Artikel 3 van de Apostolische Geloofsbelijdenis: "die ontvangen is van den Heiligen Geest, geboren uit de maagd Maria"
In het kort
Artikel 3 van de Apostolische Geloofsbelijdenis belijdt dat Gods Zoon mens werd door de Heilige Geest, uit de maagd Maria. Zo is Hij waarachtig God en waarachtig mens, maar zonder zonde. Daarom kan Hij onze Middelaar zijn. Zijn heiligheid bedekt de zonde waarin wij ontvangen en geboren zijn.
De tekst van Apostolicum 3
die ontvangen is van den Heiligen Geest, geboren uit de maagd Maria;
Tekst: de twaalf artikelen van het algemeen ongetwijfeld christelijk geloof, zoals opgenomen in de Heidelbergse Catechismus, vraag 23 (traditionele kerkboektekst). Publiek domein.
In het tweede artikel belijdt de gemeente Jezus Christus als Gods eniggeboren Zoon en onze Heere. Artikel 3 van de Apostolische Geloofsbelijdenis zegt hoe deze Zoon in onze wereld kwam. Het belijdt dat Hij 'ontvangen is van den Heiligen Geest' en 'geboren uit de maagd Maria'. Dat zijn twee stappen: eerst de ontvangenis, daarna de geboorte. Bij beide gaat het om dezelfde Persoon. De eeuwige Zoon werd geen ander. Hij bleef God en nam er een ware menselijke natuur bij aan.
Ontvangen van de Heilige Geest
Ontvangen is een oud woord voor het begin van een leven in de moederschoot. Bij de Heere Jezus begon dat leven niet op de gewone manier. Maria vroeg de engel hoe dat kon, "dewijl ik geen man bekenne". Bekennen is hier een oud woord voor gemeenschap hebben. Het antwoord was: "De Heilige Geest zal over u komen, en de kracht des Allerhoogsten zal u overschaduwen". Ook Jozef hoorde in een droom dat het kind in Maria "uit den Heiligen Geest" was.
Dat betekent niet dat de Heilige Geest de plaats van een aardse vader innam. Het betekent dat de Geest het wonder werkte waardoor de eeuwige Zoon in Maria een ware menselijke natuur aannam. Het is een wonder dat wij niet kunnen narekenen. De kerk belijdt het, omdat de Schrift het zo vertelt.
Geboren uit de maagd Maria
Lang tevoren had de HEERE dit aangekondigd door Jesaja: "een maagd zal zwanger worden, en zij zal een Zoon baren". Mattheüs laat zien dat die belofte bij Maria in vervulling ging. Die Zoon zou Immanuël heten, dat is: God met ons. Een maagd is een vrouw die nog geen gemeenschap met een man heeft gehad. Maria was met Jozef ondertrouwd, maar ze waren nog niet samengekomen.
Het kleine woord 'uit' is belangrijk. De Zoon ging niet alleen door Maria heen, alsof Zijn lichaam uit de hemel kwam. Hij nam Zijn menselijke natuur uit haar vlees en bloed aan. Paulus schrijft dat God "Zijn Zoon uitgezonden" heeft, "geworden uit een vrouw, geworden onder de wet". Zo werd Hij ook echt een nakomeling van David, zoals God had beloofd.
Waarom Hij waarachtig mens moest zijn
De mens had gezondigd, en daarom moest een mens de straf dragen. Een engel of een ander schepsel kon dat niet in onze plaats doen. Daarom staat er in Hebreeën dat Hij "in alles den broederen moest gelijk worden". Hij had een echt lichaam en een echte ziel. Hij kende honger, moeheid en verdriet.
Zondag 14 van de Heidelbergse Catechismus vat het samen: de Zoon werd "Zijn broederen in alles gelijk, uitgenomen de zonde". Die laatste woorden zijn net zo nodig. Een zondaar zou voor zijn eigen schuld moeten betalen en kon geen ander verlossen. De engel noemde het kind daarom "dat Heilige". Hebreeën zegt dat Hij verzocht is geweest, "doch zonder zonde".
