en gaat aanzitten, zoals Hij ook bij tollenaren deed.

Lukas 7:36

2

Een zondares komt binnen

Een vrouw uit de stad, bekend als zondares, hoort dat Jezus daar is. Zij brengt een albasten fles met zalf, maakt wenend Zijn voeten nat, droogt ze met haar haar, kust ze en zalft ze.

Lukas 7:37-38

3

Simons stille oordeel

Simon zegt niets hardop, maar denkt dat Jezus geen profeet kan zijn. Een profeet zou weten wat voor vrouw Hem aanraakt.

Lukas 7:39

4

Simon! Ik heb u wat te zeggen

Jezus antwoordt op wat Simon alleen gedacht heeft en spreekt hem bij name aan. Simon zegt: "Meester! zeg het."

Lukas 7:40

5

De twee schuldenaars

Jezus vertelt over een schuldheer met twee schuldenaars, de een vijfhonderd penningen schuldig en de ander vijftig. Geen van beiden kon betalen, en hij schold het hun beiden kwijt.

Lukas 7:41-42

6

Gij hebt recht geoordeeld

Op de vraag wie de schuldheer het meest zal liefhebben, antwoordt Simon: hij aan wie het meeste is kwijtgescholden. Jezus zegt dat hij recht geoordeeld heeft.

Lukas 7:43

7

Ziet gij deze vrouw?

Jezus keert Zich naar de vrouw en zet haar naast Simon. Simon gaf geen water voor de voeten, geen kus en geen olie; zij gaf tranen, kussen en zalf.

Lukas 7:44-46

8

Haar zonden zijn vergeven

Jezus zegt tot Simon dat haar vele zonden vergeven zijn, want zij heeft veel liefgehad, en tot haar: "Uw zonden zijn u vergeven." De gasten vragen wie Hij is, Die ook zonden vergeeft; Jezus zendt de vrouw heen in vrede. Over Simon zegt Lukas niets meer.

Lukas 7:47-50

Belangrijke bijbelteksten

De volgende bijbelgedeelten zijn van belang om het leven en de rol van Simon de Farizeeër beter te begrijpen.

Lukas 7:36

“En een der Farizeen bad Hem, dat Hij met hem ate; en ingegaan zijnde in des Farizeers huis, zat Hij aan.”

Het begin van het verhaal: Simon nodigt Jezus uit, en Jezus gaat op de uitnodiging in.

Lukas 7:39

“En de Farizeer, die Hem genood had, zulks ziende, sprak bij zichzelven, zeggende: Deze, indien Hij een profeet ware, zou wel weten, wat en hoedanige vrouw deze is, die Hem aanraakt; want zij is een zondares.”

Simon oordeelt in stilte over de vrouw en twijfelt tegelijk aan Jezus.

Lukas 7:40

“En Jezus antwoordende, zeide tot hem: Simon! Ik heb u wat te zeggen. En hij sprak: Meester! zeg het.”

Jezus antwoordt op een gedachte die niet is uitgesproken; hier valt voor het eerst de naam Simon.

Lukas 7:41-42

“Jezus zeide: Een zeker schuldheer had twee schuldenaars; de een was schuldig vijfhonderd penningen, en de andere vijftig; En als zij niet hadden om te betalen, schold hij het hun beiden kwijt. Zeg dan, wie van deze zal hem meer liefhebben?”

De gelijkenis van de twee schuldenaars: geen van beiden kan betalen, beiden worden vrijgesproken.

Lukas 7:43

“En Simon, antwoordende, zeide: Ik acht, dat hij het is, dien hij het meeste kwijtgescholden heeft. En Hij zeide tot hem: Gij hebt recht geoordeeld.”

Simon geeft zelf de conclusie waarmee Jezus hem daarna confronteert.

Lukas 7:44

“En Hij, Zich omkerende naar de vrouw, zeide tot Simon: Ziet gij deze vrouw? Ik ben in uw huis gekomen; water hebt gij niet tot Mijn voeten gegeven; maar deze heeft Mijn voeten met tranen nat gemaakt, en met het haar van haar hoofd afgedroogd.”

Jezus vraagt Simon de vrouw anders te zien: niet als zondares, maar als iemand die liefheeft.

Lukas 7:47

“Daarom zeg Ik u: Haar zonden zijn haar vergeven, die vele waren; want zij heeft veel liefgehad; maar dien weinig vergeven wordt, die heeft weinig lief.”

