“HEERE! Gij zijt ons geweest een Toevlucht van geslacht tot geslacht. Eer de bergen geboren waren, en Gij de aarde en de wereld voortgebracht hadt, ja, van eeuwigheid tot eeuwigheid zijt Gij God.”
Mozes noemt God een Toevlucht, een woning, voor alle geslachten. Wie het huis verlaat waar hij misschien vijftig jaar woonde, verliest een vast punt; deze psalm wijst op een vaster punt. Psalm 90 is een psalm die oude gelovigen vaak goed kennen; lees hem helemaal bij de verhuizing.
“De eeuwige God zij u een woning, en van onder eeuwige armen;”
Een woning die niet verhuist. Mozes sprak deze zegen uit aan het eind van zijn leven, over een volk dat nog geen vaste woonplaats had. Een van de meest passende teksten voor een kaart bij de verhuizing naar een verpleeghuis: de eeuwige armen dragen, ook als men zelf niet meer kan staan.
“Want wij weten, dat, zo ons aardse huis dezes tabernakels gebroken wordt, wij een gebouw van God hebben, een huis niet met handen gemaakt, maar eeuwig in de hemelen.”
Paulus spreekt over het lichaam als een tent die afgebroken wordt. Bij een verhuizing naar het verpleeghuis wordt dat beeld dubbel waar: het huis wordt opgegeven en het lichaam wordt zwakker. Daartegenover staat een huis dat eeuwig is. Een tekst voor een gesprek over wat blijft.
“De HEERE zal uw uitgang en uw ingang bewaren, van nu aan tot in der eeuwigheid.”
De uitgang uit het eigen huis en de ingang in de nieuwe kamer: beide staan onder Gods bewaring. Psalm 121 is voor veel ouderen bekend en wordt vaak gezongen. Een tekst voor de kaart en om te lezen op de dag van de verhuizing zelf.
“Want Gij zijt mijn Verwachting, Heere, HEERE! mijn Vertrouwen van mijn jeugd aan.”
Een oude dichter kijkt terug: van jongs af was de Heere zijn vertrouwen. Bij een verhuizing gaan de dingen weg waarop een mens jaren gesteund heeft, zoals het eigen huis, de vaste stoel en de buren om de hoek. Dit vers noemt wat niet mee hoeft te verhuizen omdat het er altijd al was. Een tekst om samen met de oudere te lezen, met de rest van Psalm 71, een psalm van een mens in zijn ouderdom.
“Want wij hebben hier geen blijvende stad, maar wij zoeken de toekomende.”
Een tekst die het verlies van het eigen huis in een groter licht zet. Geen enkel huis op aarde is blijvend, ook het verpleeghuis niet. Gebruik hem voorzichtig: voor wie verdriet heeft om het huis, is eerst erkenning van dat verdriet nodig.
“Uw wandel zij zonder geldgierigheid; en zijt vergenoegd met het tegenwoordige; want Hij heeft gezegd: Ik zal u niet begeven, en Ik zal u niet verlaten.”
De woorden "vergenoegd met het tegenwoordige" krijgen in een verpleeghuis een eigen klank: een kamer in plaats van een huis, een kast in plaats van een zolder vol spullen. De grond voor dat vergenoegd zijn is niet wat er overblijft, maar wat God gezegd heeft. Kinderen wonen ver weg, de partner is misschien overleden, de buren zijn achtergebleven; deze belofte gaat mee naar de nieuwe kamer. Op een kaart volstaat het slot: "Ik zal u niet begeven, en Ik zal u niet verlaten."
“Immers zullen mij het goede en de weldadigheid volgen al de dagen mijns levens; en ik zal in het huis des HEEREN blijven in lengte van dagen.”
Het goede volgt "al de dagen", ook de laatste in een verpleeghuis. Het slot van Psalm 23 spreekt over het huis des Heeren: een thuis dat niet afhangt van een adres. Lees de hele psalm op de eerste avond in de nieuwe kamer.
“In het huis Mijns Vaders zijn vele woningen; anderszins zo zou Ik het u gezegd hebben; Ik ga heen om u plaats te bereiden.”
Een verpleeghuis is voor velen het laatste adres op aarde. De Heere Jezus spreekt over een plaats die Hij Zelf bereidt. Een tekst om met de oudere te bespreken als die er zelf over begint, en niet om de verhuizing als eindstation te benoemen.
“De snoeren zijn mij in liefelijke plaatsen gevallen; ja, een schone erfenis is mij geworden.”
Een tekst van dankbaarheid voor het leven dat achter iemand ligt: het huis, het gezin, de zegen van vele jaren. Geschikt voor een afscheidsmoment in het oude huis, bijvoorbeeld als de familie er nog één keer samen is voordat het wordt leeggehaald.
“Ik ben jong geweest, ook ben ik oud geworden, maar heb niet gezien den rechtvaardige verlaten, noch zijn zaad zoekende brood.”
David kijkt terug over een lang leven. Veel ouderen kunnen dit vers als eigen getuigenis uitspreken. Vraag bij het inpakken van foto's en spullen eens naar de momenten waarop de Heere voor hen zorgde.
“De God, voor Wiens aangezicht mijn vaders, Abraham en Izak, gewandeld hebben, die God, Die mij gevoed heeft, van dat ik was, tot op dezen dag;”
De oude Jakob, die op hoge leeftijd naar Egypte was verhuisd, zegent zijn kleinzonen en noemt God Die hem gevoed heeft van zijn geboorte tot die dag. Een mooie tekst om bij de verhuizing met kinderen en kleinkinderen samen te lezen.
“Tot hiertoe heeft de HEERE ons geholpen.”
Samuël zette een steen op als gedenkteken: Eben-Haëzer. Een verhuizing is een natuurlijk moment om zo terug te kijken. Ook geschikt als tekst op een wandbord in de nieuwe kamer, zodat bezoekers en verzorgenden hem lezen.