Artikel 2 van de Nederlandse Geloofsbelijdenis: Door wat middel God van ons gekend wordt
In het kort
Artikel 2 van de Nederlandse Geloofsbelijdenis noemt twee middelen waardoor wij God kennen. De schepping is als een boek dat Gods eeuwige kracht en Goddelijkheid toont en de mens zonder uitvlucht laat. Zijn Woord maakt Hem klaarder bekend, zoveel als wij nodig hebben tot Zijn eer en onze zaligheid.
De tekst van NGB 2
Wij kennen Hem door twee middelen.
Ten eerste, door de schepping, onderhouding en regering der gehele wereld: overmits deze voor onze ogen is als een schoon boek, in hetwelk alle schepselen, grote en kleine, gelijk als letteren zijn, die ons de onzienlijke dingen Gods geven te aanschouwen, namelijk, Zijn eeuwige kracht en Goddelijkheid, als de apostel Paulus zegt, Rom. 1:20: Welke dingen alle genoegzaam zijn om de mensen te overtuigen, en hun alle onschuld te benemen.
Ten tweede, geeft Hij Zichzelf ons nog klaarder en volkomener te kennen door Zijn heilig en Goddelijk Woord, te weten, zoveel als ons van node is in dit leven, tot Zijn eer, en de zaligheid der Zijnen.
Tekst: Nederlandse Geloofsbelijdenis, zoals overzien door de Nationale Synode van Dordrecht (1618-1619), in de gangbare kerkboekspelling. Publiek domein. Deze tekst is ontleend aan www.nederlandse-geloofsbelijdenis.nl.
Hoe kan een mens God kennen, als niemand Hem ooit gezien heeft? Artikel 2 van de Nederlandse Geloofsbelijdenis geeft daarop een kort antwoord: 'Wij kennen Hem door twee middelen'. Een middel is hier een weg waarlangs iets tot ons komt. Artikel 1 beleed wie God is. Artikel 2 zegt hoe wij dat weten. God houdt Zich niet verborgen. Hij maakt Zichzelf bekend, eerst door de schepping en daarna door Zijn Woord. Het artikel gaat zo van wat ieder mens ziet naar wat God in de Schrift zegt.
Het boek van de schepping
Het eerste middel is 'de schepping, onderhouding en regering der gehele wereld'. Het gaat dus om meer dan het begin van alle dingen. God heeft de wereld gemaakt, Hij houdt haar in stand en Hij bestuurt haar. Dat bedoelt het artikel met onderhouding en regering. Wie de seizoenen ziet wisselen, de regen ziet vallen en het koren ziet rijpen, ziet God aan het werk. Paulus en Barnabas wezen de heidenen in Lystra daarop: God gaf hun regen en vruchtbare tijden en liet Zich zo niet onbetuigd.
Daarom zegt het artikel dat de wereld 'voor onze ogen is als een schoon boek'. Schoon betekent hier mooi. In dat boek zijn 'alle schepselen, grote en kleine, gelijk als letteren'. Een losse letter zegt weinig. Samen vormen letters woorden die iets meedelen. Zo wijzen de zon en het kleinste insect boven zichzelf uit naar hun Maker. Psalm 19 zegt het zo: "De hemelen vertellen Gods eer, en het uitspansel verkondigt Zijner handen werk". Het uitspansel is het hemelgewelf boven de aarde.
Wat de schepping laat zien
Wat lezen wij in dat boek? Het artikel antwoordt met Romeinen 1:20. De letters van de schepping geven 'ons de onzienlijke dingen Gods' te zien, namelijk 'Zijn eeuwige kracht en Goddelijkheid'. Onzienlijk betekent onzichtbaar. God Zelf is voor ons oog verborgen; Zijn werken zijn zichtbaar. Wie de sterrenhemel ziet, merkt hoe klein hij is en dat Iemand groter is dan alles wat bestaat. De schepping toont dat God machtig is en dat Hij als God eer en dank verdient.
Toch noemt het artikel ook de grens van dit eerste middel. Het artikel zegt dat deze dingen 'genoegzaam zijn om de mensen te overtuigen, en hun alle onschuld te benemen'. Genoegzaam betekent voldoende. Iemand de onschuld benemen is hem elke uitvlucht afnemen. Niemand kan later zeggen dat hij van God niets wist. Paulus schrijft dat de mensen daarom "niet te verontschuldigen zouden zijn".
De schepping maakt de mens dus onontschuldbaar. Zalig maakt zij hem niet. Zij leert dat God groot is, en zwijgt over de vraag hoe een zondaar met Hem verzoend wordt. Wie alleen naar de natuur kijkt, vindt geen Verlosser.
