Dordtse Leerregels hoofdstuk 2, artikel 1: Gods gerechtigheid
In het kort
Artikel 1 van hoofdstuk 2 van de Dordtse Leerregels belijdt Gods gerechtigheid naast Zijn barmhartigheid. Omdat de zonde tegen Gods oneindige Majesteit begaan is, eist Zijn recht tijdelijke en eeuwige straf, naar ziel en lichaam. Aan die straf ontkomt niemand, tenzij aan Gods gerechtigheid genoeg gedaan wordt.
De tekst van DL II,1
God is niet alleen ten hoogste barmhartig, maar ook ten hoogste rechtvaardig. En Zijn gerechtigheid (gelijk Hij Zich in Zijn Woord geopenbaard heeft) vereist, dat onze zonden, tegen Zijn oneindige Majesteit begaan, niet alleen met tijdelijke, maar ook met eeuwige straffen, beide naar ziel en lichaam, gestraft worden; welke straffen wij niet kunnen ontgaan, tenzij aan de gerechtigheid Gods genoeg geschiede.
Tekst: Dordtse Leerregels, vastgesteld door de Nationale Synode van Dordrecht (1618-1619), in de gangbare kerkboekspelling. Publiek domein. Deze tekst is ontleend aan www.dordtse-leerregels.nl.
Artikel 1 van hoofdstuk 2 van de Dordtse Leerregels gaat over Gods gerechtigheid. Het opent het hoofdstuk over de dood van Christus en de verlossing van mensen. Toch begint het niet bij het kruis, maar bij God Zelf. Wie wil verstaan waarom Christus moest sterven, moet eerst weten Wie God is. Het artikel noemt twee eigenschappen naast elkaar: God is 'ten hoogste barmhartig' en ook 'ten hoogste rechtvaardig'.
Barmhartig en rechtvaardig tegelijk
Ten hoogste betekent: in de volle maat, zonder grens. De ene eigenschap doet niets af aan de andere. Gods barmhartigheid maakt Zijn recht niet zachter, en Zijn recht maakt Zijn barmhartigheid niet kleiner. Bij de Sinaï roept de HEERE Zijn Naam uit als "barmhartig en genadig". In hetzelfde gedeelte staat dat Hij "den schuldige geenszins onschuldig houdt". Geenszins betekent: in geen geval. Ook de Heidelbergse Catechismus legt in zondag 4 deze twee naast elkaar.
Zoals God Zich geopenbaard heeft
Tussen haakjes staat een belangrijke toevoeging: 'gelijk Hij Zich in Zijn Woord geopenbaard heeft'. Gelijk betekent hier: zoals. De synode redeneert dus niet vanuit wat mensen zelf redelijk of eerlijk vinden. Zij gaat uit van wat God over Zichzelf bekendmaakt. Paulus schrijft: "de toorn Gods wordt geopenbaard van den hemel over alle goddeloosheid". Gods toorn is geen driftige bui, maar Zijn heilige afkeer van het kwaad.
Zonde tegen Gods Majesteit
Het artikel noemt onze zonden 'tegen Zijn oneindige Majesteit begaan'. Majesteit is de verheven grootheid van een koning. Zonde is dus niet alleen schade aan anderen of aan onszelf. Zij is opstand tegen de hoogste Koning. Hoe groter Hij is tegen Wie gezondigd wordt, des te zwaarder weegt de schuld.
Daarom eist Gods recht straf 'niet alleen met tijdelijke, maar ook met eeuwige straffen'. Tijdelijke straffen treffen een mens in dit leven. De eeuwige straf gaat na dit leven door. Jezus spreekt over hen die "zullen gaan in de eeuwige pijn". Het artikel voegt eraan toe: 'beide naar ziel en lichaam'. De Heere Jezus waarschuwt voor Hem "Die beide ziel en lichaam kan verderven in de hel". Paulus vat het samen: "de bezoldiging der zonde is de dood". Bezoldiging is het loon dat een soldaat ontvangt.
Tenzij aan Gods recht voldaan wordt
Over deze straffen zegt het artikel: 'welke straffen wij niet kunnen ontgaan'. Ontgaan betekent: ontkomen. Er is geen uitweg langs Gods recht heen. Toch eindigt de zin met een opening: 'tenzij aan de gerechtigheid Gods genoeg geschiede'. Genoeg geschieden betekent: volledig voldaan worden. Hiervan komt het woord genoegdoening.
Het artikel zegt nog niet hoe dat gebeurt. Artikel 2 wijst de weg naar Christus, Die als Borg in de plaats van zondaren voldoet. Romeinen 6:23 zegt het in één vers. Na het loon van de zonde volgt: "de genadegift Gods is het eeuwige leven". Wie de ernst van Gods recht leert kennen, leert ook de grootte van die genade zien.
Bijbelse onderbouwing
“Als nu de HEERE voor zijn aangezicht voorbijging, zo riep Hij: HEERE, HEERE, God, barmhartig en genadig, lankmoedig en groot van weldadigheid en waarheid.”
De HEERE roept Zijn Naam uit als barmhartig en genadig, en met die barmhartigheid opent het artikel: God is 'ten hoogste barmhartig'.
“Die de weldadigheid bewaart aan vele duizenden, Die de ongerechtigheid, en overtreding, en zonde vergeeft; Die den schuldige geenszins onschuldig houdt, bezoekende de ongerechtigheid der vaderen aan de kinderen, en aan de kindskinderen, in het derde en vierde lid.”
Dezelfde God Die zonde vergeeft, houdt de schuldige in geen geval onschuldig, zodat barmhartigheid en recht samengaan.
“En vreest u niet voor degenen, die het lichaam doden, en de ziel niet kunnen doden; maar vreest veel meer Hem, Die beide ziel en lichaam kan verderven in de hel.”
Jezus waarschuwt voor God, Die ziel en lichaam kan verderven, wat het artikel met straf naar ziel en lichaam uitdrukt.
“Want de toorn Gods wordt geopenbaard van den hemel over alle goddeloosheid, en ongerechtigheid der mensen, als die de waarheid in ongerechtigheid ten onder houden.”
Gods toorn wordt van de hemel geopenbaard over alle goddeloosheid, zoals het artikel zich beroept op wat God in Zijn Woord openbaart.
“Want de bezoldiging der zonde is de dood, maar de genadegift Gods is het eeuwige leven, door Jezus Christus, onzen Heere.”
De dood is het loon van de zonde, zoals het artikel zegt dat Gods recht straf eist, en alleen Gods genadegift opent een uitweg.
Bijbelteksten uit de Statenvertaling.
Historische achtergrond
Voordat de synode ingaat op de vraag voor wie Christus stierf, legt zij in artikel 1 de grond: waarom was Zijn dood nodig? In dezelfde tijd ontkenden de socinianen dat God voor de vergeving van zonden een genoegdoening eist. Tegenover zulke gedachten stelt het artikel dat Gods gerechtigheid zelf om straf of voldoening vraagt. Artikel 2 laat daarna zien hoe God Zelf in die voldoening voorziet.
Om over door te praten
- Waarom noemt het artikel God ten hoogste barmhartig en ten hoogste rechtvaardig, zonder dat het een het ander verzwakt?
- Wat betekent het dat onze zonden tegen Gods oneindige Majesteit begaan zijn?
- Waarom zegt het artikel dat het spreekt over Gods gerechtigheid zoals Hij Zich in Zijn Woord geopenbaard heeft?
- Hoe verandert de ernst van Gods recht de manier waarop u naar Gods genade in Christus kijkt?
- Welke gedachten over God hoort u om u heen die dit artikel corrigeert?