Ga naar hoofdinhoud
Nieuwe Testament~47 n.Chr.

Elymas in de Bijbel

Bar-Jezus (Aramees), ook Elymas genoemd - “Tovenaar (volgens Handelingen 13:8)”

Wie was Elymas?

Elymas, ook Bar-Jezus genoemd, was een Joodse tovenaar en valse profeet in Pafos op Cyprus. Hij probeerde de stadhouder Sergius Paulus van het geloof af te houden. Paulus kondigde hem aan dat hij voor een tijd blind zou zijn, en de stadhouder geloofde (Handelingen 13:6-12).

Elymas komt in de Bijbel alleen voor in Handelingen 13:6-12, in het eerste verhaal van de eerste zendingsreis van Barnabas en Saulus. Lukas noemt hem eerst "een zekeren tovenaar, een valse profeet, een Jood, wiens naam was Bar-Jezus" (Handelingen 13:6). Twee verzen later heet hij Elymas, met de toelichting "want alzo wordt zijn naam overgezet" (Handelingen 13:8). Bar-Jezus is zijn Joodse naam; Elymas is een bijnaam die volgens Lukas tovenaar betekent. Het verhaal speelt in Pafos, aan de westkust van Cyprus. Daar woonde de Romeinse stadhouder Sergius Paulus, door Lukas "een verstandigen man" genoemd (Handelingen 13:7). Hij liet Barnabas en Saulus bij zich komen, omdat hij het Woord Gods wilde horen. Elymas verbleef bij de stadhouder; welke plaats hij daar precies had, zegt de tekst niet. Hij weerstond de apostelen en probeerde Sergius Paulus van het geloof af te keren. Dan grijpt Saulus in, die Lukas vanaf dit moment Paulus noemt. Vervuld met de Heilige Geest kondigt hij aan dat de hand des Heeren tegen Elymas is: hij zal blind zijn, voor een tijd. Het gebeurt onmiddellijk. Elymas tast rond naar iemand die hem bij de hand wil leiden, en de stadhouder komt tot geloof. Elymas is niet dezelfde als Simon de tovenaar uit Samaria (Handelingen 8:9-24). Beiden worden tovenaar genoemd, maar het zijn twee verschillende mannen op verschillende plaatsen.

Historische context

De eerste zendingsreis begon in Antiochië, waar de Heilige Geest zei: "Zondert Mij af beiden Barnabas en Saulus tot het werk, waartoe Ik hen geroepen heb" (Handelingen 13:2). Zij reisden via Seleucië naar Cyprus, het eiland waar Barnabas vandaan kwam (Handelingen 4:36), met Johannes Markus als helper (Handelingen 13:5). In Salamis, aan de oostkust, predikten zij in de synagogen; daarna trokken zij over het eiland naar Pafos in het westen. Lukas noemt geen jaartal; de gangbare datering van deze reis is omstreeks 46-48 n.Chr., dus waarschijnlijk rond 47 n.Chr. Cyprus was in die tijd een Romeinse provincie onder een proconsul. Lukas gebruikt voor Sergius Paulus de titel die bij zo'n provincie hoorde; de Statenvertaling geeft die weer met stadhouder. Er zijn inscripties gevonden met de naam Sergius Paullus, maar of een daarvan over deze stadhouder gaat, is onder geleerden omstreden. Dat een Romeins bestuurder een tovenaar of waarzegger in zijn omgeving had, was in die wereld niet ongewoon. Voor Israël was dat anders. De wet van Mozes verbood waarzeggerij en toverij uitdrukkelijk, want "al wie zulks doet, is den HEERE een gruwel" (Deuteronomium 18:12). Dat juist een Jood zich zo opstelde en zich daarbij als profeet voordeed, maakt Elymas tot een valse profeet in de oudtestamentische zin. De naam Elymas is waarschijnlijk geen Griekse naam. Uitleggers verbinden hem met een Semitisch woord voor een wijze of een uitlegger, maar die afleiding is onzeker. Lukas geeft alleen de betekenis die voor zijn verhaal telt: tovenaar. Bar-Jezus is Aramees voor zoon van Jezus, dat is zoon van Jozua, een gewone Joodse naam in die tijd.

