Ga naar hoofdinhoud
Zonde en verlossingGevorderd

Kan een christen zijn redding verliezen?

Kort antwoord

Volgens de reformatorische kerken kan een ware christen zijn redding niet verliezen, omdat God de gelovige bewaart tot het einde (Johannes 10:28). Dat heet de volharding der heiligen. Rooms-katholieke, lutherse en remonstrantse christenen leren dat het wel kan. De ernstige waarschuwingen tegen afval in de Bijbel gebruikt God juist als middel om de Zijnen te bewaren.

Deze vraag komt uit twee richtingen. Sommigen stellen haar omdat zij iemand kennen die eerst vurig geloofde en later met alles brak. Anderen stellen haar over zichzelf, op een avond waarop het geloof ver weg lijkt of een zonde steeds terugkomt. Hier leest u wat de Bijbel zegt over het bewaren van de gelovigen, hoe de harde waarschuwingen in Hebreeën te lezen zijn, waar christenen verschillen en wat de Dordtse Leerregels belijden.

Kan een christen zijn redding verliezen?

De Heere Jezus zegt over Zijn schapen: 'En Ik geef hun het eeuwige leven; en zij zullen niet verloren gaan in der eeuwigheid, en niemand zal dezelve uit Mijn hand rukken' (Johannes 10:28). Direct daarna voegt Hij eraan toe dat ook niemand ze kan rukken uit de hand van de Vader. Het eeuwige leven is hier een gave, en de bewaring ligt in de hand van de Zoon en van de Vader. In de uitleg van Johannes 10 leest u het hele verband van de Goede Herder.

Paulus is ervan overtuigd 'dat Hij, Die in u een goed werk begonnen heeft, dat voleindigen zal tot op den dag van Jezus Christus' (Filippenzen 1:6). God begint Zijn werk in een mens niet om het halverwege los te laten. Petrus schrijft de gelovigen over een erfenis die in de hemelen bewaard is voor u (1 Petrus 1:4), 'Die in de kracht Gods bewaard wordt door het geloof tot de zaligheid' (1 Petrus 1:5). Niet alleen de erfenis wordt bewaard, ook de gelovigen zelf: door Gods kracht, en dat gebeurt door het geloof.

Wat is de volharding der heiligen?

Met de volharding der heiligen bedoelt de reformatorische theologie dat God hen die Hij tot geloof gebracht heeft, bewaart tot het einde. Heiligen zijn in het Nieuwe Testament alle gelovigen (Filippenzen 1:1). Wie volhardt, doet dat omdat God de gelovige vasthoudt, en niet door eigen doorzettingsvermogen.

Dat sluit inspanning niet uit. Paulus roept op de eigen zaligheid te werken met vreze en beven, en geeft direct de reden: het is God Die in de gelovigen werkt beide het willen en het werken (Filippenzen 2:12-13). God bewaart Zijn kinderen door hen te laten waken, bidden en strijden.

Ware gelovigen kunnen wel diep vallen. Petrus verloochende zijn Heere driemaal en weende daarna bitterlijk (Mattheüs 26:75). Wat hem van Judas onderscheidde, was het gebed van Christus: 'Maar Ik heb voor u gebeden, dat uw geloof niet ophoude' (Lukas 22:32). Petrus werd hersteld.

Eens gered, altijd gered?

De uitdrukking eens gered, altijd gered vat in zekere zin samen wat hierboven staat. Toch wordt ze soms gebruikt alsof iemand die ooit voor Jezus koos, veilig is, hoe hij daarna ook leeft. Zo spreekt de Bijbel niet.

Johannes schrijft over mensen die de gemeente verlieten: 'want indien zij uit ons geweest waren, zo zouden zij met ons gebleven zijn' (1 Johannes 2:19). Wie blijvend afvalt, laat zien dat hij er nooit werkelijk bij hoorde. Of iemands afval blijvend is, weet alleen God; zolang iemand leeft, is de deur van de bekering niet dicht. Oprecht geloof blijkt uit het blijven in Christus en in Zijn Woord (Johannes 15:4-7). Daarom waarschuwt Paulus dat wie meent te staan, moet toezien dat hij niet valt (1 Korinthe 10:12). Een zekerheid zonder waakzaamheid is een andere dan die van de Schrift. Wat de Bijbel zegt over het zegel van de Geest, leest u bij verzegeld met de Heilige Geest.

