Betekenis verschoven
Geslacht
zelfstandig naamwoord
In het kort
Geslacht betekent in de Statenvertaling meestal een generatie: de mensen die in dezelfde tijd leven. Daarnaast is het een familie of stam die van één vader afstamt, of een soort dieren. Van geslacht tot geslacht betekent: van generatie op generatie, door alle tijden heen.
In hedendaags Nederlands: generatie, familie, afstamming, tijdgenoten, soort
Wat betekent geslacht?
Het Woordenboek der Nederlandsche Taal noemt als eerste betekenis van geslacht: alle personen die van een gemeenschappelijke stamvader afstammen, een edeler woord dan familie. Het haalt daarbij Genesis 5:1 aan, het boek van Adams geslacht. Bij uitbreiding is geslacht volgens het WNT ook alle wezens die van nature tot dezelfde soort behoren, zoals de dieren die naar hun geslachten uit de ark gingen. Uit de gedachte van de kinderen van één vader groeide de betekenis: alle mensen die in een bepaalde tijd leven, een generatie. Het WNT haalt daarbij Genesis 15:16, Mattheüs 1:17 en de uitdrukking van geslacht tot geslacht aan. Ook de betekenis mannelijk of vrouwelijk geslacht staat in het WNT, met Numeri 31:18 als voorbeeld uit de Statenvertaling.
Niet wat u nu denkt
Wie nu geslacht hoort, denkt meestal aan mannelijk of vrouwelijk. Die betekenis staat er ook wel (Numeri 31:18), maar meestal betekent het woord in de Statenvertaling iets anders. 'Dit geslacht zal geenszins voorbijgaan' (Mattheüs 24:34) gaat over de mensen van een bepaalde tijd, en 'van geslacht tot geslacht' betekent: door alle generaties heen. Let er ook op dat geslacht het voltooid deelwoord van slachten kan zijn, zoals bij het gemeste kalf in Lukas 15:30. Dan heeft het met dit woord niets te maken.
Geslacht in de Statenvertaling
505 keer, in 376 verzen en 41 bijbelboeken (geslacht 322, geslachten 183).
Geslacht en geslachten horen bij de woorden die de lezer van de Statenvertaling het vaakst tegenkomt, maar niet elke plaats hoort bij dit zelfstandig naamwoord. Geslacht is ook het voltooid deelwoord van slachten: het gemeste kalf is geslacht (Lukas 15:30), en 'ons Pascha is voor ons geslacht, namelijk Christus' (1 Korinthe 5:7). De telling op deze pagina bevat daarom ook die plaatsen. Het verband wijst steeds uit welk woord er staat.
Het vaakst gaat het om de generatie. Mattheüs telt de voorouders van Christus in driemaal veertien geslachten. De Heere Jezus spreekt over 'het boos en overspelig geslacht', dat een teken verzoekt (Mattheüs 12:39): de mensen van die tijd, die niet geloven. Maria zingt dat 'al de geslachten' haar zalig zullen spreken (Lukas 1:48). De uitdrukking van geslacht tot geslacht staat vaak in de Psalmen en bij de beloften van God. In Psalm 90:1 zegt Mozes: 'HEERE! Gij zijt ons geweest een Toevlucht van geslacht tot geslacht'.
Daarnaast betekent geslacht familie of afstamming. In Numeri worden de stammen van Israël 'naar hun geslachten' geteld, dat is per familie, en ook de Levieten worden zo ingedeeld. Noach heet in Genesis 6:9 een rechtvaardig man 'in zijn geslachten': volgens de kanttekening onder de mensen die in zijn tijd leefden. En wanneer de dieren naar hun geslachten uit de ark gaan, betekent dat: elk naar zijn soort.
Verzen met geslacht
“En het vierde geslacht zal herwaarts wederkeren; want de ongerechtigheid der Amorieten is tot nog toe niet volkomen.”
God zegt tegen Abram dat zijn nakomelingen in het vierde geslacht terugkeren. De kanttekening rekent een geslacht in die tijd op ongeveer honderd jaar, zodat het gaat om vierhonderd jaar.
