Jaël: betekenis van de naam
יָעֵל (Yâʻêl) = “steengeit, steenbok”
Wat betekent de naam Jaël?
De naam Jaël betekent "steengeit" of "steenbok", het dier dat in de rotsen klimt. Strong's woordenboek zegt dat de naam hetzelfde is als het Hebreeuwse woord voor dit dier. Jaël was de vrouw van Heber de Keniet. In haar tent kwam Sisera, de krijgsoverste van Jabin, aan zijn einde (Richteren 4:17-22).
Herkomst en betekenis van Jaël
- Grondwoord (Hebreeuws)
- יָעֵל Yâʻêl
- Strong's-nummer
- H3278
- Afgeleid van (H3277)
- יָעֵל yâʻêl: steengeit, steenbok, genoemd naar het klimmen
- Betekenis
- steengeit, steenbok
Jaël is in het Hebreeuws het woord voor de steengeit of steenbok, het wilde dier dat in het hooggebergte leeft. Strong's woordenboek zegt dat de naam hetzelfde is als dat woord, en verklaart het dier als klimmer: het woord komt van een werkwoord dat eigenlijk opklimmen betekent. De Bijbel en de kanttekeningen verklaren de naam zelf niet.
Los van Jaël staat het woord voor dit dier op enkele plaatsen in de Bijbel. Psalm 104:18 zegt: "De hoge bergen zijn voor de steenbokken". In 1 Samuël 24:3 zoekt Saul David "boven op de rotsstenen der steenbokken", en in het boek Job vraagt de HEERE of Job weet wanneer de steengeiten jongen, "den tijd van het baren der steengeiten" (Job 39:4). Daar dient het dier als voorbeeld van wat alleen God kent en verzorgt.
De vrouwelijke vorm van hetzelfde woord gebruikt Spreuken 5:19 voor een geliefde vrouw: "een aangenaam steengeitje".
Bron van de betekenis: Strong's: 'the same as H3277 (yâʻêl)' (hetzelfde als H3277), en H3277 is 'an ibex (as climbing)' (een steenbok, als klimmer), afgeleid van H3276 yaʻal, 'properly, to ascend' (eigenlijk: opklimmen); naamduiding Open Scriptures: 'mountain goat' (berggeit).
Uitspraak en spelling
- Uitspraak in het Nederlands
- JA-ël
- In de grondtaal
- ja-EEL
- Spelling in de Statenvertaling
- Jaël
- Als voornaam
- Jaël, Jael
- In andere talen
- Jael (Engels)
Het trema laat zien dat a en e los van elkaar klinken; het Hebreeuws legt de klemtoon op de tweede lettergreep.
Wie heette Jaël in de Bijbel?
Jaël, de huisvrouw van Heber, den Keniet
Toen Sisera na zijn nederlaag naar haar tent vluchtte, nodigde zij hem binnen, gaf hem melk te drinken en doodde hem in zijn slaap met een tentnagel. Zo kwam uit wat Debora tegen Barak gezegd had: de HEERE zou Sisera in de hand van een vrouw verkopen. In het lied van Debora wordt zij gezegend boven de vrouwen in de tent.
Richteren 4:17, Richteren 4:21-22, Richteren 5:6, Richteren 5:24
Kernvers
“Gezegend zij boven de vrouwen Jaël, de huisvrouw van Heber, den Keniet; gezegend zij ze boven de vrouwen in de tent!”
Richteren 5:24 (Statenvertaling)
Wat de naam Jaël ons leert
Jaël was de huisvrouw van Heber, een Keniet uit de kinderen van Hobab, de schoonvader van Mozes, en haar man leefde zelfs in vrede met koning Jabin (Richteren 4:11 en 17). Toch was het in haar tent dat de vijand van Israël viel. Debora had vooraf gezegd: "de HEERE zal Sisera verkopen in de hand ener vrouw" (Richteren 4:9); volgens de kanttekening kan men dat van Jaël verstaan, of van Debora zelf. De kanttekening bij Richteren 4:21 zegt dat de Geest des Heeren haar daad in het lied van Debora hoog roemt, als gedaan uit een bijzondere ijver die God haar ingaf. Dat lied zegt van haar: "Gezegend zij boven de vrouwen Jaël" (Richteren 5:24).
Veelgestelde vragen over de naam Jaël
Wat betekent de naam Jaël?
Jaël betekent "steengeit" of "steenbok". Wie in het Hebreeuws Jaël hoort, hoort het woord voor steenbok; Strong's woordenboek verklaart dat woord als klimmer, van een werkwoord dat opklimmen betekent. De Bijbel verklaart de naam niet. Het woord voor het dier staat onder meer in Psalm 104:18 en 1 Samuël 24:3.
Wie was Jaël in de Bijbel?
Jaël was de vrouw van Heber, een Keniet die zijn tenten had opgeslagen bij Kedes. Toen de HEERE het leger van Sisera voor Barak had verslagen, vluchtte Sisera naar haar tent, omdat er vrede was tussen Heber en koning Jabin. Jaël liet hem binnen, gaf hem melk en doodde hem terwijl hij sliep. In het lied van Debora wordt zij daarom gezegend boven de vrouwen (Richteren 5:24).
Betekent Jaël berggeit of steenbok?
Beide woorden wijzen naar hetzelfde wilde dier uit het hooggebergte. Strong's woordenboek geeft steenbok, als klimmer; een oudere namenlijst zegt berggeit. De Statenvertaling vertaalt het meervoud in Psalm 104:18 met steenbokken en in Job 39:4 met steengeiten, en Spreuken 5:19 spreekt van "een aangenaam steengeitje". Welk dier precies bedoeld is, maakt voor de betekenis weinig uit.
Hoe spreekt u Jaël uit?
In het Nederlands zegt u JA-ël, met twee lettergrepen; het trema op de e laat zien dat de a en de e niet samen één klank vormen. In het Hebreeuws valt de klemtoon op de tweede lettergreep: ja-EEL, met daartussen een keelklank die het Nederlands niet schrijft. In Engelse bijbels staat Jael, zonder trema.