“Gij, die niet weet, wat morgen geschieden zal, want hoedanig is uw leven? Want het is een damp, die voor een weinig tijds gezien wordt, en daarna verdwijnt.”
Jakobus schrijft dit tegen mensen die zeker van hun plannen waren. Bij een plotseling overlijden wordt zijn vraag pijnlijk concreet: niemand wist wat die dag zou brengen. Op een rouwkaart past vooral het tweede deel; in een preek staat het hele vers in zijn verband (vers 13 tot 15).
“HEERE! maak mij bekend mijn einde, en welke de mate mijner dagen zij; dat ik wete, hoe vergankelijk ik zij.”
David vraagt God om te leren hoe kort zijn leven is. Na een onverwacht sterfgeval stellen nabestaanden die vraag vaak zonder dat zij het zo noemen: ook mijn dagen zijn geteld. Psalm 39 is een eerlijke psalm voor een rouwdienst; lees vers 5 tot 8 samen.
“En nu, wat verwacht ik, o HEERE! Mijn hoop, die is op U.”
Na de verzen over de vergankelijkheid komt deze ommekeer: als alles wegvalt, blijft de Heere over. Een korte tekst die goed op een rouwkaart staat, juist omdat hij de schok niet verzwijgt maar er een belijdenis tegenover zet.
“De HEERE heeft gegeven, en de HEERE heeft genomen; de Naam des HEEREN zij geloofd!”
Job hoorde op één dag, bericht na bericht, dat zijn bezit en al zijn kinderen weg waren. Een plotselinger verlies is nauwelijks denkbaar. Zijn woorden staan veel op rouwkaarten, maar zij zijn een belijdenis die niet iedere rouwende direct kan uitspreken; kies hem als familie zelf, leg hem een ander niet op.
“er is maar als een schrede tussen mij en tussen den dood!”
David zegt dit tegen Jonathan toen Saul hem naar het leven stond. Het beeld van één stap tussen leven en dood kennen veel mensen die een geliefde zagen gaan zonder enige waarschuwing. Geschikt om in een toespraak of preek aan te halen, minder als kaarttekst.
“Mijn hart smart in het binnenste van mij, en verschrikkingen des doods zijn op mij gevallen.”
De ontzetting na een onverwacht overlijden is lichamelijk: het hart doet pijn, de schrik blijft hangen. De psalmdichter geeft daar woorden aan in een gebed. Een tekst om zelf te bidden of om te laten weten dat u die verschrikking herkent.
“Mijn tijden zijn in Uw hand;”
Zes woorden die veel rouwkaarten dragen. Ook een leven dat abrupt eindigde, lag niet buiten Gods hand. Dat neemt de vragen niet weg, maar het geeft houvast als alles toevallig en zinloos lijkt.
“Dewijl zijn dagen bestemd zijn, het getal zijner maanden bij U is, en Gij zijn bepalingen gemaakt hebt, die hij niet overgaan zal;”
Job zegt het in een klacht, niet als dooddoener: het getal van onze maanden is bij God. Wie zich kwelt met de gedachte dat hij die dag beter thuis had kunnen blijven, kan in dit vers rust vinden. Zeg het voorzichtig; voor iemand in de eerste schok kan het hard klinken.
“Jezus antwoordde en zeide tot hem: Wat Ik doe, weet gij nu niet, maar gij zult het na dezen verstaan.”
Dit woord sprak de Heere Jezus op een avond waarop de discipelen nog niet wisten wat er komen zou. Hij vroeg geen begrip vooraf. Na een onverwachte dood zit de familie met hetzelfde: nu niet weten, later verstaan. Het vers belooft geen verklaring op korte termijn, wel dat het onbegrip niet het laatste woord heeft. Op een kaart is het vooral een woord dat de familie zelf kiest.
“Hij heeft mijn kracht op den weg ter nedergedrukt; mijn dagen heeft Hij verkort. Ik zeide: Mijn God! neem mij niet weg in het midden mijner dagen; Uw jaren zijn van geslacht tot geslacht.”
De dichter ervaart dat zijn dagen verkort worden, "in het midden mijner dagen". Zo voelt het als iemand midden in het werk, het gezin of de studie wegvalt. Daartegenover staan Gods jaren, die van geslacht tot geslacht doorgaan. Een tekst voor de preek of de rouwdienst bij iemand die jong of op middelbare leeftijd plotseling stierf; minder geschikt voor een kaart.
“God is ons een Toevlucht en Sterkte; Hij is krachtelijk bevonden een Hulp in benauwdheden.”
Psalm 46 spreekt over een aarde die haar plaats verandert en bergen die verzet worden in het hart der zeeën. Zo voelt een plotseling verlies: de grond verdwijnt onder de voeten. Juist dan is God een Toevlucht. Een tekst voor de eerste dagen, op een kaart of bij het voorlezen thuis.
“Zij zijn allen morgen nieuw, Uw trouw is groot.”
Klaagliederen is geschreven na de verwoesting van Jeruzalem, een ramp die het volk overviel. Midden in die klacht staat dit vers; "zij" zijn de barmhartigheden des Heeren uit vers 22. Voor nabestaanden die opzien tegen elke nieuwe ochtend: ook die morgen is Gods barmhartigheid nieuw. Kort genoeg voor een kaart.
“Jezus zeide tot haar: Ik ben de Opstanding en het Leven; die in Mij gelooft zal leven, al ware hij ook gestorven; En een iegelijk, die leeft, en in Mij gelooft, zal niet sterven in der eeuwigheid. Gelooft gij dat?”
Martha zei tegen de Heere Jezus: "Heere, waart Gij hier geweest, zo ware mijn broeder niet gestorven" (vers 21). Dat "als" kennen veel nabestaanden na een ongeluk. Het antwoord is geen verklaring maar een Persoon. Een veelgebruikte tekst voor de rouwdienst.
“De HEERE is goed, Hij is ter sterkte in den dag der benauwdheid, en Hij kent hen, die op Hem betrouwen.”
Voor wie een onverwacht bericht kreeg, heeft de dag der benauwdheid een datum en vaak een uur. Nahum zegt dat de Heere juist op die dag tot sterkte is, en dat Hij de Zijnen kent, ook als zij zelf even niets meer weten. Een tekst voor een condoleancekaart of om thuis voor te lezen in de eerste week.