“Toen zeide God verder tot Mozes: Aldus zult gij tot de kinderen Israels zeggen: De HEERE, de God uwer vaderen, de God van Abraham, de God van Izak, en de God van Jakob, heeft mij tot ulieden gezonden; dat is Mijn Naam eeuwiglijk, en dat is Mijn gedachtenis van geslacht tot geslacht.”
Bij de brandende braambos maakt God Zijn Naam aan Mozes bekend: die is Zijn gedachtenis van geslacht tot geslacht. De kanttekening zegt dat er letterlijk staat: tot geslacht des geslachts.
“Voorwaar, Ik zeg u: Dit geslacht zal geenszins voorbijgaan, totdat al deze dingen zullen geschied zijn.”
De Heere Jezus spreekt over de tekenen van het einde. De kanttekening geeft twee uitleggingen van dit geslacht: het Joodse volk, of deze eeuw. Het gaat in elk geval niet om sekse of familie.
“Al het gedierte, al het kruipende, en al het gevogelte, al wat zich op de aarde roert, naar hun geslachten, gingen uit de ark.”
Na de zondvloed verlaten de dieren de ark. Naar hun geslachten betekent volgens de kanttekening dat zij ordelijk uitgingen, elk gepaard naar zijn geslacht of soort.
Bijbelteksten uit de Statenvertaling.
Wat de kanttekeningen zeggen
Bij Psalm 90:1
van geslacht tot. Hebr. in geslacht en geslacht; dat is, bij alle geslachten, of tot alle tijden.
Bij Psalm 90 leggen de kanttekeningen de bekende uitdrukking uit. In het Hebreeuws staat letterlijk: in geslacht en geslacht. Dat betekent bij alle geslachten of in alle tijden: God is de toevlucht van Zijn volk geweest in elke generatie.
Bij Genesis 5:1
boek van. Of, verhaal, register, rekening, optelling der geboorten, of geslachten, dat is, dergenen die van Adam geboren zijn; versta niet van allen, maar degenen, uit wie de Heere Christus, naar het vlees, door Seths linie geboren is, Luk 3; en die voor het merendeel den waren godsdienst, tot den zondvloed toe, bewaard hebben.
Hier betekent geslacht afstamming. Het boek van Adams geslacht is volgens de vertalers een register van de geboorten, niet van alle nakomelingen van Adam, maar van de lijn van Seth, waaruit Christus naar het vlees geboren is.
Uit de Kanttekeningen bij de Statenvertaling (1637).
Uit de grondtekst
דּוֹר dor (Hebreeuws, H1755)
Het Hebreeuwse dor betekent volgens het Strong's-lexicon eigenlijk een omloop van de tijd: een tijdperk of een generatie, en ook de mensen die in die tijd leven. Het is het woord achter van geslacht tot geslacht.
Onder meer in Genesis 15:16, Exodus 3:15 en Psalm 90:1. Woordstudie bij H1755 (na inloggen).
γενεά genea (Grieks, G1074)
Het Griekse genea betekent volgens het lexicon een generatie, en bij uitbreiding een tijdperk: de periode of de mensen die erin leven. Mattheüs gebruikt het voor de veertien geslachten, en Maria in haar lofzang.
Onder meer in Mattheüs 1:17, Mattheüs 24:34 en Lukas 1:50. Woordstudie bij G1074 (na inloggen).
Verwante woorden
- geslachtregister: Een lijst van voorouders; zo verklaart de kanttekening het boek des geslachts in Mattheüs 1:1.
- geboorten: In Genesis 6:9 de geboorten van Noach; volgens de kanttekening zijn geslacht en wat hem overkwam.
- stam: Een stam van Israël bestaat uit geslachten, de families die van één vader afstammen.
- slachten: Het werkwoord met hetzelfde voltooid deelwoord geslacht, bijvoorbeeld bij het gemeste kalf in Lukas 15:30.
Bronnen
- Woordenboek der Nederlandsche Taal (Instituut voor de Nederlandse Taal), artikel M019496. De betekenis staat hierboven in eigen woorden.
- Kanttekeningen bij de Statenvertaling (1637), bij Genesis 5:1, 6:9, 8:19, 15:16, Exodus 3:15, Psalm 90:1, Mattheüs 1:1 en 24:34
- Strong's-lexicon: H1755 en G1074
- Telling en verzen: de Statenvertaling zoals die op BijbelAssistent staat.