Dordtse Leerregels hoofdstuk 5, artikel 11: twijfel en aanvechting
In het kort
Dordtse Leerregels hoofdstuk 5, artikel 11 erkent dat gelovigen strijden met twijfel en aanvechting. Zij voelen hun geloofsvertrouwen en de zekerheid van hun volharding niet altijd. Toch laat God hen niet verzocht worden boven vermogen. Hij geeft met de verzoeking ook de uitkomst en wekt die zekerheid door de Heilige Geest opnieuw op.
De tekst van DL V,11
Ondertussen getuigt de Schrift dat de gelovigen in dit leven tegen onderscheiden twijfelingen des vleses strijden, en in zware aanvechting gesteld zijnde, dit volle betrouwen des geloofs en deze zekerheid der volharding niet altijd gevoelen. Maar God, de Vader aller vertroosting, laat hen boven hetgeen zij vermogen niet verzocht worden, maar geeft met de verzoeking ook de uitkomst; en wekt in hen de verzekerdheid der volharding door den Heiligen Geest wederom op.
Tekst: Dordtse Leerregels, vastgesteld door de Nationale Synode van Dordrecht (1618-1619), in de gangbare kerkboekspelling. Publiek domein. Deze tekst is ontleend aan www.dordtse-leerregels.nl.
Na de artikelen 9 en 10 zou een lezer kunnen denken dat een ware gelovige altijd zeker is en nooit twijfelt. Artikel 11 van hoofdstuk 5 van de Dordtse Leerregels voorkomt dat misverstand. Het spreekt eerlijk over twijfel en aanvechting in het leven van Gods kinderen. Het eerste woord, 'Ondertussen', betekent hier: intussen, terwijl het voorgaande waar blijft. De zekerheid van de vorige artikelen wordt dus niet teruggenomen. Wel laat dit artikel zien hoe die zekerheid in de praktijk beleefd wordt.
Strijd tegen twijfel uit het vlees
Het artikel begint met 'getuigt de Schrift'. Het beroept zich dus niet alleen op ervaring, maar op wat God in Zijn Woord laat zien. De gelovigen strijden 'tegen onderscheiden twijfelingen des vleses'. Onderscheiden betekent hier: verschillende, allerlei. Het vlees is de oude, zondige natuur die in de gelovige nog aanwezig is. Paulus schrijft dat "het vlees begeert tegen den Geest, en de Geest tegen het vlees". De twijfel komt dus niet uit het geloof voort, maar uit wat er nog tegen het geloof ingaat.
Let ook op het woord strijden. Wie tegen twijfel strijdt, berust er niet in. De vader van een zieke jongen riep tot Jezus: "Ik geloof, Heere! kom mijn ongelovigheid te hulp". Geloof en ongeloof stonden bij hem naast elkaar, en hij bracht beide bij de Heere.
Wat in aanvechting niet gevoeld wordt
Soms is de strijd zwaar. Het artikel spreekt over gelovigen die 'in zware aanvechting gesteld' zijn. Een aanvechting is een felle innerlijke aanval op het geloof, bijvoorbeeld de gedachte dat God iemand verlaten heeft. Zij voelen dan 'dit volle betrouwen des geloofs en deze zekerheid der volharding niet altijd'. Betrouwen is vertrouwen, en gevoelen betekent: voelen of ervaren.
Het artikel zegt niet dat het geloof of de zekerheid dan verdwenen is. Het zegt dat het gevoel ervan ontbreekt. Dat is een belangrijk onderscheid. Asaf kende die nood. In Psalm 77 vraagt hij: "Zal dan de Heere in eeuwigheden verstoten". Toch blijft hij tot God roepen. Even later zegt hij: "Ik zal de daden des HEEREN gedenken".
God, de Vader aller vertroosting
Dan volgt het woord 'Maar'. Het artikel kijkt nu niet meer naar de gelovige, maar naar God. Het noemt Hem 'de Vader aller vertroosting', naar de woorden van Paulus over "de God aller vertroosting". Deze God 'laat hen boven hetgeen zij vermogen niet verzocht worden'. Vermogen betekent hier: kunnen dragen. Het artikel volgt bijna woordelijk wat Paulus aan de Korinthiërs schreef: "God is getrouw, Die u niet zal laten verzocht worden boven hetgeen gij vermoogt".
