Ga naar hoofdinhoud
2 Koningen2 Koningen 6:8-23

Elisa en het vurige leger

Hoe de HEERE de ogen opende in het belegerde Dothan

Samenvatting

Elisa en het vurige leger (2 Koningen 6:8-23) is de geschiedenis waarin de HEERE de ogen van Elisa’s knecht opent, als het leger van Syrië de stad Dothan omsingelt. De berg blijkt vol vurige paarden en wagens. De Syriërs worden met blindheid geslagen, naar Samaria geleid en met een maaltijd teruggestuurd.

Bijbelgedeelte

“En hij zeide: Vrees niet; want die bij ons zijn, zijn meer, dan die bij hen zijn.”
2 Koningen 6:16 (Statenvertaling)
“En Elisa bad, en zeide: HEERE, open toch zijn ogen, dat hij zie! En de HEERE opende de ogen van den jongen, dat hij zag; en ziet, de berg was vol vurige paarden en wagenen rondom Elisa.”
2 Koningen 6:17 (Statenvertaling)
“Doch hij zeide: Gij zult hen niet slaan; zoudt gij ook slaan, die gij met uw zwaard en met uw boog gevangen hadt? Zet hun brood en water voor, dat zij eten en drinken, en tot hun heer trekken.”
2 Koningen 6:22 (Statenvertaling)
“En hij bereidde hun een groten maaltijd, dat zij aten en dronken; daarna liet hij hen gaan, en zij trokken tot hun heer. Zo kwamen de benden der Syriers niet meer in het land van Israel.”
2 Koningen 6:23 (Statenvertaling)

Het verhaal

De geschiedenis van Elisa en het vurige leger staat in 2 Koningen 6:8-23, in een tijd van oorlog tussen Syrië en Israël. Zij laat zien hoe de HEERE Zijn profeet Elisa beschermde en hoe een vijandelijk leger met brood en water naar huis ging.

Waarom stuurde de koning van Syrië een leger naar Dothan?

De koning van Syrië overlegde met zijn dienaren waar hij zijn legerplaats zou opslaan. Maar telkens liet de man Gods de koning van Israël weten dat hij die plaats moest mijden, omdat de Syriërs daar lagen. De koning van Israël was er op zijn hoede, en dat niet één of twee keer (2 Koningen 6:8-10). De koning van Syrië werd onrustig en zocht een verrader onder zijn mannen. Een van zijn dienaren zei dat het Elisa was, de profeet in Israël, die de koning van Israël zelfs de woorden doorgaf "die gij in uw binnenste slaapkamer spreekt" (2 Koningen 6:12). De koning hoorde dat Elisa in Dothan was. Hij stuurde paarden, wagens en een groot leger, dat ’s nachts kwam en de stad omsingelde (2 Koningen 6:13-14).

Hoe zag de knecht van Elisa de vurige paarden en wagens?

De dienaar van Elisa stond vroeg op, ging naar buiten en zag het leger rond de stad. Hij riep: "Ach, mijn heer, hoe zullen wij doen" (2 Koningen 6:15)? Elisa antwoordde: "Vrees niet; want die bij ons zijn, zijn meer, dan die bij hen zijn" (2 Koningen 6:16). Toen bad hij: "HEERE, open toch zijn ogen, dat hij zie" (2 Koningen 6:17). De HEERE opende de ogen van de jongen, en hij zag dat de berg vol vurige paarden en wagens was, rondom Elisa.

Hoe bracht Elisa de Syriërs naar Samaria?

Toen de Syriërs naar hem toe kwamen, bad Elisa de HEERE om dit volk met verblindheden te slaan. God deed het, "naar het woord van Elisa" (2 Koningen 6:18). Elisa zei tegen hen dat dit de weg en de stad niet waren, en dat hij hen zou leiden naar de man die zij zochten. Hij bracht hen naar Samaria, de hoofdstad van Israël. Daar bad hij dat de HEERE hun ogen zou openen, en zij zagen dat zij midden in Samaria stonden (2 Koningen 6:19-20).

