Ga naar hoofdinhoud
Oude Testament~474 v.Chr.

Haman in de Bijbel

Haman (הָמָן, Hebreeuws) - “Betekenis onzeker, mogelijk Perzisch”

Wie was Haman?

Haman was de Agagiet die koning Ahasveros boven al zijn vorsten verhief. Omdat Mordechai niet voor hem boog, liet hij een bevel uitgaan om alle Joden in het Perzische rijk te doden. Esther ontmaskerde hem, en hij werd gehangen aan de galg die hij voor Mordechai had gemaakt (Esther 7:10).

Haman komt alleen voor in het boek Esther, van Esther 3 tot en met Esther 9. De Statenvertaling stelt hem voor als "den zoon van Hammedatha, den Agagiet" (Esther 3:1). Hij is de grote tegenspeler van Mordechai en koningin Esther, en het boek noemt hem met nadruk "der Joden tegenpartijder" (Esther 3:10) en "aller Joden vijand" (Esther 9:24). Zijn verhaal begint op het hoogtepunt van zijn macht. Koning Ahasveros verhief hem boven al de vorsten, en alle knechten in de poort moesten voor hem buigen. Toen Mordechai dat weigerde, "werd Haman vervuld met grimmigheid" (Esther 3:5). Hij vond het te min om alleen Mordechai te straffen en "zocht al de Joden, die in het ganse koninkrijk van Ahasveros waren, namelijk het volk van Mordechai, te verdelgen" (Esther 3:6). Hij liet het lot werpen over de dag, overtuigde de koning met een beschuldiging en een groot bedrag aan zilver, en verzegelde het bevel met de ring van de koning. Daarna keert alles om. Haman liet een galg van vijftig ellen bouwen voor Mordechai, maar moest de volgende morgen diezelfde Mordechai in het koninklijke kleed door de stad leiden. Op de maaltijd van Esther werd hij ontmaskerd en aan zijn eigen galg gehangen. Zijn huis ging naar Esther, de ring van de koning ging naar Mordechai (Esther 8:2), en de dag die hij voor de ondergang van de Joden had uitgekozen, werd een dag van redding. Twee dingen maken Haman meer dan een boze minister. Zijn aanduiding als de Agagiet brengt bij veel uitleggers Agag in herinnering, de koning van Amalek uit 1 Samuël 15. En het lot dat hij liet werpen, het Pur, gaf zijn naam aan het feest Purim (Esther 9:26), waarop de Joden deze redding "in alle en elk geslacht" gedenken (Esther 9:28).