God 'geeft met de verzoeking ook de uitkomst'. Uitkomst is hier een uitweg, een weg erdoorheen. Het artikel belooft niet dat de verzoeking wegblijft. Het belooft dat God de grens bewaakt en de uitweg geeft. Zo zei de Heere tegen Paulus in diens zwakheid: "Mijn genade is u genoeg; want Mijn kracht wordt in zwakheid volbracht".
De zekerheid wordt weer opgewekt
Ten slotte zegt het artikel dat God 'de verzekerdheid der volharding door den Heiligen Geest wederom' opwekt. Verzekerdheid is zekerheid, en wederom betekent: opnieuw. Opwekken is wakker maken wat sliep. Het geloof was er nog, ook toen de zekerheid niet gevoeld werd. De Geest maakt haar weer levend, zoals artikel 10 al zei dat Hij met de geest van de gelovigen getuigt.
Zo is dit artikel geschreven voor wie in het donker zit. Een ware gelovige die twijfelt, hoeft daaruit niet af te leiden dat hij nooit geloofd heeft. Tegelijk mag hij de twijfel niet koesteren. Hij mag doen wat de dichter van Psalm 42 deed, die zijn eigen ziel toesprak: "Hoop op God, want ik zal Hem nog loven". God laat de Zijnen niet los, ook niet wanneer zij Hem niet voelen.
Bijbelse onderbouwing
“Ulieden heeft geen verzoeking bevangen dan menselijke; doch God is getrouw, Die u niet zal laten verzocht worden boven hetgeen gij vermoogt; maar Hij zal met de verzoeking ook de uitkomst geven, opdat gij ze kunt verdragen.”
Paulus belooft dat God getrouw is en niet laat verzoeken boven vermogen, en het artikel neemt die woorden bijna letterlijk over.
“En Hij heeft tot mij gezegd: Mijn genade is u genoeg; want Mijn kracht wordt in zwakheid volbracht. Zo zal ik dan veel liever roemen in mijn zwakheden, opdat de kracht van Christus in mij wone.”
De Heere antwoordt Paulus in zijn zwakheid dat Zijn genade genoeg is, zodat de kracht in de strijd niet van de gelovige zelf komt.
“Zal dan de Heere in eeuwigheden verstoten, en voortaan niet meer goedgunstig zijn?”
Asaf vraagt in zware aanvechting of de Heere voor altijd zal verstoten, en laat zien dat een gelovige Gods gunst soms niet voelt.
“Geloofd zij de God en Vader van onzen Heere Jezus Christus, de Vader der barmhartigheden, en de God aller vertroosting;”
Paulus noemt God de Vader der barmhartigheden en de God aller vertroosting, de naam die het artikel voor God gebruikt.
“Wat buigt gij u neder, o mijn ziel! en wat zijt gij onrustig in mij? Hoop op God, want ik zal Hem nog loven; Hij is de menigvuldige Verlossing mijns aangezichts, en mijn God.”
De dichter spreekt zijn onrustige ziel toe en hoopt op God, zoals het artikel belijdt dat God de verzekerdheid in de aanvechting weer opwekt.
Bijbelteksten uit de Statenvertaling.
Historische achtergrond
Artikel 11 volgt op twee artikelen over de zekerheid van de volharding. In de vijfde verwerping had de synode de leer afgewezen dat zulke zekerheid alleen door een bijzondere openbaring mogelijk is.
Daarbij lag een vraag voor de hand: hoe zit het dan met oprechte gelovigen die juist met twijfel worstelen? Artikel 11 ontkent die ervaring niet. Het verklaart haar uit de strijd van het vlees en wijst op Gods trouw, die de zekerheid weer opwekt.
Om over door te praten
- Waarom noemt artikel 11 de twijfel een strijd, en wat is het verschil tussen twijfel koesteren en tegen twijfel strijden?
- Wat is het verschil tussen het ontbreken van zekerheid en het niet gevoelen van zekerheid, zoals het artikel dat beschrijft?
- Hoe helpt Psalm 77 u om eerlijk tot God te spreken wanneer u Zijn nabijheid niet ervaart?
- Wat betekent de belofte dat God met de verzoeking ook de uitkomst geeft voor een strijd waarin u nu staat?
- Hoe kunt u een medegelovige bemoedigen die in zware aanvechting de zekerheid van zijn geloof kwijt lijkt te zijn?