Ga naar hoofdinhoud
Oude Testament~640-609 v.Chr.

Josia in de Bijbel

Yoshiyahu (Hebreeuws) - “De HEERE ondersteunt

Wie was Josia?

Josia was de zestiende koning van Juda (~640-609 v.Chr.), die op achtjarige leeftijd aan de regering kwam en uitgroeide tot een van de grootste hervormers in Israels geschiedenis. Toen in zijn achttiende regeringsjaar het wetboek werd gevonden in de tempel, voerde hij een ingrijpende reformatie door: hij verwijderde afgoden, ontwijdde Tofet en vierde het Pesach op een manier die sinds de richters niet meer was gebeurd. Hij stierf jong in de slag bij Megiddo.

Josia is een van de meest opmerkelijke figuren in het boek der koningen. Zijn regering vormt het laatste grote lichtpunt in de geschiedenis van het zuidelijke koninkrijk Juda, voordat de duisternis van de Babylonische ballingschap invalt. Hij kwam op de troon op de opmerkelijk jonge leeftijd van acht jaar, nadat zijn vader Amon was vermoord door zijn eigen dienaren. Hij erfde een koninkrijk dat door zijn grootvader Manasse (de slechtste koning van Juda) en zijn vader Amon diep in afgoderij was gedompeld. Wat Josia uniek maakt, is de intensiteit van zijn toewijding. In 2 Koningen 23:25 staat het ongeevenaarde eretestimonium: "Voor hem was er geen koning aan hem gelijk, die zich met heel zijn hart, met heel zijn ziel en met heel zijn kracht, overeenkomstig de hele wet van Mozes, tot de HEERE bekeerde; en na hem stond er niemand op zoals hij." Dit is een directe echo van het Sjema (Deuteronomium 6:5), het hart van de Tora. Josia wordt gepresenteerd als de koning die het grote gebod van liefde tot God verstaat en probeert te vervullen. De kroniekschrijver beschrijft dat Josia's geestelijke ontwikkeling zich in duidelijke fasen voltrok. Op zestienjarige leeftijd begon hij "de God van zijn vader David te zoeken". Op twintigjarige leeftijd begon hij Juda te reinigen van afgoderij. Op zesentwintigjarige leeftijd vond plaats wat zijn regering voor altijd stempelde: de ontdekking van het wetboek in de tempel. Toen hogepriester Chilkia het wetboek vond en Safan het voor de koning voorlas, scheurde Josia zijn kleren en begreep onmiddellijk dat Juda onder Gods oordeel stond. Hij raadpleegde de profetes Chulda, ontving de boodschap dat het oordeel niet tijdens zijn dagen zou komen, en gebruikte de hem gegeven tijd om een reformatie door te voeren van ongekende grondigheid. Tragisch stierf hij jong in een militaire confrontatie bij Megiddo, en met zijn dood stortte het davidische huis snel af naar de ondergang.