Historische context

Het boek Esther speelt aan het hof van de Perzische koning Ahasveros in de burg Susan. Ahasveros wordt meestal gelijkgesteld met Xerxes I (486-465 voor Christus); dat is een gangbare historische identificatie, geen gegeven uit de Bijbel zelf. Hamans plan valt volgens Esther 3:7 in "het twaalfde jaar van den koning Ahasveros". Bij die gelijkstelling is dat rond 474 voor Christus, enkele generaties na de wegvoering naar Babel. Haman verschijnt pas na de verstoting van koningin Vasthi (Esther 1) en de keuze van Esther (Esther 2). Buiten de Bijbel is Haman niet bekend. Buigen voor een hooggeplaatste was in Perzië gewoon; de Griekse geschiedschrijver Herodotus (Historiën 1.134) beschrijft hoe een Pers van lagere rang zich voor een hogere ter aarde wierp. Het lot werpen om een gunstige dag te kiezen, was in het oude Oosten gangbaar; het boek legt het woord zelf uit: "het Pur, dat is, het lot" (Esther 3:7). Een koninklijk bevel dat met de ring van de koning verzegeld was, kon niet herroepen worden (Esther 8:8; vergelijk Daniël 6:9). Daarom kon Hamans edict niet worden ingetrokken, maar moest er een tweede bevel komen waardoor de Joden zich mochten verdedigen. De tienduizend talenten zilver die Haman aanbood (Esther 3:9) waren een enorme som. Herodotus (Historiën 3.95) schat de jaarlijkse belastingopbrengst van het hele rijk op nog geen vijftienduizend talenten. Of Haman dat bedrag uit eigen bezit wilde betalen of uit de buit van de Joden, zegt de tekst niet. Het antwoord van de koning, "Dat zilver zij u geschonken, ook dat volk" (Esther 3:11), wordt verschillend uitgelegd: als een weigering van het geld, of als hoffelijke taal waarbij het aanbod bleef staan. Mordechai spreekt later van "de verklaring van het zilver" (Esther 4:7), en Esther zegt: "wij zijn verkocht, ik en mijn volk" (Esther 7:4). Over de herkomst van Haman zegt de Bijbel alleen dat hij een Agagiet was. Agag was de koning van de Amalekieten die Saul tegen het gebod van God spaarde (1 Samuël 15:8-9), en Bileam had al gezegd dat de koning van Israël "boven Agag verheven" zou worden (Numeri 24:7). De joodse uitleg en Josephus (Joodse oudheden, boek 11) zien Haman daarom als een Amalekiet, een nakomeling van Agag. Veel christelijke uitleggers volgen dat. Anderen houden "Agagiet" voor een familie- of plaatsnaam die wij niet meer kennen, ook omdat 1 Kronieken 4:41-43 meldt dat het overblijfsel van Amalek in de dagen van Hiskia werd verslagen. De tekst zelf legt het verband niet uit, maar het valt op dat tegenover de Agagiet Haman een Benjaminiet staat, Mordechai, "een zoon van Jair, den zoon van Simei, den zoon van Kis" (Esther 2:5), en dat Saul eveneens een zoon van Kis uit Benjamin was (1 Samuël 9:1).

Karaktereigenschappen

+Positieve eigenschappen

  • Wist de gunst van de koning te winnen en tot de hoogste vorst op te klimmen; de tekst zegt niet waardoor (Esther 3:1)
  • Kon zich in het openbaar bedwingen (Esther 5:10)

−Zwakke kanten

  • Hoogmoedig: hij dacht dat de koning niemand meer wilde eren dan hem (Esther 6:6)
  • Gekrenkte trots die uitliep op haat tegen een heel volk (Esther 3:5-6)
  • Ontevreden ondanks rijkdom, zonen en eer zolang één man niet voor hem boog (Esther 5:11-13)

Theologische betekenis

Het boek Esther noemt de naam van God niet, en toch is het verhaal van Haman een les in Gods regering. Haman liet het lot werpen om de beste dag voor zijn plan te vinden, maar "het lot wordt in den schoot geworpen; maar het gehele beleid daarvan is van den HEERE" (Spreuken 16:33). De loting wees een dag elf maanden later aan. Daardoor was er tijd voor Esther om te handelen. Een slapeloze nacht van de koning, een vergeten verslag in de kronieken en Haman die juist op dat moment in het voorhof stond: de schrijver geeft geen commentaar, maar de lezer ziet de hand die alles leidt. Het verhaal is een reeks omkeringen. Haman dacht dat de koning hem wilde eren, en moest Mordechai eren. Hij bouwde een galg voor Mordechai en hing er zelf aan. Hij koos de dag waarop de vijanden van de Joden "hoopten over hen te heersen", en "zo is het omgekeerd" (Esther 9:1). Het boek zegt zelf dat zijn boze gedachte "op zijn hoofd zou wederkeren" (Esther 9:25). Dat is wat de Psalmen en Spreuken leren: "Zijn moeite zal op zijn hoofd wederkeren" (Psalm 7:17), en "Die een kuil graaft, zal er in vallen" (Spreuken 26:27). Ook de vrouw en de wijzen van Haman zagen het aankomen: als Mordechai "van het zaad der Joden" was, zou Haman tegen hem niet vermogen (Esther 6:13). Daarin klinkt de belofte aan Abraham door: "vervloeken, die u vloekt" (Genesis 12:3). Veel uitleggers lezen Hamans aanduiding als de Agagiet als een sleutel. God had gezegd dat de oorlog tegen Amalek zou zijn "van geslacht tot geslacht" (Exodus 17:16), en Saul spaarde Agag tegen Gods gebod (1 Samuël 15:9). In Esther staat een Benjaminiet uit het geslacht van Kis tegenover een Agagiet, en het valt op dat de Joden zich na hun overwinning "niet aan den roof" vergrepen (Esther 9:10), anders dan Saul met de buit van Amalek. De tekst trekt die lijn niet zelf, maar de namen maken haar aannemelijk. Het Nieuwe Testament noemt Haman niet. Wel klinkt het patroon van zijn val door in de lofzang van Maria: "Hij heeft machtigen van de tronen afgetrokken, en nederigen heeft Hij verhoogd" (Lukas 1:52). Haman staat in de Schrift voor de vijand die Gods volk wil uitroeien en daarin faalt, omdat God Zijn beloften trouw blijft.

