“Ik gedenk daaraan, en stort mijn ziel uit in mij, omdat ik placht heen te gaan onder de schare, en met hen te treden naar Gods huis, met een stem van vreugdegezang en lof, onder de feesthoudende menigte. Wat buigt gij u neder, o mijn ziel! en zijt onrustig in mij? Hoop op God, want ik zal Hem nog loven voor de verlossingen Zijns aangezichts.”
De dichter denkt terug aan de feesten van vroeger, toen hij met de "feesthoudende menigte" naar Gods huis ging, en zijn ziel buigt zich neer. Zo gaat het met de herinneringen aan eerdere kerstdagen. Vers 6 spreekt de eigen ziel toe: hoop op God. Een tekst om zelf te lezen op de ochtend van de feestdag.
“En het Licht schijnt in de duisternis, en de duisternis heeft hetzelve niet begrepen.”
Johannes zegt niet dat de duisternis weg is, maar dat het Licht erin schijnt. Dat past bij een kerst in rouw: het donker is er, en toch is Christus gekomen. Een korte, veelgebruikte tekst voor een kerstkaart aan een rouwende familie.
“Het volk, dat in duisternis wandelt, zal een groot licht zien; degenen, die wonen in het land van de schaduw des doods, over dezelve zal een licht schijnen.”
De kerstprofetie spreekt over mensen die "wonen in het land van de schaduw des doods". Wie dit jaar iemand verloor, woont daar. Juist over hen gaat het licht op. Een tekst om bij de kerstviering thuis voor te lezen.
“Door de innerlijke bewegingen der barmhartigheid onzes Gods, met welke ons bezocht heeft de Opgang uit de hoogte; Om te verschijnen dengenen, die gezeten zijn in duisternis en schaduw des doods; om onze voeten te richten op den weg des vredes.”
Uit de lofzang van Zacharias, kort voor de geboorte van de Heere Jezus. De Opgang uit de hoogte verschijnt aan wie "gezeten zijn in duisternis en schaduw des doods"; daarin mag een rouwende zich herkennen. Een tekst die troost zonder te vragen dat het donker al voorbij is.
“Een stem is in Rama gehoord, geklag, geween en veel gekerm; Rachel beweende haar kinderen, en wilde niet vertroost wezen, omdat zij niet zijn!”
Ook het kerstverhaal van Mattheüs kent rouw: na de geboorte van Christus laat Herodes de kinderen in Bethlehem doden. Dat dit vers in het kerstevangelie staat, laat zien dat verdriet en Kerst niet tegenover elkaar staan. Voor ouders die een kind verloren, kan dit een herkenbare tekst zijn.
“Een tijd om te wenen, en een tijd om te lachen; een tijd om te kermen, en een tijd om op te springen;”
Op een feestdag lopen die tijden door elkaar: lachen om een kleinkind en huilen om wie er niet meer is. Prediker zegt dat beide hun tijd hebben. Een tekst om tegen uzelf en de familie te zeggen dat u niet hoeft te kiezen.
“Jezus weende.”
Bij het graf van Lazarus huilt de Heere Jezus met de zusters mee. Een tekst voor wie zich schuldig voelt dat de tranen juist op een feestdag komen. Ook Christus weende, en Hij weet wat gemis is.
“Hij geneest de gebrokenen van hart, en Hij verbindt hen in hun smarten.”
Rondom de feestdagen gaan oude wonden weer open. Het beeld van verbinden past daarbij: genezen gaat langzaam, maar de Heere doet het. Geschikt voor een kaart rond Kerst of de jaarwisseling.
“Om den treurigen Sions te beschikken dat hun gegeven worde sieraad voor as, vreugdeolie voor treurigheid, het gewaad des lofs voor een benauwden geest;”
De Heere Jezus las het begin van dit hoofdstuk voor in Nazareth (Lukas 4:18-19). As was het teken van rouw; God geeft er sieraad voor in de plaats. Een tekst van hoop voor later, niet om iemand op een eerste feestdag te zeggen dat de rouw voorbij moet zijn.
“Een God, Die de eenzamen zet in een huisgezin, uitvoert, die in boeien gevangen zijn; maar de afvalligen wonen in het dorre.”
Het vers ervoor noemt God "een Vader der wezen, en een Rechter der weduwen". Wie na een verlies alleen is, mag weten dat God eenzamen een plaats geeft. Een aansporing ook voor de gemeente: nodig de weduwe of weduwnaar uit aan uw tafel.
“wanneer ik in duisternis zal gezeten zijn, zal de HEERE mij een licht zijn.”
Micha spreekt over het donker als een plaats waar hij zit. De Heere is daar een licht. Een korte tekst voor een kaartje bij een kerststukje of bij een bezoek op de avond voor Kerst.
“Gij hebt mijn omzwerven geteld; leg mijn tranen in uw fles; zijn zij niet in Uw register?”
God houdt de tranen bij, ook die op feestdagen niemand ziet. Een tekst voor de stille momenten tussen het feestgedruis: in de keuken, in de auto, bij het graf.