Historische context

Josia regeerde van ongeveer 640 tot 609 voor Christus, in een periode waarin de politieke kaart van het Midden-Oosten ingrijpend veranderde. Toen hij op de troon kwam, was het Assyrische Rijk nog steeds de dominante macht, maar het tijdperk van zijn grote koningen (Tiglath-Pileser III, Sargon II, Sanherib, Asarhaddon, Assurbanipal) liep ten einde. Na Assurbanipal's dood rond 631 v.Chr. stortte Assyrie snel in: Ninevé viel in 612 v.Chr. voor een coalitie van Meden en Babyloniers, en binnen enkele jaren was het hele Assyrische Rijk verdwenen. Deze ineenstorting creeerde een machtsvacuum in de Levant. Egypte onder de Sais-dynastie (met farao Necho II) probeerde van de situatie te profiteren door noordwaarts op te rukken. Babylonie onder Nabopolassar en later Nebukadnessar II kwam snel op als de nieuwe dominante macht. Juda zat geklemd tussen deze bewegende grootmachten, en de onverstandige politieke beslissingen van Josia's opvolgers zouden Juda binnen dertig jaar de ballingschap in voeren. De godsdienstige situatie die Josia erfde was bijzonder donker. Zijn grootvader Manasse had vijfenvijftig jaar geregeerd — de langste regering in Juda's geschiedenis — en gedurende die hele periode had hij systematisch afgoderij bevorderd. Hij bouwde altaren voor Baal, maakte een gewijd paal, aanbad "heel het leger aan de hemel", bracht zijn eigen zoon als offer door het vuur, raadpleegde waarzeggers en mediums, en plaatste zelfs een gesneden beeld in de tempel van de HEERE. 2 Koningen 21:16 vermeldt schokkend dat Manasse "ook zeer veel onschuldig bloed vergoten heeft, zodat hij daarmee Jeruzalem vervulde van het ene einde tot het andere." De traditie hecht geloof aan het verhaal dat de profeet Jesaja onder Manasse in twee werd gezaagd (vergelijk Hebreeen 11:37). Josia's vader Amon regeerde slechts twee jaar en zette de afgoderij voort. Toen hij door zijn dienaren werd vermoord, bracht het "volk van het land" — een groep die vaak in de kroniek van Juda verschijnt als drager van trouwe religie — de samenzweerders om en zette de jonge Josia op de troon. Dit suggereert dat er een onderstroom van trouw was gebleven, een "rest" die wachtte op een godvruchtige koning. Archeologisch is Josia's periode goed gedocumenteerd. De tempel die hij liet restaureren was nog steeds de tempel van Salomo, die inmiddels ruim driehonderd jaar bestond. Het "wetboek" dat werd gevonden, wordt door de meeste uitleggers geïdentificeerd met Deuteronomium of een deel daarvan, mogelijk een officieel exemplaar dat was bewaard in de tempel sinds de dagen van Mozes. De ontwijding van Tofet in het dal Ben-Hinnom (later bekend als Gehenna, het bijbelse beeld van de hel) betreft een plek ten zuiden van Jeruzalem waar archeologisch bewijs van cultische activiteit is gevonden. Josia's tijdgenoten onder de profeten waren indrukwekkend. Jeremia begon te profeteren in Josia's dertiende regeringsjaar (Jeremia 1:2), ongeveer toen Josia achttien was. Ook Sefanja profeteerde in deze tijd (Sefanja 1:1), waarschijnlijk net voor de grote reformatie van 621 v.Chr. Beide profeten hebben waarschijnlijk bijgedragen aan het geestelijke klimaat waarin Josia's reformatie mogelijk werd. De profetes Chulda, die Josia raadpleegde over het gevonden wetboek, is een van de weinige profetessen die in de Hebreeuwse Bijbel bij name worden genoemd.

Karaktereigenschappen

+Positieve eigenschappen

  • Vroege geestelijke toewijding (God zoeken op zestienjarige leeftijd)
  • Totale liefde tot God — met heel hart, ziel en kracht
  • Diep berouw bij het horen van Gods Woord
  • Moed om radicale reformatie door te voeren
  • Grondige uitvoering — niet half werk maar tot op de bodem
  • Bereidheid om publiek verantwoording af te leggen
  • Persoonlijke vrijgevigheid (30.000 kleinvee voor het Pesach)
  • Leiderschap dat het hele volk meeneemt in verbondsvernieuwing

Zwakke kanten

  • Onbesonnen militaire beslissing bij Megiddo
  • Niet luisteren naar de waarschuwing die zelfs door Necho kwam
  • Mogelijk te veel vertrouwen op eigen inzicht in politieke zaken