Wat deed de koning van Israël met de gevangen Syriërs?

De koning van Israël vroeg: "Zal ik hen slaan? Zal ik hen slaan, mijn vader" (2 Koningen 6:21)? Elisa zei dat hij dat niet mocht. Hij vroeg of de koning dan ook mensen zou doden die hij met zijn eigen zwaard en boog gevangen had. "Zet hun brood en water voor, dat zij eten en drinken, en tot hun heer trekken" (2 Koningen 6:22). De koning gaf hun een grote maaltijd en liet hen gaan. Het gedeelte eindigt met de zin: "Zo kwamen de benden der Syriërs niet meer in het land van Israël" (2 Koningen 6:23).

Achtergrond

Dothan lag ten noorden van Samaria. Daar vond Jozef eeuwen eerder zijn broers (Genesis 37:17). De koning van Israël wordt in dit gedeelte niet bij naam genoemd. Veel uitleggers denken aan Joram, de zoon van Achab (2 Koningen 3:1), maar zeker is dat niet. Volgens de gangbare berekening speelt de geschiedenis in de negende eeuw voor Christus; de Bijbel geeft geen jaartal.

Het woord "verblindheden" staat ook in Genesis 19:11, bij de mannen van Sodom. Omdat de Syriërs Elisa konden volgen, denken veel uitleggers aan een verwarring van het zien en niet aan volledige blindheid. Direct na vers 23 belegert Benhadad met zijn hele leger Samaria (2 Koningen 6:24). Veel uitleggers lezen vers 23 zo: de benden, de rondtrekkende troepen, vielen niet meer binnen; het beleg van vers 24 was een veldtocht van het hele leger.

Betekenis

In 2 Koningen 6 is de HEERE de handelende. Geen plan van de koning van Syrië blijft voor Hem verborgen, ook niet wat in een slaapkamer wordt gezegd. Hij omringt Zijn profeet met vurige paarden en wagens, Hij opent en sluit ogen, en Hij zet een vijandelijk leger aan tafel.

De vurige paarden en wagens doen denken aan de vurige wagen bij de hemelvaart van Elia (2 Koningen 2:11). Elisa riep toen: "wagen Israëls en zijn ruiteren" (2 Koningen 2:12), en koning Joas zei later hetzelfde bij het sterfbed van Elisa (2 Koningen 13:14). De werkelijke bescherming van Israël waren niet de strijdwagens, maar de HEERE en Zijn woord door de profeet. De Psalm zegt: "De Engel des HEEREN legert Zich rondom degenen, die Hem vrezen, en rukt hen uit" (Psalm 34:8). De Bijbel noemt de engelen "gedienstige geesten, die tot dienst uitgezonden worden" (Hebreeën 1:14).

De situatie veranderde niet toen de knecht zijn ogen opende; zijn zien veranderde. Geloof ziet niet minder vijanden, maar het ziet ook God. Daarna laat de geschiedenis zien wat Spreuken 25:21 zegt: de vijand brood en water geven. Paulus haalt dat aan in Romeinen 12:20-21 en besluit: "overwint het kwade door het goede". Waar Elisa door het hemelse leger beschermd werd, liet de Heere Jezus Zich niet beschermen, hoewel Zijn Vader Hem meer dan twaalf legioenen engelen kon geven; Hij liet Zich gevangennemen om de Schriften te vervullen (Mattheüs 26:53-54).

Lessen voor vandaag

God is dichterbij dan wij zien. Elisa bad niet dat het leger zou verdwijnen, maar dat zijn knecht zou zien wat er al was. Wie bang is, mag de HEERE vragen om ogen die zien wat Hij belooft. Het "Vrees niet" van Elisa rust niet op wat de knecht zag, maar op de HEERE, Die er met Zijn vurige paarden en wagens al was. "Zo God voor ons is, wie zal tegen ons zijn" (Romeinen 8:31)?

