Samuël: betekenis van de naam
שְׁמוּאֵל (Shᵉmûwʼêl) = “gehoord van God”
Wat betekent de naam Samuël?
De naam Samuël betekent volgens Strong's woordenboek: gehoord van God. Hij is gemaakt van het Hebreeuwse werkwoord shama, horen, en El, God. Hanna gaf haar zoon deze naam, "Want, zeide zij, ik heb hem van de HEERE gebeden" (1 Samuël 1:20). Samuël werd profeet en richter over Israël.
Herkomst en betekenis van Samuël
- Grondwoord (Hebreeuws)
- שְׁמוּאֵל Shᵉmûwʼêl
- Strong's-nummer
- H8050
- Afgeleid van (H8085)
- שָׁמַע shâmaʻ: horen, aandachtig luisteren, verhoren, gehoorzamen
- Betekenis
- gehoord van God
Volgens Strong's woordenboek is Samuël gemaakt van het werkwoord shama, horen, en El, God: gehoord van God. Dat sluit aan bij wat Hanna meemaakte. Zij had in Silo om een zoon gebeden, en God had haar gebed verhoord.
De Bijbel geeft bij de naamgeving zelf een reden die net anders klinkt. Hanna noemde haar zoon Samuël, "Want, zeide zij, ik heb hem van de HEERE gebeden" (1 Samuël 1:20). Het werkwoord dat daar in de grondtekst staat, is niet shama, horen, maar shaal, vragen of bidden. Hanna geeft dus geen woordverklaring; zij zegt waarom deze naam bij dit kind past: hij is het antwoord op haar bede. Strong's en het naamgevingsvers wijzen zo allebei naar het verhoorde gebed, maar langs een ander woord. Een oudere namenlijst geeft nog een derde lezing, zijn naam is God; die wordt in Strong's afleiding niet onderbouwd.
Het werkwoord shama komt terug op het beslissende moment in Samuëls jeugd. Toen de HEERE in de nacht riep, antwoordde hij: "Spreek, want Uw knecht hoort" (1 Samuël 3:10). De jongen die gehoord was van God, werd zelf een hoorder.
“en zij noemde zijn naam Samuel: Want, zeide zij, ik heb hem van de HEERE gebeden.”
Bron van de betekenis: Strong's: 'heard of God' (gehoord van God), van het passief deelwoord van H8085 shâmaʻ, 'to hear intelligently' (aandachtig horen), en H410 ʼêl (God); naamduiding Open Scriptures: 'his name is El' (zijn naam is God). De Griekse vorm Samouḗl (G4545) is volgens Strong's van Hebreeuwse oorsprong (H8050).
Uitspraak en spelling
- Uitspraak in het Nederlands
- SA-mu-ël
- In de grondtaal
- sje-moe-EEL
- Spelling in de Statenvertaling
- Samuël; Semuël in Numeri 34:20
- Als voornaam
- Samuël, Samuel
- In andere talen
- Samuel (Engels)
Het Hebreeuws begint met een sj-klank en legt de klemtoon op de laatste lettergreep.
Wie heette Samuël in de Bijbel?
Samuël, de zoon van Elkana en Hanna, profeet en richter
Hanna bracht hem als kind naar Silo, waar hij bij de priester Eli opgroeide. Heel Israël, van Dan tot Ber-seba, erkende hem als profeet van de HEERE, en hij richtte Israël al de dagen van zijn leven. Hij zalfde Saul en later David tot koning.
1 Samuël 1:20, 1 Samuël 3:10, 1 Samuël 7:15, Handelingen 3:24
Semuël, de zoon van Ammihud, uit de stam van Simeon
Hij was een van de oversten die aangewezen werden om het land Kanaän onder de stammen uit te delen, voor de stam van Simeon. De Statenvertaling schrijft zijn naam als Semuël, maar in het Hebreeuws is het dezelfde naam.
Samuël, een nakomeling van Thola uit de stam van Issaschar
Hij wordt genoemd onder de hoofden van de huizen van Thola, kloeke helden in de dagen van David. Verder vertelt de Bijbel niets over hem.
Kernvers
“Toen kwam de HEERE, en stelde Zich daar, en riep gelijk de andere malen: Samuel, Samuel! En Samuel zeide: Spreek, want Uw knecht hoort.”
1 Samuël 3:10 (Statenvertaling)
Wat de naam Samuël ons leert
Samuël is een naam die van gebed spreekt. Hij werd geboren als antwoord op de bede van een vrouw die in Silo haar ziel voor de HEERE uitstortte, en hij groeide op bij het huis van God, in een tijd dat het woord des HEEREN "dierbaar" was (1 Samuël 3:1). Daar leerde deze jongen luisteren. Zijn leven bleef in het teken van het gebed staan. Toen het volk een koning gekregen had, zei hij dat het verre van hem zou zijn op te houden met voor hen te bidden (1 Samuël 12:23). Psalm 99:6 noemt hem "onder de aanroepers Zijns Naams", en zegt van hem, Mozes en Aäron: "zij riepen tot den HEERE, en Hij verhoorde hen". Zo begint en eindigt het verhaal van Samuël bij God Die hoort.
Veelgestelde vragen over de naam Samuël
Wat betekent de naam Samuël?
Samuël betekent volgens Strong's woordenboek: gehoord van God. De naam is gemaakt van het Hebreeuwse werkwoord shama, horen, en El, God. De Bijbel geeft bij de naamgeving zelf een reden: Hanna noemde haar zoon zo omdat zij hem van de HEERE gebeden had (1 Samuël 1:20). Samuël was het antwoord op dat gebed; hij werd profeet en richter over Israël.
Waarom noemde Hanna haar zoon Samuël?
Hanna was lange tijd kinderloos en bad in Silo om een zoon, die zij aan de HEERE zou geven. Toen zij een zoon kreeg, noemde zij hem Samuël, "Want, zeide zij, ik heb hem van de HEERE gebeden" (1 Samuël 1:20). In het Hebreeuws staat daar het werkwoord voor vragen of bidden. De naam herinnerde Hanna eraan dat dit kind een verhoord gebed was.
Welke bijbelse namen komen van hetzelfde woord als Samuël?
Verscheidene namen zijn van hetzelfde werkwoord shama, horen, gemaakt. Ismaël betekent God hoort of God zal horen; de Engel des HEEREN gaf Hagar die naam (Genesis 16:11). Simeon kreeg zijn naam omdat de HEERE gehoord had (Genesis 29:33). In al deze namen staat God centraal als Degene Die het roepen van mensen hoort.
Is Samuël een bijbelse jongensnaam?
Ja. Drie mannen dragen hem, onder wie de profeet, de zoon van Elkana en Hanna. Daarnaast noemt de Bijbel een Semuël uit de stam van Simeon (Numeri 34:20) en een Samuël uit het geslacht van Thola (1 Kronieken 7:2). Als voornaam wordt hij met en zonder trema geschreven: Samuël of Samuel.
Hoe spreekt u Samuël uit?
In het Nederlands zegt u SA-mu-ël, met de klemtoon op de eerste lettergreep. Het trema op de e laat horen dat ë en l een aparte lettergreep vormen. In het Hebreeuws klinkt de naam ongeveer als sje-moe-EEL, met een sj-klank aan het begin en de klemtoon op het einde. In het Engels is het Samuel.