Theologische betekenis

Josia's regering heeft meerdere theologische lagen. Ten eerste is hij het meest expliciete voorbeeld in het Oude Testament van een koning die het Sjema — "Heb daarom de HEERE, uw God, lief met heel uw hart, met heel uw ziel en met heel uw kracht" (Deuteronomium 6:5) — probeert waar te maken. De bewoording in 2 Koningen 23:25 is geen toeval: Josia wordt expliciet in de woorden van het Sjema beschreven. Dit maakt hem tot het oudtestamentische model van de gelovige die God liefheeft met heel zijn wezen. Ten tweede illustreert Josia's leven het principe van sola scriptura — alleen de Schrift. Toen het wetboek werd gevonden en voorgelezen, werd het de norm waaraan alles werd gemeten. Josia vergeleek niet Gods Woord met traditie of populaire opinie; hij liet Gods Woord de traditie oordelen. Dit is het hart van de gereformeerde reformatie: de Schrift als de enige onfeilbare norm van geloof en leven. Luther en Calvijn spraken met bewondering over Josia als voorbeeld van hoe een leider zich tot Gods Woord moet verhouden. Ten derde toont Josia de kracht en de grenzen van uitwendige reformatie. Hij kon grondig alle afgoden verwijderen en zelfs het volk in een collectieve verbondsvernieuwing meenemen. Maar de profeet Jeremia, die tijdens Josia's regering werkte, zag door deze uitwendige verandering heen: "Juda is niet met heel zijn hart tot Mij teruggekeerd, maar met huichelarij" (Jeremia 3:10). Dit is een cruciale theologische waarheid: uitwendige reformatie is waardevol maar kan het hart niet vernieuwen. Alleen Gods Geest kan dat doen. Daarom profeteerde Jeremia in dezelfde periode over een nieuw verbond: "Ik zal Mijn wet in hun binnenste geven en zal die in hun hart schrijven" (Jeremia 31:33). Josia's reformatie bereidde de weg voor, maar kon niet tot stand brengen wat alleen het werk van de Heilige Geest kan doen onder het nieuwe verbond. Ten vierde illustreert Josia's regering de ernst van collectieve zonde en Gods rechtvaardige oordeel. Chulda vertelde Josia dat het oordeel over Juda onherroepelijk was — niet omdat Gods belofte niet trouw was, maar omdat het volk de grenzen van Gods geduld had overschreden door generaties van afgoderij, onrecht en bloedvergieten. Josia's persoonlijke godsvrucht kon het oordeel uitstellen maar niet afwenden. Dit leert ons dat persoonlijke trouw in een afvallige cultuur niet vergeefs is, maar ook dat er momenten komen waarop God vastbesloten is het oordeel te laten komen. Typologisch wijst Josia op meerdere manieren vooruit naar Christus. Ten eerste als de Koning die het hart van Zijn Vader liefheeft met al wat in Hem is — iets wat Josia probeerde te doen en Jezus volmaakt doet. Ten tweede als de Koning die de tempel reinigt — Jezus reinigde de tempel zowel in Johannes 2 als in Matteus 21. Ten derde als de Koning die Gods Woord onder het volk brengt en verbondsvernieuwing leidt — Jezus brengt het nieuwe verbond in Zijn bloed. En tragisch maar diepzinnig: zoals Josia sterft in de strijd voor zijn volk, zo sterft Jezus voor Zijn volk — maar Jezus' dood is niet het einde maar de overwinning. Na Josia's dood volgde snel de ondergang. Binnen dertig jaar was Jeruzalem verwoest, de tempel in brand, en het davidische koningshuis in ballingschap. Dit feit onderstreept dat Josia werkelijk de laatste godvruchtige koning was voor de ballingschap — een laatste lichtpunt voor de duisternis inviel.

Naamsbetekenis

Oorspronkelijke naam

Yoshiyahu (Hebreeuws)

Betekenis

De HEERE ondersteunt

Sleutelmomenten

1

Troonsbestijging op achtjarige leeftijd

Na de moord op zijn vader Amon wordt Josia tot koning gemaakt. Een kind op de troon van een koninkrijk in geestelijke crisis.

2 Koningen 22:1

2

Het zoeken van God op zestienjarige leeftijd

In het achtste jaar van zijn regering begint Josia persoonlijk de God van zijn vader David te zoeken — een opmerkelijk vroegtijdig spiritueel ontwaken.

2 Kronieken 34:3a

3

De eerste reformatie op twintigjarige leeftijd

In het twaalfde jaar begint Josia Juda en Jeruzalem te reinigen van afgoderij, en gaat hij zelfs tot in het voormalige noordelijke gebied.

2 Kronieken 34:3b-7

4

De ontdekking van het wetboek

Tijdens de tempelrestauratie vindt hogepriester Chilkia het wetboek van de HEERE. Safan leest het voor aan de koning.

2 Koningen 22:8-10

5

Josia scheurt zijn kleren

Bij het horen van het wetboek scheurt Josia onmiddellijk zijn kleren — een gebaar van diepe berouw en inzicht in het oordeel dat over Juda hing.

2 Koningen 22:11-13

6

De raadpleging van profetes Chulda

Chulda bevestigt dat het oordeel onherroepelijk is, maar belooft dat Josia "in vrede" zal sterven vanwege zijn week hart.

2 Koningen 22:14-20

7

Het verbond bij de tempel

Josia roept heel het volk samen en sluit een plechtig verbond om de HEERE te volgen met heel het hart en heel de ziel.