Het gebed staat in het midden van deze geschiedenis. Elisa bad drie keer, en drie keer deed de HEERE wat hij vroeg. Dat maakt het gebed niet tot een middel om God te sturen. Het laat zien dat God Zijn werk doet door het gebed van Zijn kinderen heen.

God leert ons de vijand goed te doen. De koning van Israël had de Syriërs in zijn macht, maar de overwinning was van de HEERE, niet van hem. Daarom kregen zij brood en water. Wie ons kwaad wil, mogen wij goed doen, omdat God ons eerst goed deed toen wij Zijn vijanden waren (Romeinen 5:10).

Vertellen aan kinderen

Voorlezen duurt ongeveer 4 minuten · geschikt vanaf 6 jaar

Elisa was een profeet van de HEERE. Een profeet is iemand die de woorden van God doorgeeft. In die tijd was er oorlog tussen het land Syrië en het land Israël.

De koning van Syrië maakte plannen met zijn dienaren. Hij sprak af waar zijn leger zou gaan liggen. Maar Elisa wist het. Hij waarschuwde de koning van Israël dat hij daar niet langs moest gaan. Dat gebeurde niet één keer, maar steeds weer.

De koning van Syrië werd heel onrustig. Hij vroeg wie van zijn mannen een verrader was. Een dienaar zei dat het niemand van hen was. Het was Elisa, de profeet. Die wist zelfs wat de koning in zijn slaapkamer zei. Toen wilde de koning Elisa laten halen. Hij hoorde dat Elisa in de stad Dothan was. Hij stuurde een groot leger, met paarden en wagens. Wagens zijn karren voor de oorlog, die door paarden getrokken worden. In de nacht kwam het leger. Ze gingen rondom de stad staan.

Vroeg in de morgen ging de knecht van Elisa naar buiten. Overal rond de stad zag hij soldaten, paarden en wagens. Hij werd bang en riep: "Ach, mijn heer, hoe zullen wij doen"? Maar Elisa zei: "Vrees niet; want die bij ons zijn, zijn meer, dan die bij hen zijn". Toen bad Elisa tot de HEERE: "HEERE, open toch zijn ogen, dat hij zie".

En de HEERE opende de ogen van de knecht. Nu zag hij wat hij eerst niet kon zien. De berg was vol paarden en wagens van vuur. Ze stonden rondom Elisa. Bij Elisa waren er meer dan bij de vijand.

Toen kwamen de Syriërs naar Elisa toe. Elisa bad opnieuw. Hij vroeg de HEERE om hen met blindheid te slaan. En de HEERE deed wat Elisa vroeg. Elisa zei tegen hen dat dit niet de goede weg en niet de goede stad was. Hij zou hen naar de man brengen die ze zochten. Zo bracht Elisa hen naar Samaria. Dat was de stad van de koning van Israël.

In Samaria bad Elisa weer: "HEERE, open de ogen van dezen, dat zij zien". De HEERE opende hun ogen. Toen zagen ze waar ze waren: midden in Samaria.

De koning van Israël zag hen. Hij vroeg Elisa: "Zal ik hen slaan? Zal ik hen slaan, mijn vader"? Maar Elisa zei dat hij hen niet mocht doden. Hij vroeg of de koning ook mensen zou doden die hij met zijn eigen zwaard en boog gevangen had. Hij moest hun brood en water geven. Daarna mochten ze teruggaan naar hun eigen koning.

Toen maakte de koning een grote maaltijd voor de soldaten. Ze aten en dronken. Daarna liet hij hen gaan. En vanaf die tijd kwamen de benden van Syrië niet meer in het land Israël. Benden zijn groepen soldaten die het land binnenvallen.

De HEERE ziet alles, ook wat in het geheim gebeurt. Hij zorgt voor wie bij Hem horen, ook als zij het zelf niet zien.

