Ga naar hoofdinhoud

Dordtse Leerregels hoofdstuk 5, artikel 4: zware zondeval

In het kort

Artikel 4 van hoofdstuk 5 van de Dordtse Leerregels leert dat ook ware gelovigen in zware zonden kunnen vallen. Dat gebeurt door hun eigen schuld, wanneer zij niet waken en bidden. David en Petrus zijn daarvan de voorbeelden. Het artikel roept op tot ernst, zonder de gevallen gelovige tot wanhoop te brengen.

De tekst van DL V,4

En hoewel die macht Gods, waardoor Hij de ware gelovigen in de genade bevestigt en bewaart, meerder is, dan dat zij van het vlees zou kunnen overwonnen worden, zo worden nochtans de bekeerden niet altijd alzo van God geleid en bewogen, dat zij in sommige bijzondere daden door hun eigen schuld van de leiding der genade niet zouden kunnen afwijken, en van de begeerlijkheden des vleses verleid worden, en die volgen.

Daarom moeten zij gestadiglijk waken en bidden dat zij niet in verzoekingen geleid worden. En zo zij dit niet doen, zo kunnen zij niet alleen door het vlees, de wereld en den satan tot zware en ook gruwelijke zonden vervoerd worden, maar worden zij ook inderdaad, door Gods rechtvaardige toelating, daartoe somwijlen vervoerd; gelijk het droevige vallen van David, Petrus, en andere heiligen, dat ons in de Schrift beschreven is, bewijst.

Tekst: Dordtse Leerregels, vastgesteld door de Nationale Synode van Dordrecht (1618-1619), in de gangbare kerkboekspelling. Publiek domein. Deze tekst is ontleend aan www.dordtse-leerregels.nl.

Dit artikel spreekt over de zware zondeval van ware gelovigen. Het vorige artikel zei dat God de Zijnen trouw bewaart. Dat kan de gedachte wekken dat een gelovige dan niet diep meer kan vallen. Dit artikel zegt eerlijk dat het wel kan. Het noemt David en Petrus als voorbeelden. Het wil de gelovige daarmee niet bang maken, maar wakker houden.

Gods macht is groter dan het vlees

Het artikel begint met een zekerheid. De macht van God, 'waardoor Hij de ware gelovigen in de genade bevestigt en bewaart', is 'meerder' dan het vlees. Meerder betekent: groter, sterker. Het vlees kan die macht niet overwinnen. Daaraan twijfelt het artikel niet.

Dan volgt het woord 'nochtans', dat wil zeggen: toch. De bekeerden worden 'niet altijd alzo van God geleid en bewogen' dat zij nooit zouden kunnen afwijken. In 'sommige bijzondere daden' kunnen zij afwijken van de leiding van de genade. Het artikel zegt er direct bij hoe dat komt: 'door hun eigen schuld'. De oorzaak ligt dus niet in een tekort van Gods macht. Zij ligt bij de gelovige, die zich door 'de begeerlijkheden des vleses' laat verleiden.

Jakobus beschrijft hetzelfde. Een mens wordt verzocht "als hij van zijn eigen begeerlijkheid afgetrokken en verlokt wordt".

Voortdurend waken en bidden

Daarom moeten de gelovigen 'gestadiglijk waken en bidden'. Gestadiglijk betekent: voortdurend, zonder op te houden. Het artikel neemt hier de woorden van de Heere Jezus in Gethsemane over. Hij zei tegen Zijn discipelen: "Waakt en bidt, opdat gij niet in verzoeking komt". Hij voegde eraan toe dat de geest wel gewillig is, maar het vlees zwak.

Waken is letten op uw eigen hart en op de plaatsen waar de verzoeking u zwak vindt. Bidden is erkennen dat u uzelf niet staande kunt houden. In de zesde bede van het Onze Vader vraagt de gemeente daarom of God haar niet in verzoeking wil leiden. Zondag 52 van de Heidelbergse Catechismus noemt daarbij dezelfde drie vijanden als dit artikel: de duivel, de wereld en het eigen vlees.

Het droevige vallen van David en Petrus

Wie dat nalaat, kan 'tot zware en ook gruwelijke zonden vervoerd worden'. Vervoerd betekent: meegesleept. Het artikel zegt niet alleen dat het kan gebeuren. Het gebeurt ook werkelijk, al is het 'somwijlen', dat is: soms.