2 Koningen 23:1-3

8

De grondige reformatie

Josia laat alle afgoden verwijderen uit de tempel, ontwijdt Tofet, verwijdert zonnewagens en afgodspriesters, en reinigt Juda en Jeruzalem grondig.

2 Koningen 23:4-14

9

De vervulling van de oude profetie bij Bethel

Bij het altaar van Jerobeam vervult Josia letterlijk een profetie die driehonderd jaar eerder was uitgesproken over een koning genaamd Josia (1 Koningen 13:2).

2 Koningen 23:15-20

10

Het grote Pesach

Josia viert een Pesach zoals sinds de dagen van de richters niet meer was gevierd, met 30.000 kleinvee en 3.000 runderen door de koning zelf geschonken.

2 Kronieken 35:1-19

11

De tragische dood bij Megiddo

Josia trekt tegen Farao Necho op, ondanks diens waarschuwing "uit de mond van God". Hij wordt geraakt door boogschutters en sterft in Jeruzalem.

2 Kronieken 35:20-24

Belangrijke bijbelteksten

De volgende bijbelgedeelten zijn van belang om het leven en de rol van Josia beter te begrijpen.

2 Koningen 22:1-2

Josia was acht jaar oud toen hij koning werd, en hij regeerde eenendertig jaar in Jeruzalem. De naam van zijn moeder was Jedida, de dochter van Adaja, uit Bozkath. Hij deed wat juist was in de ogen van de HEERE, en hij ging in heel de weg van zijn vader David. Hij week niet af, naar rechts of naar links.

De introductie van Josia — opmerkelijk jonge leeftijd maar onwankelbare toewijding aan de HEERE.

2 Kronieken 34:3

Want in het achtste jaar van zijn regering, toen hij zelf nog jong was, begon hij de God van zijn vader David te zoeken; en in het twaalfde jaar begon hij Juda en Jeruzalem te reinigen van de hoogten, de gewijde palen, de gesneden beelden en de gegoten beelden.

De fasen van Josia's geestelijke ontwikkeling — God zoeken op zestien, reformatie op twintig.

2 Koningen 22:11

Het gebeurde, toen de koning de woorden van het wetboek hoorde, dat hij zijn kleren scheurde.

Josia's onmiddellijke en ernstige reactie op Gods Woord — het gebaar van diep berouw.

2 Koningen 22:13

Ga de HEERE raadplegen voor mij, voor het volk en voor heel Juda, over de woorden van dit boek dat gevonden is. Want de grimmigheid van de HEERE, die over ons is ontstoken, is groot, omdat onze vaderen niet geluisterd hebben naar de woorden van dit boek om te handelen overeenkomstig alles wat over ons geschreven is.

Josia's besef dat Juda onder Gods oordeel stond en zijn directe zoeken naar Gods stem.

2 Koningen 23:3

De koning ging op de verhoging staan en sloot een verbond voor het aangezicht van de HEERE om de HEERE te volgen, en Zijn geboden, Zijn getuigenissen en Zijn verordeningen met heel zijn hart en met heel zijn ziel in acht te nemen, door de woorden van dit verbond die in deze boek geschreven waren, te bevestigen.

Het verbondsmoment waarin Josia en het volk zich plechtig verbinden aan Gods Woord.

2 Koningen 23:25

Voor hem was er geen koning aan hem gelijk, die zich met heel zijn hart, met heel zijn ziel en met heel zijn kracht, overeenkomstig de hele wet van Mozes, tot de HEERE bekeerde; en na hem stond er niemand op zoals hij.

Het unieke eretestimonium voor Josia — een directe echo van het Sjema uit Deuteronomium 6:5.

Jeremia 22:15-16

Zou u koning zijn omdat u wedijvert in ceders? Heeft uw vader niet gegeten en gedronken en recht en gerechtigheid gedaan? Toen ging het hem goed. Hij heeft de rechtszaak van de ellendige en de arme behartigd; toen ging het goed. Is dat niet: Mij kennen? spreekt de HEERE.

Jeremia vergelijkt de goddeloze zoon Jojakim met zijn vader Josia — "recht en gerechtigheid doen" is "God kennen".

Tijdperiode

~640-609 v.Chr.

Josia leefde in de tijd van het Oude Testament.