Klaarder en volkomener door het Woord
Daarom volgt het tweede middel. God geeft Zichzelf 'nog klaarder en volkomener te kennen door Zijn heilig en Goddelijk Woord'. Klaarder betekent duidelijker, volkomener betekent vollediger. Het woordje 'nog' laat zien dat het Woord verder gaat dan de schepping. In de Schrift spreekt God over Zijn macht en over Zijn genade in Christus, over zonde en verzoening, over geloof en bekering. Psalm 119 noemt het Woord "een lamp voor mijn voet, en een licht voor mijn pad".
Het artikel noemt dit Woord heilig en Goddelijk, omdat het van God Zelf komt. Paulus schrijft: "Al de Schrift is van God ingegeven". Wat de volgende artikelen over de Heilige Schrift uitwerken, ligt hier al in de kiem. De schepping zegt dat er een God is. Het Woord wijst de weg naar Hem.
Zoveel als ons nodig is
Het artikel voegt er een beperking aan toe. God maakt Zich bekend 'zoveel als ons van node is in dit leven'. Van node betekent nodig. De Schrift beantwoordt niet al onze vragen. Zij geeft wat wij nodig hebben om God te kennen, Hem te dienen en zalig te worden. Dat vraagt om eerbied en om vertrouwen. Wat God gezegd heeft, is genoeg voor de weg door dit leven.
Het doel staat in de laatste woorden: 'tot Zijn eer, en de zaligheid der Zijnen'. De openbaring dient eerst Gods eer. Ook is zij gericht op de redding van hen die Hij de Zijnen noemt. Kennis van God is dus meer dan weten. Zij leidt tot aanbidding en geloof. Zondag 9 van de Heidelbergse Catechismus trekt dezelfde lijn. De Schepper Die alles onderhoudt en regeert, is om Christus' wil de Vader van wie in Hem gelooft. Dat vertrouwen leert de natuur niet. Het Woord leert het.
Bijbelse onderbouwing
“De hemelen vertellen Gods eer, en het uitspansel verkondigt Zijner handen werk.”
De psalmdichter hoort hemel en uitspansel zonder woorden van Gods eer spreken, zoals het artikel de schepping een boek noemt.
“Want Zijn onzienlijke dingen worden, van de schepping der wereld aan, uit de schepselen verstaan en doorzien, beide Zijn eeuwige kracht en Goddelijkheid, opdat zij niet te verontschuldigen zouden zijn.”
Dit vers haalt het artikel zelf aan: uit de schepselen worden Gods eeuwige kracht en Goddelijkheid verstaan, zodat niemand zich kan verontschuldigen.
“Hoewel Hij nochtans Zichzelven niet onbetuigd gelaten heeft, goed doende van den hemel, ons regen en vruchtbare tijden gevende, vervullende onze harten met spijs en vrolijkheid.”
Paulus wijst heidenen op regen en oogst als getuigen van God, een voorbeeld van Gods onderhouding en regering van de wereld.
“Uw woord is een lamp voor mijn voet, en een licht voor mijn pad.”
Het Woord is licht op de levensweg en maakt God klaarder bekend dan de schepping kan doen.
“Al de Schrift is van God ingegeven, en is nuttig tot lering, tot wederlegging, tot verbetering, tot onderwijzing, die in de rechtvaardigheid is;”
De Schrift komt van God Zelf, en daarom noemt het artikel haar Zijn heilig en Goddelijk Woord.
Bijbelteksten uit de Statenvertaling.
Historische achtergrond
Ook de Franse geloofsbelijdenis van 1559 zegt dat God Zich eerst in Zijn werken bekendmaakt, in schepping, onderhouding en regering. Daarna doet Hij dat klaarder in Zijn Woord. Het beeld van de wereld als een boek is ouder; Augustinus gebruikte het al. Calvijn noemde de schepping een schouwtoneel van Gods heerlijkheid. Hij vergeleek de Schrift met een bril, waardoor iemand met zwakke ogen scherp ziet wat eerst vaag bleef.
Artikel 2 staat vóór de artikelen over de Heilige Schrift. Het legt uit waarom die artikelen nodig zijn. De schepping laat de mens zonder uitvlucht, maar alleen het Woord geeft wat tot de zaligheid nodig is.
Om over door te praten
- Welke dingen in de schepping laten u iets zien van Gods eeuwige kracht en Goddelijkheid?
- Waarom maakt de schepping een mens onontschuldbaar, terwijl zij hem de weg tot de zaligheid niet wijst?
- Wat betekent het voor uw eigen Bijbellezen dat God Zich in Zijn Woord klaarder en volkomener bekendmaakt?
- Hoe helpt de beperking 'zoveel als ons van node is' u om te gaan met vragen waarop de Bijbel geen antwoord geeft?
- Hoe kunt u in het gewone leven het boek van de schepping en het Woord samen lezen?