Karaktereigenschappen

+Positieve eigenschappen

  • Hij had toegang tot de Romeinse stadhouder (Handelingen 13:6-7)

−Zwakke kanten

  • Hij weerstond de prediking en wilde de stadhouder van het geloof afkeren (Handelingen 13:8)
  • Paulus noemt hem vol van alle bedrog en arglistigheid (Handelingen 13:10)

Theologische betekenis

Op de eerste zendingsreis is dit de eerste confrontatie die Lukas uitvoerig beschrijft, en het is een strijd om één mens. De stadhouder "zocht zeer het Woord Gods te horen" (Handelingen 13:7), terwijl Elymas zocht "den stadhouder van het geloof af te keren" (Handelingen 13:8). Paulus' woorden laten zien wat er op het spel staat: "O gij kind des duivels, vol van alle bedrog, en van alle arglistigheid, vijand van alle gerechtigheid, zult gij niet ophouden te verkeren de rechte wegen des Heeren?" (Handelingen 13:10). Veel uitleggers zien een tegenstelling met de naam Bar-Jezus: de zoon van Jezus blijkt een kind des duivels. In de rechte wegen horen zij een echo van Hosea 14:10, "want des HEEREN wegen zijn recht". Het oordeel is ernstig, maar begrensd: blind "voor een tijd" (Handelingen 13:11). Uitleggers wijzen op de overeenkomst met Paulus zelf. Ook hij werd als tegenstander met blindheid geslagen, en "hem bij de hand leidende, brachten" zijn metgezellen hem naar Damaskus (Handelingen 9:8). Of Elymas tot inkeer kwam, zegt de Bijbel niet. De tijdelijkheid laat ruimte voor genade, maar meer kunnen wij er niet uit afleiden. Opvallend is ook waardoor de stadhouder geloofde. Lukas schrijft dat hij zag wat er gebeurde, maar dat hij geloofde "verslagen zijnde over de leer des Heeren" (Handelingen 13:12). Het teken bevestigt het Woord; het neemt de plaats van het Woord niet in. Elymas staat in een rij figuren die met toverij of geleende macht werkten: Simon de tovenaar in Samaria (Handelingen 8:9-24) en de zonen van Sceva in Efeze (Handelingen 19:13-16). Paulus noemt later ook Jannes en Jambres, die Mozes tegenstonden (2 Timotheüs 3:8). Telkens laat de Schrift zien dat het Woord des Heeren voortgaat.

Naamsbetekenis

Oorspronkelijke naam

Bar-Jezus (Aramees), ook Elymas genoemd

Betekenis

Tovenaar (volgens Handelingen 13:8)

Sleutelmomenten

1

Bij de stadhouder in Pafos

Na hun tocht over Cyprus vinden Barnabas en Saulus in Pafos de tovenaar Bar-Jezus. Hij verblijft bij de stadhouder Sergius Paulus, die de apostelen bij zich roept om het Woord Gods te horen.

Handelingen 13:6-7

2

Verzet tegen het Woord

Elymas verzet zich tegen de apostelen. Hij probeert de stadhouder van het geloof af te keren.

Handelingen 13:8

3

Paulus spreekt het oordeel uit

Saulus, die ook Paulus heet, vervuld met de Heilige Geest, kijkt hem aan en noemt hem een kind des duivels en een vijand van alle gerechtigheid, die de rechte wegen des Heeren verkeert.

Handelingen 13:9-10

4

Blind voor een tijd

De hand des Heeren is tegen Elymas: hij wordt blind en zal de zon voor een tijd niet zien. Meteen valt er donkerheid en duisternis op hem, en hij zoekt iemand die hem bij de hand wil leiden.

Handelingen 13:11

5

De stadhouder gelooft

Sergius Paulus ziet wat er gebeurd is en gelooft, diep getroffen door de leer des Heeren. Daarna reizen Paulus en zijn metgezellen van Pafos naar Perge.

Handelingen 13:12

Belangrijke bijbelteksten

De volgende bijbelgedeelten zijn van belang om het leven en de rol van Elymas beter te begrijpen.