Wat betekenen de waarschuwingen in Hebreeën 6?

Wie gelooft dat een christen zijn behoud kan verliezen, wijst vooral op Hebreeën 6: 'Want het is onmogelijk, degenen, die eens verlicht geweest zijn, en de hemelse gave gesmaakt hebben' (Hebreeën 6:4). De zin gaat over mensen die de Heilige Geest deelachtig werden en toch afvallig worden; hen is het onmogelijk opnieuw tot bekering te brengen (Hebreeën 6:4-6). Ook 2 Petrus 2:20 spreekt over mensen die de besmettingen der wereld ontvloden en daarna weer overwonnen werden.

Reformatorische uitleggers lezen zulke teksten op twee manieren, die elkaar niet uitsluiten.

  • Een geloof zonder wortel: deze mensen hebben veel van het evangelie geproefd zonder wedergeboren te zijn, zoals het zaad op steenachtige grond dat geen wortel heeft (Mattheüs 13:20-21).
  • Een waarschuwing als middel: God gebruikt de waarschuwing om Zijn kinderen bij Christus te houden, zoals een hek langs een afgrond er is voor wie op het pad loopt.

De schrijver voegt er zelf aan toe: 'Maar, geliefden! wij verzekeren ons van u betere dingen, en met de zaligheid gevoegd' (Hebreeën 6:9). Hij spreekt zijn lezers niet aan als verlorenen. In de uitleg van Hebreeën 6 ziet u dat het hoofdstuk eindigt met de hoop als een anker der ziel (Hebreeën 6:19).

Waar christenen verschillen

Alle bijbelgetrouwe christenen belijden dat de redding een werk van Gods genade is en dat niemand behouden wordt buiten Christus (Handelingen 4:12). Het verschil gaat over de vraag of een ware gelovige die genade weer kwijt kan raken.

  • Rooms-katholiek: het Concilie van Trente (1547, zitting 6, hoofdstuk 15) leert dat de genade van de rechtvaardiging verloren gaat door elke doodzonde, ook als het geloof blijft; door het sacrament van de boete kan zij worden hersteld.
  • Luthers: de Augsburgse Confessie (1530, artikel 12) leert dat wie gerechtvaardigd is, de Heilige Geest kan verliezen, en dat er vergeving is voor wie zich bekeert.
  • Remonstrants: op de synode van Dordrecht (1618-1619) verklaarden de remonstranten dat een ware gelovige geheel kan afvallen en verloren gaan. Methodisten (in de lijn van John Wesley) en een deel van de evangelische en pinkstergemeenten volgen die lijn, met een beroep op Hebreeën 6 en 2 Petrus 2.
  • Gereformeerd en veel baptisten: wie werkelijk wedergeboren is, gaat niet verloren, omdat God de Zijnen bewaart.

De remonstrantse lijn wil de waarschuwingen ten volle laten staan, en dat verdient respect. Toch komt de uitkomst zo bij de mens te liggen. De reformatorische kerken houden vast aan de belofte van Johannes 10: het hangt aan de hand die vasthoudt. Wie hierover anders denkt, is daarmee geen ongelovige.

Wat zeggen de belijdenisgeschriften?

Het vijfde hoofdstuk van de Dordtse Leerregels gaat over de volharding der heiligen. De kern in eigen woorden:

  • Aan zichzelf overgelaten zouden de gelovigen niet kunnen volharden; God is getrouw en bewaart hen tot het einde (V, 3).
  • Zij kunnen in zware zonden vallen, zoals David en Petrus (2 Samuël 11; Mattheüs 26:75), en het besef van Gods gunst een tijd kwijtraken (V, 4-5).
  • God neemt Zijn Geest niet geheel van hen weg en laat hen niet zo diep vallen dat zij de genade van het kindschap verliezen (V, 6).
  • Dat komt door Gods onveranderlijke raad en trouw, niet door hun eigen verdiensten of kracht (V, 8).
  • God werkt de volharding door middelen: het Woord, vermaningen, dreigingen, beloften en de sacramenten (V, 14).

In Zondag 21 van de Heidelbergse Catechismus (vraag 54) belijdt de gelovige dat de Zoon van God Zijn gemeente vergadert, beschermt en onderhoudt, 'en dat ik daarvan een levend lidmaat ben en eeuwig zal blijven'.

