Artikel 1 van de Apostolische Geloofsbelijdenis: "Ik geloof in God den Vader, den Almachtige, Schepper des hemels en der aarde"
In het kort
Artikel 1 van de Apostolische Geloofsbelijdenis belijdt het geloof in God de Vader, de Almachtige, de Schepper van hemel en aarde. Hij is de Vader van onze Heere Jezus Christus en om Zijn wil ook de Vader van wie in Hem gelooft. Wie dat belijdt, mag Hem vertrouwen in plaats van zich zorgen te maken.
De tekst van Apostolicum 1
Ik geloof in God den Vader, den Almachtige, Schepper des hemels en der aarde.
Tekst: de twaalf artikelen van het algemeen ongetwijfeld christelijk geloof, zoals opgenomen in de Heidelbergse Catechismus, vraag 23 (traditionele kerkboektekst). Publiek domein.
Artikel 1 van de Apostolische Geloofsbelijdenis is de eerste zin die de kerk al eeuwen samen uitspreekt. Het noemt God de Vader, de Almachtige en de Schepper. Die drie namen zeggen wie God is en wat Hij gedaan heeft. Het artikel begint dus niet bij de mens, maar bij God. Toch staat er 'Ik geloof', zodat ieder die het uitspreekt er persoonlijk bij betrokken is.
Ik geloof: kennen en vertrouwen
Het artikel opent met 'Ik geloof in God'. Geloven in God is meer dan aannemen dat Hij bestaat. Het is God kennen uit Zijn Woord en op Hem steunen. De Heidelbergse Catechismus legt deze woorden uit in zondag 9. Daar blijkt dat het hele artikel uitloopt op vertrouwen. Wie God kent als Vader, laat zich door Hem verzorgen en twijfelt niet aan Zijn goede zorg.
God de Vader
Het woord 'Vader' zegt eerst iets over God Zelf. God is van eeuwigheid de Vader van Zijn eniggeboren Zoon, de Heere Jezus Christus. Dat Vaderschap is niet pas bij de schepping begonnen. Het hoort bij Wie God altijd is, als Vader, Zoon en Heilige Geest.
Maar de catechismus gaat verder. Deze eeuwige Vader is "om Zijns Zoons Christus wil mijn God en mijn Vader". Van nature zijn wij geen kinderen van God. Door het geloof in Christus neemt God zondaren aan als Zijn kinderen. Paulus schrijft: "gij hebt ontvangen den Geest der aanneming tot kinderen, door Welken wij roepen: Abba, Vader". Aanneming is het oude woord voor adoptie.
Daarom leerde de Heere Jezus Zijn discipelen bidden: "Onze Vader, Die in de hemelen zijt". Wie zo bidt, spreekt God aan zoals een kind zijn vader aanspreekt. Dat is geen vanzelfsprekendheid, maar een gave van genade.
De Almachtige
Almachtig betekent dat God alles kan wat Hij wil. Geen macht in de hemel of op de aarde kan Hem tegenhouden. Al tegen Abram zei de HEERE: "Ik ben God, de Almachtige". Jesaja zegt dat de HEERE "noch moede noch mat wordt". Moede betekent moe, en mat betekent uitgeput. Gods kracht raakt nooit op.
Die almacht is geen willekeur. Zij hoort bij een Vader Die het goede wil voor Zijn kinderen. De catechismus zegt dat God zorgt, omdat Hij het "doen kan als een almachtig God, en ook doen wil als een getrouw Vader". Macht zonder liefde zou angst geven. Liefde zonder macht zou niet kunnen helpen. In God zijn die twee samen.
Schepper des hemels en der aarde
Het laatste deel noemt God 'Schepper des hemels en der aarde'. Dat betekent: Maker van de hemel en van de aarde. Daarmee is alles bedoeld wat er is, zichtbaar en onzichtbaar. De Bijbel begint met deze belijdenis: "In den beginne schiep God den hemel en de aarde". God heeft alles uit niets gemaakt, door Zijn Woord. De psalmist zegt: "Door het Woord des HEEREN zijn de hemelen gemaakt".