Naamsbetekenis

Oorspronkelijke naam

Haman (הָמָן, Hebreeuws)

Betekenis

Betekenis onzeker, mogelijk Perzisch

Sleutelmomenten

1

Verhoogd boven alle vorsten

Koning Ahasveros maakt Haman groot en zet zijn stoel boven al de vorsten. Hij beveelt alle knechten in de poort voor Haman te buigen.

Esther 3:1-2

2

Woedend op Mordechai

Mordechai buigt niet en heeft de knechten van de koning gezegd dat hij een Jood is. Haman wordt vervuld met grimmigheid en besluit niet alleen Mordechai, maar zijn hele volk in het rijk te verdelgen.

Esther 3:5-6

3

Het lot geworpen

In de maand Nisan wordt voor Hamans aangezicht het Pur, het lot, geworpen van dag tot dag en van maand tot maand. Het wijst de twaalfde maand aan, Adar.

Esther 3:7

4

Het plan en de zegelring

Haman noemt het volk verstrooid en ongehoorzaam aan de wetten van de koning en biedt tienduizend talenten zilver aan. De koning geeft hem zijn ring, en brieven met het bevel tot verdelging gaan naar alle landschappen.

Esther 3:8-15

5

De galg van vijftig ellen

Haman komt vrolijk van de eerste maaltijd van Esther, maar ziet Mordechai weer niet opstaan. Op raad van zijn vrouw Zeres en zijn vrienden laat hij een galg van vijftig ellen maken.

Esther 5:9-14

6

Gedwongen Mordechai te eren

Haman komt vragen Mordechai op te hangen, maar de koning vraagt hem hoe men iemand eert. Haman denkt aan zichzelf en moet daarna Mordechai in het koninklijke kleed door de straten leiden.

Esther 6:4-11

7

Ontmaskerd door Esther

Op de tweede maaltijd smeekt Esther om haar leven en dat van haar volk. Als de koning vraagt wie daarachter zit, wijst zij Haman aan als de onderdrukker en vijand.

Esther 7:1-6

8

Aan zijn eigen galg

Haman valt smekend op het bed van Esther, en de koning ziet daarin een nieuwe misdaad. De kamerling Charbona wijst op de galg bij Hamans huis, en Haman wordt eraan gehangen.

Esther 7:7-10

Belangrijke bijbelteksten

De volgende bijbelgedeelten zijn van belang om het leven en de rol van Haman beter te begrijpen.

Esther 3:1

“Na deze geschiedenissen maakte de koning Ahasveros Haman groot, den zoon van Hammedatha, den Agagiet, en hij verhoogde hem, en hij zette zijn stoel boven al de vorsten, die bij hem waren.”

De introductie van Haman: zoon van Hammedatha, de Agagiet, en de hoogste vorst aan het hof.