Wat het u geeft
De catechismus vraagt ook naar het nut van de ontvangenis en geboorte. Het antwoord is dat Christus onze Middelaar is. Hij bedekt "met Zijn onschuld en volkomen heiligheid" voor God de zonde waarin wij ontvangen en geboren zijn. David klaagde: "Zie, ik ben in ongerechtigheid geboren". Onze zonde begint dus niet pas bij onze daden. Ze zit al in onze natuur, vanaf het begin van ons leven.
Daar ligt de troost van dit artikel. Waar ons begin besmet is, is Zijn begin heilig. Wie door het geloof bij Christus hoort, wordt door God in Hem gezien. Zo wordt de kerstgeschiedenis meer dan een mooi verhaal. Het is het begin van Gods werk om zondaars te redden. Maria zelf antwoordde in geloof: "Zie, de dienstmaagd des Heeren; mij geschiede naar uw woord".
Bijbelse onderbouwing
“Daarom zal de Heere Zelf ulieden een teken geven; ziet, een maagd zal zwanger worden, en zij zal een Zoon baren, en Zijn naam IMMANUEL heten.”
De HEERE belooft eeuwen tevoren als teken dat een maagd een Zoon zal baren, Die Immanuël zal heten.
“En de engel, antwoordende, zeide tot haar: De Heilige Geest zal over u komen, en de kracht des Allerhoogsten zal u overschaduwen; daarom ook, dat Heilige, Dat uit u geboren zal worden, zal Gods Zoon genaamd worden.”
De engel zegt tegen Maria dat het kind door de kracht van de Heilige Geest in haar ontvangen wordt en heilig is.
“En alzo hij deze dingen in den zin had, ziet, de engel des Heeren verscheen hem in den droom, zeggende: Jozef, gij zone Davids! wees niet bevreesd Maria, uw vrouw, tot u te nemen; want hetgeen in haar ontvangen is, dat is uit den Heiligen Geest;”
Jozef hoort in een droom dat wat in Maria ontvangen is, uit de Heilige Geest is.
“Maar wanneer de volheid des tijds gekomen is, heeft God Zijn Zoon uitgezonden, geworden uit een vrouw, geworden onder de wet;”
Paulus belijdt dat de Zoon van God uit een vrouw geboren werd en onder de wet kwam te staan.
“Want wij hebben geen hogepriester, die niet kan medelijden hebben met onze zwakheden, maar Die in alle dingen, gelijk als wij, is verzocht geweest, doch zonder zonde.”
Christus is in alles als wij verzocht, maar zonder zonde, en zo is Hij de Middelaar Die wij nodig hebben.
Bijbelteksten uit de Statenvertaling.
Historische achtergrond
De woorden over de maagd Maria horen bij het oudste deel van de Apostolische Geloofsbelijdenis. In de vroege Romeinse doopbelijdenis stond nog kort dat Christus geboren is uit de Heilige Geest en de maagd Maria. Later kreeg de tekst twee werkwoorden: ontvangen en geboren. Daardoor komt duidelijker uit wat de Geest deed en wat Maria deed.
In de eerste eeuwen waren er twee tegengestelde dwalingen. Sommigen meenden dat Christus maar een schijnlichaam had, omdat God niet echt mens zou kunnen worden. Anderen zagen in Jezus alleen een gewone mens, de zoon van Jozef. Tegenover beide hield de kerk vast aan wat de evangeliën vertellen: Hij werd werkelijk geboren, en Zijn ontvangenis was een werk van God.
Om over door te praten
- Waarom noemt het artikel de ontvangenis en de geboorte van Christus als twee aparte zaken?
- Wat zou er van onze verlossing overblijven als Christus geen echte mens was geweest?
- Waarom is het voor u belangrijk dat de Middelaar zonder zonde is?
- Wat betekent het voor uw eigen leven dat Zijn heiligheid de zonde bedekt waarin u geboren bent?
- Wat kunt u leren van de manier waarop Maria op de boodschap van de engel antwoordde?