Het kernwoord tot Simon. Haar liefde is de vrucht en het teken van de vergeving, niet de prijs ervoor.

Lukas 7:50

“Maar Hij zeide tot de vrouw: Uw geloof heeft u behouden; ga heen in vrede.”

Het slot legt de grond van de vergeving bij het geloof.

Tijdperiode

~30 n.Chr.

Simon de Farizeeër leefde in de tijd van het Nieuwe Testament.

Gerelateerde personen

Lessen voor vandaag

Simon had Jezus aan tafel en bleef toch op afstand. Hij gaf Hem een plaats in zijn huis, maar geen water, geen kus en geen olie. Het is mogelijk Jezus te ontvangen, over Hem te praten en Hem Meester te noemen, zonder dat het hart geraakt is. Het verhaal vraagt ons eerlijk na te gaan hoe wij met Christus omgaan. Simon keek naar de zonde van de vrouw en zag zijn eigen schuld niet. In de gelijkenis kunnen beide schuldenaars niet betalen. Wie zichzelf de kleine schuldenaar vindt, blijft toch een schuldenaar. Pas wie ziet hoeveel hem vergeven is, leert Christus liefhebben. Dat beschermt ons tegen een stil oordeel over anderen, juist als wij in de kerk of thuis aan de goede kant lijken te staan. De vrouw laat zien hoe liefde uit vergeving opbloeit. Zij kwam niet om iets te verdienen, maar met tranen en met het kostbaarste wat zij had. Jezus zei: "Uw geloof heeft u behouden" (Lukas 7:50). Wie bij Hem vergeving ontvangt, mag in vrede heengaan en hoeft niet terug naar het oude etiket dat anderen hem opplakten. Ten slotte de vraag van Jezus aan Simon: "Ziet gij deze vrouw?" (Lukas 7:44). Wij leren mensen zien zoals Christus hen ziet. Wie zelf vergeving kent, gaat anders kijken naar wie in de ogen van de omgeving niet meetelt, en heeft ruimte om te vergeven zoals Christus vergeven heeft (Kolossenzen 3:13).