Gerelateerde personen

Lessen voor vandaag

Josia leert ons allereerst dat leeftijd geen belemmering is voor ernstige godsvrucht. Hij begon God te zoeken op zestien, te hervormen op twintig, en voerde zijn grote reformatie door op zesentwintig. Jongeren hoeven niet te wachten tot zij "volwassen" zijn om God serieus te dienen. De geestelijke toewijding die Josia als tiener toonde, is een krachtige bemoediging voor jonge gelovigen: God gebruikt wie zich aan Hem geeft, ongeacht leeftijd. Ten tweede leert Josia ons hoe wij Gods Woord moeten horen. Toen het wetboek werd voorgelezen, scheurde hij zijn kleren. Hij hoorde het niet als interessant religieus materiaal of als een stuk antieke literatuur — hij hoorde het als Gods stem die zijn leven en zijn koninkrijk aanklaagde. Wanneer wij Gods Woord lezen of horen, vragen wij ons af: wordt mijn hart geraakt? Vind ik mijzelf onder het oordeel waar ik dat verdien? Verander ik werkelijk? Of lezen wij de Bijbel als vrijblijvende informatie? Ten derde toont Josia dat berouw niet in woorden maar in daden bestaat. Hij scheurde niet alleen zijn kleren, hij handelde direct. Echt berouw verandert de levenswijze. Wie berouw zegt te hebben maar niets verandert, heeft in werkelijkheid niet werkelijk berouw. Josia's reformatie was concreet, kostbaar en uitputtend — precies zoals bekering hoort te zijn. Ten vierde leert Josia ons dat reformatie grondig moet zijn. Hij verwijderde niet alleen de voor de hand liggende afgoden; hij ging door tot hij alles had weggeruimd. Hij brak zelfs de hoogten van Salomo af — waarschijnlijk eeuwenoude eerbiedwaardige plaatsen die andere koningen hadden gemist of ontzien. Halfhartige reformatie is geen reformatie. Als God iets uit ons leven wil weghalen, moeten wij niet onderhandelen over wat mag blijven. Ten vijfde bemoedigt Josia ons dat persoonlijke trouw in een afvallige cultuur zinvol is, zelfs wanneer het grotere plaatje somber blijft. Juda werd uiteindelijk weggevoerd, maar Josia werd persoonlijk geprezen en gespaard van het oordeel. Wij leven in een tijd waarin de cultuur zich van God afkeert. Josia's voorbeeld zegt: jouw trouw is nooit tevergeefs, ook niet wanneer de grotere beweging je tegen staat. Ten zesde waarschuwt Josia's dood bij Megiddo dat zelfs godvruchtige mensen fouten kunnen maken. Hij luisterde niet naar de waarschuwing van Necho — een waarschuwing die "uit de mond van God" kwam. Soms spreekt God op onverwachte manieren en door onverwachte boodschappers. Wij moeten leren luisteren, ook wanneer de bron ons vreemd lijkt, en niet automatisch denken dat wij weten wat God wil in elke situatie. Ten slotte is Josia's regering een herinnering dat uitwendige reformatie niet genoeg is zonder de innerlijke werking van Gods Geest. Jeremia zag door Josia's reformatie heen en profeteerde over een nieuw verbond waarin God Zelf Zijn wet in het hart zou schrijven. Voor ons vandaag betekent dit: ga niet op in uiterlijke vroomheid zonder te bidden dat God ook je hart vernieuwt. De beste kerkgang, de beste theologie, de beste praktijken zijn zonder waarde als het hart niet door de Geest is vernieuwd.