Esther 3:6

“Doch hij verachtte in zijn ogen, dat hij aan Mordechai alleen de hand zou slaan (want men had hem het volk van Mordechai aangewezen); maar Haman zocht al de Joden, die in het ganse koninkrijk van Ahasveros waren, namelijk het volk van Mordechai, te verdelgen.”

De persoonlijke krenking groeit uit tot een plan tegen een heel volk.

Esther 3:7

“In de eerste maand (deze is de maand Nisan) in het twaalfde jaar van den koning Ahasveros, wierp men het Pur, dat is, het lot, voor Hamans aangezicht, van dag tot dag, en van maand tot maand, tot de twaalfde maand toe; deze is de maand Adar.”

Het lot dat Haman liet werpen, gaf later zijn naam aan het feest Purim.

Esther 5:13

“Doch dit alles baat mij niet, zo langen tijd als ik den Jood Mordechai zie zitten in de poort des konings.”

Na een opsomming van zijn rijkdom en eer geeft Haman toe dat één man die niet buigt hem alles bederft.

Esther 6:13

“En Haman vertelde aan zijn huisvrouw Zeres en al zijn vrienden al wat hem wedervaren was. Toen zeiden hem zijn wijzen, en Zeres, zijn huisvrouw: Indien Mordechai, voor wiens aangezicht gij hebt begonnen te vallen, van het zaad der Joden is, zo zult gij tegen hem niet vermogen; maar gij zult gewisselijk voor zijn aangezicht vallen.”

Dezelfde Zeres die de galg aanraadde, voorziet nu Hamans val.

Esther 7:6

“En Esther zeide: De man, de onderdrukker en vijand, is deze boze Haman! Toen verschrikte Haman voor het aangezicht des konings en der koningin.”

Het moment waarop Esther haar tegenstander bij de koning ontmaskert.

Esther 7:10

“Alzo hingen zij Haman aan de galg, die hij voor Mordechai had doen bereiden; en de grimmigheid des konings werd gestild.”

De omkering is volledig: de galg die voor Mordechai bedoeld was, wordt Hamans eigen einde.

Esther 9:24

“Omdat Haman, de zoon van Hammedatha, den Agagiet, aller Joden vijand, tegen de Joden gedacht had hen om te brengen; en dat hij het Pur, dat is, het lot had geworpen, om hen te verslaan, en om hen om te brengen.”

De terugblik in de brief over Purim noemt Haman aller Joden vijand en legt de naam van het feest uit.

1 Samuël 15:8

“En hij ving Agag, den koning der Amalekieten, levend; maar al het volk verbande hij door de scherpte des zwaards.”

Saul spaart Agag. Veel uitleggers zien in Hamans titel een verwijzing naar deze koning van Amalek.

Tijdperiode

~474 v.Chr.

Haman leefde in de tijd van het Oude Testament.

Gerelateerde personen

Lessen voor vandaag

Haman had alles wat een mens zich kan wensen: de gunst van de koning, rijkdom, tien zonen en een plaats boven alle vorsten. Toch zei hij: "dit alles baat mij niet" (Esther 5:13), omdat één man niet voor hem boog. Gekrenkte trots maakt blind voor wat wij ontvangen hebben. Wij doen er goed aan te letten op wat ons ergert, voordat het ons gaat beheersen. Bij Haman bleef het niet bij ergernis. Zijn woede om één man groeide uit tot een plan tegen een heel volk. Zo werkt haat: zij zoekt een groep om op te richten en een reden om het te rechtvaardigen. Haman sprak van een volk met andere wetten dat het niet waard was te blijven (Esther 3:8). Wie zulke taal hoort, ook in onze tijd, mag weten dat God Zijn beloften aan Israël niet vergeet, en dat Hij ook Zijn gemeente niet loslaat. Het verhaal leert ook dat God de hoogmoedigen weerstaat. Haman bouwde een galg en hing er zelf aan. Dat betekent niet dat het kwaad altijd direct gestraft wordt, maar wel dat het niet het laatste woord heeft. "God wederstaat de hovaardigen, maar den nederigen geeft Hij genade" (Jakobus 4:6). Dat is troost voor wie onrecht ondergaat, en een waarschuwing voor ieder die macht heeft over anderen. Ten slotte laat Purim zien hoe wij met Gods verlossing omgaan: door haar te gedenken, met vreugde en met gaven aan de armen (Esther 9:22). De herinnering aan de val van Haman is geen leedvermaak, maar dankbaarheid dat God trouw is aan Zijn beloften.