David nam Bathseba, de vrouw van Uria, en liet daarna Uria doden. Petrus had beloofd dat hij zijn Heere nooit zou verloochenen. Toch begon hij zich te vervloeken en zei: "Ik ken den Mens niet". Het artikel noemt dit 'het droevige vallen'. Het zijn geen bedachte voorbeelden. De Schrift vertelt het zelf over mensen die het artikel 'heiligen' noemt.

Door Gods rechtvaardige toelating

Het artikel zegt dat de val gebeurt 'door Gods rechtvaardige toelating'. Toelating betekent dat God het laat gebeuren. Hij is niet de oorzaak van de zonde, want die blijft de eigen schuld van de gelovige. Maar God verhindert de val niet altijd. Dat noemt het artikel rechtvaardig, omdat de gelovige zelf het waken en bidden naliet.

Ernst zonder wanhoop

Paulus waarschuwt: "die meent te staan, zie toe, dat hij niet valle". Dit artikel neemt elke zelfverzekerdheid weg. Wie denkt dat de zonden van David en Petrus hem niet kunnen overkomen, onderschat zijn eigen hart.

Tegelijk spreekt het artikel over ware gelovigen. Na zijn val beleed David: "Ik heb gezondigd tegen den HEERE". Nathan antwoordde dat de HEERE zijn zonde had weggenomen. Petrus ging naar buiten en weende bitterlijk. Zo leert het artikel ernst, maar geen wanhoop. De volgende artikelen laten zien wat zo'n val aanricht en hoe God de Zijnen weer opricht.

Bijbelse onderbouwing

  • 2 Samuël 12:13

    “Toen zeide David tot Nathan: Ik heb gezondigd tegen den HEERE! En Nathan zeide tot David: De HEERE heeft ook uw zonde weggenomen, gij zult niet sterven.”

    David belijdt zijn zonde na overspel en moord, het eerste droevige vallen dat het artikel noemt, en Nathan verkondigt hem vergeving.

    Uitleg bij 2 Samuël 12

  • Mattheüs 26:74

    “Toen begon hij zich te vervloeken, en te zweren: Ik ken den Mens niet.”

    Petrus vervloekt zichzelf en verloochent zijn Heere, wat laat zien hoe diep ook een ware discipel kan vallen.

  • Mattheüs 26:41

    “Waakt en bidt, opdat gij niet in verzoeking komt; de geest is wel gewillig, maar het vlees is zwak.”

    De Heere Jezus roept Zijn discipelen op te waken en te bidden omdat het vlees zwak is, en die vermaning neemt het artikel over.

  • Jakobus 1:14

    “Maar een iegelijk wordt verzocht, als hij van zijn eigen begeerlijkheid afgetrokken en verlokt wordt.”

    Ieder wordt verzocht door zijn eigen begeerlijkheid, zoals ook het artikel de begeerlijkheden van het vlees als oorzaak van de val noemt.

  • 1 Korinthe 10:12

    “Zo dan, die meent te staan, zie toe, dat hij niet valle.”

    Paulus waarschuwt wie meent te staan om toe te zien dat hij niet valt, en dat is precies de ernst van dit artikel.

Bijbelteksten uit de Statenvertaling.

Historische achtergrond

De remonstranten trokken uit de zondeval van gelovigen een andere conclusie. Volgens hen kon een ware gelovige door grove zonden het geloof en de genade geheel verliezen. Wie zo viel en niet terugkeerde, ging volgens hen voorgoed verloren.

De synode ontkende niet dat heiligen diep kunnen vallen. Dit artikel erkent dat zelfs uitdrukkelijk. Maar zij wees de gedachte af dat God hen daarna laat varen. Artikel 4 legt daarvoor de grond: de val komt voort uit de eigen schuld van de gelovige, niet uit een tekort in Gods bewarende macht.

Om over door te praten

  1. Waarom noemt het artikel eerst de grote macht van God, voordat het over de val van gelovigen spreekt?
  2. Wat bedoelt het artikel met de woorden 'door hun eigen schuld', en waarom is dat belangrijk?
  3. Welke lessen trekt u uit het vallen van David en Petrus voor uw eigen leven?
  4. Hoe kunt u in uw dagelijks leven gestalte geven aan het waken en bidden waartoe dit artikel oproept?
  5. Hoe houdt dit artikel de ernst van de zonde en de troost van Gods bewaring bij elkaar?

Verder lezen