Bijbelse plaatsen

Veelgestelde vragen over Josia

Wie was Josia in de Bijbel?
Josia was de zestiende koning van Juda, die regeerde van ongeveer 640 tot 609 v.Chr. Hij kwam op de troon op de jonge leeftijd van acht jaar en groeide uit tot een van de grootste hervormers in Juda's geschiedenis. Van hem staat geschreven dat hij met heel zijn hart, heel zijn ziel en heel zijn kracht tot de HEERE terugkeerde (2 Koningen 23:25).
Hoe oud was Josia toen hij koning werd?
Josia werd koning op de opmerkelijk jonge leeftijd van acht jaar, nadat zijn vader Amon was vermoord door zijn eigen dienaren. Het "volk van het land" had de samenzweerders gedood en Josia op de troon gezet (2 Koningen 21:23-24). Hij regeerde eenendertig jaar tot zijn tragische dood bij Megiddo.
Wat was het wetboek dat in de tempel werd gevonden?
Tijdens de restauratie van de tempel in Josia's achttiende regeringsjaar vond hogepriester Chilkia een wetboek. De meeste uitleggers identificeren dit met het boek Deuteronomium of een deel daarvan, mogelijk een officieel exemplaar dat sinds Mozes' tijd in de tempel was bewaard maar generaties lang was vergeten of verwaarloosd. Bij het horen ervan scheurde Josia zijn kleren in berouw.
Waarom scheurde Josia zijn kleren?
Toen Safan het gevonden wetboek voor Josia voorlas, begreep de koning dat Juda onder Gods oordeel stond vanwege generaties van ongehoorzaamheid en afgoderij. Het scheuren van kleren was in de oudheid een gebruikelijk teken van diep berouw en rouw. Josia's reactie toonde zowel zijn ernst als zijn verlangen om recht te doen aan wat hij had gehoord.
Wat hield Josia's reformatie in?
Josia voerde een ingrijpende reformatie door: hij verwijderde alle afgodsvoorwerpen uit de tempel, brak de Baalsaltaren en Asjera-palen af, ontwijdde Tofet in het dal Ben-Hinnom (waar kinderoffers waren gebracht), verwijderde de afgodspriesters en de zonnewagens, brak de hoogten af tot in het voormalige noordelijke gebied, en vierde een groot Pesach zoals sinds de dagen van de richters niet meer was gevierd.
Wie was de profetes Chulda?
Chulda was een profetes die tijdens Josia's regering in Jeruzalem woonde. Toen het wetboek werd gevonden, stuurde Josia zijn dienaren naar haar om de HEERE te raadplegen. Zij bevestigde dat het oordeel over Juda onherroepelijk was vanwege de afgoderij, maar beloofde dat Josia vanwege zijn weke hart "in vrede" zou sterven voordat het oordeel kwam (2 Koningen 22:14-20). Zij is een van de weinige profetessen die bij name worden genoemd in de Hebreeuwse Bijbel.
Hoe vervulde Josia een driehonderd jaar oude profetie?
Toen Josia bij Bethel het altaar van Jerobeam afbrak, vervulde hij een profetie die driehonderd jaar eerder door een man Gods was uitgesproken: "Zie, er zal een zoon geboren worden aan het huis van David, Josia is zijn naam; hij zal op u offeren de priesters van de hoogten die op u reukoffers brengen, en mensenbeenderen zullen op u worden verbrand" (1 Koningen 13:2). Josia opende de graven, verbrandde de beenderen op het altaar, en vervulde daarmee letterlijk de eeuwenoude profetie.
Hoe stierf Josia?
Toen Farao Necho van Egypte in 609 v.Chr. optrok om Assyrie te helpen, trok Josia hem tegemoet bij Megiddo. Necho waarschuwde hem met woorden "uit de mond van God" om zich niet te verzetten, maar Josia wilde niet luisteren. Vermomd trok hij ten strijde en werd geraakt door Egyptische boogschutters. Hij werd stervend naar Jeruzalem gebracht en begraven in de graven van zijn vaderen. Jeremia dichtte een klaagzang over hem (2 Kronieken 35:20-25).
Wat gebeurde er met Juda na Josia's dood?
Na Josia's dood stortte het davidische huis snel af. Zijn zoon Jehoahaz werd na drie maanden door Necho weggevoerd naar Egypte. Een andere zoon, Jojakim, werd koning gemaakt als vazal van Egypte en later van Babel. Onder Jojakim en zijn opvolgers Jechonia en Sedekia ging Juda verder in afgoderij. In 586 v.Chr., slechts drieentwintig jaar na Josia's dood, werd Jeruzalem verwoest door Nebukadnessar en ging het volk in Babylonische ballingschap.
Wat kunnen wij leren van Josia?
Josia leert ons dat leeftijd geen obstakel is voor ernstige godsvrucht, dat Gods Woord onmiddellijk berouw en verandering moet bewerken, dat reformatie grondig en concreet moet zijn, dat persoonlijke trouw in een afvallige cultuur zinvol blijft, en dat uitwendige reformatie niet genoeg is zonder innerlijke vernieuwing door Gods Geest. Bovenal is hij het model van wat het betekent God lief te hebben met heel het hart, heel de ziel en heel de kracht — het grote gebod van het Sjema.

Stel een vraag over Josia

Wilt u meer weten over Josia? Onze AI-gestuurde assistent helpt u met achtergrond, context en diepere inzichten uit de Bijbel.

Stel een vraag over Josia

Verdiep u verder