Daaruit volgt dat niets buiten God om bestaat. De wereld is niet zelf goddelijk en ook niet uit toeval ontstaan. Zij is het werk van een wijze Maker. Zondag 10 voegt eraan toe dat God Zijn schepping nu nog onderhoudt en regeert. Dat heet Zijn voorzienigheid. Artikel 12 van de Nederlandse Geloofsbelijdenis werkt de schepping en de onderhouding verder uit.
Vertrouwen in plaats van zorg
Hier komen de drie namen samen. Omdat God almachtig is, kan Hij voor u zorgen. Omdat Hij in Christus Vader is, wil Hij dat ook. Omdat Hij Schepper is, valt niets buiten Zijn hand. De Heere Jezus wees daarom op de vogels: "uw hemelse Vader voedt nochtans dezelve". Nochtans betekent: toch. Dezelve betekent: hen. Hij zei ook: "uw hemelse Vader weet, dat gij al deze dingen behoeft".
Dat neemt de moeiten van het leven niet altijd weg. Wel verandert het de manier waarop u ze draagt. Zondag 10 noemt de vrucht van dit geloof: geduld in tegenspoed, dankbaarheid in voorspoed en voor wat nog komt "een goed toevoorzicht" op God. Toevoorzicht betekent vertrouwen. Wie dit artikel van harte meespreekt, mag zijn zorgen brengen bij de Vader Die hemel en aarde gemaakt heeft.
Bijbelse onderbouwing
“In den beginne schiep God den hemel en de aarde.”
De Bijbel opent met de belijdenis dat God in het begin hemel en aarde geschapen heeft, en daarop rust het laatste deel van het artikel.
“Gij dan bidt aldus: Onze Vader, Die in de hemelen zijt! Uw Naam worde geheiligd.”
De Heere Jezus leert God aan te spreken als Vader in de hemel, zoals wie in Christus gelooft Hem in dit artikel als Vader belijdt.
“Door het Woord des HEEREN zijn de hemelen gemaakt, en door den Geest Zijns monds al hun heir.”
De hemelen en al hun heir, dat is hun leger, zijn door het Woord van de HEERE gemaakt: God is de Schepper van alles.
“Weet gij het niet? Hebt gij niet gehoord, dat de eeuwige God, de HEERE, de Schepper van de einden der aarde, noch moede noch mat wordt? Er is geen doorgronding van Zijn verstand.”
Jesaja troost Israël met de eeuwige God, de Schepper, Die nooit moe wordt en Wiens verstand niet te doorgronden is.
“Want gij hebt niet ontvangen den Geest der dienstbaarheid wederom tot vreze; maar gij hebt ontvangen den Geest der aanneming tot kinderen, door Welken wij roepen: Abba, Vader!”
Paulus schrijft dat de gelovigen de Geest van de aanneming tot kinderen ontvangen hebben, zodat zij God als hun Vader aanroepen.
Bijbelteksten uit de Statenvertaling.
Historische achtergrond
De eerste zin van de Apostolische Geloofsbelijdenis gaat terug op een oude doopbelijdenis van de gemeente in Rome. In die vroege vorm stond alleen het geloof in God, de Vader, de Almachtige. De woorden over de Schepper van hemel en aarde staan in de latere vorm die in de westerse kerk gangbaar werd. Die vorm belijdt de kerk nu nog.
In de tweede eeuw leerde Marcion dat de Schepper uit het Oude Testament een andere God was dan de Vader van Jezus Christus. Kerkvaders als Irenaeus wezen dat af. Zij hielden vast dat de ene God, de Vader, ook de Schepper van alles is. Dit artikel zegt hetzelfde in één zin.
Om over door te praten
- Wat is het verschil tussen geloven dat God bestaat en geloven in God, zoals het artikel zegt?
- Waarom zou het artikel God eerst Vader noemen en pas daarna de Almachtige en de Schepper?
- Hoe kan een mens God werkelijk zijn Vader noemen, als hij dat van nature niet is?
- Bij welke zorg in uw eigen leven wilt u dit artikel meespreken, en wat verandert dat voor u?
- Wat betekent het voor u dat de Schepper van hemel en aarde ook de kleine dingen van elke dag kent?