“zalig zijn de doden, die in den Heere sterven,”
Een tekst die op veel graven in reformatorische kring staat. Het vers noemt niet de verdiensten van de overledene, maar zegt dat zalig is wie "in den Heere" sterft. Op de steen past alleen dit deel; wie meer ruimte heeft, voegt "opdat zij rusten mogen van hun arbeid" toe.
“Want ik weet: mijn Verlosser leeft,”
Job sprak deze woorden toen hij alles kwijt was en zijn vrienden hem niet begrepen. Een paar woorden die een hele belijdenis dragen: de dood heeft niet het laatste woord, omdat de Verlosser leeft. Zeer geschikt voor een smalle steen of een staande zerk met weinig ruimte.
“Ik ben de Opstanding en het Leven; die in Mij gelooft zal leven, al ware hij ook gestorven;”
De Heere Jezus sprak dit tegen Martha, die rouwde om haar broer, op Zijn weg naar het graf van Lazarus (vers 30 en 38). Op een grafsteen klinkt het waar het om ging: tegenover de dood. Wie het korter wil, neemt alleen "Ik ben de Opstanding en het Leven".
“Gij zult mij leiden door Uw raad; en daarna zult Gij mij in heerlijkheid opnemen.”
Asaf ziet terug op een leven dat door Gods raad geleid werd, en vooruit naar het "daarna". Een tekst die het hele leven en het einde ervan samenvat. Past goed bij iemand die na een lang leven gestorven is.
“Maar ik zal Uw aangezicht in gerechtigheid aanschouwen, ik zal verzadigd worden met Uw beeld, als ik zal opwaken.”
Het woord "opwaken" spreekt vanzelf bij een graf: de dood is als een slaap waaruit Gods kinderen zullen ontwaken. Wie weinig ruimte heeft, kiest "ik zal verzadigd worden met Uw beeld, als ik zal opwaken".
“Want het leven is mij Christus, en het sterven is mij gewin.”
Paulus weegt in dit hoofdstuk leven en sterven tegen elkaar af (vers 22 tot 24). Op een steen is het een belijdenis van de overledene zelf, in de ik-vorm. Kies hem daarom bij voorkeur als u weet dat deze tekst de overledene lief was.
“Hetzij dan dat wij leven, hetzij dat wij sterven, wij zijn des Heeren.”
Het tweede deel van het vers, dat zelfstandig goed leesbaar is. Het "wij" maakt de tekst ook geschikt voor een familiegraf of een graf waar later een echtgenoot bij begraven wordt.
“Ik heb den goeden strijd gestreden, ik heb den loop geëindigd, ik heb het geloof behouden;”
De woorden van Paulus aan het eind van zijn leven. Familie kiest deze tekst vaak voor iemand die lang en trouw de Heere diende, soms ook voor een predikant of ouderling. Wees voorzichtig: het is een uitspraak die de overledene in de mond wordt gelegd. Kies hem daarom vooral als de familie deze woorden naar waarheid over dit leven kan uitspreken, of als de overledene ze zelf zo beleed.
“In Uw hand beveel ik mijn geest; Gij hebt mij verlost, HEERE, Gij, God der waarheid!”
De Heere Jezus nam het eerste deel van dit vers op Zijn lippen toen Hij aan het kruis stierf (Lukas 23:46). Een tekst die het sterven in Gods hand legt. Het eerste deel alleen, "In Uw hand beveel ik mijn geest", is kort genoeg voor elke steen.
“Uw doden zullen leven, ook mijn dood lichaam, zij zullen opstaan;”
Een van de duidelijkste beloften van de opstanding in het Oude Testament. Op een graf, waar het lichaam rust, spreekt "ook mijn dood lichaam" krachtig. Let op de spelling: "dood lichaam" staat zo in de Statenvertaling.
“Maar Gode zij dank, Die ons de overwinning geeft door onzen Heere Jezus Christus.”
Bijna aan het slot van het grote hoofdstuk over de opstanding, dat Paulus aan de gemeente te Korinthe schreef. Een tekst van dank aan het graf, die de overwinning niet bij de mens legt maar bij Christus. Geschikt voor een steen die ook voor latere generaties iets wil zeggen.
“en ik zal in het huis des HEEREN blijven in lengte van dagen.”
Het slot van de bekendste psalm. Wie Psalm 23 bij de begrafenis heeft gelezen of gezongen, kan met dit laatste vers op de steen het verband houden. "In lengte van dagen" klinkt na de dood als een belofte zonder einde.
“In het huis Mijns Vaders zijn vele woningen;”
Een korte, rustige tekst die het graf niet als eindpunt ziet. De Heere Jezus sprak het tot Zijn discipelen op de avond voor Zijn lijden. Past goed op een liggende steen met een smalle tekstregel.
“en alzo zullen wij altijd met den Heere wezen.”
Het slot van wat Paulus schrijft over hen die ontslapen zijn. In een paar woorden staat hier het doel van de christelijke hoop: niet eerst het weerzien, maar altijd met de Heere zijn. Vers 18 voegt toe: "Zo dan, vertroost elkander met deze woorden."