Veelgestelde vragen over Haman

Wie was Haman in de Bijbel?
Haman was de hoogste vorst aan het hof van de Perzische koning Ahasveros, de zoon van Hammedatha, de Agagiet (Esther 3:1). Omdat de Jood Mordechai niet voor hem boog, liet hij een bevel uitgaan om alle Joden in het rijk op één dag te doden. Koningin Esther ontmaskerde hem op een maaltijd bij de koning. Hij werd opgehangen aan de galg die hij voor Mordechai had laten maken (Esther 7:10). Het feest Purim gedenkt die redding.
Wat betekent de naam Haman?
De betekenis van de naam Haman is onzeker. De Bijbel legt de naam niet uit. Waarschijnlijk is het geen Hebreeuwse maar een Perzische of Elamitische naam, wat past bij een hoveling aan het Perzische hof. Er zijn verschillende verklaringen voorgesteld, bijvoorbeeld een verband met een Elamitische godsnaam of met een Perzisch woord voor voortreffelijk, maar geen daarvan is zeker. Ook de naam van zijn vader, Hammedatha, is vermoedelijk Perzisch.
Waar staat Haman in de Bijbel?
Haman staat alleen in het boek Esther. Hij wordt verhoogd en vat zijn plan tegen de Joden op in Esther 3. In Esther 5:9-14 laat hij een galg bouwen voor Mordechai, in Esther 6 moet hij Mordechai eren en in Esther 7 wordt hij ontmaskerd en gehangen. In Esther 8 en Esther 9 gaat het over zijn huis, zijn tien zonen, het herroepen van zijn plannen en het Purimfeest. Het Nieuwe Testament noemt hem niet.
Wat betekent dat Haman een Agagiet was?
De Bijbel noemt Haman "den Agagiet" (Esther 3:1), maar legt dat niet uit. De gangbare uitleg is dat hij een nakomeling was van Agag, de koning van de Amalekieten die Saul tegen het gebod van God spaarde (1 Samuël 15:8-9). Zo leest de joodse traditie het, en ook Josephus noemt Haman een Amalekiet. Dan is het conflict met Mordechai, een Benjaminiet uit het geslacht van Kis zoals Saul, een late voortzetting van de strijd tegen Amalek (Exodus 17:16). Anderen denken aan een onbekende familie- of plaatsnaam.
Waarom wilde Haman alle Joden ombrengen?
De directe aanleiding was dat Mordechai weigerde voor hem te buigen en zei dat hij een Jood was (Esther 3:2-4). Haman vond het te min om alleen Mordechai te straffen en zocht "al de Joden" te verdelgen (Esther 3:6). Bij de koning gaf hij een andere reden: een verstrooid volk met eigen wetten dat de wetten van de koning niet deed (Esther 3:8). Als hij inderdaad een Agagiet uit Amalek was, speelde volgens veel uitleggers ook een oude vijandschap mee.
Wat heeft Haman met Poerim (Purim) te maken?
Het feest Purim, in het Nederlands vaak Poerim gespeld, dankt zijn naam aan Haman. Hij liet het Pur werpen, "dat is, het lot" (Esther 3:7), om de dag te kiezen waarop de Joden gedood zouden worden. Die dag, de dertiende van Adar, werd een dag van redding. Daarom zegt Esther 9:26: "Daarom noemt men die dagen Purim, van den naam van dat Pur." Mordechai en Esther stelden het feest in op de veertiende en vijftiende Adar, met maaltijden en gaven aan de armen.
Waarom maakt men lawaai bij de naam Haman tijdens Purim?