Handelingen 13:6

“En als zij het eiland doorgegaan waren tot Pafos toe, vonden zij een zekeren tovenaar, een valse profeet, een Jood, wiens naam was Bar-Jezus;”

De eerste vermelding: Lukas noemt Elymas bij zijn Joodse naam en typeert hem als tovenaar en valse profeet.

Handelingen 13:7

“Welke was bij den stadhouder Sergius Paulus, een verstandigen man. Deze, Barnabas en Saulus tot zich geroepen hebbende, zocht zeer het Woord Gods te horen.”

Sergius Paulus, de Romeinse stadhouder van Cyprus, wil zelf het Woord Gods horen.

Handelingen 13:8

“Maar Elymas, de tovenaar (want alzo wordt zijn naam overgezet), wederstond hen, zoekende den stadhouder van het geloof af te keren.”

Hier valt de naam Elymas, met de uitleg dat die tovenaar betekent.

Handelingen 13:9-10

“Doch Saulus (die ook Paulus genaamd is), vervuld met den Heiligen Geest, en de ogen op hem houdende, zeide: O gij kind des duivels, vol van alle bedrog, en van alle arglistigheid, vijand van alle gerechtigheid, zult gij niet ophouden te verkeren de rechte wegen des Heeren?”

Vanaf dit vers noemt Lukas de apostel Paulus. Zijn woorden ontmaskeren Elymas.

Handelingen 13:11

“En nu zie, de hand des Heeren is tegen u, en gij zult blind zijn, en de zon niet zien voor een tijd. En van stonde aan viel op hem donkerheid en duisternis: en rondom gaande, zocht hij, die hem met de hand mochten leiden.”

Het oordeel komt meteen, maar is begrensd: voor een tijd.

Handelingen 13:12

“Als de stadhouder zag, hetgeen geschied was, toen geloofde hij, verslagen zijnde over de leer des Heeren.”

De stadhouder komt tot geloof; Lukas legt de nadruk op de leer des Heeren.

Tijdperiode

~47 n.Chr.

Elymas leefde in de tijd van het Nieuwe Testament.

Gerelateerde personen

Lessen voor vandaag

Elymas laat zien dat er weerstand kan komen juist op het moment dat iemand het Woord wil horen. Sergius Paulus zocht het Woord Gods, en precies daar stond iemand op om hem af te houden. Wie belangstelling krijgt voor het evangelie, krijgt vaak ook tegenwind, soms van mensen met veel invloed. Daar hoeven wij niet van te schrikken: de Heere is machtiger dan wie Zijn wegen verkeert. Dit verhaal leert ons ook waar het geloof op rust. De stadhouder zag een wonder, maar Lukas zegt dat hij geloofde "verslagen zijnde over de leer des Heeren", dat is: diep getroffen. Indrukwekkende ervaringen kunnen onze aandacht trekken, maar het geloof steunt op wat God in Zijn Woord zegt. Ernstig is ook het verkeren van de rechte wegen. Elymas was een Jood, en de wet van Israël verbood toverij uitdrukkelijk (Deuteronomium 18:10-12); toch stond hij de waarheid tegen. Kennis van de Schrift beschermt ons niet als wij haar naar onze hand zetten. Het oordeel over Elymas duurde bovendien voor een tijd. Paulus, die het aankondigde, wist zelf hoe het was om blind te zijn en bij de hand geleid te worden. Wie zelf genade heeft ontvangen, spreekt ernstig over de zonde, maar niet zonder hoop.