Als deze vraag u persoonlijk raakt

Bent u bang dat u het geloof kwijtraakt, of dat u te ver bent afgedwaald? De Dordtse Leerregels erkennen dat gelovigen soms met twijfel en zware aanvechtingen strijden en de zekerheid niet altijd voelen, en belijden dat God hen niet boven vermogen laat verzoeken (V, 11; 1 Korinthe 10:13).

Uw houvast is de belofte van Christus, ook als uw gevoel wisselt: 'die tot Mij komt, zal Ik geenszins uitwerpen' (Johannes 6:37). Die uitnodiging geldt ook na een val. Niets zal ons kunnen scheiden van de liefde Gods in Christus Jezus (Romeinen 8:38-39).

Maakt u zich zorgen om een kind of vriend die het geloof de rug toekeerde? Het oordeel daarover is aan God, Die het hart kent. Blijf bidden en houd de deur open. God kan terugbrengen wat wij niet kunnen vasthouden; denk aan de vader die zijn zoon al zag toen die nog ver weg was (Lukas 15:20).

Praat over uw vragen met uw predikant, ouderling of een vertrouwd gemeentelid. Beheerst de angst uw dagen, of komen dezelfde gedachten dwangmatig terug, bespreek dat dan ook met uw huisarts, die u zo nodig kan verwijzen naar christelijke hulpverlening; hulp zoeken is geen gebrek aan geloof. Meer over Gods trouw vindt u bij bijbelteksten over Gods trouw.

'Mijn Vader, die ze Mij gegeven heeft, is meerder dan allen; en niemand kan ze rukken uit de hand Mijns Vaders' (Johannes 10:29)

Bijbelverwijzingen

kun je je redding verliezenkun je je behoud verliezeneens gered altijd geredvolharding der heiligenafvalzekerheid des geloofsdl vhc zondag 21

Stel uw eigen vraag

Wilt u meer weten over dit onderwerp? Stel uw vraag aan de AI BijbelAssistent en krijg direct een onderbouwd antwoord met bijbelverwijzingen.

Stel een vraag

Gerelateerde vragen

Zonde en verlossing

Hoe weet ik of ik gered ben?

De zekerheid van het geloof rust op Christus en op Gods beloften: wie in de Zoon van God gelooft, mag weten dat hij het eeuwige leven heeft (1 Johannes 5:13). De Heilige Geest getuigt daarvan in het hart, en de vruchten van het geloof bevestigen het. Ook ware gelovigen kennen twijfel; dan wijst de Bijbel hen opnieuw naar Christus.

De Heilige Geest

Wat betekent verzegeld met de Heilige Geest?

Verzegeld met de Heilige Geest betekent dat God iedere gelovige door Zijn Geest merkt als Zijn eigendom en hem bewaart tot de dag der verlossing (Efeze 1:13-14). De Geest is ook het onderpand: de eerste gave die borg staat voor de volle erfenis. Daarom is de verzegeling een grond voor zekerheid en volharding.

Zonde en verlossing

Heeft de mens een vrije wil volgens de Bijbel?

De mens heeft volgens de Bijbel een vrije wil in dagelijkse keuzes onder Gods bestuur, maar sinds de zondeval kiest hij niet uit zichzelf voor God. Niemand kan tot Christus komen, tenzij hij door de Vader getrokken wordt (Johannes 6:44). Toch blijft ieder mens verantwoordelijk, en God vernieuwt de wil door Zijn Geest, zodat een zondaar gewillig komt.

Zonde en verlossing

Wordt een mens gered door geloof of werken?

Op de vraag geloof of werken antwoordt de Bijbel dat een mens gered wordt door het geloof in Christus, zonder de werken der wet (Romeinen 3:28). Goede werken zijn de vrucht van dat geloof en geen grond voor Gods vrijspraak. Als Jakobus zegt dat geloof zonder werken dood is, bedoelt hij een geloof dat alleen uit woorden bestaat.

De Heilige Geest

Wat is de zonde tegen de Heilige Geest?

De zonde tegen de Heilige Geest is het bewust en moedwillig lasteren van het werk van Gods Geest, door iemand die weet dat het Gods werk is en het toch verwerpt. De Heere Jezus zegt dat deze zonde niet vergeven wordt (Mattheüs 12:31). Wie bezorgd is haar begaan te hebben en vergeving zoekt, heeft haar niet begaan.

Verdiep u verder