Dat is een latere joodse gewoonte, geen voorschrift uit de Bijbel. Bij het voorlezen van de Estherrol in de synagoge maken kinderen en volwassenen lawaai met ratels of door te stampen zodra de naam Haman valt, om zijn naam als het ware uit te wissen. Men verbindt dat met het gebod om de gedachtenis van Amalek uit te delgen (Deuteronomium 25:19). Ook de driehoekige koekjes die bij Purim gegeten worden, de hamantasjen (in het Hebreeuws oren van Haman genoemd), zijn een latere traditie.
Hoe is Haman gestorven?
Haman werd opgehangen aan de galg die hij zelf voor Mordechai had laten maken. Op de tweede maaltijd van Esther wees zij hem aan als de vijand van haar volk. Toen de koning terugkwam uit de tuin, lag Haman smekend op het bed van Esther. De kamerling Charbona wees op de galg van vijftig ellen bij Hamans huis, en de koning zei: "Hang hem daaraan" (Esther 7:9). Esther 7:10 besluit: "Alzo hingen zij Haman aan de galg, die hij voor Mordechai had doen bereiden".
Wie waren de vrouw en de zonen van Haman?
De vrouw van Haman heette Zeres. Zij raadde hem samen met zijn vrienden aan een galg voor Mordechai te maken (Esther 5:14), maar voorzag later ook zijn val (Esther 6:13). Haman had tien zonen, die in Esther 9:7-10 met name genoemd worden, van Parsandatha tot Vaizatha. Zij werden gedood op de dertiende Adar in Susan en daarna op verzoek van Esther aan de galg gehangen (Esther 9:13-14). Hamans huis werd aan Esther gegeven (Esther 8:1).
Hoe hoog was de galg van Haman?
De galg was volgens de Bijbel vijftig ellen hoog (Esther 5:14 en Esther 7:9). Bij een el van ongeveer een halve meter is dat zo hoog als een gebouw van zeven of acht verdiepingen. Uitleggers denken dat de hoogte bedoeld was om de terechtstelling in heel de stad zichtbaar te maken, of dat de galg op een verhoging stond. Het Hebreeuwse woord betekent eigenlijk paal of hout; mogelijk ging het om een paal waaraan iemand werd opgehangen of gespietst.
Is Haman uit de Bijbel dezelfde als Haman in de Koran?
Nee. In de Koran komt een Haman voor als dienaar van de farao in Egypte, in de tijd van Mozes. De Haman van de Bijbel leefde bijna duizend jaar later aan het Perzische hof van Ahasveros, in de tijd van Esther en Mordechai. In de Bijbel zelf is er maar één Haman. De Koran vertelt geen verhaal over Esther, en wie die Haman daar is, valt buiten de Schrift.
Wat kunnen wij leren van Haman?
Haman leert ons hoe gevaarlijk gekrenkte trots is: met alle rijkdom en eer zei hij toch "dit alles baat mij niet" zolang Mordechai niet boog (Esther 5:13). Zijn verhaal laat zien hoe haat tegen één persoon kan uitgroeien tot haat tegen een heel volk. En het leert dat God de hoogmoedigen weerstaat: Haman viel in de kuil die hij voor een ander groef. Voor wie onrecht lijdt, is dat troost; voor wie macht heeft, een waarschuwing.

Stel een vraag over Haman

Wilt u meer weten over Haman? Onze AI-gestuurde assistent helpt u met achtergrond, context en diepere inzichten uit de Bijbel.

Stel een vraag over Haman

Bijbelverhalen rond Haman

Verdiep u verder