Bijbelse plaatsen

Veelgestelde vragen over Simon de Farizeeër

Wie was Simon de Farizeeër in de Bijbel?
Simon de Farizeeër was de man die Jezus uitnodigde voor een maaltijd in zijn huis (Lukas 7:36). Tijdens die maaltijd zalfde een vrouw die een zondares was de voeten van Jezus. Simon dacht dat Jezus dan geen profeet kon zijn. Jezus antwoordde hem met de gelijkenis van de twee schuldenaars en zei: "Haar zonden zijn haar vergeven, die vele waren; want zij heeft veel liefgehad" (Lukas 7:47). Meer vertelt de Bijbel niet over Simon.
Waar staat Simon de Farizeeër in de Bijbel?
Simon de Farizeeër staat alleen in Lukas 7:36-50. Lukas noemt hem eerst "een der Farizeen" en pas in Lukas 7:40 bij zijn naam, als Jezus hem aanspreekt. De andere evangeliën vertellen dit voorval niet. De zalvingen in Mattheüs 26, Markus 14 en Johannes 12 spelen in Bethanië, vlak voor het lijden, en worden door de meeste uitleggers als een andere gebeurtenis gezien.
Is Simon de Farizeeër dezelfde als Simon de melaatse?
Waarschijnlijk niet. Simon de melaatse woonde in Bethanië, en in zijn huis goot een vrouw kort voor het pascha zalf op het hoofd van Jezus (Mattheüs 26:6-7; Markus 14:3). Simon de Farizeeër woonde vermoedelijk in Galilea, en zijn maaltijd viel eerder in het optreden van Jezus (Lukas 7:36). Beide gastheren heten Simon, maar dat was een zeer gewone naam. Plaats, tijd en verloop verschillen, en de meeste uitleggers zien twee verschillende mannen.
Wie was de zondares die Jezus zalfde in het huis van Simon?
Lukas noemt haar naam niet. Hij zegt alleen: "een vrouw in de stad, welke een zondares was" (Lukas 7:37). Zij bracht een albasten fles met zalf, maakte de voeten van Jezus nat met haar tranen, droogde ze af met haar haar, kuste ze en zalfde ze. Welke zonden zij had, zegt de tekst niet. Jezus zei tot haar: "Uw zonden zijn u vergeven" (Lukas 7:48) en zond haar heen in vrede. Dat zij Maria Magdalena was, is een latere westerse traditie.
Waarom nodigde een Farizeeër Jezus uit?
Lukas noemt geen reden. Hij zegt alleen dat Simon Hem bad, "dat Hij met hem ate" (Lukas 7:36), en hij vertelt nog twee keer dat Jezus bij een Farizeeër at (Lukas 11:37; Lukas 14:1). Kort tevoren had het volk gezegd dat er "een groot Profeet" was opgestaan (Lukas 7:16). Mogelijk wilde Simon Jezus van dichtbij horen en beoordelen; zijn gedachte in Lukas 7:39 laat zien dat hij die vraag nog niet beantwoord had.
Wat is de gelijkenis van de twee schuldenaars?
Jezus vertelde Simon over een schuldheer met twee schuldenaars: "de een was schuldig vijfhonderd penningen, en de andere vijftig" (Lukas 7:41). Geen van beiden kon betalen, en de schuldheer schold het hun beiden kwijt. Jezus vroeg wie hem het meest zou liefhebben. Simon antwoordde: hij aan wie het meeste is kwijtgescholden. Een penning was een dagloon (Mattheüs 20:2), dus het ging om grofweg anderhalf jaarloon tegenover ongeveer twee maanden loon.
Wat bedoelde Jezus met "dien weinig vergeven wordt, die heeft weinig lief"?
Met die woorden richtte Jezus Zich tot Simon (Lukas 7:47). Simon zag zichzelf niet als een grote schuldenaar en toonde weinig liefde: geen water, geen kus en geen olie (Lukas 7:44-46). In de gelijkenis kon echter ook de schuldenaar met vijftig penningen niet betalen. De les is dat liefde tot Christus groeit uit het besef van vergeving. De kanttekeningen zeggen dat de vergeving de oorzaak van de liefde is, en niet de liefde de oorzaak van de vergeving.
Waarom vond Simon dat Jezus geen profeet kon zijn?
Simon dacht: "Deze, indien Hij een profeet ware, zou wel weten, wat en hoedanige vrouw deze is, die Hem aanraakt; want zij is een zondares" (Lukas 7:39). Hij ging ervan uit dat een profeet zich door zo’n vrouw niet zou laten aanraken. De ironie is dat Jezus wel wist wie zij was en bovendien de onuitgesproken gedachte van Simon kende. Jezus vond haar aanraking geen bedreiging, maar een teken van liefde.
Was Simon onbeleefd tegenover Jezus?
Jezus zegt dat Simon geen water voor Zijn voeten gaf, geen kus en geen olie voor Zijn hoofd (Lukas 7:44-46). Dat waren gebruikelijke gebaren van gastvrijheid, al zegt de tekst niet of Simon daarmee een regel overtrad of alleen sober ontving. Jezus noemt het om Simon het verschil met de vrouw te laten zien: zij gaf uit liefde wat hij naliet. Het verschil wijst terug naar de gelijkenis van de schuldenaars.
Werd Simon de Farizeeër een volgeling van Jezus?
Dat vertelt de Bijbel niet. Het gedeelte eindigt met de woorden van Jezus tot de vrouw (Lukas 7:50), en over de reactie van Simon zwijgt Lukas. Dat open einde lijkt op de gelijkenis van de verloren zoon, waar de oudste broer buiten staat en niet verteld wordt of hij ingaat (Lukas 15:28). Wel weten wij dat sommige Farizeeën later tot geloof kwamen (Handelingen 15:5), maar of Simon daarbij hoorde, is onbekend.
Wat kunnen wij leren van Simon de Farizeeër?
Simon leert ons dat iemand Jezus kan ontvangen en toch op afstand kan blijven. Hij zag de zonde van de ander en niet zijn eigen schuld. Uit de gelijkenis leren wij dat geen schuldenaar kan betalen en dat liefde tot Christus groeit uit het besef van vergeving. Ook leren wij, met de vraag "Ziet gij deze vrouw?" (Lukas 7:44), anderen te zien zoals Christus hen ziet, en niet te oordelen vanuit eigen rechtvaardigheid.

Stel een vraag over Simon de Farizeeër

Wilt u meer weten over Simon de Farizeeër? Onze AI-gestuurde assistent helpt u met achtergrond, context en diepere inzichten uit de Bijbel.

Stel een vraag over Simon de Farizeeër

Verdiep u verder