Om te onthouden
“Vrees niet; want die bij ons zijn, zijn meer, dan die bij hen zijn.” (2 Koningen 6:16)

Tips voor de verteller

  • Een paar woorden vragen uitleg: profeet, wagens (strijdwagens met paarden), benden en blindheid. Lees 2 Koningen 6:15-17 rechtstreeks uit de Bijbel voor. De woorden "Vrees niet" en "open toch zijn ogen" dragen de geschiedenis; laat het geopende zien van de knecht de meeste ruimte krijgen, niet het leger van de vijand.
  • Een kind vraagt misschien of er nu ook paarden van vuur om hem heen staan, of waarom het ze niet ziet. Zeg eerlijk dat de Bijbel niet belooft dat wij ze zullen zien. Wel belooft God dat Hij Zijn kinderen bewaart, en de Bijbel spreekt over engelen die Hij uitzendt (Hebreeën 1:14). Beloof niet dat er dan nooit iets ergs gebeurt; de Bijbel zegt dat ook niet.
  • Oudere kinderen vragen soms of Elisa loog toen hij zei dat dit de weg en de stad niet waren. U kunt zeggen dat uitleggers daar verschillend over denken, en dat Elisa hen wel echt bij de man bracht die zij zochten: bij hemzelf. Laat het gewicht liggen op wat daarna gebeurde: de vijanden kregen brood en water in plaats van straf.

Gespreksvragen voor kinderwerk en club

Kleuters en onderbouw (4-7 jaar)
  1. NavertellenWat zag de knecht toen hij ’s morgens naar buiten ging?
  2. NavertellenWat zag de knecht toen de HEERE zijn ogen opende?
  3. VerwonderenWat vind jij het mooiste dat de HEERE hier deed?
Zondagsschool en club (8-12 jaar)
  1. KijkenHoe vaak bad Elisa in deze geschiedenis, en wat vroeg hij telkens aan de HEERE?
  2. BetekenisWaarom wilde Elisa dat de vijanden brood en water kregen in plaats van straf?
  3. ToepassingWanneer ben jij weleens bang, en wat mag je dan weten over de HEERE?
Tieners en catechisatie (12-16 jaar)
  1. BijbeltekstLees Romeinen 12:17-21. Paulus haalt daar Spreuken 25 aan. Waar zie je die woorden terug in wat Elisa de koning van Israël liet doen?
  2. Wie is God?De HEERE opende de ogen van de knecht, sloeg de Syriërs met blindheid en opende daarna hun ogen. Wat laat dat zien over wie God is?
  3. Moeilijke vraagElisa zei tegen de Syriërs: "Dit is de weg niet, en dit is de stad niet". Was dat een leugen, een krijgslist of iets anders? Wat denk jij, en waarom?

Gebedspunt: Dank de HEERE dat Hij Zijn kinderen omringt, ook als zij het niet zien. Bid om ogen die zien wat God belooft, en om een hart dat ook vijanden goed doet.

Personen in dit verhaal

Plaatsen in dit verhaal

Thema's in dit verhaal

Gods beschermingengelengeopende ogengebedgoed doen aan de vijand

Gerelateerde bijbelverhalen

Veelgestelde vragen over Elisa en het vurige leger

Waar staat het verhaal van Elisa en het vurige leger in de Bijbel?

De geschiedenis staat in 2 Koningen 6:8-23. Vers 8-14 vertellen hoe de koning van Syrië Elisa in Dothan laat omsingelen, vers 15-17 hoe de HEERE de ogen van Elisa’s knecht opent, vers 18-20 hoe de Syriërs met blindheid naar Samaria worden geleid, en vers 21-23 hoe zij een maaltijd krijgen en naar huis gaan. Direct ervoor staat het ijzer van de bijl dat boven ging zwemmen (2 Koningen 6:1-7), en in het hoofdstuk daarvoor de genezing van Naäman (2 Koningen 5). Direct erna volgt het beleg van Samaria (2 Koningen 6:24).

Wat betekent "die bij ons zijn, zijn meer, dan die bij hen zijn"?