Veelgestelde vragen over Elymas

Wie was Elymas in de Bijbel?
Elymas was een Joodse tovenaar en valse profeet in Pafos op Cyprus. Hij verbleef bij de Romeinse stadhouder Sergius Paulus. Toen Barnabas en Saulus de stadhouder het Woord Gods verkondigden, weerstond Elymas hen en probeerde hij de stadhouder van het geloof af te keren (Handelingen 13:8). Paulus kondigde aan dat hij voor een tijd blind zou zijn, en zo gebeurde het. De stadhouder zag het en geloofde (Handelingen 13:12).
Waarom heet Elymas ook Bar-Jezus?
Lukas noemt hem eerst bij zijn Joodse naam Bar-Jezus (Handelingen 13:6), Aramees voor zoon van Jezus, dat is zoon van Jozua. Daarna gebruikt hij de naam Elymas en voegt toe: "want alzo wordt zijn naam overgezet" (Handelingen 13:8). Elymas betekent volgens Lukas dus tovenaar. Waar dat woord vandaan komt, is onzeker; uitleggers denken aan een Semitisch woord voor een wijze. Het gaat in elk geval om één en dezelfde man.
Waar staat Elymas in de Bijbel?
Elymas komt alleen voor in Handelingen 13:6-12. Daar staan zijn plaats bij de stadhouder (verzen 6-7), zijn verzet tegen Barnabas en Saulus (vers 8), de woorden van Paulus (verzen 9-11) en het geloof van de stadhouder (vers 12). Elders in de Bijbel wordt hij niet genoemd, en de Bijbel vertelt niet hoe het hem later verging.
Wie was Sergius Paulus?
Sergius Paulus was de Romeinse stadhouder (proconsul) van Cyprus, die in Pafos verbleef. Lukas noemt hem "een verstandigen man" die "zeer het Woord Gods" zocht te horen (Handelingen 13:7). Toen Elymas door Gods hand blind werd, geloofde de stadhouder, "verslagen zijnde over de leer des Heeren" (Handelingen 13:12). Er zijn inscripties met de naam Sergius Paullus gevonden, maar of een daarvan over hem gaat, is omstreden. Verder vertelt de Bijbel niets over hem.
Waarom werd Elymas blind?
Elymas werd blind omdat hij zich tegen het Woord Gods verzette en de stadhouder van het geloof wilde afhouden. Paulus zei: "En nu zie, de hand des Heeren is tegen u, en gij zult blind zijn, en de zon niet zien voor een tijd" (Handelingen 13:11). Het was dus een oordeel van God, uitgesproken door Paulus, vervuld met de Heilige Geest. De woorden voor een tijd laten zien dat het oordeel begrensd was.
Waarom heet Saulus vanaf Handelingen 13:9 Paulus?
Lukas schrijft daar: "Saulus (die ook Paulus genaamd is)". Saulus is de Joodse naam, Paulus de Romeinse; als geboren Romeins burger (Handelingen 22:25-28) droeg hij waarschijnlijk beide al. Het oude idee dat hij de naam van Sergius Paulus overnam, vindt geen steun in de tekst.
Is Elymas dezelfde als Simon de tovenaar?
Nee. Simon de tovenaar leefde in Samaria en wilde de macht om de Heilige Geest te geven met geld kopen (Handelingen 8:9-24). Elymas was een tovenaar op Cyprus die de stadhouder van het geloof wilde afhouden (Handelingen 13:6-12). Simon liet zich dopen en vroeg om gebed; Elymas verzette zich openlijk en werd met blindheid geslagen. Beide verhalen laten zien dat het evangelie sterker is dan de toverij.
Werd Elymas later weer ziende?
De Bijbel zegt het niet. Paulus kondigde aan dat Elymas de zon niet zou zien "voor een tijd" (Handelingen 13:11), dus de blindheid was niet als blijvend bedoeld. Of hij weer ziende werd en of hij tot inkeer kwam, vertelt Lukas niet. Wie dat invult, gaat verder dan de tekst. Wel valt op dat Paulus zelf ooit blind werd en daarna weer ziende (Handelingen 9:8-18).
Wat kunnen wij leren van Elymas?
Elymas leert ons dat het evangelie op verzet kan stuiten, juist waar iemand het Woord wil horen, maar dat de Heere machtiger is dan wie Zijn rechte wegen verkeert. Het verhaal leert ons ook dat het geloof rust op de leer des Heeren en niet op het wonder alleen: de stadhouder geloofde "verslagen zijnde over de leer des Heeren" (Handelingen 13:12). En het oordeel voor een tijd herinnert eraan dat God ook in Zijn straf ruimte kan laten voor genade.

Stel een vraag over Elymas

Wilt u meer weten over Elymas? Onze AI-gestuurde assistent helpt u met achtergrond, context en diepere inzichten uit de Bijbel.

Stel een vraag over Elymas

Verdiep u verder