Met die woorden stelde Elisa zijn bange knecht gerust, toen het leger van Syrië de stad omsingelde (2 Koningen 6:16). De knecht zag alleen de vijand. Elisa wist dat de HEERE er was met een leger dat groter was. Daarna bad hij dat de knecht het zou zien, en de berg bleek vol vurige paarden en wagens. Koning Hizkia sprak later bijna dezelfde woorden tot zijn krijgsoversten, toen de koning van Assyrië Jeruzalem bedreigde: "want met ons is er meer, dan met hem" (2 Kronieken 32:7).

Waren de vurige paarden en wagens engelen?

De tekst gebruikt het woord engelen niet. Er staat dat de berg "vol vurige paarden en wagenen rondom Elisa" was (2 Koningen 6:17). De meeste uitleggers zien hierin het hemelse leger van de HEERE, Zijn engelen, die de Bijbel elders "gedienstige geesten" noemt (Hebreeën 1:14). Het is niet dezelfde gebeurtenis als de vurige wagen met vurige paarden bij de hemelvaart van Elia (2 Koningen 2:11), al lijken de beelden op elkaar.

Was de knecht van Elisa Gehazi?

Dat weten wij niet; de tekst noemt geen naam. Er staat alleen "de dienaar van den man Gods" en "zijn jongen" (2 Koningen 6:15). Gehazi was eerder de knecht van Elisa, maar aan het eind van 2 Koningen 5 ging hij melaats van hem weg. In 2 Koningen 8:4 heet hij wel weer "den jongen van den man Gods". Of het hier om Gehazi gaat of om een andere knecht, laat de Bijbel open.

Werden de Syriërs echt blind?

De HEERE sloeg hen "met verblindheden", zoals Elisa had gebeden (2 Koningen 6:18). Hetzelfde woord staat in Genesis 19:11, bij de mannen van Sodom die de deur niet konden vinden. Omdat de Syriërs Elisa konden volgen naar Samaria, denken veel uitleggers aan een verwarring van het zien: zij herkenden de weg en de man niet. In Samaria opende de HEERE hun ogen weer (2 Koningen 6:20).

Loog Elisa tegen de Syriërs?

Elisa zei: "Dit is de weg niet, en dit is de stad niet" (2 Koningen 6:19). Daarover denken uitleggers verschillend. Sommigen noemen het een krijgslist in oorlogstijd. Anderen wijzen erop dat Elisa hen wel echt bij de man bracht die zij zochten: bij hemzelf, in Samaria. De tekst geeft er geen oordeel over. Wel is duidelijk dat Elisa hen niet naar hun dood bracht, maar naar een maaltijd.

Waarom mocht de koning van Israël de Syriërs niet doden?

Elisa antwoordde de koning: "Gij zult hen niet slaan" (2 Koningen 6:22). Hij vroeg of de koning dan ook mensen zou doden die hij met zijn eigen zwaard en boog had gevangen. Veel uitleggers lezen het zo: deze mannen had niet de koning gevangen, maar de HEERE. Daarom kregen zij brood en water. Het gevolg staat in vers 23: de benden van Syrië kwamen niet meer in het land. Spreuken 25:21 zegt dat u uw vijand brood en water moet geven; Paulus haalt dat aan in Romeinen 12:20-21 en zegt: "overwint het kwade door het goede".

Hoe vertelt u het verhaal van Elisa en het vurige leger aan kinderen?

Deze geschiedenis is geschikt vanaf ongeveer 6 jaar. Op deze pagina staat een vertelling die dicht bij 2 Koningen 6:8-23 blijft, met een tekst om te onthouden en tips voor de verteller. Laat de HEERE de hoofdpersoon zijn: Hij weet de plannen van de vijand, Hij opent de ogen van de knecht en Hij zet de vijanden aan tafel. Lees de woorden "Vrees niet" en het gebed van Elisa uit de Bijbel zelf voor.

Stel een vraag over Elisa en het vurige leger

Wilt u meer weten over dit bijbelverhaal? Onze AI-gestuurde assistent helpt u met achtergrond, context en diepere inzichten uit de Bijbel.

Verdiep u verder